De gemeente en werkers in een verzorgend beroep
Gesprek met Eveline en Helma
Het is zondagmorgen. Ineke fietst naar het haar opgegeven adres. Als ze daar aankomt, staan er al twee meisjes van een jaar of zes met de fiets voor het huis te wachten. "Ben jij Ineke? " vraa 9t het oudste meisje. Op het bevestigende antwoord dat ze krijgt, reageert ze: "Leuk, we staan op je te wachten. Mama zei dat jij met ons mee zou fietsen naar de kerk. Durf je niet alleen weet i e we 9 soms n, et ? " Ineke moet in zichzelf lachen. Eigenlijk slaat die jongedame de spijker op z'n kop. Ze weet niet precies waar de kerk staat en ze durft ook niet zo goed. Het is de eerste keer dat ze een zondag moet werken en dus hier naar de kerk gaat. Op advies van haar moeder heeft ze de scriba van de kerkenraad gebeld. Haar moeder had gehoord dat er in deze gemeente contactpersonen waren voor mensen die in de gezondheidszorg werkzaam zijn. Zodoende is ze aan de naam en het adres van dit gezin gekomen. Met de moeder van de meisjes heeft ze door de telefoon afgesproken dat ze met hen naar de kerk zou fietsen. "Makkelijk en wel zo gezellig", had de mevrouw door de telefoon gezegd.
j D Te K IT1 • F\ff(P> ll'hP < P> KI L. VC111 IC uil ri 31 XX\ 3
Koftg^leden is er door de commissie Verzorgende Beroepen van de Jeugdbond een brief naar alle kerkenraden gestuurd met het verzoek enkele contactpersonen ofwel gastgezinnen te zoeken, die hun deur openzetten voor (jonge) mensen die in de gezondheidszorg werkzaam zijn en daardoor in een andere plaats gaan wonen, onregelmatig werken en dus ook op zondag in een voor hen vreemde plaats naar de kerk gaan. Bovendien zou het zo kunnen zijn dat de gastgezinnen kunnen bemiddelen bij het zoeken naar woonruimte.
Naar aanleiding van deze brief en omdat de commissie Verzorgende Beroepen 25 jaar bestaat, had ik gesprekken met twee verpleegkundigen over hun relatie met de kerkelijke gemeente.
Lid of gaetlid
Het maakt veel verschil of je als werker in de gezondheidszorg 'thuis' kunt blijven wonen, of dat je op kamers gaat, in een personeelsflat terechtkomt of ergens in de kost gaat.
Eveline geeft in het gesprek aan dat ze niet te maken had met een 'nieuwe' gemeente. Omdat zij nog thuis woont, kerkt ze nog steeds in de gemeente waar ze is opgegroeid, maar het contact met haar gemeente vindt ze evengoed belangrijk. Ze merkt dat ze er meer behoefte aan heeft om haar verhaal kwijt te kunnen, nu ze in de verpleging werkzaam is. Inmiddels is ze van de jeV afgegaan, onder andere omdat ze merkte dat de belevingswereld van de jeV-leden ver bij haar vandaan ging staan. Ze trekt nu meer op met mensen die ook in de gezondheidszorg werkzaam zijn. "De problemen waar je in je werk mee te maken
krijgt, zijn voor jongeren die heel ander werk hebben of nog studeren soms niet voor te stellen. Het is moeilijk om te leren omgaan met mensen die pijn hebben, die lijden of die gaan sterven. Het is fijn als je aan vrienden merkt dat ze daarin meeleven, dat ze je echt begrijpen.
Je wilt toch graag je verhaal kwijt kunnen en dat is ook hard nodig." Helma heeft door haar werk in de psychiatrie de overstap naar een andere gemeente moeten maken. Ze is daar altijd gastlid gebleven. "Ik maakte de overgang van een kleine gemeente, waar een sterke onderlinge binding is, naar een grote gemeente met meer dan duizend leden en doopleden. In mijn gemeente kent iedereen elkaar en als daar een paar maal een 'vreemde' in de kerk komt, wordt deze aangesproken en uitgenodigd op de koffie.
In de gemeente waar ik naar de kerk ging, viel je niet op en gingen mensen mij niet herkennen. Je moet daar zelf moeite voor doen. Daarom ben ik op zang gegaan. Ik bleef het heel moeilijk vinden om een plekje te krijgen, ik voelde me één van de velen..." De plaats of regio kan daar ook een rol in spelen. Gemeenten die snel groeien en waar veel 'import' is, zullen misschien wat meer openstaan voor vreemden.
Voor werkers in de gezondheidszorg spelen nog andere factoren mee: onregelmatig en maar één keer per zondag in de kerk komen, vrije weekenden naar huis, alleen in de kerk komen, één van de velen zijn... Natuurlijk hangt je betrokkenheid bij het gemeenteleven niet alleen af van het wel of geen lid worden van een gemeente. Helma noemt het aanvragen van de kerkbode als tip om meer informatie over een gemeente te krijgen. Het is heel gebruikelijk dat je als werker in de gezondheidszorg huisbezoek krijgt van de gemeente waar je gastlid bent. Meestal ben je op het moment dat er thuis huisbezoek komt niet aanwezig en daarom kan het fijn zijn om zelf huisbezoek te krijgen.
Gastgezinnen
Onafhankelijk van het lid of gastlid zijn, is het belangrijk dat er vanuit de gemeente zelf initiatieven worden genomen naar werkers in de gezondheidszorg toe. Het idee van gastgezinnen spreekt de beide verpleegkundigen dan ook aan. Er blijft een verantwoordelijkheid bij de werker liggen: deze moet contact opnemen met de kerkenraad om te vragen of er mensen zijn die zich als gastgezin hebben opgegeven. Het kan ook handig zijn om de namen van de gastgezinnen regelmatig in de kerkbode te vermelden.
Wat verwacht je van een gastgezin?
Eveline: "Een adres waar mensen naar toe kunnen als ze even hun verhaal kwijt willen. Heel praktische informatie geven: waar de kerk is en of de plaatsen vrij zijn. Samen naar de kerk gaan kan fijn zijn. Bemiddelen of mee zoeken naar woonruimte kan een taak zijn van het gastgezin. Het belangrijkste is echter dat eerste: een adresje hebben waar je terecht kunt, waar iemand naar je wil luisteren."
Helma voegt eraan toe: "Gewoon eens vragen of je komt eten. Er zijn zoveel dingen waar je aan moet wennen als je in de gezondheidszorg gaat werken en op jezelf gaat wonen. Iedere dag voor je zelf koken is dan een extra klus en het is heerlijk zomaar aan te kunnen schuiven en de gezelligheid van een gezin te ervaren."
Ook als je moe bent, is het fijn om even weg te kunnen en een kop koffie ergens te halen waar je aanspraak hebt. Het hoeft voor de mensen geen belasting te zijn, je komt alleen voor de koffie en het babbeltje over gewone dingen en je gaat weer, je komt niet een hele avond op bezoek. Op de vraag of ze speciale eisen aan zo'n gastgezin stellen, wordt door beide ontkennend geantwoord. Het gaat erom dat ze openstaan voor anderen, dat ze het leuk vinden als iemand even langs komt waaien. Het is echt niet nodig te weten wat zich in de gezondheidszorg afspeelt.
Ervaringen uitwisselen
Natuurlijk is het belangrijk om ervaringen uit te wisselen met mensen die ook in de gezondheidszorg werkzaam zijn. Daarom zijn de themaavonden die door de commissie Verzorgende Beroepen (VB) en door de RMU / het Richtsnoer georganiseerd worden ook belangrijk.
Eveline is betrokken bij de gesprekskring van de regio Rotterdam die kortgeleden opnieuw opgericht is.
Ze vertelt erover: "Er is in het vérleden een gesprekskring in deze regio geweest, maar die is langzaam doodgebloed en vervolgens opgeheven. Toch bleken er nu verschillende mensen te zijn die behoefte hadden aan zo'n kring. Er is contact gezocht met de commissie VB en inmiddels hebben we drie avonden gehad. De opkomst was goed, zo'n dertig mensen per avond. De mensen die
komen verschilden per avond nogal, waarschijnlijk heeft dit te maken met het thema. Tot nu toe zijn er steeds sprekers uitgenodigd, maar het is de bedoeling om ook zelf onderwerpen voor te bereiden en met elkaar te bespreken. Het doel van de gesprekskring is bezinning op aspecten van de gezondheidszorg waar mensen uit de hele breedte van de gezondheidszorg mee te maken krijgen. In de toekomst zal het meer praktisch kunnen worden en zal er hopelijk nog meer gelegenheid zijn om ervaringen uit te wisselen, zodat je ook van elkaar kunt leren."
Specifieke vragen
Helma erkent het belang van bezinning, maar geeft daarbij aan dat het ook goed kan zijn om juist met een groep mensen die in dezelfde setting werkzaam is van gedachten te wisselen. Sommige thema's lenen zich niet zo voor 'brede' bespreking. Zij heeft een poosje deelgenomen aan een gesprekskring die door werkers in de psychiatrie was opgericht.
Het met collega's bespreken van hele specifieke problemen en wat je taak als christenverpleegkundige daarin is, noemt zij als belangrijk doel van die kring. Voorbeelden zijn dan de plaats van het geloof bij psychiatrische cliënten en het bijbelse mensbeeld in de psychiatrie. Aan de hand van een boek of artikel werd dit voorbereid.
Een initiatief van een gemeente is het eens per jaar organiseren van een avond voor werkers in de gezondheidszorg. Vooral voor gemeenten waar relatief veel mensen naar de kerk komen die in de gezondheidszorg werken, is dit een goed idee. Er wordt een spreker uitgenodigd en er is ruimte voor persoonlijk contact. Op zo'n avond zijn kerkenraadsleden aanwezig, zodat het mogelijk is om bijvoorbeeld huisbezoek aan te vragen. Een aardig gebaar naar vreemdelingen toe.
Uitnodigend
Een gemeente kan nog meer doen... We praten even door op het belang van een open houding.
Eveline kent dat uit eigen ervaring: "Als er een nieuwkomer op de jeV of
catechisatie is, spreek die dan aan, betrek hem of haar erbij en laat voelen dat hij / zij welkom is. In Ridderkerk hebben we dat nog wel eens omdat het verpleeghuis Salem vlakbij is. Natuurlijk moeten de mensen zelf er ook wat voor doen door naar de JeV of catechisatie te komen, maar wij hebben dan ook de opdracht om hen te laten voelen dat ze welkom zijn."
In 1973 is de commissie Verzorgende Beroepen op verzoek van de Jeugdbond opgezet als samenwerkingscommissie van het Deputaatschap Gezins-en Bejaardenzorg en de JBGG. Vanaf het begin van de jaren '80 is de commissie verder gegaan in nauw overleg met 'het Richtsnoer', een belangenorganisatie voor werkers in de gezondheidszorg. Inmiddels is het Richtsnoer samen gaan werken met de RM U-sectie gezondheidszorg.
Op mijn vraag of ze dat zelf meer is gaan doen nu ze in de verpleging werkzaam is, antwoordt Eveline bevestigend. "Ik ben er wel meer op gaan letten en zal nu ook wat makkelijker naar een nieuwkomer toestappen. Juist omdat ik begrijp dat je je verhaal kwijt moet en omdat ik het belangrijk vind dat je praat over de dingen die je meemaakt in je werk."
Helma beaamt dat het 'welkom voelen' heel belangrijk is. "Het uitnodigende zit soms in kleine dingen. Het is heel fijn om te merken dat je gezien wordt. Iemand aanspreken of uitnodigen voor een vereniging kan al veel betekenen. Verder kan het heel handig zijn als je in een gemeente een 'kruiwagen' hebt, als je al iemand kent. Ik merk dat heel goed nu ik verhuisd ben. In Kampen kende ik al wat mensen en zo is het makkelijker om contacten te leggen dan in de vorige gemeente. Iets heel anders: in mijn gemeente hebben we in plaats van een echte ledenlijst een adressenlijst, waar ook mensen in staan die meeleven, maar nog in een andere gemeente lid zijn. Dat is heel aardig naar deze mensen toe, ze krijgen zo het gevoel erbij te horen. Natuurlijk zijn dit soort praktische dingen in een grote gemeente wat minder effectief, maar toch..."
Tips voor werkers
Wat wil je nog aanvullen op alles wat al gezegd is?
Helma: "Voel je niet verplicht om gelijk lid te worden in de nieuwe gemeente. Je kunt het aan de kerkenraad uitleggen als dat nog moeilijk is, waarbij je dat wel goed moet onderbouwen. Verder: ga als het enigszins kan wonen in de plaats waar de kerk is. Wanneer je buiten die plaats woont, zul je ook minder snel aanloop krijgen."
Eveline adviseert nogmaals om zelf initiatief te nemen door bijvoorbeeld naar de JeV te gaan. "Zorg dat je mensen leert kennen waar je terecht kunt als je het moeilijk hebt, die je kunt bellen of waar je naar toe kunt als je je alleen voelt of als je even in een 'dipje' zit. je hebt dat heel hard nodig, zeker als je alleen woont en een gemeente heeft daarin ook een taak!"
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 6 november 1998
Daniel | 32 Pagina's