JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Jij zorgt voor anderen! Wie zorgt voor jou?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Jij zorgt voor anderen! Wie zorgt voor jou?

Conferentie verzorgende beroepen

8 minuten leestijd

Het is 14 november. Een kleine tweehonderd mensen zijn richting Gouda gekomen om de landelijke themadag van de verzorgende beroepen van de Jeugdbond en sectie gezondheidszorg van de RMU bij te wonen. Omdat er sprake is van jubilea van de verschillende organisaties (verzorgende beroepen JBGG 25 jaar, Richtsnoer 20 jaar, sectie gezondheidszorg van de RMU 10 jaar) is er dit keer gekozen voor een thema waarbij de werker duidelijk centraal staat: 'Jij zorgt voor anderen! Wie zorgt voor jou? '.

Als eerste spreker krijgt mevrouw W.S. van Wetten het woord. Zelf werkzaam in de hulpverlening, spreekt ze rechtstreeks vanuit de praktijk. Als antwoord op de vraag in het thema: 'Wie zorgt er voor jou? ', laat ze weten dat in de eerste plaats jij zelf dat bent. Je hebt zelf hiervoor je verantwoordelijkheid, je bent zelfstandig. Dat wil echter niet zeggen dat je dan onafhankelijk van anderen bent. Het eerste wat je nodig hebt is een eigen plek. Een plek waar je jezelf kunt zijn, waar je hardop kunt praten tegen jezelf en tegen God. Waar je hardop kunt huilen, lachen, zingen, maar ook stil kunt zijn. Een plek waar je thuiskomt bij jezelf.

Zorg voor jezelf

Wat het lichamelijke aspect betreft, noemt mevrouw Van Wetten het belang dat je je lichamelijk opgewassen voelt tegen je werk, je voldoende energie hebt. Hierbij is het van belang voldoende (en regelmatig!) te slapen, evenals te eten, waarbij het soort eten met name van belang is. Ook is je lichamelijke verzorging van invloed op hoe je je voelt. Andere lichamelijke inspanning kan ontspanning geven, actief zijn in de buitenlucht. Het uiten van emoties kan innerlijke ontspanning geven, zo vermindert lachen de stress en verhoogt de weerbaarheid. Misschien mis je een arm om je heen terwijl je er wel behoefte aan hebt. Probeer dan andere mogelijkheden te zoeken. Sta jezelf iets leuks toe. Wat ook heel belangrijk is: neem de signalen die je lichaam uitzendt serieus. Je lichaam wil je hiermee iets duidelijk maken.

Psychische en sociale aspecten

Je persoonlijke eigenschappen spelen ook mee, je karakter, je sterke en minder sterke kanten. Je mag werken aan je zwakke kanten, maar wees hier ook reëel in. In onze kring ligt het gevaar van perfectionisme op de loer, het volmaakt moeten zijn en daardoor (te) hoge eisen stellen aan jezelf. Weet wie je bent en wat je kunt. Pas op voor negatieve gevoelens die je zelfrespect kunnen ondermijnen. Wat van belang is: stel grenzen! Grenzen in het zorgen voor de ander. Grenzen in verantwoordelijkheid: vraag je af: ben ik in dit geval verantwoordelijk, of voel ik me verantwoordelijk? Het is een valkuil voor de hulpverlener zich verantwoordelijk te voelen, waar hij het niet voor is! Zorg voor tijd om weer op te kunnen laden. Besef dat je niet onmisbaar bent. Durf jezelf te geven, kwetsbaar te zijn, terwijl je ook weerbaar blijft. Leer goed met feedback om te gaan, wees op een gezonde manier assertief, vraag aandacht voor jezelf.

Blijf jezelf en respecteer de ander, durf de confrontatie met anders denkenden aan te gaan. Neem actief deel aan het maatschappelijk leven. Investeer in goede relaties, zowel met getrouwde als ongetrouwde vrienden.

Aandacht voor jezelf, mag dat?

De tweede spreker van deze morgen is dr. W.H. Velema. Hij gaat in op de zorg

voor het geestelijk welzijn van de werker. Dr. Velema begint zijn lezing met te zeggen dat in onze kring pas de laatste jaren meer oog is gekomen voor aandacht voor jezelf, opkomen voor jezelf. Lang is er geleefd vanuit de zelfverloochening, en wel zodanig dat bijbels verantwoorde aandacht voor onszelf erbij inschoot. In onze kringen werd er dan veel gezegd dat de Heere voor je wil zorgen. En verder moest je het zelf doen. Zo hebben mensen voortgetobd, zich voortgesleept. Nu is er meer het besef gekomen dat God ons voor elkaar gegeven heeft. God wil ons mede door andere mensen helpen.

Hoeder, helper en heler

Hoewel het niet gewoon was als hulpverlener van een ander hulp te ontvangen, heeft God juist de ene mens een taak gegeven voor de andere mens om hoeder, helper en heler te zijn. Er is een zorgplicht aan jou, de zorgverlener, omdat God aan een ander die plicht geeft. God geeft dat de ene mens voor de ander moet zorgen, waarbij deze rol afwisselend vervuld kan worden. Paulus schrijft hier ook over in zijn brief aan de Filippenzen, waar hij zorgontvanger is (Filippenzen 4:18), en tegelijkertijd ook prediker van Gods zorgverlening (vers 19). Als aangewezen personen om zorg te verlenen aan de zorgverlener noemt dr. Velema de pastor en de werkgever.

Taak pastor

De pastor heeft een taak in het belangstelling tonen voor, meeleven met, informeren bij de werker. Hij kan er aandacht aan geven in het gebed, soms z'n preek toespitsen op een speciale situatie. Hij kan mensen uit de gemeente bij elkaar brengen uit hetzelfde beroep. Iets breder getrokken heeft ook de gemeente een taak naar de werker, naar de

alleengaande in de gemeente, door aandacht voor hen te hebben, open voor hen te staan.

Taak werkgever

De werkgever heeft als taak dat hij oog heeft voor zijn werknemer. Hij moet zorg dragen voor het met elkaar in gesprek gaan, waarbij ook het geestelijke een plaats moet hebben. Er moet openheid zijn om ook ethische vragen aan de orde te stellen.

Taak werker

Ook de werker zelf heeft hierin een opdracht. Van belang is zijn gebedsleven, de omgang met God. Al je noden, vragen, eigen zorgen, en problemen van de mensen om je heen mag je bij Hem brengen. Neem tijd om de Bijbel te lezen. Hierdoor kun je zelf bemoedigd worden, maar ook bijbelkennis opbouwen die je in de praktijk kunt gebruiken. Neem tijd voor stille tijd. Tijd om Gods aangezicht te zoeken. Tijd om dingen op te schrijven die je bezig houden, misschien ook wel je gebeden, wat je aansprak in de preek.

Soms kunnen plichten botsen: aandacht hebben voor de ander, aandacht hebben voor jezelf, je grens aangeven. Hoe vind je het juiste evenwicht? je mag grenzen trekken voor jezelf, wel moet je je grens verantwoorden, God betrekken in je beslissing naar het juiste evenwicht.

Wie zorgt? God zorgt! Het is Zijn trouw en genade ons te helpen in ons dagelijks werk, en daarbij wil Hij zich bedienen van mensen, medemensen.

Jubilea

Tijdens de middagbijeenkomst interviewt joke Prins drie vertegenwoordigers van de jubilerende commissies. Hierbij geeft ieder een kort overzicht van het ontstaan en vervolg van zijn commissie, de plaats ervan, welk werk er door verricht wordt, wat ze kunnen beteken voor de werkers in de gezondheidszorg hoe de onderlinge samenwerking plaats vindt. Er wordt van de gelegenheid gebruik gemaakt om wederzijdse felicitaties uit te wisselen.

Tijdens de forumbespreking onder leiding van de heer Mauritz zullen de vragen naar aanleiding van de lezingen van deze morgen beantwoord worden door de beide inleiders en de heren Schalk (RMU) en E.P. Ruit. Vragen over omgaan met tijd, vertrouwen op God, aandacht vragen, aanraking en andere zaken passeren de revue.

Tijd (God heeft zoveel tijd geschapen dat er genoeg is): de werkgever heeft de plicht de werker niet te overvragen, de werker is er verantwoordelijk voor dat hij zijn werk klaarkrijgt in de hem toegemeten tijd (daarbij ook de pauzes hanteren en op tijd naar huis gaan). Is dit niet haalbaar dan zal er over gesproken moeten worden. Planning is belangrijk, als ook het oog houden voor de kwaliteit. Spreek elkaar hier ook op aan. De werkdruk in de gezondheidszorg is hoog. Zal alleen maar toenemen nog (gebrek aan geld, gebrek aan mensen). Laat de werkdruk niet alles bepalend zijn. je hoeft het niet te bagatelliseren, maar probeer ook te relativeren, blijf belangstelling houden voor de wereld buiten je werk.

Vanuit de vraag of het niet te idealistisch is gesteld dat de werkgever oog moet hebben voor de totaliteit van de werker, komt de vraag naar voren of je als werker herkenbaar bent als christen. Er wordt gewezen op het belang dat je kunt verwoorden wat je geestelijke bagage is. Wees duidelijk in wie je bent. Het belang van de aanraking binnen je werk en voor jezelf wordt onderstreept. Een mens kan niet zonder aanraking. Een hand op een schouder, een arm om iemand heen is enorm belangrijk. De aanraking zegt dingen die met woorden niet te zeggen zijn. Wees er alert op dat jij als hulpverlener

niet altijd degene bent die geeft, ook in vriendschappen bijvoorbeeld. Leer aandacht voor jezelf te vragen, durf 'zwak' te zijn, durf je kwetsbaarheid te laten zien.

De dag wordt besloten met een meditatie door dr. Velema over 1 Koningen 19:1 - 8. Het gaat over Elia onder de jeneverboom. Elia is opgebrand, vraagt zelfs of God hem weg neemt, het is genoeg. Geestelijk is hij aan een eind. Dat kan dus bij mensen die God liefhebben. Maar de Heere weet van Elia af, Elia gaat Hem ter harte, God houdt zich met hem bezig. God houdt zich ook met ons bezig. Hij laat ons niet aan ons lot over. De Heere komt met Zijn zorg. Hij wil mensen die vermoeid zijn helpen, betrokken worden in hun moeiten. Hij steekt Zijn zorgende hand uit. Met deze bemoedigende woorden gaat ieder rond half vier richting huis.

Roelande Kattenberg

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 december 1998

Daniel | 32 Pagina's

Jij zorgt voor anderen! Wie zorgt voor jou?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 december 1998

Daniel | 32 Pagina's