JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Het hele Woord ook voor de Joden

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Het hele Woord ook voor de Joden

Impressie Generale Synode

10 minuten leestijd

Een Generale Synode die een wereldreis maakt, eeuwenoude strijdpunten behandelt, zich geconfronteerd ziet met het oprukken van een beeldcultuur en toenemende maatschappelijke nood. En dat alles in twee dagen. Een indruk van de vervolgsynode.

De vervolgsynode wordt geopend met het lezen van Psalm 93. Ds. ).). van Eckeveld wijst erop dat in deze wereld van chaos en verwarring de HEERE regeert. De HEERE regeert ook in de kerk. Er is daarom geen zaak die er beter voor staat dan de kerk. Daarom kunnen we ook in 1999 synode houden. De draad wordt weer opgepakt waar we die in september 1998 hadden laten liggen en de bespreking van de rapporten en verslagen van de diverse deputaatschappen gaat weer verder.

Wereldreizen vanuit Utrecht

In één ochtend reizen we in gedachten de hele wereld over. Zo wordt bij de bespreking van het rapport van het Deputaatschap voor Bijbelverspreiding opgemerkt dat traktaten vanuit Ghana verspreid worden in heel Afrika en zelfs in India. Vervolgens reizen we aan de hand van de deputaten voor Israël naar het verbondsvolk waar ds. C. j. Meeuse de visie op Israël toelicht. De bekering van joden, zo zegt hij, gaat niet anders dan bij ons. Daarom moet ook aan hen het hele Woord, Oude en Nieuwe Testament, gebracht worden. We mogen niet zeggen: ze hebben bet Oude Testament al en verder moet de Geest het doen. Ook is het is niet de bedoeling van het deputaatschap alleen maar diaconale hulp te verstrekken maar er wordt ook getracht het Woord bij alle joodse groeperingen te brengen. Dat is een proces van zoeken en bidden om deuren die open gaan. Helaas is er in dit proces ook sprake van tegenvallers. We blijven niet alleen in Israël, want ook de Joden in Rusland worden via onderzoeksreizen bezocht om te kijken of daar 'ingangen' gevonden kunnen worden. Bij de bespreking komt naar voren dat men graag een evangelist zou aanstellen voor de verkondiging van het Evangelie onder de joden, maar dit is financieel nog niet haalbaar.

Overgestoken naar Amerika worden wat vragen gesteld aan het Deputaatschap Hulpverlening in Bijzondere Noden over de noodzaak van financiële hulp aan de scholen daar. Ds. A. T. Vergunst uit Amerika antwoordt dan dat dit per gemeente verschilt maar dat diverse scholen niet zonder deze hulp kunnen, omdat er anders veel te veel op het bord van het onderwijzend personeel komt.

Na deze intercontinentale reizen komen we weer terug in eigen land en komt zelfs het eeuwenoude onderwerp 'vermenging tussen kerk en staat' aan de orde! Er wordt dan nameljik gevraagd of het voor de 'hulpverleningsdeputaatschappen' nodig is erkenning aan te vragen door het Centraal Bureau voor Fondswerving. De Synode loopt hier niet zo warm voor: de kerk moet namelijk zelf, op kerkelijke wijze, z'n geloofwaardigheid kunnen behouden. Hoe een oud onderwerp toch maar actueel kan zijn.

Buigen over Bonden

Stuk voor stuk worden de landelijke bonden nu voor het voetlicht gehaald. Zo wordt bij de Bond van Zangverenigingen gevraagd toch vooral de Psalmen niet in het vergeetboek te laten belanden. Dit blijkt al de aandacht te hebben, maar er wordt wel benadrukt dat de verantwoordelijkheid bij de kerkenraden

ligt en dat de adviezen van de deputaten niet bindend zijn. De Bond van Vrouwenverenigingen kan rekenen op de waardering van de mannen van de Synode!

Jeugdwerk

En dan is het de beurt aan de jeugdbond. Enkele belangrijke uitgangspunten van het jeugdwerk worden onderstreept. Hierbij wordt gedacht aan het centraal staan van Gods Woord in de verenigingsactiviteiten en het wijzen op de noodzaak van wedergeboorte en bekering. Dan wordt er wat dieper ingegaan op de contacten met de Stichting Reforma-

torische Bezinningsavonden (SRB). Op verzoek van de preses schuift ]BGG-directeur J. H. Mauritz aan om wat toelichting te geven. Genoemde contacten zijn 'vriendschappelijk, maar minimaal'. Ds. G. j. van Aalst merkt op dat de groei van de SRB niet ten koste mag gaan van ons jeugdwerk. In dit kader wordt opgemerkt dat de SRB geheel autonoom, ongebonden, wenst te zijn en geen verantwoording schuldig is aan de Gereformeerde Gemeenten. Diverse predikanten van 'ons' spreken ook nu en dan op dergelijke avonden en ervaren deze als erg fijn. Veel van onze jonge mensen blijken daar heen te gaan en een goed contact is daarom wel wenselijk. Overigens komt in het rapport naar voren dat de SRB de oorzaak is van een deel van de verjonging van het +1 6 jeugdwerk. Het kan verkeren! Een onderzoek, gehouden door de Jeugdbond op zomerkampen geeft ook gesprekstof. Uit dit onderzoek blijkt namelijk dat jongeren pastorale zorg op huisbezoeken wat minder positief ervaren. De synode roept ambtsdragers op tijdens huisbezoeken ook oog te hebben voor de jeugd. Het kan soms goed zijn naar aanleiding van een bezoek jongeren de gelegenheid te geven voor een persoonlijk gesprek. Belangrijk is dat jongeren kunnen merken dat er liefde is tot God en Zijn kerk en ook tot de jongeren bij de ambtsdragers. Kwam eerder op de Synode de verhouding kerk-staat al aan de orde, in dit verband komen de fundamenten van de kerkregering aan bod. Er worden namelijk vragen gesteld over de organisatie van de jeugdbond. Wie draagt welke verantwoordelijkheden? Verenigingen komen voort uit de plaatselijke gemeenten. Onze kerkregering is van onderaf georganiseerd (presbyteriaal) en niet van bovenaf (hiërarchisch). De verenigingen leggen dus in de eerste plaats verantwoording af aan de plaatselijke kerkenraad. Overigens is er, zo blijkt, geen sprake van een slecht functioneren van de 'organisatie' als geheel, maar juist van een goede samenwerking. Een structuurwijziging lijkt de synode dan ook

niet op zijn plaats. Ondanks het belang dat aan het jeugdwerk wordt gehecht blijkt uit het rapport dat er nog kerkelijke gemeenten zijn die niet reageren op een verzoek om financiële steun. De synode onderstreept dat kerkelijke bijdragen niet gemist kunnen worden en roept de gemeenten op hun verantwoordelijkheid te beseffen ten opzichte van 'onze jeugd'. Het gaat tenslotte om de jeugd, waar golven van verwereldlijking en afval overheen spoelen. Het is in deze niet gemakkelijk staande te blijven. Persoonlijk gebed en voorbede is dan ook zeer belangrijk.

Tenslotte wordt Gods zegen toegewenst aan allen die in het jeugdwerk werkzaam zijn en dan wordt er ook met name gedacht aan de vele vrijwilligers, die belangeloos veel tijd en moeite opofferen voor de vaak moeilijke taak van verenigingswerk.

Sudderen

Er blijkt temidden van de vele deputaatschappen ook een 'sudderend' deputaatschap te zijn. Het gaat dan om het Deputaatschap voor Militairen. Het aantal militairen is sinds de opheffing van de dienstplicht sterk verminderd. Zozeer zelfs dat er vragen gesteld worden over de reden van voortbestaan van dit deputaatschap. Directe opheffing gaat de synode echter te ver, maar het deputaatschap wordt wel gevraagd na te denken over de bestaansreden en zich te bezinnen op haar taak.

Hulpverlening

Een deputaatschap dat zeker niet hoeft te sudderen is dat van de Diaconale en Maatschappelijke Zorg. Bij de bespreking van bijvoorbeeld 'De Vluchtheuvel' komt de grote nood die er op dit terrein is, naar voren. Eén en ander blijkt veel geld te kosten, maar toch kan er aan vele hulpvragen niet worden voldaan. Diverse instellingen blijken te kampen met wachtlijsten, terwijl de overheid ook niet toeschietelijker wordt. Zorgen om de zorg dus. Ook ambtsdragers blijken in toenemende mate in aanraking te komen met deze nood. Ds. A. Bac spreekt zijn volste vertrouwen uit in het werk van 'De Vluchtheuvel'. Ds. P. Mulder verschaft wat duidelijkheid over de fusieplannen die er zijn tussen de GLIAGG, het GPZ en het GLIBW. De overheid blijkt drie brievenbussen voor instellingen van dit formaat lastig te vinden. De identiteit en herkenbaarheid van de te vormen instelling is een wezenlijk aandachtspunt.

Internet

De Commissie Internet, die de vorige vergadering was ingesteld om zich te bezinnen op de houding ten opzichte van internetgebruik, brengt in de zitting verslag uit. Internetgebruik blijkt al onvermijdelijk te zijn,

tot in de thuissituatie toe. "Van de tv kan gezegd worden: 'Die neem je niet', bij internet ligt dat moeilijker, " zei ouderling G. H. Verweij. Internet is een ingrijpende stap in de ontwikkeling van een schriftcultuur naar een beeldcultuur. De vraag komt dan op in hoeverre er in de beeldcultuur nog plaats is voor het Woord van God. Ook wordt er gewezen op een ander gevaar van internet. Middels dit medium is het namelijk heel makkelijk om zaken die vol verleiding zijn binnen handbereik te krijgen. Het zondige in mensenharten kan op deze wijze heel makkelijk aangewakkerd worden.

aangewakkerd worden. Bepaalde apparaten of media zijn op zich niet zondig. Helaas leert de praktijk dat het ene medium en het ene apparaat meer mogelijkheden geeft tot zondigen dan het andere. Daarom moeten we bij internet op onze hoede zijn. Een aansluiting nemen wanneer die niet beslist noodzakelijk is, wordt in de gezinssituatie dan ook afgewezen. Met name jongeren komen via werk en studie met internet in aanraking. De vraag wordt gesteld hoe we hen van de gevaren bewust kunnen maken. De pastorale toon van het rapport over internet wordt: zeer gewaardeerd, maar hoe kunnen we jongeren nu concreet waarschuwen en wapenen tegen deze gevaren. Ook zij hebben immers een hart dat weerbarstig en zondig is. Ouders, opvoeders en ambtsdragers hebben hierin een belangrijke taak. Maak ook de overheid moet hierin haar taak weten. Kan er een brief naar Den Haag gestuurd worden om de overheid te wijzen op haar verantwoordelijkheid? Zij moet normerend optreden en uitwassen als porno, geweld en racisme verbieden. Ouderling j. T. van den Berg - die ook Tweede Kamerlid is - weet te vertellen dat er binnenkort wetgeving op dit gebied in de Tweede Kamer aan de orde komt. Het is verstandiger om nog even te wachten en dat als aanleiding te gebruiken om de overheid op haar taak te wijzen.

Uiteindelijk kan alleen de geestelijke wapenrusting uit Efeze 6 ons bewaren voor het kwade. Door wedergeboorte en bekering moeten we daar deel aan krijgen. In dat verband wordt gewezen op Galaten 5, waar de leiding en de werken van de Heilige Geest staan tegenover de werken van het vlees.

De ontwikkelingen gaan razendsnel in de informatie-en telecommunicatiewereld. Onderwerpen waar vandaag over gediscussieerd wordt, zijn morgen verouderd. Nieuwe ontwikkelingen dienen zich dan weer aan. Met name het naar elkaar toegroeien van de televisie en de computer werd door de synodeleden als zeer zorgelijk ervaren. Hoe kunnen we enigszins op de hoogte blijven van de voortsnellende ontwikkelingen op dit terrein? Hoe houden we voeling met jongeren, met scholen en met de achterban? Besloten wordt om het rapport van de commissie internet te aanvaarden en opnieuw een commissie in te stellen om zich te blijven bezinnen op de voortgaande ontwikkelingen en daarover in gesprek te raken met de achterban. Ook de jeugdbond is in deze commissie vertegenwoordigd in de vorm van jwa L. A. Kroon.

Sluiting

Na twee lange vergaderdagen wordt donderdagavond de synode gesloten. De gemeente van Hendrik Ido Ambacht wordt aangewezen als roepende kerk. Dat betekent dat deze gemeente de volgende Generale Synode bijeen roept. Als er geen bijzondere redenen zijn om dat eerder te doen, dan zal dit zijn D.V. in september 2001. Nadat de voorzitter, ds. J. j. van Eckeveld, tot verschillende mensen woorden van dank heeft gericht, verzoekt hij de scriba, ds. M. Golverdingen te eindigen. Deze maakt melding van de goede hand Gods over de synode dat op zo'n goede wijze vergaderd mocht worden. In het bijzonder wordt opgemerkt dat de Heere ds. j. J. van Eckeveld de wijsheid en de kracht schonk, ondanks de zorgen over zijn gezondheid, om zo leiding te geven. Staande wordt gezongen Psalm 146:1 en 8, waarna ds. Golverdingen voorgaat in dankgebed.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 februari 1999

Daniel | 32 Pagina's

Het hele Woord ook voor de Joden

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 februari 1999

Daniel | 32 Pagina's