De zorg voor onze doven
Pastorale zorg
Reeds 35 jaar mag binnen het verband van onze gemeenten pastorale zorg besteed worden aan onze doven.
Voordien moesten ze zich maar zien te redden en werd er vanuit de kerk nauwelijks naar hen omgekeken. Weliswaar moesten ook doven bekeerd worden, maar hoe ze zinvol konden deelnemen aan de kerkdiensten werd weinig overwogen, totdat de doven zelf aan de bel trokken. Gelukkig was er in die tijd (1962) een student aan onze Theologische School die goed articuleerde en zodoende kon de eerste samenkomst met doven belegd worden waarin student D. Hakkenberg voorging.
De eerste echte dovendienst werd belegd op 17 oktober 1965 in Gouda. Vanaf die tijd werden er om de veertien dagen op zaterdagmiddag ergens in ons land dovendiensten gehouden. Zonder anderen tekort te willen doen, willen we enkele predikanten die zich bijzonder beijverd hebben voor onze doven met name noemen. We denken aan - nu wijlen - ds. D. Hakkenberg, die vanaf 1962 tot 1984 voorzitter was van de sectie Dovenzorg. Uit dien hoofde was hij ook geestelijk verzorger van onze doven en nam hij deel aan ontmoetings-en uitgaansdagen. Talloze dovendiensten heeft hij geleid, ook nog na 1984. Dankzij zijn duidelijke articulatie konden de doven zijn preken redelijk tot goed begrijpen. Naast hem willen we noemen ds. R. Boogaard die van 1972 tot 1988 deel uitmaakte van het bestuur van Dovenzorg en eveneens vele malen voorging in dovendiensten. Omdat in de tachtiger jaren de gebarentaal meer en meer gehanteerd werd, voelde ds. Boogaard zich verplicht zich hierin te bekwamen. Vooral de jongere doven, die grotendeels in de gebarencultuur waren opgevoed, konden hiervan profiteren, hoewel het ook voor de oudere doven verhelderend werkt als bij een preek de woorden door gebaren ondersteund worden. In zijn tijd werden ook voor het eerst gecombineerde diensten gehouden, dat wil zeggen dat een dovenpastor in een of twee zondagse kerkdiensten voorgaat in een dovendienst, met de doven op de voorste banken, terwijl de plaatselijke gemeente extra aandachtig luistert omdat het gesprokene onderstreept wordt door de gebaren, jaarlijks houden we gecombineerde diensten in Doetinchem, Enter en Oostkapelle. Verder denken we aan ds. G. J. van Aalst, die het in 1985 als student niet aandurfde in een dovendienst voor te gaan zonder zich grondig te hebben voorbereid ten aanzien van de gebaren. De gevolgen van die voorbereiding heeft hij tien jaar lang moeten ondergaan, want de doven begrepen zijn preek zo goed dat het jammer zou zijn hem niet veel vaker te vragen. Zodoende kwam hij als geestelijk verzorger naast ds. Boogaard te staan. Momenteel is ds. W. Harinck voorzitter van onze Stichting Dovenzorg. Naast hem zijn als geestelijke verzorgers aangesteld de predikanten M. Karens en W. J. Kareis.
Om hoeveel doven gaat het?
Het aantal mensen met een verstandelijke handicap is een veelvoud van het aantal doven en slechthorenden. Dat is een van de redenen dat bij onze Dovenzorg mensen uit vijf verschillende kerkelijke denominaties komen. Ongeveer de helft is (doop)lid bij onze gemeenten. Anderen komen uit de Ger. Gem. in Ned., de Oud Ger. Gem., de Chr. Ger. Kerken (Bewaar het Pand) en de Ned. Herv. Kerk (rechterflank Ger. Bond en het Gekrookte Riet). Zolang Dovenzorg bestaat, is er ten aanzien van de de kerken geen wanklank gehoord. Daarvoor zijn we zeer erkentelijk. De groep doven en slechthorenden die gebruik maakt van onze geestelijke verzorging omvat ongeveer 40 kinderen en 40 volwassenen. Uit het hele land (van Elspeet tot Terneuzen) komen ze naar de dovendiensten.
Naast de dovendiensten zijn er nog de maandelijkse bijbelstudies onder leiding van ds. M. Karens en de catechisaties te Amersfoort (door ds. W. Visscher), te Kapelle-Biezelinge (door ds. W. Harinck) en te Zoetermeer (door B. Agteresch).
Veel werk is in de achterliggende jaren ook verzet door mevrouw M. Quist, die vanaf 1982 tot nu toe de bijbelse werkboeken samenstelt.
Contactblad
Sinds 1962 wordt er een contactblad uitgegeven. Gedurende een aantal jaren is de prijs van Doven-contact niet verhoogd. Een tientje voor een zo mooie uitgave die zes keer per jaar verschijnt, is eigenlijk belachelijk. Toch wil het bestuur de prijs niet verhogen, omdat prijsverhoging mogelijk abonnees zou kosten. Er zijn momenteel zo'n 6500 abonnees. Om dit aantal te handhaven of te vergroten zijn diverse contactpersonen in den lande bezig nieuwe abonnees te werven. Daarnaast worden we regelmatig in de gelegenheid gesteld om op vrouwenverenigingen het werk van Dovenzorg uit te leggen en aan te bevelen. Wie nog geen abonnee is, kan zich opgeven bij mevrouw N. van Hartingsveldt-Burgers, Vijverlaan 248, 2923 TC Krimpen aan den Ijssel, tel. (0180) 52401 7. Graag zouden we het aantal contactpersonen nog wat uitbreiden. Belangstellenden kunnen eveneens terecht bij bovenstaand adres.
Opleiding
De meeste van onze doven hebben hun opleiding ontvangen op het Doven instituut 'Effatha' te Voorburg en Zoetermeer. Voor velen was het daarna moeilijk om werk te vinden of aan het werk te blijven. Sommigen hebben een prachtige baan, anderen zijn geruime tijd werkloos. Gingen de opleidingen vroeger niet verder dan LBO-niveau, tegenwoordig zijn er heel wat die een MBO-niveau bereiken, terwijl een enkeling nog verder studeert.
Veel kinderen die 'Effatha' bezochten werden gehuisvest in een van de grote internaten. Voor onze kinderen gaf dat wel eens identiteitsproblemen. De grote internaten worden nu afgestoten en de kinderen worden straks kleinschalig ondergebracht in gewone woningen. Ook voor 'onze groep' is er een woning aangekocht. Eigen groepsleiding zal straks zorgen voor een sfeer die de kinderen van huisuit gewend zijn.
Doofblinden
Een groep waar we in deze bijdrage speciale aandacht voor willen vragen is die van de doofblinden. In ons land wonen ongeveer 5000 doofblinde mensen. Tien procent van deze dubbel zintuiglijk gehandicapten is volledig doofblind. Twintig procent is blind en slechthorend, twintig procent is doof en slechtziend, terwijl de helft slechthorend en slechtziend is.
Soms komt er nog een verstandelijke handicap bij. Op het instituut Bartimeushage te Zeist troffen we kinderen aan bij wie de wereld als het ware niet verder reikt dan hun handen kunnen tasten.
Toch kunnen doofblinden, zij het beperkt, communiceren, onder andere via het schrijven van blokletters met de vinger in de hand van zo'n doofblinde, via vingerspelling of via vierhandige gebaren, waarbij de doofblinde en de gesprekspartner eikaars handen vasthouden en samen gebaren maken. Zo was ik eens bij een dove vrouw die in coma lag. Haar dove broer was daar ook met zijn doofblinde vrouw. Alles wat ik met behulp van gebaren tegen die man zei, werd door hem via dit laatste systeem getolkt naar zijn vrouw.
Tot mijn verwondering begreep de vrouw het gesprek en het gebed in hoofdlijnen. Wat zou het groot zijn, als de Heere ook doofblinden, met wie wij zo moeilijk kunnen communiceren, bracht tot de kennis der zaligheid.
In geestelijk opzicht zijn wij overigens allen van nature doofblind en is het nodig dat oren doorboord en blinde zielsogen geopend worden.
Het zal duidelijk zijn dat een doofblinde niet zonder hulp door het leven kan. In een brochure van de Stichting Doof-Blinden wordt dit alsvolgt verwoord: „Het beste hulpmiddel voor iemand die doofblind is, is een ander mens".
Informatie uit deze omgeving die voor zienden en horenden heel vanzelfsprekend is, een langsrijdende auto, een buurman die gedag zegt, een vogeltje in een boom, enzovoort, gaat allemaal langs de doofblinde heen. Wel is zijn reuk-en tastzin zo sterk ontwikkeld, dat hij bijna net zo snel weet wie er voor hem staat als iemand die ziet en hoort. Maar de beperkingen zijn enorm. We zeggen weieens dat doven met hun ogen horen en dat blinden met hun oren zien, maar de doofblinde kan slechts horen en zien via zijn handen.
Alleen andere mensen kunnen het isolement van doofblinden doorbreken. De Stichting Doof-Blinden zet zich enorm in voor het belang en het welzijn van doofblinde mensen. Voor haar activiteiten ontvangt ze te weinig subsidie van de overheid. Daarom is er een Stichting Steunfonds Doof-Blinden opgericht. Wie deze stichting wil steunen, kan voor ƒ 7, 50 (exclusief verzendkosten) vijf ansichtkaarten met daarop enkele voorbeelden van de vingerspelling voor doofblinden bestellen. Uiteraard kan ook een gift overgemaakt worden naar de Stichting Steunfonds Doof-Blinden, Prof. Bronkhorstlaan 10, 3723 MB Bilthoven, tel. (030) 2250604, Postbank 4095748. Van harte aanbevolen.
De oudere doven
Veel doven worden met deze handicap geboren. Anderen worden door een ziekte of een ongeluk doof.
Doofheid is een handicap die door velen niet begrepen wordt. Juist omdat de communicatie met doven in de regel slecht verloopt, raken doven nogal eens in een isolement. Ze leven voortdurend in de wereld van de stilte.
Bij visites en verjaardagen, op huisbezoeken, op verenigingsavonden, op voorlichtingsavonden en noem maar op; overal komen de communicatieproblemen voor de dag. Jongere doven zijn in de regel mobiel genoeg om andere doven op te zoeken. Bij oudere doven wordt dat een probleem. Dikwijls raken ze nog meer in een isolement, ook wanneer ze een woning in een bejaardentehuis krijgen. De contacten met de medebewoners verlopen moeizaam, de meditaties en weeksluitingen kunnen ze niet volgen, evenmin als de kerktelefoon en de intercom van het huis.
Er is een aparte categorie doven waar onze Dovenzorg niet zoveel bemoeienis mee heeft; dat zijn de mensen die op oudere leeftijd doof geworden zijn. Deze tamelijk grote groep leeft vaak in hetzelfde isolement als hierboven geschetst. Daar komt nog bij dat ze
geen spraakafzien en geen gebaren hebben geleerd, zodat de contacten soms nog problematischer zijn. Ze hebben ook geen Visicom (een telefoon voor doven), zoals de doven die al jaren gebruiken. Wat is het nodig dat we met onze dove naaste meeleven en proberen hun eenzaamheid enigszins te verdrijven.
Het zou wenselijk zijn als vrouwenverenigingen zich eens speciaal gingen bemoeien met gemeenteleden die op oudere leeftijd doof of slechthorend werden. Overigens zouden deze mensen veelal eerder moeten overwegen een hoortoestel aan te schaffen. En als ze een hoorapparaat hebben, moeten ze hem wel gebruiken. Met een duidelijke articulatie, een heldere mimiek en veel geduld kunnen er goede contacten gelegd worden. De dove bejaarde zal u er zeer erkentelijk voor zijn.
Gelukkig, dat er een God in de hemel is, Die doven en andere eenzamen wil opzoeken om Zich over hen te ontfermen naar Zijn welbehagen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 27 september 1996
Daniel | 32 Pagina's