Denk om je leven!
Openingstoespraak bondsdag +16
„Absalom bleef hangen tussen de hemel en tussen de aarde". (2 Samuël 18:9 ged.)
Een hangende Absalom, een jongen in doodsnood. Ik kan me best voorstellen dat je dat nu niet zo'n opwekkend tafereel vindt. Toch zeg ik: Kijk, daar hangt-iel En ik zeg 't met nadruk. Weet je waarom? Wel, hierom: het leven van Absalom is mislukt. En z'n dood evenzo.
Hij had zo'n prachtige naam, want Absalom betekent 'vader van de vrede'. Maar wat baat een mooie naam, als je muildier onder je wegrijdt en je blijft aan je mooie haren hangen tussen hemel en aarde aan de takken van een eik? Wat baat het je als je vrede meedraagt in je naam en je hebt geen vrede met God in je hart? Wat baat 't je als je vader van de vrede heet en je kent de Vredevorst, de Heere jezus, niet?
Een goede opvoeding
Absalom, daar hangt-ie? Je voelt wel, dat dit alles geen zaak is geweest van de ene dag op de andere. Nee, 't is een heel proces geweest. Naar de mens gesproken had 't zo anders gekund. Wat een gaven had God aan Absalom gegeven. Hij was knap, hij had een goede omgang met mensen, een helder verstand, een grote dosis durf.
En wat had hij een fijne vader, meer nog: een bekeerde vader. Nee, geen vader zonder gebreken en zonder zonden: die heeft Absalom wel gezien, maar hij heeft ook gezien, dat 't geloof en de vroomheid van z'n vader echt waren. En dan: Absalom wist, dat er tussen God en hem een band bestond, hij wist, dat hij besneden was.
De God van het verbond is ook tot hem gekomen met Zijn barmhartigheid en liefde van z'n opvoeding, in de vermaningen in z'n vader, in de gebeden, die voor hem gedaan zijn. Als Absalom gestorven is, zegt David: Mijn zoon Absalom, mijn zoon, mijn zoon Absalom.
Denk om je leven!
Meisjes en jongens! je gelooft toch ook wel, dat David dat al veel eerder tegen hem gezegd heeft: Mijn zoon, mijn zoon!
Dat zei David, als hij in-en uitliep bij hem. Mijn zoon, dien de Heere, heb de beloofde Messias hartelijk lief. Absalom, denk aan je leven.
Zullen je ouders - als je die nog hebben mag - ook zo niet over jullie denken?
Dan is er meeleven in de dingen van elke dag, maar er is meer! Mijn kind, denk aan je leven. Besef je wel, dat je op de wereld bent om God te loven en te prijzen? Mijn kind, loop niet verkeerd, kan dat nu allemaal maar in je leven? Denk er om: je moet wederom geboren zijn; je hebt 't bloed van Christus nodig tot verzoening van je zonden, want zonder geloof kun je God niet behagen. Heb jezus hartelijk lief!
Als David zo sprak, dan stond hij niet boven Absalom, maar dan zat hij naast hem, om hem te bewegen tot het geloof.
Geef mij de wereld
En Absalom, hoe reageert hij op deze woorden? En jij, hoe reageer jij daarop?
De reactie van Absalom kunnen we afleiden uit het verloop van de geschiedenis. Vader altijd met z'n geloof en over bekering! Houd Jezus maar en geef mij de wereld, geef mij de wereld en ik leef. Ja, totdat je hangt.
De genade van de waarschuwing
En kijk eens: Absalom hangt aan zijn trots. Zijn haarlokken draaien z'n doodsstreng. Is 't niet om stil van te worden? Bedenk, de dood van Absalom was voor hem 't oordeel, maar voor ons zit er de genade van de waarschuwing in. Want in feite rijden we allemaal op ons muildier. Dit kan je geld zijn, je diploma, je charme, je rechtzinnigheid, je inzicht, je rijdt erop, totdat ineens dat muildier onder je wegloopt, als alle houvast je ontvalt; ja, en dan hang je. Hoor 't dan ook nu. Zó gaat 't niet. Zo kom je om met je al je begaafdheden en wat dies meer zij, zelfs als je jong bent aan de ingang van je leven. En nu hoop ik, dat je zult zeggen: Maar wat dan? Dan zeg ik nog een keer: Kijk, daar hangt Hij en dan gaat het om Hij met een hoofdletter. Op Colgotha, daar hangt Hij, Wiens naam Jezus is.
De klop op de deur
De ogen van Absalom zullen in de laatste ogenblikken van z'n leven vol verschrikking geweest zijn; 't is wat om zo de dood in te gaan. Maar Jezus op 't kruis had ogen vol ontferming. En vanuit het Woord is Zijn item ook heden onderons: Mijn zoon, Mijn zoon, Mijn dochter, Mijn dochter, geef Mij je hart. Zie eens hoe Hij je nawandelt tot je zaligheid. Elke keer de klop op de deur van je hart. Ook nu weer. Hij is genegen om te zaligen, bereid om je te ontvangen, bekwaam om je te helpen. Hij is lankmoedig. Hij klopt. Dat betekent dat van nature de deur voor Hem dicht zit. Dat is onze dood, onze schuld, onze zonde, onze afval van Cod. En merk eens op, dat Christus klopt. Hij klopt als Gods wet ons veroordeelt als aan alle kanten schuldig.
Hij klopt als Zijn Evangelie ons roept als aan alle kanten welkom.
Hij luistert aan de deur van je hart of daar is het roepen om genade, het veroordelen van jezelf, het uitzien naar ontferming. Wat doe je met Zijn spreken? Toch weer verder op je muildier? Is dat nooit de lust van je hart geworden om de Heere lief te men hebben tot in alle eeuwigheid? Daartoe wil de Heilige Geest werken ontdekkend, vermanend, vertroostend door het Woord des Heeren. Zie, daar hangt Hij, de Zoon des Vaders, de Zaligmaker der wereld, de Vredevorst. Wat een verschil. Daar hangt-ie, Absalom. Dat hangen predikt ons de dood. Daar hangt Hij, de Heere Jezus en Zijn dood predikt het leven. En de Heilige Geest betuigt het: Heden, zo je Zijn stem hoort, verhard je niet, maar laatje leiden.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juni 1996
Daniel | 32 Pagina's