Het geestelijk gesprek
Heel belangrijk,maar moeilijk?
Heel belangrijk, maar moeilijk?
Met elkaar van gedachten wisselen over de diepste dingen van het leven, is heel waardevol. Ons leven verrijkt door een goed 9eestel'jk gesprek. Maar het is ook een tere zaak. Elkaar goed begrijpen is belangrijk. Het moet 'klikken'. Het is jammer als dat niet gebeurt. Er kunnen spanningen door ontstaan en contacten door mislopen.
Bij het nadenken daarover dienen vragen zich aan: moeten wezenlijke dingen altijd op dezelfde vertrouwde wijze gezegd worden? Moeten ze altijd op dezelfde manier beleefd worden? In dit artikel gaat het over achtergronden die daarbij een rol kunnen spelen. In een volgend artikel wordt meer op de inhoudelijke kant ingegaan.
Iemand die mede gevormd is door gezelschappen gebruikt soms woorden of termen die een ander niet zo snel doorziet. Een ander, die midden uit de wereld komt, zal zich veel moeilijker in bijbelse woorden en regels van psalmverzen uitdrukken. Hij heeft deze in zijn jeugd niet geleerd.
Gezamenlijke basis
Een geestelijk gesprek op huisbezoek, onder vrienden of binnen een familie kan beginnen vanuit de gezamenlijk beluisterde preek. De één is meer door dit aangesproken, de ander heeft iets anders nader onderzocht en bemediteerd. Zo kunnen we elkaar aanvullen en opscherpen. Wezenlijk is het dat we in afhankelijkheid van de werking van de Heilige Geest werkzaam zijn met de genademiddelen. Als we vanuit een geestelijke honger naar het Woord mogen luisteren, zal er verwondering zijn over bemoeienissen die de Heere met ons maakt. Het is groot dat Hij Zijn Woord nog laat onder zondaren zoals wij zijn. Misschien wil de één maar liever zwijgen omdat hij een bestraffing beluisterde. Wat ons in de preek het minst ligt, kan wel eens het hardst nodig zijn. De ander mag mogelijk spreken vanuit een onderwijzing waardoor moed verkregen werd. Groot is het wanneer de vrucht mag zijn ootmoed en waarheid.
Een gezamenlijk gehoorde preek vormt een heel goed uitgangspunt voor een geestelijk gesprek; ook op huisbezoek, catechisatie of vereniging. Dan kan uitleg gevraagd worden over uitdrukkingen die niet begrepen werden. Ambtsdragers en leidinggevenden zullen graag op vragen ingaan. Dan komen de wezenlijke dingen meestal vanzelf wel ter sprake. Ga die niet uit de weg, maar stel je open op. Het gaat om het heil van je ziel.
Onze levenssfeer is sterk veranderd
We moeten elkaar niet vanwege woorden veroordelen. Als we een gesprek met elkaar willen, echt moeten we proberen eikaars bedoelingen te begrijpen. Ik denk dat iedereen het wel met deze stelling eens zal zijn. Toch is de praktijk niet altijd gemakkelijk. Het maakt ook een groot verschil of we opgegroeid zijn in een sfeer van gezelschappen en zelf veel in oude schrijvers lezen, of dat we opgroeien met een taaleigen dat van technische termen en Engelse woorden doorspekt is. In het leven van vandaag neemt de kerk en de Bijbel een veel minder centrale en alles doortrekkende plaats in. Er wordt uitgebreid onderwijs gevolgd dat met heel veel dingen confronteert. De zaken van de Bijbel, hoewel we deze de belangrijkste vinden, zijn toch veel minder alles beheersend. Het leven en denken wordt in de praktijk door veel meer en andere dingen bepaald en gevormd dan in door het geestelijke.
Jongeren leren snel hun gedachten te uiten
Intussen kan het ook voorkomen dat het moeilijk is tot een goed gesprek te komen. Mensen geestelijk kunnen heel verschillende achtergronden hebben.
De één is gewend zich snel in het gesprek te mengen met vragen te komen. Daar is de vorming vandaag ook op gericht. Je probeert al gauw je eigen gedachten en mening te vormen. Discussie en je mening onder woorden leren brengen zijn aan de orde van de dag; ook op scholen en verenigingen in onze kringen, zeker over godsdienstige zaken. Want jongeren moeten immers leren straks zelf de dingen tegenover andersdenkenden te kunnen verwoorden.
Ouderen Ieerden een afwachtende houding aan te nemen
Een ander neemt meer een afwachtende houding aan. Hij wil zich eerst wat oriënteren en vertrouwd raken. Vooral sommige ouderen zijn dat zo gewend; in maatschappelijk opzicht, maar zeker in geestelijke zaken. Als iemand geestelijke vragen had, over geestelijke dingen veel nadacht en er misschien ook wel eens over zou willen spreken, dan deed hij dit toch niet aanstonds. Hooguit sprak hij in stilte met iemand die hij goed vertrouwde. Was er ergens een groep of gezelschap waar men over geestelijke dingen sprak, dan ging hij daar op den duur misschien wel naar toe. Echter, zeker de eerste keren, alleen maar om te luisteren. Iets zeggen deed hij liever niet, zelfs niet wanneer hem dat gevraagd werd. Dat kon zo een hele tijd duren. En intussen luisterde hij en zocht herkenning van wat hij zelf innerlijk overdacht en doorleefde. Zo groeide er geleidelijk een vertrouwd worden met het geestelijk klimaat en spraakgebruik van de groep.
Tijdsverandering leidt tot verschillende communicatiesferen
Vandaag gaat dat vaak niet zo. Wanneer in een gemeente er zondagsavonds na het avondmaal een bijeenkomst is dan kunnen jongeren al snel komen met hun vragen of met hetgeen zij zelf ervaren hebben en of ook wel met wat zij ervan vinden. In het maatschappelijk verkeer zijn ze gewend snel te reageren anders is je gelegenheid want voorbij. Er zijn altijd nog ouderen die hier erg aan moeten wennen. Zelf vinden ze het al niet eenvoudig hun weg te vinden temidden van vele verandereningen die zich aandienen. Bovendien zijn veel van onze oudere generatie niet zo gewend over persoonlijke dingen te spreken.
Verschillen in belevingswereld?
Het denken en spraakgebruik van veel jongeren is anders dan van veel ouderen. Natuurlijk zijn daarin nuanceringen. Ook zijn er zowel ouderen als jongeren die goed weten te overbruggen. Toch is het goed onder ogen te zien dat dit niet vanzelfsprekend is. Er is zich een ingrijpende ontwikkeling aan het voltrekken. Bij de beschrijving er van ontkom ik er niet aan sommige dingen te algemeen te typeren, ook het onderscheid tussen ouderen en jongeren. De werkelijkheid is gelukkig veel gevarieerder, maar de bedoeling is gevaren te signaleren en zo mogelijk communicatie te verbeteren.
Contacten doen hun invloed gelden
We worden in ons denken en spreken gevormd door de geestelijke omgeving waarin we verkeren en waarmee we communiceren.
Ouderen herkennen de ware christenen vooral in de rechterflank van de gereformeerde gezindte. Voor veel jongeren is de ervaringswereld enigszins of aanmerkelijk breder: reformatorische scholen, studentenkringen, breder opgezette christelijke organisaties, soms ook de wereld (Oost-Europa internationale bijvoorbeeld). Sommigen idealiseren de ongekunstelde sfeer in minder dogmatisch getinte richtingen. Dat komt mogelijk ook doordat van die anderen maar een klein beetje kennis genomen wordt. Dan komen vanzelf enkele innemende zaken op de voorgrond. Grondiger en meer directe kennisname zou waarschijnlijk leren dat het ook daar mensen zijn uit Adams geslacht met onderlinge spanningen, menselijke kleinzieligheden en eigen traditionele Er is wel eens de tendens waarden. vooral open te staan voor wat net buiten de eigen kring valt. Maar we hoeven ons toch niet te schamen in leer en leven gestempeld te zijn door de eigen gemeente?
In plaats van het eigen klimaat extra kritisch te bekijken, zou ik willen wijzen op de grote waarde van de gereformeerde belijdenis. Voor ons is deze zo gewoon en vertrouwd, maar er is geen richting binnen het christendom die zo doordacht en getrouw de bijbelse waarheden heeft samengevat. Laten we het bezit daarvan waarderen.
Uit welke bronnen voeden we ons?
Onmiskenbaar worden wij mede gevormd door wat wij lezen. Velen van onze ouderen zijn vertrouwd geraakt met Boston en Comrie, Brakel en Philpot, Van Reenen en Van Haaren. Die taal werd hun taal, die verwoording van het geestelijke leven herkennen ze. Verblijdend is het dat er jongeren zijn die Calvijn en Luther, MacCheyne en Ryle lezen en ook de boven genoemde auteurs. Zo komt en blijft er herkenning. Anderen richten zich meer op Lloyd-Jones en Spurgeon, Graafland en Ouweneel. Nu hoeft er met het lezen van Lloyd-Jones en Spurgeon niets mis te zijn. Als we hun wijze van benaderen maar niet verabsoluteren en er ook anderen naast gelezen worden. Ook kan het nuttig zijn van sommige pennenvruchten van Graafland en Ouweneel kennis te nemen. Maar het geestelijk klimaat van laatstgenoemden, en dan zeker van Ouweneel, is totaal anders dan onze gereformeerde belijdenis ons aanreikt. we ons laten voeden door Wanneer Ouweneel, of door de kritische, vragende sfeer van Graafland verwijderen we ons van hetgeen ons is toebetrouwd, van het geheel van de Schrift en van de gereformeerde belijdenis. Daardoor zal er niet slechts sprake zijn van een elkaar niet goed begrijpen door verschil in achtergrond en benadering. Maar dan is er een fundamenteel geestelijk verschil, ook in het verstaan van en omgaan met de Schrift en de heilige dingen Het is niet goed wanneer we Gods. kritisch zijn over eigen kerkelijk leven en geestelijk klimaat, maar nooit echt kennis nemen van wat Kersten en Vergunst schreven. Verrijkend is het met hen de bronnen van Reformatie en Nadere Reformatie na te gaan.
Begrip en vertrouwen; vooral debasis
In een goed gesprek over geestelijke zaken hebben we begrip voor elkaar. Luisteren we naar elkaar en willen we eikaars bedoelingen begrijpen. Belangrijk is dat we elkaar vertrouwen. De basis voor dat vertrouwen ligt in de geestelijke eenheid rond de schriftuurlijk-bevindelijke naar Schrift en belijdenis. waarheid Daarbinnen luisteren ouderen met belangstelling naar jongeren en nemen hun gedachten en vragen serieus. En horen jongeren graag vertellen wat de Heere deed en doet. En als ouderen maar moeilijk wat kunnen of durven vertellen, dan mogen ze best goede dingen aanreiken. Om het toebetrouwde pand door te geven.
Capelle aan den IJssel ds. P. Mulder
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 augustus 1999
Daniel | 32 Pagina's