JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Een goed (evangeliserend) gesprek  met je naaste

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Een goed (evangeliserend) gesprek met je naaste

Een hanareiKing

8 minuten leestijd

Als je evangelisatiefolders rondbrengt, denk jij dan ook wel eens: als ze maar niets aan me vragen? Of als je in een bus zit en je wilt met je buurman een gesprek beginnen: hoe moet ik dat doen?

Deze vraag één, twee, drie beantwoorden gaat niet. Een goed gesprek is afhankelijk van veel factoren. Vooral afhankelijk zijn van de Heere, dan begint en eindigt een goed gesprek in de stilte voor God.

Algemene aanwijzingen

Voor een goed gesprek zijn er algemene aanwijzingen. Ik noem ze, maar ga er verder niet op in. • luister goed en volledig; • stel duidelijke en gerichte vragen; • wees betrouwbaar en ga vertrouwelijk met informatie om; • observeer je gesprekspartner, zodat je merkt dat je wel of niet begrepen wordt; • houd rekening met iemands achtergrond, zonder Gods gebod voorbij te gaan (1 Korinthe 9).

Hoe begin je?

Hoe begin je nu in de praktijk een gesprek?

Ik herinner me dat ik naast een meisje in de trein zat die een special over Elvis Presley las. Na verloop van tijd stopte ze met een zucht het blad in haar tas. Op dat moment vroeg ik haar: "Was het zo boeiend? ". Het antwoord was: "Meneer, hij is alles voor me". En daar was het gesprek geboren.

Met vloekers of dergelijke ligt het vaak moeilijker. Probeer op een rustig moment een gesprek te krijgen. Op mijn werk heb ik foldertjes bij me van de Bond tegen het vloeken.

Diverse malen is er via zo'n foldertje een gesprek ontstaan. Als je goed oplet zijn er vaak meerdere aanknopingspunten te vinden om een gesprek te beginnen.

Een bijbels voorbeeld over hoe je een gesprek eventueel kunt beginnen vind je in Johannes 4. Als de Heere Jezus met de Samaritaanse vrouw praat, begint Hij niet te zeggen: Ik ben de Messias. Nee, Hij vraagt eerst naar water. Dan maakt Hij haar nieuwsgierig naar het levende water. Als zij daar naar vraagt, begint de Heere schijnbaar heel ergens anders over: Roep uw man. En dan komt het gesprek op de zonde in het leven van deze vrouw om zo plaats te maken voor het ware Levende Water.

Waar moetje beginnen?

In een algemeen evangelisatiegesprek komt vaak vee( aan de orde. Als je geen echt aanknopingspunt hebt, begin dan vanuit de schepping. De prediking van Paulus: Want ik heb niet voorgenomen iets te weten onder u, dan Jezus Christus, en Dien gekruisigd heeft niet los gestaan van het spreken over God, onze schepper, in Wie wij het leven hebben, en tegen Wie wij hebben gezondigd, je ziet dit in zijn rede op de Areópagus. Hij begint daar bij de schepping en eindigt bij de wederkomst van Christus, het oordeel en de opstanding der doden. Helder werkt hij toe naar de oproep om zich te bekeren tot God.

Een foldertje kan een opstap zijn om over een bepaald onderwerp te beginnen. Het hoeft echter niet. Je kunt bij een bezoeker van een houseparty bijvoorbeeld beginnen met een belangstellende vraag. Zo van: hoe voel jij je nu als je de volgende dag weer thuis bent? Laat door een gerichte vraag je gesprekspartner eens even zelf nadenken, over wat hij doet of zegt voordat je erop in gaat. Al pratend met elkaar kun je dan komen tot het gezaghebbend woord van God: "Alzo zegt de Heere".

Afhankelijk van de reactie komt er wel of niet een gesprek.

Het verloop hiervan is niet van te voren te bepalen. Je kent (soms) de ander niet, weet ook niet hoe er gereageerd gaat worden. Houd wel altijd je doel in ogen, dat is: de ander waarschuwen voor het gevaar van de zonde en hem of haar te brengen bij het Woord van God. Ga het gesprek niet forceren maar stop ermee als het niet gaat. Je zult er misschien een onbevredigend

voel over krijgen. Maar bedenk t de Heere maar één woord nodig eft tot zegen van de ander.

eg niet meer dan jezelf eet

n goede bijbelkennis is bijzonder elangrijk. Het is echter niet vereist, at je een bijbelkennis hebt als een eoloog. Niet het vele is goed maar et goede is veel.

'aar het mag niet zo zijn dat je dinen zegt die je niet uit de Bijbel kunt antonen. Als je praat over de eis an bekering, dan moet je wel weten aar en hoe de Bijbel hierover reekt.

et is vaak voor je gesprekspartner eer overtuigend als je het hem of aar zelf kunt laten lezen.

Is je, en dan zeg ik dit heel voorichtig, zelf de kracht van de genade ist, en de troost die er in de Bijbel gt voor Gods kinderen, maar daar el naar uitziet, kan op een zeker oment ook jouw gemis in het esprek blijken. Je hoeft daar uiterard niet zelf over te beginnen, reng dat in de eerste plaats bij de eere.

e mag zeggen: k ben ervan overuigd dat het nodig is voor jou, maar et zo goed voor mezelf. Ik verlang r naar om de Heere Jezus te kennen n mijn hart. Zo doe Hij ook aan mij is et mooie slot van Psalm 130:4.

Niet moeilijk ook niet populair

Wees er alert op welke woorden je kiest. Ga er maar van uit dat in veel gevallen de ander niet al te bekend is met de Bijbel of de onder ons gebruikelijke manier van uitdrukken. Thomas Watson zei reeds in de zeventiende eeuw: Weliswaar noemt God Zijn dienaars 'gezanten', maar zij moeten zich niet gedragen als de buitenlandse gezanten, die zonder tolk niet te verstaan zijn. Wanneer men zo spreekt, dat men niet begrepen kan worden, is dit onbarmhartigheid tegen de zielen.

Dus probeer hetgeen je zeggen wilt zo begrijpelijk mogelijk te zeggen. Maar waak ervoor dat je niet doorschiet in een populair praatje over God en Zijn Woord. De Heere is onze God en niet onze schoolkameraad.

Laat horen dat je hoge achting hebt voor de Heere en Zijn Woord.

Niet snel oordelen

je komt weieens mensen tegen die in het gesprek zeggen: "Ja maar ik geloof hoor." Vaak heb ik gemerkt dat je dan soms onbewust een antwoord geeft waaruit blijkt dat je hem of haar niet gelooft. Wil je een open en eerlijk gesprek dan moet je dit vermijden. Wat iemand zegt, moet je om te beginnen serieus nemen. Doe je dat niet dan kun je te horen krijgen: "ja maar u luistert niet want ik zei toch dat ik geloof". Al gauw kom je dan in een twistgesprek dat nergens toe leidt.

Wees wel altijd eerlijk. Zonde moet als zonde worden benoemd. Over de kenmerken van het geloof mag best worden gesproken. In dit verband kan gewaarschuwd worden voor ons hart wat van nature bedriegelijk is. Maar laat iemand als persoon in zijn of haar waarde. Wij zijn niet geroepen om te oordelen maar om onze naaste te winnen voor het Koninkrijk van God.

Wees wel evenwichtig

En als je dan spreekt over het geloof en de kenmerken daarvan doe dit dan wel evenwichtig. Vanuit de gedachte dat de ander alleen maar door het geloof in de Heere Jezus behouden kan worden, is er het gevaar dat we het geloof voorstellen als een daad van ons waarnaar God halsreikend uit ziet. Maak echter duidelijk dat het geloof een gave van God is en dat de zondaar de Heere Jezus gaat aannemen als Zijn Zaligmaker, door dit geschonken geloof. Er is nogal eens verwarring over wat staat in johannes 1:12 Maar zovelen Hem aangenomen hebben, dien heeft Hij macht gegeven kinderen Gods te worden, [namelijk] die in Zijn Naam geloven. Vers 13 geeft aan waar dit aannemen vandaan komt. Welke niet uit den bloede, noch uit den wil des vleses, noch uit den wil des mans, maar uit God geboren zijn.

Daar zie je het evenwicht. Enerzijds Jezus aannemen, anderzijds niet door de wil van de mens, maar door de wil van God.

Dat neemt niet weg dat onze naaste gewezen moet worden op de nodiging van het evangelie om het behoud in de Heere Jezus te zoeken. De oproep van Jesaja 45:22 zal in een goed gesprek eveneens gehoord moeten worden: endt U naar Mij toe, wordt behouden, alle gij einden der aarde! want Ik ben God, en niemand meer. Of Jesaja 55:6 en 7.

Afsluiting

Spreek met de ander vanuit het besef dat het de Heilige Geest is die ons wil gebruiken. Soms zijn we zo ijverig zodat het lijkt of het van onze inspanningen moet afhangen. Een te overspannen ijver kan wel eens het gevolg hebben dat we de ander van ons afstoten.

Niet alleen het gesprek maar ook ons leven zou een uitnodiging moeten zijn om de Heere te zoeken. Dan spreken we en leven we zoals de dichter van Psalm 119:7.

'k Heb and'ren al de rechten van Uw mond Met lust verteld, hen vlijtig onderwezen. Uit al den schat van 't grote wereldrond Is nooit de vreugd in mijn gemoed gerezen, Die 'k steeds in Uw getuigenissen vond, Door mij betracht, en and'ren aangeprezen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 maart 1998

Daniel | 32 Pagina's

Een goed (evangeliserend) gesprek  met je naaste

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 maart 1998

Daniel | 32 Pagina's