JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

De bekering van Timotheüs

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De bekering van Timotheüs

Van jongs af aan

8 minuten leestijd

We moeten ons allemaal bekeren! Gods Woord zegt dat heel dui-^/p - m Handelingen 3:19, "Betert u dan, en bekeert u, opdat uw zonden mogen uitgewist worden". Zonder bekering ga je hopeloos verloren. Voor altijd! Waarom? Omdat je zwaar en menigmaal gezondigd hebt. En God is rechtvaardig. Lees het maar weer in die preek van Petrus. "En het zal geschieden, dat alle ziel, die deze Profeet niet zal gehoord hebben, uitgeroeid zal worden uit den volke" (Handelingen 3:23).

Wat is nu eigenlijk bekering? Eenvoudig gezegd, bekeren is 'omdraaien'. In plaats van 'aards gericht' te zijn, wordt een mens 'hemels gericht'. In plaats van jezelf lief te hebben, wil je God in Christus liefhebben boven alles en zelfs je narrige buurman als jezelf. In plaats van je eigen leventje te leiden, ga je hijgen om naar Gods wil te leven. Dat is een enorme ommekeer. Dat is onmogelijk van onze kant. Maar van Gods kant is dat niet onmogelijk. Dat kun je onder andere lezen in het boek Handelingen. Dat boek mogen we noemen 'het evangelie van de Heilige Geest'. In dat boek kun je lezen hoe de Heilige Geest door het Woord allerlei mensen bekeerd heeft.

Verscheidenheid in de manier van bekering

Als je nu al die mensen eens vroeg hoe dat ging in hun leven, dan zul je heel wat verschillende verhalen horen. Ze zullen het allemaal met elkaar eens zijn in hun beleving van het ontzaggelijke van de zonde, schuld, onmacht, maar ook in de realiteit van de hoop en redding door het geloof in jezus Christus, hoewel de een daar duidelijker over kan spreken dan de ander. De kamerling liep misschien al heel lang en ver te zoeken voordat zijn oog werd geopend voor jezus Christus als het Lam Gods. In Handelingen 16 ontmoeten we Timotheüs, Lydia en de stokbewaarder. Drie mensen die de Heilige Geest door het Woord bekeerde. De Heere opende het hart van de van huis uit heidense Lydia toen ze in de 'kerk' onder het Woord zat. Maar als de cipier zijn bekering vertelt, dan hoor je een heel ander verhaal. Lydia kwam tot het geloof terwijl zij getrouw de middelen gebruikte, maar de cipier werd door God gegrepen in het midden van grote consternatie.

En dan heb je Timotheüs. Van huis uit was hij grootgebracht met 'de waarheid'. Hij werd geleidelijk tot de kennis van God en van de Heere jezus gebracht. Allang voordat Paulus het evangelie van Christus kwam preken in zijn woonplaats, was God met de jonge Timotheüs bezig.

Timotheüs' jonge jaren

Timotheüs had een godvrezende grootmoeder en moeder (2 Timotheüs 1:5). Hoewel zijn vader niets met de kerk te doen wilde hebben, groeide de jonge Timotheüs tonder het tere onderwijs van die twee vrouwen. Paulus herinnerde later in zijn brief naar Timotheüs dat hij van jongs af aan de heilige Schriften gekend heeft. In het Grieks staat er

'vari zijn babyjaren aan'. Timotheüs heeft gedurende zijn hele jonge leven het grote voorrecht gehad om de waarheid en de echtheid van het geloof te zien en té proeven in de voorbeeldige wandeling van zijn moeder en grootmoeder. Daar ging iets echts vanuit. Dat heeft onder Gods genade een diepe indruk op - hem gemaakt.

Daarnaast hebben moeder en grootmoeder hem vaak naast zich getrokken en de jonge Timotheüs de verhalen van de grote God van Israël verteld. Hoe vaak zullen de twee vrouwen gebeden hebben dat God het zaad van het Woord wilde zegenen opdat het jonge kind zijn hoop op God zou stellen, en Gods daden niet zou vergeten, maar Zijn geboden zou bewaren? (Psalm 78:8). Wat zal er aan de jonge Timotheüs getrokken zijn! Zijn vader was immers een Griek. Ongetwijfeld houdt dat ook in dat hij leefde als een heiden. Later blijkt dat Timotheüs niet besneden was (Handelingen 16:3). Daar moest zijn vader klaarblijkelijk niets van weten. Wie weet hoe vaak hij zijn zoon eens even meenam in de wereld. Dat dan zo'n jongen de weg volgde die naar het vlees het minst begeerlijk is, getuigt toch van een andere hand die hem trok.

Timotheüs, een zeker discipel

Toen Paulus op zijn tweede zendingsreis weer terugkwam in Derbe, hoorte hij het goede getuigenis van Timotheüs, zelfs buiten zijn geboorteplaats (Handelingen 16:2). Timotheüs moet nog jong geweest zijn toen hij tot het volle geloof in jezus Christus als zijn Zaligmaker heeft mogen komen. Het is onmogelijk om zijn preciese leeftijd te bepalen maar jaren later moest Paulus zijn medebroeder (1 Thessalonicensen 3:2) nog aansporen de jeugdige begeerlijkheden te vlieden (2 Timotheüs 2:22), zodat hij geen aanleiding gaf dat men hem om zijn jonkheid zou verachten (1 Timotheüs 4:12).

Paulus noemde hem mijn oprechte en geliefde zoon in het geloof (1 Timotheüs 1:2; 2 Timotheüs 1:2). Klaarblijkelijk is Timotheüs tot het geloof gekomen toen Paulus voor het eerst het Woord predikte in Derbe (Handelingen 14:21). In een uiterlijk moeilijke tijd (Paulus was net gestenigd!) heeft de Heilige Geest de ogen van Timotheüs geopend om in de gekruisigde en opgestane Heere jezus de vervulling van Gods belofte te zien. Hoe vaak zullen zijn moeder en grootmoeder niet verlangend gesproken hebben over de Messias die komen zou om Zijn volk te verlossen?

Ongetwijfeld ook in Timo-theüs' hart was er een verlangen geboren om die vertroosting Israëls te kennen. Onder de prediking van die trouwe Christusgezant heeft God Timotheüs het geloof geschonken om jezus Christus aan te nemen (johannes 1:12). Hij heeft rust gevonden voor zijn ziel. Hij heeft de roepstem Gods gehoor gegeven, het kruis opgenomen, en is een overtuigd discipel geworden. Hij is ondertussen al actief bezig geweest in de dienst van zijn Meester want zelfs de broederen van het nabijgelegen Lyster en Ikonium gaven een goede getuigenis van Timotheüs' godzaligheid. Daarom wilde Paulus hem dolgraag meenemen op zijn verdere reis (Handelingen 16:3).

Achteraf...

Wat een groot voorrecht als je later mag terugkijken op je jeugdjaren en dan mag zien hoe het kwam dat je hart naar de dienst van de Heere verlangde. Er zijn er die niet weten van een andere tijd in hun leven. Die kunnen niet zeggen wanneer het nu eigenlijk precies begonnen is of hoe het precies gegaan is. Dat wist Timotheüs ook niet te vertellen. Hij wist wel te herinneren wat voor een jongen hij was toen hij opgroeide.

Toen herkende hij niet zozeer dat het Gods werk was. Daar was hij nog te jong voor. Waarschijnlijk kon hij het niet eens een naam geven. Misschien dacht hij zelfs wel dat alle kinderen die betrekking tot God en dat verlangen om in Zijn wegen te wandelen bezaten. Later heeft hij mogen zien dat het Gods hand was die hem trok en uiteindelijk aan de voeten van de Heere jezus bracht.

Niet de enige...

Zou de Heere nog zo werken, zoals Hij dat deed in Timotheüs' leven? Ongetwijfeld! Veelal mogen zulke jongeren opgroeien in gezinnen zoals in Timotheüs' of Samuëls situatie. Van hun jonge jaren af ligt er al een betrekking op de Heere. De trek naar God, die liefde voor Zijn dienst, en strijd tegen de zonde waren aanwezig zolang de herinnering strekt. Er zijn veel voorbeelden waar de Heere zaligmakend begint te werken in de jonge jeugdjaren en bij wie het langzamerhand tot duidelijkheid komt als het kind tot de volwassenheid groeit. Achteraf mogen zulke mensen dan Gods hand in hun jeugdjaren erkennen die hen in het opgroeien trok.

Kenmerken

Het werk van de Heilige Geest komt ook openbaar in het kind maar natuurlijk wel anders dan in de volwassen persoon. Een kind blijft een kind, ook in de uitdrukking van de beleving van het werk van de Heilige Geest. Wat zijn nu de kenmerken van Gods werk in kinderen die ook zeker in Timotheüs aanwezig geweest zullen zijn?

Daar is gewoonlijk een grote teerheid van het geweten; een eerbiedige en kinderlijke erkenning van de onzienbare God; een gevoelige indruk van de macht van God; een kinderlijk vertrouwen op Gods Woord; een vertederende oprechtheid, openheid en getrouwheid in het gebed; een zachtmoedig en teer karakter; een verlangen om over God te horen en naar de kerk te gaan; een eerbiedig ontzag voor Gods volk; een verdrietig zijn als zij zelf of andere kinderen ondeugend zijn; een trouwe gehoorzaamheid aan de ouders; een ongewone gewilligheid om de minste te zijn, om dingen met anderen te delen, en om te helpen. Nee, dat betekent niet dat ze nooit ondeugend zijn. Het blijven ook zondige kinderen. Maar ze zijn toch 'anders'.

|. C. Philpot waarschuwde ergens tegen de mishandeling van dat prille ontwaken van Gods werk in kinderen. Hij schreef vaderlijk: "Is het wijs, nee, is het barmhartig of verenigbaar met godzaligheid, om op een ruwe en grove manier alle ontluikende knoppen van wat echte genade mag bewijzen te zijn, uit vrees voor huichelarij te vermorzelen? ". Natuurlijk moeten we zulke kinderen ook nooit 'de handen opleggen en hen tot Gods kinderen verklaren'. Als ouderen moeten we het goede water geven en het onkruid wieden.

Veel strijd

Mensen die door zulk een geleidelijke weg tot de noodzaak en kennis van de Heere Jezus zijn gebracht, kunnen vaak veel strijd ondervinden omtrent de vraag of dat ze zichzelf niet bedriegen. Omdat ze niet weten wanneer het begon, zijn ze soms bang dat het nooit begonnen is. Is het allemaal geen vrucht van mijn opvoeding? Heb ik mijzelf iets aangepraat? Ben ik wel bekeerd? Is de wortel wel goed? Ik kan zo weinig van het begin vertellen...

Kom, jonge vrienden, leg je dan zelf maar vaak neer naast dat machtig eenvoudig maar krachtig schriftuurlijk antwoord van de Heidelbergse Catechismus in Zondag 33. Lees die antwoorden biddend dat de Heere je wil laten zien of dat verdriet over je zonden, dat strijden en vlieden van de zonden, die hartelijke vreugde in Gods genade door Christus, en dat hartelijke verlangen om tot Gods eer te leven ook in jouw leven levend zijn.

Het is uiteindelijk niet zo belangrijk hoe of wanneer je bekeerd bent, maar wel of je bekeerd bent!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 december 1997

Daniel | 41 Pagina's

De bekering van Timotheüs

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 december 1997

Daniel | 41 Pagina's