In gesprek met mevrouw Elshout
Het is op een maandagavond, wanneer we door mevrouw Elshout hartelijk verwelkomd worden in haar woning te Ridderkerk.
Veel mogen we horen uit haar leven, maar - zoals ze al eerder gezegd heeft toen de afspraak gemaakt werd voor deze avond - het gaat niet om een verhaal rond een persoon. Het gaat om de trouw des Heeren. De mens die zijn vertrouwen op de Heere zijn God mag stellen, zal nimmer beschaamd uitkomen.
Mevrouw Elshout, waar bent u geboren?
Ik ben geboren in Rothenfelde, een dorp in Nedersaksen in Duitsland. Rothenfelde is nu een gedeelte van de stad Wolfsburg, die toen in 1922 nog niet bestond. Toen ik bijna zeven jaar oud was, zijn mijn ouders verhuisd naar Braunschweig. Deze stad ligt iets ten zuiden van Wolfsburg, tussen de Lünenbürgerheide en de Harz.
Kunt u ons iets vertellen over uw jeugd?
Mijn ouders hadden zes kinderen, waarvan ik de tweede was. Ik was nog geen twee jaar toen mijn oudste broer op de leeftijd van drieënhalf jaar overleed, zodat ik eigenlijk altijd de oudste van de kinderen geweest ben. Toen ik veertien jaar was, overleed mijn jongste broer. Hij was zesenhalf jaar oud. Deze gebeurtenis was voor mij zeer ingrijpend.
Nadat ik de M.M.S. doorlopen had, en na mijn 'Pflichtjaar', een jaar verplicht werken op een boerderij of in een fabriek zonder salaris, ben ik als secretaresse werkzaam geweest. Tijdens het zogenaamde 'Pflichtjaar' brak in 1939 de oorlog uit tussen Duitsland en Polen.
Toen u in contact kwam met uw man, bent u toen in Nederland gaan wonen? Mijn man was als dwangarbeider te werk gesteld in Duitsland. Zijn bestemming was Braunschweig. Hij heeft niet durven onderduiken, zoals anderen in Nederland, omdat hij voor zichzelf voelde, dat de Heere wilde dat hij deze weg zou gaan.
Tijdens zijn verblijf in Braunschweig had hij al verscheidene kerken bezocht, maar nergens voelde hij zich onder de prediking thuis, zodat hij besloot thuis voor zichzelf te lezen. Tijdens enkele verlofdagen in Rotterdam zei een oudere vrouw tegen hem: „je moet echt nog verder gaan zoeken, totdat je er zeker van bent, dat er nergens een schriftuurlijke prediking is. Dan pas kun je met een vrij geweten thuis blijven."
Na nog enkele 'probeersels' kwam hij in de kerk, waarvan ook ons gezin lid was. Wij behoorden tot de baptisten en hoewel er dingen waren die hij niet kende, hoorde hij toch in de prediking zaken waar hij aansluiting bij vond. Zo hebben mijn man en ik elkaar ontmoet. Zelf ben ik opgegroeid in een kerkelijk, zeer actief meelevend gezin. In 1945 zijn we in Braunschweig getrouwd.
Nadat de oorlog afgelopen was, kreeg mijn man een oproep om met een transport naar Holland terug te keren. Hij wilde niet zonder mij vertrekken en ik kreeg geldige papieren om eveneens met het transport mee te gaan. Ons transport ging via België naar Nederland. In België werden mijn man en ik uit elkaar gehaald voor een screening, zo werd gezegd.
Ik vreesde dat we van elkaar gescheiden zouden worden en dat bleek ook zo te zijn. De na december 1944 gesloten huwelijken werden in Holland niet erkend. In Duitsland was van deze maatregel niets bekend. Zo werd ik in Brussel vastgehouden en met nog enkele andere vrouwen naar de gevangenis in Vilvoorde, bij Brussel, gebracht. Tegen mijn man werd gezegd, dat ik alweer op transport terug naar Duitsland gezet was. Tijdens de fouillering werd ons alles afgenomen. Mijn trouwring, die in deze hele situatie voor mij een bijzondere betekenis had, heb ik ondanks dat we zo naar en zo streng gefouilleerd werden, kunnen redden door die afwisselend in mijn mond en in mijn haar te verstoppen. Gedurende de tijd in de gevangenis heb ik de ring steeds in een korstje brood verstopt, dat ik voortdurend bij me droeg.
In de gevangenis heb ik ondervonden hoe mensen elkaar kunnen haten. Hoewel er geen literatuur in de zaal mocht zijn, kreeg ik mijn Bijbel toch terug, nadat ik erom gevraagd had. Ik heb dat als een wonder eivaren. Veel heb ik erin kunnen lezen en tevens had ik de gelegenheid om er anderen mee bekend te maken.
Toen bleek dat het geen oponthoud
van een week zou zijn - er werd zelfs tegen ons gezegd dat we nooit meer uit de gevangenis zouden komen - drong zich steeds meer de vraag aan me op: Heere, waarom moet mij dit overkomen, terwijl ik altijd zo intensief bezig geweest ben in de kerk en voor Uw koninkrijk? ". Ik kreeg antwoord op deze vraag toen de Heere mijn ogen opende en me liet zien, dat ik met al mijn godsdienst niet Hem maar mezelf bedoeld had, en dat ik walgelijk was in Zijn ogen. Toen was het geen wonder dat ik op deze plaats was; wel werd het een wonder dat ik nog niet in de hel lag. Maar de Heere liet me ook Zijn liefde zien, zoals johannes 3:16 daarvan spreekt.
En Hij liet me ook weten dat, al waren mijn zonden als scharlaken, Hij ze wilde maken als witte wol. Al had ik Hem veel arbeid gemaakt en Hem vermoeid met mijn ongerechtigheden, Hij wilde die overtredingen uitdelgen om Zijnentwil, en mijner zonden niet meer gedenken. De hemel kwam neer op aarde. Toen alle aardse deuren voor mij gesloten waren, opende God een deur en was me zeer nabij.
De situatie in de gevangenis was en bleef pijnlijk, maar ook nuttig. Later heb ik mogen ervaren dat het een voorbereiding geweest is voor alles wat nog komen zou.
Toen ik uit de gevangenis kwam, was ik ziek van dysenterie en mijn lichaam was ontstoken door de beten van de wandluizen, die in grote getalen aanwezig waren in de gevangenis. Ik zocht allerlei wegen om naar Holland te kunnen gaan, maar alle pogingen werden door de Heere verijdeld. Een keer wilden smokkelaars me illegaal over de grens brengen, maar dat aanbod durfde ik niet aan te nemen, omdat ik vreesde de Heere tegen te krijgen in deze weg. En dat wilde ik niet riskeren, hoewel mijn hart er goed genoeg voor was om met de smokkelaars mee te gaan. Twee jaar en vier maanden heeft het geduurd voor mijn man en ik herenigd werden in Holland. Door mijn huwelijk was ik de Duitse nationaliteit kwijtgeraakt en de Hollandse kreeg ik niet, omdat de huwelijken niet erkend waren. Zo ben ik vele jaren statenloos geweest.
Was het een grote overgang voor u, toen u in Nederland kwam wonen?
De eerste jaren zijn moeilijke jaren geweest. Ik ondervond veel vijandschap en wantrouwen vanwege mijn Duitse afkomst. Veel mensen waren er ook van overtuigd dat er in Duitsland geen mensen konden zijn, die de Heere vreesden.
Er werden allerlei verhalen over ons verteld die niet op waarheid berusten. Maar mijn man en ik waren weer bij elkaar, en de moeiten daaraan verbonden hadden we na de lange scheiding er wel voor over. We mochten ook ervaren dat de Heere het Zelf voor ons opnam en we kregen ook vrienden in de Heere.
Hoe groot is uw gezin?
Verscheidene gynaecologen hadden uitgesloten dat er ooit kinderen zouden komen. Wij waren toen verloofd en hebben daar samen ook over gesproken. Ik zei tegen mijn man dat hij vrij was om de verloving te verbreken, maar hij zei: „Wat bij de mensen onmogelijk is, is mogelijk bij de Heere." En deze woorden zijn ook waarheid geworden in ons leven, want na enkele jaren van wachten hebben we acht kinderen als een geschenk van de Heere mogen ontvangen. De Heere leerde ons van mensen af te zien en dikwijls sneed Hij mensenhulp af, zodat we ons vertrouwen alleen op Hem zouden leren stellen. Voor kinderen kan het weieens moeilijk zijn om in een pastorie op te groeien, vanwege de 'glazen muren'. Zo gebeurde het tijdens een catechisatieles, dat de ouderling een vraag stelde waar niemand een antwoord op wist. Als laatste vroeg hij het aan onze zoon, maar toen deze het antwoord ook schuldig bleef, zei deze ouderling: „Wat valt me dat tegen van jou. Als de zoon van de dominee het nog niet eens weet..."
Later vroeg onze zoon aan deze ouderling die bakker was, of zijn zoon óók brood bakte. „Nee, natuurlijk niet", zei hij, „dat kan hij niet." Toen onze zoon teruggreep op het voorval tijdens de catechisatieles begreep de ouderling de dwaasheid van zijn opmerking.
Had uw man al werkzaamheden omtrent het predikambt?
Voordat ik trouwde, wist ik al dat mijn man predikant zou worden. Omdat de kerk een grote rol speelde in mijn leven heb ik dat zonder moeite kunnen aanvaarden, al heb ik pas achteraf geleerd wat het inhield om predikantsvrouw te zijn. Vaak heb ik het pastorieleven als zeer eenzaam ervaren, maar er waren ook goede ogenblikken! In een pastorie leven betekent: in een glazen huis te wonen.
Wanneer je weduwe wordt, mis je de pastorale begeleiding van een predikant. Mensen vergeten dat je een gewoon mens bent van vlees en bloed, die - net als ieder die weduwe wordt - de lege plaats moet gaan inleven. Ik heb het soms erg gemist dat mensen, die je goed kennen, niet eens spontaan naar je toe komen en zo met je meeleven.
De andere kant is, dat je door zo'n situatie soms bijzonder sterk gewezen wordt op Christus, Die ook de ervaring in 'de wildernis' kent en je daarom begrijpt en vertroosten kan.
Het pastorieleven heeft zijn mooie, maar ongetwijfeld ook zijn moeilijke dingen. Wilt u daar enkele voorbeelden van noemen?
De eerste gemeente was Utrecht, waar we zo kort na de scheuring van 1953 naar toe moesten. Maar juist in
Utrecht heeft de Heere vaak betoond van onze zorgen en noden af te weten. Zo gebeurde het kort voor de geboorte van ons zesde kind. Wij hadden het financieel erg moeilijk. Op een avond lag er een envelop met ƒ 100, op de deurmat met een briefje erbij:
„De gever is nog onbekeerd. Bidt voor hem." Na de geboorte - door omstandigheden waren we weer in grote financiële nood - lag er weer een envelop met ƒ 100, - , geschreven in hetzelfde handschrift en zonder afzender. Vele jaren later, toen we uit Utrecht weggingen, heeft de vrouw van deze man verteld hoe haar man zich gedrongen voelde geld aan ons te geven. Hij vertelde dit aan zijn vrouw. Deze vrouw, die een ander leven kende, zei tegen hem dat hij moest doen wat in zijn hart lag. Hij deed ƒ200, - in de envelop, maar toen hij hem door de brievenbus wilde doen vond hij dat toch wat veel en haalde er ƒ 100, - uit.
Zelf hadden ze ook een groot gezin en hij moest hard werken voor zijn dagelijks brood.
Wat gebeurde er echter, nadat hij zo gehandeld had? De Heere kwam hem tegen in zijn zakendoen. De man deed de rest van het geld in een andere envelop en bracht het naar de pastorie. Daarna mocht hij ervaren dat het goed was, dat hij dit gedaan had. En zo waren er vaak noden waar de Heere uitkomst gaf, zonder dat mensen van onze moeilijkheden wisten. De kinderen hebben toen ook sterk ervaren dat godsdienst niet zomaar een vorm in je leven is, maar dat het een afhankelijk leven is. De eerste jaren in Amerika waren heel moeilijk, maar in die moeilijke jaren heeft de Heere door in harten van mensen te werken, laten zien dat wij hier moesten zijn.
In Kalamazoo, onze volgende gemeente, is mijn man ziek geworden. U begrijpt dat dit moeilijke jaren geweest zijn voor ons gezin.
Uw man heeft daarna ook de twee bekende boeken geschreven: 'Een helpende hand' en 'Nogmaals een helpende hand'.
We hebben eivaren dat velen deze boeken gelezen hebben. Tot het overlijden van mijn man ging er geen dag voorbij of we ontvingen schriftelijk of telefonisch een reactie op deze twee boeken in de vorm van verzoeken om hulp.
Mevrouw Elshout, we danken u hartelijk voor uw bereidwilligheid om ons te woord te staan. Heeft nog een slotopmerking voor ons allen?
Ik zou er op willen wijzen, dat we met de Heere nooit bedrogen uitkomen. Geloof in de Heere bewaart ons niet voor zorg en verdriet, maar het geloof richt ons op de Schuilplaats in zorg en verdriet. In die Schuilplaats wil de Heere heel nabij zijn en ons aanraken. Omdat ik alleen ben, is de Heere vaak de eerste met Wie ik praat, nadat ik wakker geworden ben. En aan het eind van de dag is Hij de laatste tot Wie ik mag spreken. Zo kan ik met de psalmdichter zeggen: „De Heere is mij tot Hulp en Sterkte, Hij is mijn lied, mijn psalmgezang..."
Mevrouw Elshout, u heeft een veelbewogen leven gehad. Van harte wensen we u bij het klimmen der jaren Gods nabijheid toe. Dat Hij u mag wezen tot een Rotssteen om daarin te wonen, om geduriglijk daarin te gaan.
Melissant
W. A. Both-van 't Geloof 's-Gravenpolder
j. C. Roest-van den Bos
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 11 oktober 1996
Daniel | 40 Pagina's