Mijn minderbegaafde kind
Ook dit kind hebt Cij mij gegeven. Gij hebt het aan mijn zorgen toevertrouwd. Het moet ook door dit zo moeitevolle leven; Ook aan zijn toekomst moet worden gebouwd.
Gij weet, Heer', dat het niet zo goed kan teren; In Uw wijsheid beperktet Gij zijn verstand. Is het, opdat ik mij tot U zou keren? En zou gaan wandelen als een kind aan Uwe hand?
U weet dat ik het graag zo anders zou willen, Dat het mee kon, zoals dat van die mensen hier vlakbij. Gij laat U echter door geen mensenhand bedillen, En zegt: Laat uw wil onderworpen zijn aan die van Mij.
0 God, leer mij ook dit kind te dragen Aan de voet van Golgotha's kruis. Daar verstommen immers alle vragen; Daar opende U de deuren van 't Vaderhuis.
Geel mij de kracht om met dit kind te werken, Te woekeren met de talenten die Cij het gaf. Schenk Uw genade, opdat het zal bemerken, Dat zijn leven verder reikt dan 't graf.
Heere, wil door Uw Geest mij schenken, 't Gebed om wijsheid, liefde en geduld. Wil onverdiend, in gunst aan hem gedenken, Totdat zijn taak op aarde is vervuld.
leer het, o God, daartoe zijn zwakke gaven te
besteden In Uw dienst, tot de ere van Uw Zoon, Opdat het eens, zij het met wank'le schreden Als een zondaar mag verschijnen voor Uw troon.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 juni 1998
Daniel | 32 Pagina's