Schuld
Wanneer Gij door de tuinen gaat Van 'Uwe wereld - en zij ziet Jlet sterke licht van Uw gelaat, fiat heiligheid voor 1/ gebiedt -
O God, wij wilden vmelden zijn, c Öie glanzend liggen in c Uw hand tn brengen - U de zonneschijn Met al de weelde van hel land -
Of ook als bloemen in de heg Zo nederig verborgen staan ö i hevig bloeien naar de weg, 'Dal Gij in zoele geur zuil gaan -
Maar bevend in de grote schrik Van •£/ Ie welen zó nabij, Wordt heel ons wezen lot een snik: , /lch. onze schuld - heb medelij -
W .jl. P. •Smit
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 augustus 1997
Daniel | 33 Pagina's