Haar schat
Vluchtig en een beetje geïrriteerd kijkt Marieke op d'r horloge. Tien voor zeven. Afs-ie nou maar opschiet. Het kost je al gauw een kwartier om in de stad te komen. Hij rijdt natuurlijk wel pittig door, maar toch. En dan die parkeergarage nog. Altijd eivol op koopavond. Voor je 't weet is het negen uur. Met grote stappen loopt ze van de tafel naar het raam en van het raam naar de tafel. Waardeloos dat wachten.
Precies om tien óver zeven zoeft de metallic-zwarte Golf GTI op z'n brede lage banden het erf op. Het laagstaande avondzonnetje versterkt het blinken van de spoilers en sportvelgen, die ze vorige week met z'n tweeën hebben uitgezocht. Corné had de auto van een vriend kunnen kopen. Hij was pas anderhalf jaar oud. Een buitenkansje.
Helemaal het einde vonden ze. Het enige nadeel was dat hij er wat kaal uitzag. Maar goed, dat was te verhelpen. Ze waren samen aardig wat keertjes naar de autoboulevard geweest om de nodige accessoires aan te schaffen.
Marieke wacht vandaag het galante aanbellen van haar vriend niet af. Ze graait d'r blazer en leren tasje van de kapstok, roept gedag en stuift vervolgens vliegensvlug naar buiten. Eenmaal ingestapt strijkt ze haar geruite strakke rok glad en trekt d'r gilet in model. Corné legt de meegebrachte spullen op de achterbank en steekt het sleuteltje in het contactslot.
„Lekker op tijd", moppert Marieke, „ja sorry, daar kan ik dus écht helemaal niets aan doen", reageert Corné verontwaardigd. „Ik was onwijs laat uit m'n werk. Snel douchen, snel eten. Toen telefoon."
„Telefoon? Van wie? "
„Een nieuwe klant. Tenminste dat hoop ik." Er verschijnt een triomfantelijk lachje op z'n gezicht. Soepel manoeuvreert hij de auto over het smalle bruggetje dal het erf met de weg verbindt. „Hier in het dorp? " vraagt Marieke verder.
„Ja, bij Van Gaaien in de Anjerstraat. Twee dakkapellen en een nieuw kozijn in de schuur. Dat vergt dus wel een paar avondjes. Voor de winter moet het klaar zijn. Dat snap je." „Je had toch al meer klussen aangenomen? "
„Ja, maar dat is binnenwerk. Dat moet ik dus even door proberen te schuiven. Voorlopig ben ik weer onder de pannen. Bovendien gaat het allemaal in 't zwart, dus dat schiet lekker op. Het geld blijft in ieder geval binnen stromen en dat is het belangrijkste." Hij glundert en Marieke glundert met hem mee.
„Hé Corné luister eens", fleemt Marieke als ze in de buurt van het stadscentrum voor de neergelaten spoorbomen staan te wachten.
„Je weet toch dat we een paar weken geleden die zeegroene rok gekocht hebben hè? Ik zou daar zo graag schoenen van dezelfde kleur bij kopen, maar eh... ma vond het niet nodig. Ze zei dat ik m'n blauwe of bruine er wel bij kon dragen. Enne..." Even dwingt het geraas van de voorbijdenderende trein haar te stoppen met praten. Dan gaat ze aarzelend verder. „Je snapt dat mijn geld op is, dus...uh... krijg ik ze van jou? Het is voor jou tenslotte ook plezierig als ik er leuk uitzie."
Corné barst in lachen uit. „Doe niet zo moeilijk, Mariek. Natuurlijk krijg je ze. Ik weet alleen niet of we er vanavond aan toe komen. Die stereo kan ik echt niet hals over kop kopen."
„We zien wel, " reageert Marieke inschikkelijk, terwijl ze haar blazer van de achterbank pakt. „Ik hoop het trouwens wel, want zaterdag kan ik niet naar de stad omdat ik moet werken en volgende week heb ik een paar tentamens. Dan is het dus leren geblazen." , , 't Komt eigenlijk wel goed uit dat de catechisatie niet doorging vanavond", zegt Corné. „Ja, zeg dat wel."
'Electrospeciaalzaak' vertellen de felle neonlampen boven de winkel.
Witgoed, video, stereo staat er in kleinere letters onder. Binnen is het razenddruk. Toch duurt het niet lang voordat er een verkoper op hen af komt. Corné maakt z'n wensen en vragen kenbaar. Geen nood. De electrovakman blijkt bereid alles uit te leggen en toe te lichten. Samen met hen loopt hij langs de stellages waar de apparatuur is geëtaleerd.
„Dit is een ministereo met hoge drukboxen." Zijn stem klinkt opgetogen. Corné en Marieke volgen gretig zijn wijzende vinger en slurpen de woorden in: infrarode afstandsbediening, dubbel cassettedeck met continue weergave en high speed dubbing, cd synchrorecording en dolby B, cd wisselaar... Marieke slikt en doet een stapje naar achteren. Wat zei ma gisteren ook alweer toen ze het over die schoenen hadden? „Je kunt blijven kopen. Er is geen eind aan." Ma had nog meer gezegd, maar Marieke duwt die woorden ver weg. Corné is toch niets verkeerds van plan met die stereo. Hij zal d'r heus geen popmuziek op draaien. Daar kent ze hem goed genoeg voor. „Prima meneer", hoort ze de verkoper plotseling zeggen. „Denkt u er gerust nog even over na." Gewapend met een stapel folders verlaten ze de zaak.
„Jammer Mariek, maar ik kan echt niet mee naar binnen", zegt Corné als hij de auto voor het bruggetje tot stilstand brengt. „Ik moet die vensterbanken nodig gaan zagen. Voor onze buren, weet je wel. Trouwens, ik ben d'r nog niet uit hoor." Hij veegt wat zweetdruppels van z'n gezicht. „Die ministereo's zijn wel érg in. Geurt-Jan Hoekstra
heeft er ook pas één gekocht. Maar bij die andere krijg je een mobiele telefoon cadeau."
„Ook niet gek natuurlijk", gnuift Marieke.
„Aan de andere kant, als ik een paar avondjes bijklus kan ik zo'n ding zelf betalen. Nou ja, zaterdag hak ik in ieder geval de knoop door." Hij slaat z'n arm om haar schouders. , , 't Was weer leuk, hè Mariek? " Een paar afscheidszoenen. Weg is-ie weer.
Marieke wandelt over het bruggetje. In haar hand houdt ze een luxe papieren draagtasje. Het omvat de felbegeerde zeegroene pumps. Even blijft ze staan om het geluid van de ruisende bladeren tot zich door te laten dringen. Links en rechts van de brug pronkt een enorme rode beuk. Het gelige licht van de lantaarn dartelt op het rimpelende water van de brede sloot. Voor haar ligt de oude statige boerderij, die haar betovergrootouders hadden laten bouwen in 1898. Het jaartal staat in sierlijke zwarte cijfers op de voorgevel. Wat kan ze altijd genieten van deze aanblik. Er hoorde veel grond bij de boerderij, maar enkele jaren geleden werden ze gedwongen het grootste deel ervan te verkopen. Er moest ruimte komen voor een nieuwbouwwijk. Financieel gezien zijn haar ouders er goed mee geweest. Heel goed zelfs. Ze zijn schatrijk.
„Zo Marieke, jij komt en ik ga. Fijn dat ik je nog even gezien heb."
Mevrouw Van Genderen geeft een hand en loopt met moeder de hal in. „Bedankt weer hoor", hoort Marieke haar zeggen. Ze heeft zeker weer iets gekregen. Haar man is afgekeurd. Dat betekent voor hun grote gezin dat de eindjes aan elkaar geknoopt moeten worden. Soms zijn die eindjes wel erg kort. Ma stopt haar wel eens wat geld toe om kleren van te kopen. En vorig jaar zomer heeft ze hun een weekje vakantie aangeboden. Marieke weet dat, maar verder praat moeder daar nooit met iemand over en ze wil ook niet dat mevrouw Van Genderen haar steeds bedankt. Typisch ma. Een ander laten delen in de rijkdom, die ze als een gave van God ervaart. Niet om er de gulle vrouw mee uit te hangen, die zich wil baden in de dank-je-wels van haar minder bemiddelde naaste.
Marieke glimlacht. Met een mok dampende koffie ploft ze neer op een leren fauteuil in de sfeervol ingerichte woonkamer. Ja, ma houdt wel van mooi, maar niet van overdaad. Ze geniet wel van haar geld, alleen... ze gaat er niet in op. Marieke zucht. Wat waren ma's woorden gisteren ook alweer? De woorden die ze heeft weggeduwd, maar die nu toch opborrelen in haar geheugen? „Waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn." De zeegroene schoenen, die ze op tafel had uitgestald, grijnzen haar opeens aan.
Maandagavond nog maar. Vreselijk. Hoe kom ik de week door? Marieke blaast mismoedig een pluk haar uit d'r gezicht en probeert wat orde aan te brengen in de chaos op en naast het bureau. Boeken, papers, dictaten. Wat een narigheid. Morgen twee tentamens, woensdag vrij, donderdag één en vrijdag twee. Jammer dat ze zaterdag nog niets had kunnen doen, maar goed, dat baantje bij de supermarkt zou ze toch niet graag opgeven. Tussen de schoolspullen ziet ze plotseling haar catechisatieboekje liggen. O ja, ook dat nog. Donderdag catechisatie. Even kijken wat we moeten leren. De bladwijzer geeft aan waar ze gebleven zijn. Ze begint te lezen. Wat verbiedt God in het achtste gebod? God verbiedt niet alleen het stelen en roven, hetwelk de overheid straft... Haar ogen verwijden zich als ze bij het laatste zinnetje is gekomen. ...daarenboven ook alle gierigheid, alle misbruik en verkwisting Zijner gaven. Ze voelt zich duizelig worden, maar dat trekt snel weg. Resoluut duwt ze het boekje van zich af en haalt haar geschiedenisaantekeningen te voorschijn. Leren moet ze. Hoofd koel, maant ze zichzelf.
Marieke draait van d'r linker naar d'r rechter zij. Het is niet de eerste keer dat ze van houding verandert vannacht. Twee uur twintig geeft de digitale wekker op het nachtkastje aan. Akelig zeg. Net in de tentamenweek. Juist nu ze haar energie zo goed kan gebruiken. Dan maar even eruit. Misschien helpt dat. Als een dief loopt ze de trap af. In de keuken neemt ze een homp belegen kaas en, na enige aarzeling, een beker lauwe melk. Niet te drinken natuurlijk. Een colaatje zou beter smaken, maar ze moet toch wat. Nu zal het vast wel lukken, houdt ze zich voor als ze naar boven sluipt.
Maar het lukt niet. Ze zweeft heen en weer in een toestand, die tussen waken en slapen in ligt. De gedachten die haar eerst een poos klaarwakker hebben gehouden, krioelen nu door elkaar heen en vormen zich langzaam tot een verwarde kluwen van voorstellingen en stemmen. Ze waant zich met Corné in de stereozaak. Overal om hen heen bevinden zich cd-spelers, cassettedecks, boxen... Ze ziet de wijzende vinger van de verkoper. „Pak maar in, pak maar in", fluistert Corné.
„Vergeet vooral niet die mobiele telefoon erbij te doen", schreeuwt zij luid. Daarenboven ook alle misbruik en verkwisting. Het vriendelijke gezicht van ma verschijnt tegen een zeegroene achtergrond: „Je kunt blijven kopen. Er is geen eind aan".
Marieke woelt en transpireert, maar verder gaat het. De slaapkamerkast, gevuld met schoenen die haar tegemoet vliegen. Blauwe pumps, bruine pumps, zwarte, grijze. Lage laarsjes, dichte bruine voor de winter, opengewerkte voor de zomer in diverse tinten, ecru-kleurige voor hoogzomer, drie soorten slippers. „Verkwisting, verkwisting", echoot het. „Er is geen eind aan", galmt het. Corné's gezicht, haar gezicht, lachend, glunderend. Het geld blijft binnen stromen. Lekker in 't zwart. „Het stelen, hetwelk de overheid verbiedt", klinkt het.
Corné en zij in de winkelstraten. Voor de zoveelste keer. Langs de etalages. Begerige blikken. Hebben, hebben. Want waar uw schat is, daar zal ook uw hart zijn. Met een schok zit Marieke opeens rechtop. Ze knipt het lampje aan en kijkt een poos verwezen voor zich uit. Dan slaat ze het dekbed van zich af en in de kilte van de nanacht buigt ze haar knieën om voor de Heere neer te leggen dat haar hart bij de schatten van deze aarde is.
„Wilt U mij een nieuw hart geven? ", vraagt ze eenvoudig. „Een hart dat zich schatten in de hemel vergadert, waar ze noch mot, noch roest verderft." In de bomen rondom de boerderij zingen de eerste vogels hun morgenlied.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 september 1996
Daniel | 36 Pagina's