Over de hemel en de hel
"Oom Henk, kijk eens naar de lucht! Blauwe wolken met gouden randen!"
Oom Henk, die met Peter een fietstocht langs het water maakt, kijkt en ziet het nu ook.
"Schitterend", zegt hij, "laten we hier een stop maken."
Oom Henk en Peter springen van hun fiets, zetten de tweewieler tegen een paal en gaan naast elkaar aan de zeekant zitten. Wat een geweldig gezicht, die goudomrande wolken. "Zoiets moois heb ik nog nooit gezien", zegt Peter.
Dan is het een poos stil. leder zit met zijn eigen gedachten te staren naar de wonderen in de natuur.
Peter onderbreekt de stilte en zegt: "Als dit al zo mooi is, wat moet het dan wel in de hemel zijn."
"Jongen", zegt oom Henk, "hoe kom je daarbij? "
"Pas iets op catechisatie over gehoord. Het ging toen over de hemel en de hel", zegt Peter.
"Zo, dat is een ernstig onderwerp. Maar het is wel de moeite waard om onze gedachten over die twee plaatsen te laten gaan. Want we kunnen niet altijd op deze aarde blijven. Voor iedereen komt een keer de laatste dag en dan...? Wat zal dan onze plaats zijn? Het is de hemel of de hel."
"Wat is eigenlijk de hemel en de hel, oom Henk? Ik weet wel dat Gods kinderen naar de hemel mogen als ze sterven en de onbekeerde mensen naar de hel moeten, maar ik zou wel eens willen weten wat dat nu eigenlijk voor plaatsen zijn."
"Nou begin je wel over een heel moeilijk onderwerp, Peter. Laat ik eerst m'n Kompas pakken." "Kompas? "
"Ja, Kompas met een hoofdletter, de Bijbel. Dat is de Bron waarin op een eerlijke manier gesproken wordt over de hemel en de hel."
"Hebt u een Bijbel bij u? " "Die heb ik altijd bij me. Je kunt hem soms op het onverwachts nodig hebben."
Oom Henk bladert in zijn Bijbeltje en zoekt Mattheüs 25 op. Hij zegt: "Het gaat hier over de hemel en de hel. Op de grote dag, bij de wederkomst van de Heere Jezus, zal Hij alle mensen een plaats geven. Hij zal de schapen tot Zijn rechterhand zetten, maar de bokken tot Zijn linkerhand. Alsdan zal de Koning zeggen tot degenen, die tot Zijn rechterhand zijn: Komt, gij gezegenden Mijns Vaders, beërft het Koninkrijk, hetwelk u bereid is van de grondlegging der wereld (dat is de hemel). Dan zal Hij ook zeggen tot degenen, die ter linkerhand zijn: Gaat weg van Mij, gij vervloekten, in het eeuwige vuur, hetwelk de duivel en zijn engelen bereid is (dat is de hel). Wie worden er bedoeld met de schapen en de bokken, Peter? "
"Met de schapen worden de kinderen van God bedoeld en met de bokken de onbekeerden." "Dan weet je ook wie er met de gezegenden van de Vader bedoeld worden."
"Ook Gods kinderen."
"Ja, dat zijn alle mensen die opnieuw geboren worden. Die geloven met hun hart in de Heere Jezus." "Wanneer geloof je nu met je hart, oom Henk? "
"Als de Heilige Geest in je hart gaat werken en je hart nieuw maakt, 'k Hoef jou niet te vertellen dat ons hart boos is zoals we geboren zijn. Dat weet je van thuis, school, catechisatie, de kerk en de vereniging. De Heere vraagt nu om je jonge hart. Is Hij het niet waard om je leven aan Hem te geven? "
"Weer zoiets moeilijks, hoe kun je je leven aan de Heere geven? "
"Hoor eens, wat jij niet kunt, kan de Heere. Wij zijn zo ongelukkig geworden door onze zondeval, dat we niets meer uit onszelf kunnen, maar de Heere zegt in Zijn Woord: open je mond en Ik kan geven en werken
wat je uit jezelf nooit meer kunt. Is dat geen wonder? Vraag maar aan de Heere: Geef mij ontdekkend licht. In dat licht leer je jezelf kennen, maar ook de Heere. En dat gun ik je van harte Peter. Want kijk, als de Heere je hart nieuw maakt en je de Heere jezus leert kennen en steeds meer van Hem gaat leren, zul je een plaats krijgen aan Zijn rechterhand als de Heere jezus terugkomt. Maar als je de duivel blijft dienen en geen nieuw hart hebt als je sterft, zul je een plaats aan de linkerhand van de Heere jezus krijgen.
Zo, nu zijn we gelijk op het punt waar jij meer van wilt weten: at is de hemel en de hel. In jesaja 61:1 staat: De hemel is Mijn troon". Dat is de plaats waar God woont en de vele duizenden engelen en waar ook de kinderen van God mogen komen. De hemel wordt een Koninkrijk genoemd, waar jezus Koning over is. Hij zegt tegen Zijn kinderen: eërft dat Koninkrijk. Onze kennis van de hemel is onvolmaakt, Peter." "Staat dat ook in de Bijbel? " "Hier, lees 1 Korinthe 2:9 maar eens."
Oom Henk geeft zijn Bijbel aan Peter en hij leest: Maar gelijk geschreven is: etgeen het oog niet heeft gezien en het oor niet heeft gehoord, en in het hart van de mensen niet is opgeklommen, hetgeen God bereid heeft, dien die Hem liefhebben." "Zie je Peter, de hemel is zo'n heerlijke, wonderlijke plaats, dat het in niemands hart opkomt om te bedenken hoe het er zal zijn. Alle onderdanen van Koning Jezus krijgen een kroon. Dat zegt Petrus in zijn brief. 1 Petrus 5:4, luister maar. En als de overste herder verschenen zal zijn zo zult gij de onverwelkelijke kroon der heerlijkheid behalen. Christus zal hen geven te zitten met Hem in Zijn troon. Dat staat in Openbaring 3:21. Gods kinderen krijgen voor eeuwig rust in de hemel, die door niemand verstoord zal worden. Daar is iedereen verlost van de zonden. In de hemel is geen duivel meer, want die is voor eeuwig in de hel. In de hemel kun je alleen maar goed doen. In de hemel is geen dood, verdriet, geen pijn en worden er geen tranen meer geschreid. Er is ook geen nacht in de hemel. In de hemel is een volkomen zaligheid. Daar zal God volmaakt geprezen worden. Weet je Wie de belangrijkste is in de hemel, Peter? " "Nee."
"De Belangrijkste is de Heere. De hemel zou geen hemel zijn als Jezus er niet was. Ik denk dat de hemellingen met verwondering zullen staren naar de littekens in de handen van Jezus, waarmee ze verlost zijn. Toen Job leefde, heeft hij gezegd dat hij zijn Verlosser zou zien. Hij mag Hem nu voor eeuwig aanschouwen in de hemel. Alles zal nieuw zijn in de hemel. De verlosten zingen met nieuwe tongen een nieuw lied." Het is stil.
Dan zegt Peter: Worden er ook kleren gedragen in de hemel? " Oom Henk bladert weer in zijn Bijbeltje. "Hier, lees maar eens wat er in Openbaring 7:9 staat."
Peter leest: "Na dezen zag ik en ziet, een grote schare, die niemand tellen kon, uit alle natie, en geslachten en volken, en talen, staande voor de troon en voor het Lam, bekleed zijnde met lange, witte klederen, en palmtakken waren in hun handen." Oom Henk zegt: "Weet je dat de Romeinen hun slaven een wit kleed gaven als ze de vrijheid kregen? " "Nee", zegt Peter.
"Omdat Gods kinderen in de hemel voor eeuwig vrij zijn van de zonden, mogen ze ook witte kleren dragen. Daar hoeft niemand meer te zuchten, Peter. In de hemel komt het geluk tot de hoogste top, maar in de hel komt de zonde tot de hoogste top. De ellende in de hel is zo groot, dat het niet eens verwoord kan worden."
"Praat er dan maar niet over", zegt Peter.
"Het zou niet eerlijk zijn als ik nu de Bijbel dicht zou doen", zegt oom Henk. "Dat de Bijbel ook over de hel spreekt, is tot onze waarschuwing. De hel is een plaats buiten God, ook wel genoemd de buitenste duisternis of verdoemenis. Peter, als je daar komt, kun je wel spreken over de allerdiepste diepte van ellende. Eeuwig buiten God, in de hel, betekent voor eeuwig een gevangene van satan te zijn. Vreselijk zal het zijn om voor eeuwig in zijn gezelschap te verkeren. Peter, ik kan niet zonder ontroering spreken over dit tere onderwerp. Jongen, we leven nog in het heden der genade. Nu klopt de Heere nog elke dag aan ons hart. Dat is enkel liefde. Als wij ongehoorzaam blijven en op die vreselijke plaats komen, sluit Hij ons voor eeuwig buiten Zijn liefde. Dan is de hemeldeur voor ons gesloten. Als we dan roepen: Heere, Heere, doe ons open!, is het te laat. Nu is het nog niet te laat. God vertrouwt ons Zijn Woord toe waarin Hij ons uitnodigt om tot Hem te komen. Tot Jezus, de Redder, de Zaligmaker. Je moet er toch niet aan denken Peter, om voor eeuwig tussen vloekers te leven. Eeuwig... daar komt geen einde aan. In de hemel is geen nacht, maar in de hel duurt de nacht eeuwig." Oom Henk zucht eens.
Peter is stil, heel stil.
Hij denkt aan het begin van het gesprek. Toen zei oom Henk dat dit een ernstig onderwerp was en dat is het ook.
Oom Henk gaat verder. Hij zegt: "Wij hebben het Woord van God, Peter. En er staat dat we daarin biddend bezig moeten zijn. Biddend, of de Heilige Geest Gods Woord in ons hart brengt. Dan worden we bekeerd tot God en leren wij de Heere Jezus kennen. En voor allen die bij Jezus horen, komt het goed, die zullen niet verloren gaan. Wie een plaats krijgt in de voorbede van de Heere Jezus, krijgt ook een plaats in de hemel. Doe alsjeblieft wat er in Psalm 105 en op zoveel andere plaatsen staat."
"Wat staat daar? "
"Hier is m'n Bijbel weer. Zoek nu de berijmde Psalm 105 maar op. Lees vers drie eens."
Peter leest: "Vraagt naar den HEER' en Zijne sterkte, Naar Hem, Die al uw heil bewerkte; Zoekt dagelijks Zijn aangezicht..."
Peter denkt voor zichzelf. Als je sterft en je hebt geen nieuw hart, moet je voor eeuwig bij de duivel, in de hel wonen.
Peter rilt.
"Heb je het koud? ", vraagt oom Henk.
"Nee", zegt Peter.
Oom Henk kijkt Peter aan en begrijpt
waar hij aan denkt. Hij zegt: "Ben je geschrokken over wat ik over de hel gezegd heb? " Peter knikt.
"ja jongen, de hel is een plaats om van te rillen. Weet je Peter, dat wij die plaats verdiend hebben om onze zonden? Maar de Heere kan ons verlossen van de zonden en uit de macht van de satan en ons een hart vol geluk geven. Omdat Hij de helse angsten geleden heeft, is er troost voor Cods volk."
"Oom Henk, kunt u nog iets meer vertellen over het gezelschap in de hemel? "
"Voor zover de Bijbel er over schrijft, wil ik dat doen, Peter, 'k Zal proberen het grote verschil uit te laten komen tussen de hemel en de hel. Het gezelschap in de hemel, bij de Heere, heeft altijd goede gedachten. Daar wil iedereen wat Cod wil. Maar in de hel heeft iedereen vreselijke gedachten. Er is geen liefde in de hel, maar in de hemel is alles liefde. In de hemel is er gemeenschap der heiligen. Daar zal niemand meer bij kunnen die naar de hel verwezen is. Weet je de geschiedenis van de rijke man en de arme Lazarus? Die gelijkenis staat in Lukas 16. Moet je thuis ook eens lezen, 'k Wil nu alleen dit zeggen, dat de rijke man zonder God stierf en in de hel kwam. Maar de bedelaar had een nieuw hart en mocht bij de Heere in de hemel komen. De rijke man, die toch zo arm was, moest voor eeuwig in de pijn van de hel zijn. Hij riep naar vader Abraham, of Lazarus mocht komen om zijn tong met water te verkoelen, maar het was te laat. In diezelfde gelijkenis staat dat het onmogelijk is om vanuit de hemel naar de hel te gaan of omgekeerd. De rijke man vroeg of Lazarus naar zijn broers mocht om hen te waarschuwen, dat ze niet in de plaats van de pijniging zouden komen, maar ook dat werd geweigerd. Vader Abraham zei dat zijn broers Mozes en de profeten hadden. Als ze die gehoorzaam waren, zouden ze niet in de hel komen. Maar als ze ongehoorzaam waren wel. Zie je hoe belangrijk het is om biddend met Gods Woord bezig te zijn, Peter? Joh, vraag toch of de Heere Zijn Woord aan je hart zegent. Je zult er zo goed mee zijn."
"U zei dat de hel de buitenste duisternis genoemd wordt. Is het in de hemel altijd licht."
"Weet je Wie het Licht van de hemel is, Peter? De Heere Jezus. De heiligen zullen schijnen als de zon, maar het Lam zal het Licht van de stad zijn. Daarom is daar geen licht van de zon of de maan nodig (Openbaring 21:23). Peter, ik zei al dat er in de hel de grootste vloeken zullen klinken, maar in de hemel worden de halleluja's gezongen. Het gezelschap in de hemel zal voor eeuwig mogen danken voor de liefde van de Heere Jezus. Hij droeg de toorn van God voor hen weg en verloste hen uit de grootste ellende. De Heere zal de schatten van Zijn goedheid voor hen opendoen en iedereen zal daarvan genieten."
"Oom Henk, wil je dan nooit meer iets anders doen in de hemel dan de Heere loven en danken? "
"Er staat in de Bijbel dat God Alles zal zijn in allen. Het betekent dat je in God al je wensen hebt en anders niets meer wil. Alles zal eeuwig nieuw zijn. ledereen is vol vreugde in de hemel. Het tegenovergestelde is werkelijkheid in de hel. Daar zal iedereen vol haat en wroeging (knaging in het geweten) zijn. Het betekent eigenlijk dat je daar dan denkt: had ik maar geluisterd naar de stem van de Zoon van God. Was ik maar gehoorzaam geweest. Wat zijn de tegenstellingen groot, Peter. Wat is het wonder onuitsprekelijk dat de Heere Jezus alle macht heeft. Ook de macht om van mensen die de hel waard zijn, tot kinderen van Hem te maken. De duivel gaat tekeer om de mensen in zijn macht te houden. Hij belooft veel, maar het zijn allemaal leugens en het einde is de eeuwige rampzaligheid. Maar de Heere Jezus spreekt de waarheid, omdat Hij de Waarheid is. Hij zegt nu, op dit moment, Mijn zoon, Mijn dochter, geef Mij je hart. Wie wil jij dienen, Peter? Je hoeft mij geen antwoord te geven, maar spreek er met de Heere over. Joh, het is laat geworden. We moeten naar huis. Kijk eens naar de lucht! Er is niets meer te zien van de gouden randen. Hier wisselen de wolken, zie je wel. Maar in de hemel zal het goud nooit meer weggaan, omdat Jezus daar schittert. Hij gaat al het goud te boven."
Oom Henk en Peter staan op. Ze pakken hun fietsen en rijden naar huis.
Het is stil onderweg.
Oom Henk en Peter denken na over het gesprek.
Het is ook belangrijk om je gedachten over de hemel en de hel te laten gaan.
Belangrijk? Het is van levensbelang!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 maart 1998
Daniel | 32 Pagina's