Op dewelken de einden der eeuwen gekomen zijn
In Yerseke worden we deze avond hartelijk verwelkomd door de plaatselijke vrouwenvereniging. Wat is het een voorrecht om met zoveel verenigingen uit de regio bijeen te kunnen komen, om te luisteren naar een referaat wat ons bepalen zal bij de tijd, waarin wij leven.
Opening
Ds. Chr. van der Poel opent de avond door te laten zingen uit Psalm 119:1 en 83. Na het lezen van Romeinen 8 : 18 tot 28 gaat hij voor in gebed.
in gebed. De apostel Paulus maakt in dit hoofdstuk onderscheid tussen het vlees en de geest. Wat uit het vlees geboren is, en dat zijn wij allen zoals wij uit Adam voortgekomen zijn, is vlees. "En wij weten", schrijft Paulus in vers 28, "dat dengenen, die God liefhebben, alle dingen medewerken ten goede". Waarom heeft Paulus dit hier geschreven? Hij weet, dat de gemeente van Rome verkeert in verdrukkingen en lijden. Paulus wil hun door deze woorden bemoedigen. De apostel zelf mag zich hierbij insluiten, en dat vanuit een heilige geloofswetenschap, die hij in de weg van de oefening heeft mogen leren. Wij weten uit Gods Woord, dat hij vele verdrukkingen heeft ervaren en dus spreekt uit ondervinding. In ditzelfde vers lezen we verder: "dengenen, die God liefhebben". Wie zijn dat die God liefhebben? De mens Adam, en wij in hem, is van God afgevallen. In het paradijs had de mens God lief en kende Hem en zou in de eeuwige zaligheid met God geleefd hebben. Gods Woord leert ons, dat we na onze val liefdeloze schepselen geworden zijn. Nog erger: wij zijn geneigd God en onze naaste te haten. Hoe kan het dan, dat we lezen over dengenen, die God liefhebben?
De apostel |ohannes schrijft: "Wij hebben Hem lief, omdat Hij ons eerst liefgehad heeft."
Dit spreekt ons van de liefde des Vaders, Die daartoe Zijn Zoon in de wereld zond. Van de liefde des Zoons, Die Zichzelf gaf om de deugden Gods te verheerlijken en de Zaligheid van Zijn kerk aan te brengen. Maar ook van de liefde des Heiligen Geestes, waarvan we lezen: "dat de liefde Gods in onze harten is uitgestort door de Heilige Geest". In onze tekst lezen we vervolgens: "Die God liefhebben zijn naar Zijn voornemen geroepen". Het voornemen Gods is hetzelfde als de raad Gods. De raad des Heeren is voor ons verborgen. Door Zijn raad zijn we vanavond hier allen bij elkaar gekomen. De roeping Gods bestaat uit een uitwendige roeping en een inwendige roeping. De uitwendige roeping komt tot ons, wanneer we onder de bediening van het Woord leven. Als we dat nagaan, hoe vaak zijn wij al geroepen? Hier wordt echter gesproken over de inwendige roeping. Het is voor degene, die hierdoor geroepen zijn, dat alle dingen medewerken ten goede. Waarom gebruikt Paulus deze krachtige uitdrukking? Omdat het zo dikwijls in het leven schijnt dat niet alle dingen medewerken ten goede, maar dat alles juist verkeerd gaat. Wat kan er een onverenigdheid in het hart van een mens zijn, wanneer het tegenzit. We denken in dit verband aan Asaf, die der tegenheden zat was.
Bij jozef lezen we iets anders.Hij werd verkocht naar Egypte, maar mocht later zeggen tegen zijn broeders: "Gijlieden wel, gij hebt kwaad tegen mij gedacht, doch God heeft dat ten goede gedacht". We zien een Paulus en Silas onschuldig opgesloten in de gevangenis. Midden in de nacht komt de Heere over met Zijn gunst en verruimt hun hart en dan zingen ze: "Ik zal Zijn lof zelfs in de nacht, zingen daar ik Hem verwacht. En mijn hart wat mij moog' treffen, tot de God mijns levens heffen."
Een ieder kere met deze woorden tot zichzelf in. Behoren wij tot de liefhebbers Gods? Het is genade, wanneer de Heere dat geeft en dan mogen we bij tijden en ogenblikken het hoofd weieens uit de gebreken opheffen.
Referaat
"Op dewelken de einden der eeuwen gekomen zijn" is al een oude titel, die we kunnen lezen in 1 Korinthe 10:11, zo begint de heer Bliek zijn referaat. Paulus beschrijft de Korinthiërs hoe de Heere het volk van Israël in de achterliggende eeuwen bezocht heeft met zijn geduchte oordelen en straffen vanwege het afkeren van de Heere hun God. Wanneer de Heere het Bondsvolk Israël zo bezoekt, hoeveel te meer gij Korinthiërs, die eertijds heidenen waart. Laat het een waarschuwing zijn voor u, op dewelken de einden der eeuwen gekomen zijn, om niet af te wijken van de inzettingen des Heeren.
Oe verwijsteksten die bij deze tekst genoemd worden, spreken beide over de vergankelijkheid van alle leven, maar in het bijzonder over het einde van alle tijd. Dat is, wanneer Christus weder zal komen op de aarde. Gods raad zal volvoerd worden, Eén dag bij de Heere is als duizend jaar en duizend jaar is als één dag. Wanneer we dit beeld eenvoudig overbrengen betekent dit, dat er geen tweeduizend jaar maar twee dagen zijn tussen het moment dat dit neergeschreven is en de tijd die we nu beleven. Wanneer we met elkaar om ons heen kijken, kunnen we niets anders zeggen, dan dat we leven in een post-christelijk tijdperk. Zo konden we aan het begin van dit jaar de volgende uitspraak van politieke zijde, namelijk van minister Dijkstal, in de krant lezen: "Het moet maar eens afgelopen zijn met het primaat van het christendom. De cirkel van het christelijk tijdperk, van de Romeinse tijd tot nu toe, is gesloten." Minister Dijkstal heeft gezegd, wat anderen denken. Alles wat uiterlijk nog kenmerkte, dat Nederland een christelijke natie was, moet verdwijnen.
Deze afschaffing van uiterlijke vormen komt op verschillende wijzen naar voren.
1. Samenlevingsverbanden
Onder het gezin wordt heden ten dage iets heel anders verstaan, dan de Heere ingesteld heeft in Genesis 2. De opdracht van het gezin is uitgehold en leeggemaakt. Dit komt naar voren in het stimuleren van de doorbreking van het traditionele rollenpatroon van man en vrouw. Daarbij hoort het creëren van kinderopvang buitenshuis, zodat beide ouders kunnen werken. Tegenover drie huwelijkssluitingen staat één echtscheiding. Wanneer we om ons heen kijken, zien we dat we leven in een consumptie-maatschappij. Alles staat in het teken van vermaterialisering èn ik-gerichtheid.
2. Onderwijs
De tijd van richtingsscholen is voorbij. Alles moet groot worden en daarom staat het vormen van scholen in het teken van regionalisering. Maar hoe zit het inhoudelijk? Zien we het gevaar van de grootste gemene deler, wanneer we bij elkaar gaan voegen, wat verschillend denkt over normen en waarden? Een stuk vorm verdwijnt zo gemakkelijk, terwijl de vorm vroeger beleving was.
3. Werkomstandigheden
Het kan moeilijk zijn, wanneer je met de keuze geconfronteerd wordt, op zondag te moeten werken, of anders je werk te verliezen en de zorg voor je gezin niet meer te op je te kunnen nemen. Niet alleen de industrie, maar ook de middenstand wordt hiermee geconfronteerd. Er schijnt niet meer gewerkt te kunnen worden, zonder de zondag erbij te betrekken.
4. Maatschappelijk
Denk aan de drugsproblematiek. Hoe verwoestend is het drugsgebruik voor een deel van ons volk. Geloven we nog, dat het leven een gave Gods is? Denk aan de abortus en daartegenover het 'kinderen nemen' of het al of niet betaalde draagmoederschap. Moeten we nog wel zoveel geld besteden aan de gehandicapte of de zieke oudere? Kunnen we niet beter kiezen voor euthanasie (letterlijk betekent dit woord 'goede dood'? De godsdienst is een keuze voor ieder persoonlijk geworden. Men mag wel christelijk zijn, maar wel binnenshuis, zodat onze buurman er geen last van heeft.
5. Media
We denken aan alles wat er gedrukt wordt en via onze brievenbus onze gezinnen binnenkomt. Hoevelen leven nog zonder televisie, radio, video of computer? Hoe ver leven we met onze kinderen nog af van het ogenblik, dat er niet meer gekocht of verkocht kan worden, wanneer we het teken van het beest niet dragen?
6. Kerkelijk
Vijftig jaar geleden was het merendeel van ons volk kerkelijk gebonden. De uitslagen van onderzoeken geven nu aan, dat nog 25% van ons volk kerkelijk gebonden is. De mens leeft uit wat in Genesis 3 door de satan is gezegd: "Gij zult als God wezen, kennende het goed en het kwaad". Nu komt het dichterbij: hoe is het binnen ónze gemeenten? Er is een opgaan in een godsdienst, die geen godsdienst is, zoals onder andere de pinksterbeweging. Aan de andere zijde is er een dode orthodoxie. De schors van de waarheid wordt vastgehouden, terwijl de waarheid niet wordt verstaan. De 'leesbare brieven' binnen de gemeenten zijn het beste middel tegen kerkverlating of tegen alleen de vorm. Vorm en wezen horen immers één te zijn.
Gods Woord zegt ons, dat het ogenblik komt, dat de tijd ten einde is. Wanneer Christus wederkomt op de aarde, zal Hij dan nog geloof vinden? Als die dagen niet verkort werden, zo spreekt de Schrift, om der uitverkorenen wil, dan zou geen vlees behouden worden. Van onze zijde is geen verwachting. Aan de andere kant is en blijft het de zekerheid, ondanks alles wat er gebeurt, dat ook in 1997 God regeert.
De vraag voor u en voor mij is deze avond: waar staan wij? We kunnen twee dingen doen: óf ons laten mee-
slepen door de stroom van de tijd, óf ons isoleren en afsluiten van deze wereld. Psalm 91 wijst ons de weg: "Die in de schuilplaats des Allerhoogsten is gezeten, die zal vernachten in de schaduw des Almachtigen".
Dan kunnen we in voorspoed dankbaar zijn, in tegenspoed geduldig en voor het toekomende vertrouwend.
Na de pauze wordt het gedicht "De toekomst van Gods kerk voorgedragen". Nadat de heer Bliek de schriftelijk gestelde vragen beantwoord heeft, spreekt ds. C. A. van Dieren een dankwoord uit. In het bijzonder dankt hij de spreker, die zo rustig en ordelijk ons allen bepaald heeft bij de ernst van de tijd, waarin we leven. Wanneer we onze oren en ogen niet hiervoor sluiten zullen wij ons ervan bewust zijn, dat de dag nabij is.
De wereld zal de maat der ongerechtigheid vol moeten maken. Dat alles wat we deze avond gehoord hebben nog eens nieuw voor ons mocht worden. Het zal toch van tweeën één zijn: óf een reuke des levens ten leven, óf een reuke des doods ten dode.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 juli 1997
Daniel | 32 Pagina's