Herfst
Ik zie ze aarz'lend komen, - een, (wee, drie, vier, heel veel - de bladeren der bomen, rood-bmin, oranje-geel.
Ik volg één blad; zijn glijden en zweven in de wind is ah kei langzaam scheiden van een vertrekkend kind. M iM
tri ik voel mij verweven met. bladeren én boom; de boom die daar blijft leven, de blaad'ren in hun schroom.
JIun schroom, om neer te vallen naar diepe diepten heen, mei duizend, duizendtallen en tóch zo heel alleen.
tn mei de boom in 't wachten tol God opnieuw hem tooit, na sluimerend vernachten schoner, frisser dan ooit.
Jo van Veen-JShsmeijer
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 21 november 1997
Daniel | 32 Pagina's