JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Beloning

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Beloning

4 minuten leestijd

In het houden van die is grote loon. Psalm 19:12b

De dichter van Psalm 19 heft een loflied aan op de inzettingen des Heeren. Hij schat ze veel hoger dan goud, ja dan veel fijn goud. Zoeter zijn ze, zegt hij, dan honing en honingzeem. In het houden van die is grote loon. Hij wil zeggen: wie de rechten en geboden van de Heere onderhoudt, vindt een rijke beloning.

Misschien kun je daar in je eigen leven en in je omgeving weinig van bezien. Of je nu naar de kerk gaat en netjes probeert te leven of je gaat niet naar de kerk en je stoort je helemaal niet aan God, het maakt eigenlijk geen verschil. De één heeft het bepaald niet gemakkelijker dan de ander. Het lijkt zelfs wel of de mensen die aan God noch gebod geloven het in deze wereld veel beter hebben dan zij die zich wel door Gods Woord willen laten regeren. En, zo trekken sommigen de conclusie (ik hoop van jij niet): het maakt toch niet uit hoe je leeft. Dat kan nu wel in de Bijbel staan dat aan het houden van Gods geboden een grote beloning verbonden is, maar als ik er toch niets van zie, wat voor nut heeft het dan?

Eerst een vraag: als iedereen, die Gods instellingen in ere houdt, meteen beloond zou worden, er onmiddellijk voordeel van had, zouden veel mensen dit dan niet zoeken? Als je nooit meer ziek zou worden en een welvarend leven zou leiden, wie zou dan niet met God en met Zijn Woord willen rekenen? Wie zo redeneert, hanteert het geloof als een succesformule. Wie echt gelooft, vindt genezing op zijn gebed, komt van allerlei verslavingen af en is altijd blij. Zou David dit bedoeld hebben? Laten we eens kijken wat er werkelijk staat in de tekst. Er staat niet: op of na het houden van de geboden des Heeren, maar: in het houden daarvan is grote loon. Dat wil dus zeggen dat het houden van Gods geboden direct loon met zich meebrengt. Wat is dan dat loon? Het woord dat hier voor loon gebruikt wordt, kunnen we ook vertalen met: uitkomst, geluk of voordeel. Wat is dan de beloning op de gehoorzaamheid aan Gods geboden? Dat is het zalig genot van de gunst en de liefde van God. Niet een loon uit verdienste, maar uit genade. Dit loon is het genadeloon dat God Zijn kinderen beloofd heeft tot hun bemoediging in de geestelijke strijd tegen de zonde, de wereld en de satan. Maar loon moet toch verdiend worden, ja, dat loon is ook verdiend. Het is verdiend door jezus Christus. Hij heeft de geboden van Zijn Vader volkomen gehouden. En Zijn verdiensten worden nu aan Gods kinderen toegerekend. Van zichzelf kunnen ze het alleen maar bederven. Hun werken zijn onvolmaakt en met zonden bevlekt. En ondanks dat houdt God nu hun gehoorzaamheid voor aangenaam en beloont Hij ze om de verdienste van de Heere jezus Christus.

Het gaat hier dus niet om een succesformule in de zin van: als ik nu maar Gods geboden houd dan zal ik wel voorspoed in dit leven hebben, maar om het onderhouden van Gods geboden met het oog op de uitkomst. De uitkomst, die Christus voor Zijn kinderen verdiend heeft: verlossing van de zonde, eeuwig leven en eeuwige zaligheid. Daarvan geeft de Heere Zijn kinderen in dit leven reeds iets te genieten als ze in het onderhouden van Zijn inzettingen Zijn gunst en Zijn liefde mogen ervaren.

Maar, zeg je misschien: als ik dan geen genade heb, dan behoef ik toch die geboden niet te houden. Want de beloning is toch direct aan de genade verbonden? Maar, vraag ik je, heeft de Heere dan geen recht op ons leven en kan Hij er dan geen aanspraak op maken dat wij Zijn geboden zouden houden. Met dat doel heeft Hij ons toch geschapen? Hij is het zo waard dat we dat zouden doen! En als je dan voor jezelf moet vaststellen dat het zo moeilijk is en dat je elke keer weer zonde doet, tegen Gods geboden ingaat, vraag dan maar aan de Heere of Hij je daarbij wil helpen en Zijn genade wil schenken, die Christus verdiend heeft, opdat je dat genadeloon mag ontvangen, nu in de tijd en straks tot in eeuwigheid.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 januari 1998

Daniel | 32 Pagina's

Beloning

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 30 januari 1998

Daniel | 32 Pagina's