Herinneringen uit Oosterlan
Na een telefonische afspraak waren wij op donderdagmorgen 77 december bijeen ten huize van een van de dames van de zendingsvereniging "Bidt en werkt" te Oosterland. De bedoeling was, dat de oud-bestuursleden iets zouden vertellen uit het verleden van hun vereniging.
Dikwijls hebben we de dames uit Oosterland ontmoet. Vanwege hun leeftijd en de daarbij komende ouderdomsgebreken waren zij uit het bestuur gegaan. We voelden aan, dat zij er moeite mee hadden om als bestuur terug te treden. Velen onder ons zullen deze dingen ook ervaren, als bijvoorbeeld ruim dertig jaar leiding gegeven mocht worden aan een vereniging. Het was in de gesprekken merkbaar, dat de oud-presidente gewend was leiding te geven. Het ontbrak haar slechts aan de voorzittershamer! Zo ziet men, dat dit een stuk van het leven heeft uitgemaakt en om dat los te kunnen laten, daar moet men voor ingewonnen worden. Dat is ook zo met de één uitnemender achten dan zichzelf.
Er is een gedicht, waarvan we een gedeelte willen citeren: Laat Hem besturen, waken 't Is wijsheid wat Hij doet. Zo zal Hij alles maken Dat g' u verwond'ren moet.
Dit mocht door genade de beleving van het hart zijn. Het is jammer, dat u die dit leest die middag van de 1 7e december niet eens even binnen kon wippen bij mevrouw M.C. Stouten-Stouten aan de St. Joosdijk 1 7 om de vele herinneringen te horen vertellen door de oud-bestuursleden. Herinneringen waren het uit ruim dertig jaar verenigingsleven!
Wat mocht er met blijdschap en inzet gewerkt worden voor de zaak van Gods Koninkrijk. Toen ds. J. Karens (toen nog in Nieuwerkerk) met het voorstel kwam bij ouderling M. Stouten en zijn vrouw om ook in Oosterland een vereniging op te richten, werd daar graag gehoor aan gegeven. Het werd een zendingsvereniging, die de naam kreeg van "Bidt en werkt" en 26 leden telden. De vereniging teit thans 18 leden. En de Zeeuwen, bekend om hun 'zuunigheid', hebben heel wat gelden bijeen mogen brengen. Allen deden hel met liefde, lust en ijver. Zelfs al was de opbrengst van oude spulletjes maar een dubbeltje... het was er toch weer één en vele kleintjes maken één grote, zo dachten de Oosterlandse dames.
Er werd door de bestuursleden heel wat afgereisd om aan materialen te komen. Zelfs de markt in Rotterdam was een veelbezochte plaats om de nodige spullen te bemachtigen. Er werd eens terecht de opmerking gemaakt over een van de dames: "Zij loopt altijd te slepen". Zo is er met elkaar nagedacht welke artikelen toch wel het meest van de hand zouden gaan. En jawel, een pop in Schouwse klederdracht. Dat is een groot succes geworden! Op een gegeven moment waren er aanvragen van wel zeventig stuks. Ook van buiten de gemeente werd hieraan meegewerkt; een mevrouw uit de Hervormde Kerk breide de vestjes. Menige afgedankte preekjas van onze predikanten vond een goed onthaal in Oosterland. De
dames ontvingen ze uitgestoomd en wel. De gekeerde jassen vonden verder hun weg als jak en rok voor de poppen! De bijbehorende 'krullen' werden gemaakt door (eden van de zendingscommissie en zo vonden 2.900(!) poppen hun weg in Holland, Amerika en Israël...
Als het de dag vóór de verkoping was, hadden ze het allemaal even druk:25 kilo Zeeuwse babbelaars werden gebakken. Eén van de dames hield zelfs een spreekuur van 10 tot 11 uur; dan kon men boterkoek bestellen. Men verwerkte in al die boterkoeken wel honderd pond bloem. Ook thuis werd veel gedaan, waardoor op allerlei wijze werk uit de handen van bestuurs-en verenigingsleden genomen werd.
Ook de Oosterlandse advocaat was geliefd onder de bevolking. Dat wijst het grote aantal eieren wel uit, die ze daarvoor gebruikten. Er werd (en wordt) niet op een eitje gekeken, en maar liefst drriehonderd eieren werden dan verwerkt. Zes bussen tegelijk stonden klaar om de advocaat daarin te bereiden. Daarna werden vele potten met de bekende drank gevuld en tenslotte vlot aan de man gebracht.
Zo had ieder haar taak binnen de vereniging en die hebben ze ook met liefde mogen doen.
Wijlen de heer D. P. Polder heeft menig uur in Oosterland doorgebracht. Hij genoot mee met de dames, die mede door hun inzet de kas van de zending zagen groeien. Na het overlijden van de heer Polder heeft de heer 8./. Zijl dit werk overgenomen en ook hij heeft met veel genoegen de Oosterlandse verkopingen bezocht.
ja, in Oosterland moet je zijn, ook voor de 'na-service'. Zo werd door een lid wel 38 paar zwarte herenkniekousen gebreid, waarbij de vrouwenvereniging beloofde ook het stoppen voor hun rekening te willen nemen!
En grote maten, dat ze daar hebben... Een van de dames breide tien paar sokken van maat 47! In één jaar tijds werden 96 paar sokken gebreid. En dan de vele prachtige sjaals die gemaakt werden. Het patroon hiervan is indertijd door een oud-bondsbestuurslid overgenomen.
De dames kwamen niet uitverteld. De één bracht dit en een ander weer wat anders uit de herinnering naar voren. Op de verenigingsavonden werd gehandwerkt, terwijl een van de leden een stukje uit een boek voorlas.
Zij ontvingen ook uitnodigingen van verkopingen van zusterverenigingen. Zo troffen wij elkaar nogal eens op de verkopingen van de Flakkeese verenigingen en ook Nieuwerkerk en Haamstede werden bezocht, je doet soms ook weer nieuwe ideeën op, en daar waren de dames steeds weer op uit.
In de loop van de jaren ontstond een band met elkaar, je hebt dezelfde zorgen en behoeften en daarom vonden zij ook de bustocht naar de Bondsdag zo gezellig. Na afloop van zulke dagen werd dan nog met elkaar gesproken over hetgeen gehoord werd en soms was er nog een gezamenlijke maaltijd, wat ook erg op prijs gesteld werd.
Herinneringen waren er ook aan de presidentesvergaderingen, die door de Bond werden georganiseerd. Vooral toen het ging over het voorgaan op de verenigingsavond, want daar wordt toch door een ieder tegenop gezien. De eenheid die dan ervaren wordt, voel je als een gemeenschappelijke. Ook de huishoudelijke vergaderingen zouden zij niet licht hebben vergeten. 's Morgens vroeg gingen de - met diverse artikelen volgestouwde - tassen in de auto's. Deze artikelen werden aan anderen getoond en mogelijk zouden ze zelf ook nieuwe ideeën op doen.
Bij een van de dames kwam ook de herinnering naar voren met betrekking tot de vakantieweken. Vele malen nam zij deel aan een van die vakantieweken. Er ging dan een koffer mee om ook tijdens die weken de gemaakte goederen aan de man te brengen. De babbelaars vonden zo hun weg naar de Veluwe! Zo werd het inmiddels buiten donker, maar uitverteld waren de dames nog niet. Wat is het dan een voorrecht om zo de afgelegde weg, waarin de Heere de lust, liefde en krachten heeft willen schenken, terug te mogen zien.
Van harte wensen wij de dames met hun vereniging toe, dat zij onder de zegen des Heeren nog lange tijd de belangen van Gods Koninkrijk zouden mogen behartigen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 februari 1999
Daniel | 32 Pagina's