JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

In gesprek met ...

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In gesprek met ...

6 minuten leestijd

Als je bovenstaande gebaren bekijkt, begrijp je ongetwijfeld dat, wat er nu komt, over dove mensen gaat. Dove jongeren zouden graag meer contact met horenden willen hebben.

Margré, Erika, Jantiene, Neeltje, Elne, Hubert, Gerjo, Willemijn en jacolien van de catechisatiegroep voor doven in Kapelle.

Ik ben Margré Klepper (20) uit Ouddorp. Ik ben doof geboren doordat mijn moeder rode hond gehad heeft tijdens de zwangerschap. Ik ging met mijn vierde jaar naar het Rudolf Mees Instituut (dovenschool) in Rotterdam. Dat was erg moeilijk in het begin. Toen ik 16 jaar was, ging ik naar de dependance van het RMI. Daar heb ik mijn vbo-diploma en mijn typediploma gehaald. Toen ik van school ging, had ik nog geen werk. Toen heeft de school stageplaatsen gezocht. Ik heb nu een vaste baan. Ik werk op de linnenkamer van Hernesseroord in Middelharnis. Een huis voor gehandicapte mensen. (1) In de pauze praten de collega's met elkaar, maar dat begrijp ik niet, dus ben ik altijd stil. Ik voel me vaak eenzaam. Maar de collega's zijn wel aardig. (2) Mijn moeder en zusje kunnen gebaren en het handalfabet. (3) Liplezen gaat ook goed. Bij ons thuis zitten ze onder het eten te praten. (4) Ik vraag altijd aan m'n moeder waar ze over praten. M'n moeder legt het uit, maar soms is het moeilijk. (5) Ik ga elke zondagavond met mijn moeder naar de kerk. Ik zit vooraan, maar ik begrijp er niets van. Alleen een paar woorden, bijvoorbeeld God, Heilige Geest.

Hallo allemaal!

Ik ben Erika van der Giessen (16). Ik woon in Stellendam. Ik zit op Effathaschool in Zoetermeer. 'k Heb verzorging gekozen. 'k Ga elke dinsdag stagelopen in een bejaardenhuis; 'De Morgenster'. Dat is heel leuk. Ik ben jantiene de Regt en ben 13 jaar. Ik zit in Rotterdam op school (vso). Ik woon in Goudswaard.

Hallo, Ik zal me even voorstellen. Mijn naam is Neeltje Drooger en ben 14 jaar. Ik woon in Oud-Beijerland. 'k Zit in de

derde klas van Effatha. Effatha is een school speciaal voor doven. Ik ga iedere dag naar school in Zoetermeer. Ik heb nog op twee andere scholen gezeten. Van mijn derde tot mijn twaalfde jaar heb ik op Effatha in Voorburg gezeten. Daar leren dove kinderen praten en hoe je met horenden moet spreken. Ik heb ook, één keer per week, op een gewone basisschool gezeten. (6) Ik heb goede contacten met horende meisjes. Ik heb nog een doof zusje van 7 jaar.

Ik ben Elna de Vos (19). Ik woon in Stavenisse. Ik volg Middelbaar Laboratorium onderwijs in Rotterdam (horende school).

Ik ben Hubert de Vos (slechthorend, 16). Ik woon in Stavenisse. Ik zit op de MTS (horende school).

Ik ben Gerjo de Geus (15) uit Nieuwe Tonge. Ik zit op een dovenschool. Ik heb geen problemen met mijn doofheid.

Ik ben Willemien Struik uit Dirksland (12, slechthorend). Ik volg basisonderwijs voor slechtho-renden.

Ik ben jacolien jacobse uit Meliskerke. Ik zit op Effatha in Zietermeer. (7) Ik vind dat de contacten tussen horenden en doven zo normaal mogelijk moeten zijn. Als je langzaam en duidelijk met een dove spreekt, kunnen ze het best volgen. Meestal schrikken de mensen van onze stem, omdat het stemgeluid van een dove anders is. Wij kunnen namelijk onze eigen stem niet horen. Schrik maar niet, ga maar gewoon door.

Aanwijzingen

Uit de reacties van deze dove jongeren blijkt dat we samen verschillende dingen door moeten nemen, willen we elkaar beter leren kennen. Laten we met 'Richtlijnen' beginnen. Richtlijnen voor horenden en doven. Hoe meer er samen gedaan en gedacht wordt, hoe normaler de ontmoeting met elkaar zal zijn.

Af en toe zie je vetgedrukte zinnen. Daar wil ik iets meer over zeggen voor een beter begrip. De zinnen zijn genummerd van 1 tot en met 5. (1) Als een dove in een pauze tussen horenden zit, begrijpen ze van de gesprekken niet veel of helemaal niets, ledereen praat druk met elkaar en het is onmogelijk voor een dove de gesprekken te volgen. Let dus op als horenden dat je een dove bij het gesprek betrekt (zie richtlijnen).

(2) Met gebruik van gebaren kun je nog beter communiceren met een dove. Een goed idee is om een gebarencursus te volgen, of vraag aan een dove of ze jou gebaren willen-Met handalfabet kun je ook al veel bereiken. Zo werk je er aan mee om de wereld van een dove wat groter te maken.

(3) De meeste doven kunnen goed liplezen. Oefen je in het rustig en duidelijk spreken.

(4) Als je gezellig met elkaar aan tafel praat, kan een dove de gesprekken niet volgen. Er moet altijd iemand zijn die vertelt waar het over gaat. Hoe zou jij, als horende, het vinden als er gelachen werd en je weet helemaal niet waarom? Wat kun jij dus doen, als je met een dove aan één tafel zit?

(5) Besef je eigenlijk wel wat een groot voorrecht het is om zondags de kerkdiensten bij te wonen en alles te kunnen horen? Dat zou een dove ook graag willen zijn, maar er zijn zoveel problemen waardoor dat niet mogelijk is. Een voorbeeld. Leesdiensten zijn niet te volgen. Kijk maar eens naar een ouderling die leest of je de mondstand goed kunt zien. Een dominee die vlug spreekt en veel bewegingen maakt, is ook niet te volgen. Stel, dat je net als Margré, twee woorden van een hele kerkdienst kunt verstaan. Gelukkig worden er speciale dovendiensten gehouden, die de doven wel kunnen volgen. Zeker als de predikant zich oefent in het spreken met gebaren. In sommige gemeenten is er een predikant die rustig spreekt, dan kunnen doven het wel volgen.

Om toch in de gemeente te zijn in de zondagse diensten, is het ook mogelijk de preek mee te lezen, tijdens de leesdiensten, of de punten van de preek aan de dominee te vragen. Met het zingen van Psalmen kan de Psalm aangewezen worden. Er worden ook speciale catechisaties in de gebarentaal gehouden. De groep jongeren die zich voorgesteld heeft, krijgt catechisatie van ds. W. Harinck, in Zeeland. Dominee Harinck gebruikt gebaren om de inhoud van de Bijbel en de catechismus duidelijk te maken.

Voorbeeld:

Gelukkig kan het ene nodige ook in de gebarentaal aan doven geleerd worden. Wat horenden en doven gemeenschappelijk hebben, is, dat onze oren allemaal gesloten zijn voor de dingen van Gods Koninkrijk. Door onze zonden zijn we allemaal doof voor de stem van de Zoon van God. Wil het goed zijn tussen God en ons, moeten wij allen opnieuw geboren worden. Dat is mogelijk doordat de kracht van de Heilige Geest zo sterk is, dat Hij gesloten oren en harten horende kan maken, om jezus' wil. Denk nog eens aan bovenstaande tekst. De Heere kan harten bereiken. Laten we in de eerste plaats samen bidden of dat wonder in onze harten mag gebeuren. Als dat gebeurt, leren we de Heere en elkaar door Woord en Geest verstaan.

(6) Wat vinden dove jongeren het fijn om met horenden contact te hebben. Horenden zoeken toch ook contacten? Zoek ze ook eens met doven! je kunt zoveel voor elkaar betekenen. Organiseer eens wat.

Nodig elkaar eens uit op een verenigingsavond bijvoorbeeld (horenden kunnen doven uitnodigen en doven horenden).

(7) Maak er dus geen probleem van hoe je contacten met doven moet maken. Doe zo normaal mogelijk!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 december 1997

Daniel | 32 Pagina's

In gesprek met ...

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 5 december 1997

Daniel | 32 Pagina's