JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

En gij zult Mijn getuigen zijn...

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

En gij zult Mijn getuigen zijn...

Bondsdag 8 juni RAI Amsterdam

12 minuten leestijd

Absalom tussen hemelen aarde. Een jongen in doodsnood. Zijn leven is mislukt. Zijn vader David zal vele malen bezig geweest zijn hem te bewegen tot het geloof. Hoe reageer jij erop, als deze boodschap van de noodzaak van bekering tot jou komt? Blijf jij doorrijden op jouw muildier van geld\ charme, je gaven en talenten, totdat... ook jouw muildier onder je vandaan rijdt? Hoor dan ook nu: je komt om! Is er dan nog iets anders dan deze geschiedenis van Absalom? ja kijk! Daar hangt Hij! De Vredevorst. Het leven. Aan het kruis. Hij komt tot jou, ook vandaag. Daarom: verhard je niet, maar laat je leiden. Zo opende ds. R. Kattenberg de jaarlijkse + 7 6-bondsdag.

Hij sprak zijn openingswoord naar aanleiding van het gelezen gedeelte, 2 Samuël 18:1-9. Vanuit het hele land waren zo'n 2500 JeV-leden, leden van het bondsbestuur en allerlei commissies van de Jeugdbond, het bondsdagkoor, en andere (ook oudere) belangstellenden naar de RAI in Amsterdam gekomen. Het thema van deze bondsdag was: En gij zult Mijn getuigen zijn'. Helaas was de belangstelling wat minder dan voorgaande jaren. Na zijn openingstoespraak zongen we Psalm 135:3. Evenals in andere jaren werd ook nu een telegram gestuurd aan H.M. Koningin Beatrix. In de persoon van ds. Kattenberg spraken alle aanwezigen hun hartelijke verbondenheid met het huis van Oranje uit. Het telegram besloot met de wens dat de Heere ook haar Leidsman zou zijn. In aansluiting op het telegram zongen we het eerste en zesde vers van het Wilhelmus.

De strijd in de praktijk

Intussen waren jeugdwerkadviseur André Lagendijk en Willem-Martin van der Wilt, een van de aanwezige jongeren, het podium opgegaan. André vroeg Willem-Martin naar zijn ervaringen met het omgaan met niet-christelijke collega's. Willem-Martin werkt als electriciën bij een installatiebureau in Rotterdam. Hij ervaart dit omgaan vaak als moeilijk. Je krijgt telkens dezelfde vragen naar je toe, bijvoorbeeld waarom je thuis geen TV hebt, waarom alle meisjes rokken moeten dragen, enzovoort. Ook zijn er veel gesprekken waar je niet echt aan kunt meedoen. Willem-Martin vertelt dat hij wel een keer met een personeelsfeest mee was geweest, maar dat viel negatief uit: er werd veel gedronken, er was een goochelaar en een zangeres. Toch kon hij nu hij er geweest was duidelijk maken waarom hij zich er niet thuisvoelde, ondanks dat ze er rekening mee hadden gehouden dat er mensen voor de zondag thuis wilden zijn. Ook tijdens maaltijden krijgt hij op zijn werk alle ruimte om te bidden voor het eten. Willem-Martin raadde iedereen die in zo'n situatie zijn werk moet doen, om je goed in de situatie van zo'n andersdenkende te verplaatsen en hun leef-en denkwereld te kennen. Ook moetje, volgens hem, duidelijk maken dat het niet zwaar is om zo te'moeten' leven, maar dat je er toch blij onder bent.

Geroepen tot de strijd

Aansluitend hierop kreeg ds. P. Mulder het woord. 'Geroepen tot de strijd' was het thema van deze lezing. Hij hield zijn lezing naar aanleiding van de geschiedenis van jozef bij Potifar. Jozef had deze plaats niet gezocht. Hij deed eerlijk zijn werk en was langzamerhand in een belangrijke positie gekomen. In deze positie kwam jozef in grote verleiding toen Potifars huisvrouw zei: 'Lig bij mij' en 'Wees bij mij.' Zo komt er door de oogpoort zeer veel verleiding op ieder mens af. Denk aan David en Simson. David had maar even nodig en viel. Bij ons is dat misschien het EK, een liedje, een plaat of tijdschrift. Voor elke verleiding is vast wel een verhaal te bedenken. Al deze redeneringen zijn echter geen excuus. Als jij bidt: 'Leidt mij niet in verzoeking', dan moet je er ook naar leven. Jozef zegt duidelijk nee. Hij doet niet op sommige punten mee en op

andere punten niet; daar gaat geen werfkracht van uit. Jozefs motivering was: 'Zou ik zo'n groot kwaad doen en zondigen tegen God? ' Ken jij dit ook al? Of hou je stiekem vast aan de zonde? Vraag toch naar de Heere en Zijn sterkte. Het zondegenot is kort en geeft achteraf veel pijn, maar de vreze des Heeren die maakt rijk. Belijd voorde Heere dat je gezondigd hebt. Vanmorgen klinkt het: 'Wend je naar Mij toe, en wordt behouden.' De Heere jezus neemt de schuld weg van de Zijnen en geeft hen de gemeenschap met God die eeuwig duurt.'

Ensemble Sjosjanim

Het ensemble 'Sjosjanim', een christelijk symfonieorkest op gereformeerde grondslag, laat vervolgens enkele gedeelten horen van 'Divertimento in D grote terts' van joseph Haydn. Hierna liepen Annelies van der Kooy en Paul, een +12-leidinggevende en staflid van een zomerkamp, het podium op. Annelies stelt enkele vragen aan Paul over de strijd inde praktijk. Paul vertelt vanuitzijn eigen leven hoe de zonde hem trok, maar ook hoe de Heere hem veertien jaar geleden opraapte uitzijn zondeleven. Hij vertelde hoe jongelui het elkaar onderling moeilijk kunnen maken door elkaar uit te lachen als ze 'vroom' doen, ofwel serieus meedoen op bijvoorbeeld catechisatie of de vereniging. Hij vertelde dat hij er ook graag bij wilde horen bij zijn vrienden, maar dat dit een keuze betekende tegen zijn ouders, tegen de kerk en ten diepste tegen de Heere. 'Het ging heel geleidelijk, maar ik ging steeds verder door', zo bekende Paul.

Strijd de goede strijd

Annelies: 'jij had dus met alles gebroken, maar de Heere zochtjou op? ' Paul: 'Ja, ik had met alles gebroken, en ging des te meer en des te harder de wereld dienen. Het is een wonder dat de Heere mij de ogen opende, dat ik regelrecht op weg was naar de hel. Ik dacht vrij te zijn, maar hoe langer hoe meer ging ik het juk van de zonden voelen. Daarom bad ik: 'Heere verlos mij.' Op een van die momenten heb ik heel mijn hart voor de Heere uit mogen storten. Ook mocht ik iets van Zijn liefde eivaren, ondanks dat ik Zijn Naam zo ontheiligd had. De weg terug is lang en zwaar geweest. Ik hoop dat jullie allemaal je erin herkennen. Doe de zonde niet meer! Strijd de goede strijd!' Annelies: 'Is de strijd nu voorbij? ' Paul: 'Ik ben tot nu toe voor een uitbreken in de zonde bewaard gebleven. Je en/aart een verdorven schepsel te zijn, maar strijd dan de goede strijd met de Heere.' Annelies: 'Paul, bedankt. Sterkte in de strijd.'

Bondsdagkoor

Dit intermezzo over'De strijd in de praktijk' liep over in het eerste lied van het bondsdagkoor onder leiding van P.C. den Uil: 'Welzalig is de man', naar Psalm 1. Na het lied 'Forty days and forty nights', zong het koor enkele coupletten van 'Neem mijn leven, laat het Heer'. Bij twee coupletten zongen alle aanwezigen mee, terwijl het bondsdagkoor de tegenstem zong. Het volgende lied ging over de keus van Ruth. Het laatste lied van de koorzang was Psalm 100, en op de wijze van Psalm 134 werd gezongen. Onder begeleiding van trompet en orgel zongen alle aanwezigen de coupletten 1 en 3. Het koor zong hierbij de tegenstem en zong de overige coupletten. Het ensemble 'Sjosjanim' rondde het muzikale gedeelte af met twee stukken.

Na de samenzang van Psalm 34:6 en 7, waarbij het koor de tegenstem zong, maakte ds. Kattenberg de opbrengst van de morgencollecte bekend in code:13-23-33-0, ofwel ruim ƒ 13.000, - . Hij hoopte dat de middagcollecte nog eens dit bedrag op zou kunnen bren-

gen. Ds. J.B. Zippro besloot de morgenbijeenkomst met gebed.

Pauze

In de pauze was ervan alles te beleven. Vele organisaties uit de gereformeerde gezindte waren present in de naastliggende Europahal. De commissie zomerkampen van de jeugdbond was nadrukkelijk aanwezig met een van de nieuwe tenten, die bij verschillende tentenkampen gebruikt gaan worden. Ook werden video's vertoond van verschillende zomerkampen en was het mogelijk om alvast te kijken wie je staf en medezomerkampgangers zullen zijn. Verder was er in een hoek van de Europahal gelegenheid om met medewerkers van de zending een persoonlijk gesprek te hebben. Het ensemble 'Sjosjanim' verzorgde in de pauze een middagconcert. Zij speelden een muziekstuk van James Hook.

De heer Mauritz opende de middagbijeenkomst met het lezen van 1 Petrus 1 : 1 - 9. Hierna trad het bondsdagkoor weer op. Zij zongen twee koralen uit het oratorium 'Paulus'van F. Mendelssohn Bartholdy: Dir Herr, dirwill ich mich ergeben' en: O Jesu Christe, wahres Licht'. Deze koralen werden gevolgd door het lied 'O Heil'ge Geest, daal op ons neer', dat door P.C. den Uil vertaald was uit het Engels. Het laatste stuk was een onderdeel van een cantate van J.S. Bach, eveneens vertaald: Lof en eer zij onze God gezongen'. Psalm 100 uit het morgenprogramma werd nog een keer overgedaan, omdat er 's morgens een storing in de opname was.

Forum: meedoen en jezelf blijven

Het volgende programmapunt was een panelgesprek onder leiding van Johan de Jong. Er namen drie jongeren aan dit gesprek deel en een oudere. Zij spraken met elkaar over het thema 'Meedoen en jezelf blijven'. De drie jongeren waren jacob Broekhoff, Corine van Schaik en Jolanda Anker, jacob is 18 jaar en werkt als meubelmaker bij een antiekrestaurateur. Corine is na de MDGO-VZ als ziekenverzorgende gaan werken in een verpleegtehuis. Zij is 22 jaar. Jolanda werkt nu via een uitzendbureau op verschillende plaatsen. Zij is 18 jaar en heeft de opleiding MEAOkort afgerond. Ook ouderling Hotting uit Amsterdam nam deel aan het gesprek. Hij is 74 jaar en heeft samen met zijn vrouw alle bondsdagen vanaf de eerste bezocht, zo vertrouwde hij me in de pauze toe. Naar eigen zeggen is hij een stakende leerling. Hij heeft zijn opleiding niet afgerond en is destijds op de boerderij gaan werken. Later heeft hij in een groentezaak gestaan en hier had hij veel contact met allerlei mensen.

Wat kom je tegen?

Johan de Jong: 'Kunnen jullie eens uit eigen eivaring vertellen waar je zoal tegenaan loopt? 'Jacob: 'Je collega's praten vaak alleen maar over seks en een film op TV. Het lijkt soms wel of ze een beetje ziek zijn.' Corine: 'Mijn en/aring is hetzelfde. Ik denk aan een personeelsfeest. Ook hebben wij te maken met bijvoorbeeld stervensbegeleiding.

Onkerkelijken denken hier vaak heel anders over. Wel ontmoet je soms acceptatie van je standpunt.' Jolanda: 'Bij vakantiewerk stond ik vaak heel alleen. Ik ben al eens ontslagen, omdat ik niet in het team zou passen.' De heer Hotting: 'Omdat ik niet verder wilde leren, werd ik al heel jong midden in de maatschappij geplaatst. Ons dorp werd wel het rode dorp genoemd, hoewel er zeer veel mensen leefden meteen gedoopt voorhoofd. Als ik over het evangelie wilde praten, ontmoette ik veel weerstand.'Corine vertelt, dat ze soms wel eens merkt dat een bewoner bang is om te sten/en, maar als je dieper op deze zaak ingaat, ontmoet je toch wel weerstand, jolanda heeft het een keer meegemaakt dat een collega in de donkere kantine tegen haar zei: 'Als ik je nu hier zou verkrachten, zou je dan je kind laten leven? 'Toch mocht ze voor haar standpunt uitkomen.

Kunnen jullie meedraaien?

Johan de Jong: 'Hebben jullie het gevoel dat jullie ondanks deze moeilijkheden toch volop kunnen meedraaien? ' Jacob: 'Wat het werk betreft wel, maar de omgang met collega's is soms moeilijk.' Corine: 'Je voelt je vaak eenling. Je kunt toch niet helemaal zo meedraaien als een ander.' jolanda: 'Als je goed bent in je vak dan gaat het wel, maar als je niet in het team past heb je een probleem. Toch merkte ik een keer dat mijn collega's mijn volhouden uiteindelijk wel waardeerden. Na een aantal maanden zei een inmiddels oud-collega een keer: er ging toch iets van je uit.' Johan de Jong: 'Mijnheer Hotting, was dat vroeger minder moeilijk? ' Mijnheer Hotting: 'Ik denk niet dat het moeilijker is. Wij hebben hetzelfde boze hart als ieder ander. Wij leven in een wereld die ligt in het boze, maar ook is er Eén Die leeft. Als wij getuigen, mogen we weten, dat er Een is, Die staande gebleven is. We moeten eerlijk en oprecht de ander wijzen op het gevaar waar hij in leeft.'

Hoe voorbereiden?

Johan: 'Hoe zou je je op die situaties kunnen voorbereiden? ' Jacob: 'Verdiepen in geloofszaken. Je kunt denken: "Ze komen er niet achter", maar als je op een gegeven moment niet kunt meepraten, heb je een probleem. Je moet er dus eerlijk voor uit komen, wie je bent en waar je staat.' Corine: 'De reformatorische middelbare school, de catechisatie, de jeV dragen hieraan bij. je krijgt ook verdieping door lezen en aandachtig luisteren naar de preek geeft vaak antwoord op je vragen.' Jolanda: 'Veel praten met vertrouwde mensen.' Hotting: 'De vereniging ondersteunend? Dan zeg ik voluit ja! De Heere Jezus zegt: onderzoekt de Schriften. Als wij getuigen en Zijn Woord biddend onderzoeken, dan geeft de Heere een antwoord om onze smader te antwoorden.'

Tot getuige geroepen

Hierna kreeg ds. C.J. Meeuse gelegenheid om zijn lezing over 'Tot getuige geroepen' uit te spreken. In gedachten nam hij ons mee naar Athene, waar eens Paulus op de Areopagus sprak over jezus Christus. Genoot Paulus van Athene? Nee, Paulus' hart was ontstoken. De Heilige Geest dreef hem tot getuigen. Met medelijden en grote droefheid zocht hij mogelijkheden om te getuigen. Met ieder die hij tegenkwam, probeerde hij het gesprek aan te gaan. Nu gaan er ook naar Athene. Misschien jij? Ga jij dan echt als christen, of als toerist? Is jouw hart ook ontstoken over jouw medemens die op weg is naar het gericht? Paulus' getuigenis is leerzaam. Hij sloot aan bij de leefwereld van zijn gehoor'. Hij maakte hen een compliment voor hun dusdanige godsdienstigheid dat ze zelfs een altaar voor de onbekende God maakten. Maar hij ging verder. Hij drong hen aan om hun Schepper te zoeken: God is niet ver van ons en in Hem leven en bewegen wij ons. Paulus eindigde met spreken over Christus.

Wat laten wij in vergelijking met Paulus onze medemens toch soms makkelijk verloren gaan. Wel worden wij eerst geroepen tot bekering. Het ontstoken hart moet eerst doorstoken worden. Als je zelf Christus niet kent, dan ben je een getuige die geen waarheidsgetrouw verslag kan brengen. Moetje dan je mond houden? Laat het je tot nood zijn. Vraag God of je Christus mag leren kennen. Als jij ziet, hoe anderen verloren gaan, laat dan je hart ontstoken zijn. Bid om vrijmoedigheid. Er zullen er zijn die weglopen en spotten. Er zullen er zijn die de keuze uitstellen tot later. Er zullen er echter ookzijn, die gegrepen worden. Ikwens je van harte een ontstoken hart toe.

Voordat ds. Driessen de bondsdag besluit, spreekt de heer Mauritz een slotwoord: 'Het ging over strijd (lezing ds. Mulder) en belofte (lezing ds. Meeuse). Ik moet denken aan de eerste Pinksterdag. Toen werden er 3000 tot God bekeerd. Vandaag zijn er ruim 2500 jongeren aanwezig hier in de RAI. Wij staan in deze wereld met de opdracht om te strijden en getuige te zijn. Het accent lag op gij/jij, maar ook op Hij. Hij plant Zijn naam voort van geslacht tot geslacht. Hij is er en jij bent er en daarom kan het ook voor jou nog!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juni 1996

Daniel | 32 Pagina's

En gij zult Mijn getuigen zijn...

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juni 1996

Daniel | 32 Pagina's