Onzichtbaar en toch te merken
Het getuigenis van de Geeet
Iedere zondag wordt er in de kerk gebeden of de Heere Zijn Heilige Geest wil geven. Of Hij Zijn Geest wil verbinden aan het Woord. Is het Woord dan niet genoeg? Het Woord is toch de waarheid? En er staat toch van het Woord dat het is een kracht Gods tot zaligheid? Ook wordt het Woord wel genoemd een zaad der wedergeboorte? Wat is eigenlijk het getuigenis van de Geest?
Met pinksteren herdachten wij de uitstorting van de Heilige Geest. Dat de Heilige Geest kwam, was merkbaar aan de tekenen van vuur, wind en talen. Toch waren die tekenen niet het belangrijkste. Het ging niet om die tekenen; die kwamen erbij. Het gaat in Handelingen 2 eigenlijk om het zinnetje dat we lezen in vers 4: "En zij werden allen vervuld met de Heilige Geest." De Heilige Geest kwam wonen op aarde in de kerk, in het bijzonder kwam Hij op de ambtsdragers.
De komst van de Geest niet zichtbaar
Het komen van de Heilige Geest was op zichzelf genomen onzichtbaar. De Heilige Geest is immers een geest en dus met ons gewone mensenoog niet te zien. De discipelen ontvingen de Heilige Geest in hun harten. Zij wisten dus uit het komen en de inwoning van de Geest zeker dat de belofte van Zijn komst nu vervuld was. En van Zijn komst gaf de Geest nu getuigenis. Getuigenis gaf Hij zodat niet alleen de discipelen, maar ook de mensen om hen heen er weet van kregen. Zelfs wanneer we eeuwen later deze geschiedenis lezen, kunnen weten dat de Heilige Geest toen werd uitgestort. Dat getuigenis van de Geest Zelf is er ook nu nog.
Tekenen getuigden van Zijn komst
Dat de uitstorting van de Heilige Geest gebeurde, was merkbaar uit verschillende zaken. Drie hoofdpunten wil ik in dit artikel noemen. Er waren de opvallende uitwendige tekenen van wind, vuur en talen. Juist door deze tekenen is de aandacht van de mensen getrokken. Zo kwam er ruimte en gelegenheid voor de prediking waardoor mensen tot bekering kwamen.
Deze uitwendige tekenen waren eenmalig. Alleen op die eerste pinksterdag waren ze er. Later lezen we in het boek Handelingen en in de Korinthebrief ook over tekenen als genezingen en het spreken in tongen. Toch was dit wat anders. Dat spreken in tongen was iets dat op zichzelf door anderen niet te verstaan was en dat dus ook uitleg nodig had (1 Korinthe 14). Paulus wil dit spreken in tongen terugdringen en juist niet bevorderen.
Tijdelijke tekenen wijzen naar net Woord
Het getuigenis dat de Geest werd uitgestort, was er in de vorm van de tekenen van vuur, wind en talen. Slechts kort en eenmalig. Want het ging ook op pinksteren om de prediking van het Woord, om de verkondiging van Christus.
Dat geldt trouwens ook van de andere tekenen die er in de begintijd waren. Paulus wijst er op in de hoofdstukken 12 en 14 van de eerste Korinthebrief dat de gave van de profetie (uitlegging van het Woord) verreweg de voornaamste is. Ook wijst hij erop dat de bijzondere gaven tijdelijk zijn, maar dat blijvend zijn geloof, hoop en liefde.
Het getuigenis van de Geest voor ambtsdragers
Zo komen we bij het tweede getuigenis van de Geest Zelf. Ineens is daar Petrus die met grote vrijmoedigheid gaat spreken. Hij legt op duidelijke, schriftuurlijke wijze uit wat er aan de hand is. Zeven weken geleden durfde Petrus zijn Heere niet eens te belijden tegenover een dienstmeisje. Nu spreekt hij openlijk voor een grote schare mensen. En hij spreekt met vuur en verve, met grote innerlijke overtuiging en zekerheid. Er is geen spoortje van aarzeling of onzekerheid.
Er is iets opmerkeljks aan de hand met Petrus. Hij staat daar in de betoning van Geest en (overtuigings-
)kracht. Dat heeft deze eenvoudige visser niet zomaar van zichzelf. Dit is nu het getuigenis van de Geest. Ambtelijk wordt hij bediend door de Heilige Geest. Dat blijkt niet alleen uit de manier waarop hij optreedt. Het wordt ook heel duidelijk als we letten op de inhoud van zijn toespraak. Hij houdt een toespraak die precies past bij de omstandigheden. Hij legt uit wat het is dat de mensen waarnemen. En zijn uitleg is heel bijbelgetrouw. De profetie van joël wordt hier vervuld. Dat ziet Petrus en dat maakt hij duidelijk. Ook geeft hij uitleg over de komst, de persoon en het werk van de Heere jezus als Messias. Daarbij geeft hij eveneens een bijbelse onderbouwing. Hij maakt zaken van begrafenis en opstanding duidelijk vanuit Psalm 16.
De Geest doet het Woord verstaan en uitdragen
We zouden ons kunnen afvragen waar Petrus deze kennis en dit inzicht vandaan haalt. Hier is het getuigenis van de Heilige Geest. Door dit getuigenis van de Geest kan en mag Petrus zijn ambt bedienen. De Heere jezus had dit beloofd. Toen Hij na de opstanding aan de discipelen nog eens de opdracht gaf om het ambtelijk werk te gaan doen, zegde Hij hen (het ambtelijk getuigenis van) de Geest toe. Paulus, en met hem de andere zendingswerkers, hebben dat ook ervaren. Zo lezen we van hen in Handelingen 14 dat ze met veel vrijmoedigheid spraken en dat de Heere 'getuigenis gaf aan het Woord Zijner genade'.
Om nog een voorbeeld te noemen: als Paulus terugkijkt op het werk in Thessalonica dan schrijft hij (in de eerste brief aan deze gemeente hoofdstuk een vers vijf): "Want (de verkondiging door) ons (van het) Evangelie is onder u niet alleen in woorden geweest maar ook in kracht en in de Heilige Geest en in veel verzekerdheid; gelijk gij weet hoedanig wij onder u geweest zijn".
De Geest getuigt in de harten
Dan is er het derde getuigenis van de Geest. Dat is het getuigenis in de harten van degenen die tot bekering komen. Die drieduizend mensen luisterden naar de prediking van Petrus en de Heilige Geest zorgde voor de toepassing. Na de goede uitleg volgde het scherpe woord van Petrus: "Deze jezus, die gij gekruist hebt". Die mensen werden niet boos over dit ontdekkende woord. Dat werden de joden van het sanhedrin wel toen Stefanus tot hen sprak. Maar op de pinksterdag worden die drieduizend niet boos. Integendeel, zij werden verslagen van hart.
Hoe moeten we dit verschil in reactie verklaren? Dat is nu het getuigenis van de Geest. "De Geest, gekomen zijnde, zal de wereld overtuigen", sprak de Heere Jezus. Hier zien we het gebeuren. De Geest van Pinksteren werkt in het hart van die mensen.
De Geest getuigt dat Woord waar is het
Het is trouwens altijd door het getuigenis van de Geest dat we in ons hart voelen dat het Woord de waarheid is. Soms stellen jongeren de vraag: "Hoe kan ik weten dat de Bijbel het Woord van God is? " Onze Nederlandse Geloofsbelijdenis antwoordt: "Inzonderheid omdat ons de Heilige Geest getuigenis geeft in onze harten dat zij (de bijbelboeken) van God zijn". Er zijn ook andere redenen te noemen waaruit wij weten dat de Bijbel het Woord van God is. Maar dit is de hoofdreden: het getuigenis van de Geest in onze harten.
Nu is er een algemene overtuiging dat de Bijbel waar is. Dat noemen we het historisch geloof. Dat is op zich goed, maar niet genoeg tot de zaligheid. En er is het bijzondere getuigenis van de Geest; dat is tot zaligheid. Daarover hebben we het nu aan de hand van de bekende geschiedenis uit Handelingen 2.
De Geest getuigt dat het Woord van veroordeling waar is
De Geest voegt Zich bij het door Petrus gepredikte woord. De Geest opent de harten zodat het Woord erin komt. De Geest maakt dit Woord tot een zaad der wedergeboorte. Het eerst merkbare gevolg van deze wedergeboorte is dat ze het Woord gaan geloven. Zo worden ze verslagen van hart, want dit ware Woord stelt hen diep schuldig. Ze zien hun ongelukkige toestand; ze voelen hun zonde voor God. Door de inwerking van de Geest worden ze verslagen van hart en roepen uit: "Wat moeten we doen, mannen broeders? " Door het getuigenis dat de Geest aan het Woord hecht, zien ze hun verlorenheid. Maar tegelijk is er bij hen een vragen naar de Heere en een begeerte tot verlossing. Zo maakt de Geest hier het Woord tot een kracht Gods tot zaligheid in het leven van deze drieduizend.
De Geest maakt verslagen harten ontvankelijk
En dan is er opnieuw het getuigenis van de Geest. Eigenlijk moet je zeggen: er is het doorgaand werk en getuigenis van de Geest. Daardoor gaan ze nu ook het tweede deel van de toespraak van Petrus geloven.
Voor verslagen harten is het Woord over Jezus en de vergeving der zonden als balsem in een wond. Maar het is de Geest Die aan dit Woord getuigenis geeft. De Geest maakt het hart ontvankelijk en doet de mens naar het Woord horen en op het Woord vertrouwen.
Kaïn besefte ook wel dat hij zonden had; zelfs wel dat hij erge zonden had. Maar het Woord der verzoening deed hem geen nut omdat het met het geloof, met het getuigenis van de Geest, niet gemengd was. Dan is het mensenhart zo afkerig en dwaas dat het zegt zoals Kaïn deed: "Mijn misdaad is groter dan dat ze vergeven worde".
De Geest getuigt dat het Woord van verzoening waar is
Door het getuigenis van de Geest wordt het Woord geloofd. De Geest werkt altijd door het Woord. De Geest werkt altijd naar de Heere toe. De Geest overtuigt van de zonde en doet de veroordeling van het Woord geloven. Met berouw en verslagenheid van het hart. De Geest is het ook Die bidden leert en bidden doet. De Geest werkt naar Christus toe. Hij wekt behoefte aan Hem, maakt plaats voor Hem. De Geest geeft getuigenis aan het Woord zodat een verslagen zondaar het Woord van verlossing gaat geloven. Als in de prediking over de Heere Jezus wordt gesproken als de Zaligmaker van zondaren, dan is het de Geest Die in de harten van de uitverkoren getuigt: "Dit is de waarheid, ook voor u. Vlucht tot Hem." De Geest getuigt in het hart dat Jezus de enige Verlosser is Die helpen kan en helpen wil. Zo wekt de Geest in het hart vertrouwen om alles van Hem te verwachten. Zo getuigt de Geest van Jezus zodat de zondaar Hem aanneemt als Verlosser en Zaligmaker.
Deze Geest getuigt met onze geest
De Geest geeft getuigenis in het hart en zo krijgen we zekerheid over het werk der zaligheid ook in ons leven. "Deze Geest getuigt met onze geest dat wij kinderen Gods zijn". Natuurlijk kan dat alleen om jezus' wil. Dat gebeurt dan ook in een weg waarin de zondaar door het geloof op de Heere jezus leert zien. Want buiten jezus om kunnen we niet weten een kind van God te zijn. De Geest maakt plaats voor Hem en neemt het uit Hem. Maar dan kan er ook zijn het getuigenis van de Geest in ons hart dat we mogen weten de dingen die ons van God geschonken zijn. De Geest doet dit aan de hand van het Woord. Dan geeft Hij licht over Zijn eigen werk in ons leven. Vooral geeft Hij ons dan te zien Wie de Heere in de Heere Jezus voor ons wil zijn. Wat blijft er dan over? Enkel verwondering. "Heere dat u dat aan zo een als ik ben wilt geven; dat is enkel ontferming".
Het getuigenis van de Geest onmisbaar
Het getuigenis van de Geest is onmisbaar. Anders blijft ons hart gesloten; anders verstaan we het Woord niet in de geestelijke kracht en betekenis. Laat ons gebed maar voortdurend zijn of de Heere Zijn licht en waarheid zal willen schenken.
En, jongelui, bedenk altijd dat de Geest daar is en werkt waar het Woord is, waar de gemeente is, waar de ambtsdragers zijn.
Daar wil de Heere door Zijn Geest "getuigenis geven aan het Woord Zijner genade".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 juni 1998
Daniel | 32 Pagina's