Psalm 1
Welzalig• is de man, die in de raad van 'l godloos volk niet wandelI, en niet staal, op wegen van de zondaars, zo vermeten noch op de stoel der spoilers is gezeten, maar heeft alleen lust in desJittfitlN' wet, waarop hij dag en nacht nauwkeurig let
Want hij zal zijn gelijk een boom, geplant met diepe wortels, aan de waterkant, clie op zijn tijd met vruchten is beladen, en nimmermeer ontvallen hem zijn bladen; en al hel werk, waar hij de hand naar strekt, wordt met geluk en zegen overdekt.
, 'Zo loopt hel met het godloos volk niet af; zij zijn gelijk onnut en ijdel kaf, der winden spel, die 't heen en weder drijven; zij kunnen niet in 't oordeel staande blijven. £> e goddelozen blijven niet gespaard, waar het rechtvaardig volk hijeenvergadrt.
Want God is toch der vromen weg hekend, daarj-iij 7Ajn oog genadig tot hen wendt. Maar 'i godloos volk, wier kromme, slinkse wegen J lem tegenstaan, die isj-lij nooit genegen: hun einde komt reeds na een korte stond, met schand'en spot verderven z' in de grond.
(herdicht mei gebruikmaking pan cle berijming van Mcirnix van Sg/lklegonde)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 18 juli 1997
Daniel | 32 Pagina's