JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Bladeren in oude Daniëls

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Bladeren in oude Daniëls

19 minuten leestijd

Dat was wat, een eigen blad voor de jeugd van onze gemeenten! We hadden in die tijd, een jaar na de oorlog, alleen nog maar De Saambinder; In de kring van de jongelings verenigingen werd Daniël enthousiast ontvangen, maar sommigen in de gemeenten waren wel wat terughoudend. Ds. Kersten werkte er niet aan mee... Daniël werd een leidraad voor de verenigingen. Het gaf meteen ook al een band door de verslagen van jaarvergaderingen, ook van meisjesverenigingen, waardoor je wist wat er bij anderen gebeurde.

Ons blad had in de beginjaren ook een sterk samenbindende functie door de aandacht voor en het meeleven met de militairen in Indië, die daar van 1946 tot 1950 verbleven. De redactie zette zich er bijzonder voor in om de band met de jongens overzee te onderhouden. Het samenbindend element vormt naast de voorlichting nog altijd een belangrijke functie van Daniël. We gaan bladeren in oude jaargangen en hopen zo bij ouderen een gevoel van herkenning en bij jongeren belangstelling voor het verleden te wekken. Met vijftig jaar Daniël hebben we toch een stukje geschiedenis mogen schrijven!

Boeiende bezigheid

Bladeren in oude Daniëls is een boeiende bezigheid! Het verleden gaat voor ons, die al wat ouder zijn, herleven. We zien namen en artikelen van predikanten die we in onze jeugd nog gehoord hebben. Lezen over gebeurtenissen die veel indruk op ons hebben gemaakt, of die we al lang vergeten waren...

We merken hoe de samenleving is veranderd. We volgen de ontwikkelingen van ons zendingswerk, waarover de Heere zoveel zegen heeft willen geven. We krijgen een beeld van de uitbreiding van het jeugdwerk: de ingebruikname van het eerste bondscentrum, de komst van de eerste jeugdwerkadviseur, de steeds groeiende belangstelling voor de - 16 bondsdagen. We volgen de +16 jongeren op hun landdagen in de kerk aan de Boothstraat in Utrecht via De Doelen naar de bondsdagen in de RAI.

Wat mogen we bij het terugkijken in die oude Daniëls ook veel zegeningen tellen!

We willen van elke tien jaren Daniël wat citaten geven om zo ieder met ons mee te laten bladeren.

Verslagen van j.v.'s en m.v.'s

De verslagen, die jongelings-en meisjesverenigingen instuurden van hun jaarvergadering, laten ons zien hoe goed ze vroeger konden luisteren. Uit de eerste jaargang, 9 mei 1947, de jaarvergadering van 'Onderzoekt de Schriften' te Ridderkerk:

„Het eerste onderwerp van deze avond getiteld: 'David'werd geleverd doorvr(iend). j. van Beek, hetwelk met veel aandacht werd gevolgd. Een 7-tal vragen werd tot genoegen beantwoord. Een recitatie over 'De Biechteling' door vr. J. Stolk viel zeer in de smaak van de aanwezigen. (...) Het tweede onderwerp getiteld 'De Kerkhervorming'werd naar voren gebracht door vr. j. Flach. Hij behandelde achtereenvolgens de Duitse, de Duits-Zwitserse en de Frans-Zwitserse heivorming, waarbij het leven van de verschillende hervormers nader werd toegelicht. (...)

Hierna volgde het derde en laatste onderwerp 'Gustaaf Adolf en de 30jarige oorlog' door vr. S. Lagendijk, die ons verhaalde van deze heldhaftige koning, die het middel in Gods hand mocht zijn om het protestantisme in Europa te bewaren.

Het slotwoord was gelaten aan onzen eersten voorzitter vr. v. d. Graaf, die dit in drie gedeelten behandelde. (...)"

Tussen de drie onderwerpen door werden jaarverslagen uit-en felicitaties overgebracht! Zulke jaarvergaderingen zijn nu niet meer denkbaar. Maar ze hadden toch iets.

De samenkomst met gerepatrieerde militairen

Na de overdracht van Nederlands Oost-lndië aan de Republiek Indonesia keren onze militairen naar huis terug. Als laatsten komen op 9 mei 1950 de jongens, die zich niet wilden (aten vaccineren tegen pokken en daarom langer moesten blijven, met de 'Zuiderkruis' terug. Met de gerepatrieerde

militairen wordt op 25 mei een bijeenkomst gehouden in de kerk van Utrecht aan de Boothstraat.

In Daniël van 2 juni 1950 staat daarover:

„Deze dag moet men zelf hebben meegemaakt om zich een juist en blijvend beeld ervan te vormen.

Het samenzijn, dat georganiseerd was door en onder leiding stond van de Synodale Commissie voor de militairen, werd door de Voorzitter der Commissie, de Weleerwaarde heerds. H. Ligtenberg, om half elf geopend. Bij de aanvang werd gezongen Ps. 66:5 en 6 en ook Psalm 66 gelezen.

In zijn gebed droeg ds. Ligtenberg de omstandigheden van dit samenzijn aan de Heere op, bijzonder Zijn zegen afsmekend voor degenen, die zo diep bedroefd zijn door de geslagen wonden en Hem biddende om die genade, in ware dankbaarheid met alle ontvangen weldaden in Hem te eindigen. In een kort openingswoord merkt de voorzitter op, dat er niets buiten Gods raadsplan geschiedt, dat Hij Zelfde teugels van al het gebeuren in Zijn handen heeft en wijdt ook enkele woorden, vol van gevoel, aan de vele teleurstellingen, die zich hebben voorgedaan, zowel nationaal als in de geleden smartelijke verliezen.

Wat de teruggekeerde militairen aangaat, God heeft het gebed van Zijn knechten en ambtsdragers verhoord. De toevlucht in alle noden is er nog. En daarom mocht deze dag wel in het teken staan van: 'Wat zullen wij met Gods gunsten overlaan de Heere vergelden'."

Tot hiertoe geholpen

Het aantal abonnee's bedroeg de eerste jaren ongeveer 4000, maar door de kerkelijke verwikkelingen rond ds. R. Kok in 1950 en dr. C. Steenblok in 1953 liep dit aantal terug. Bij het ingaan van de twaalfde jaargang, 28 juni 1957, schrijft ds. Verhagen:

„Elf jaargangen van 'Daniël' liggen achter ons; de twaalfde gaan we bij deze in. En dan mogen wij ook wel betuigen, dat de Heere ons tot hiertoe heeft geholpen. Het scheen weleer onmogelijk een blad tot leiding van onze jeugd te krijgen. Vele jaren was ernaar gevraagd en sterk naar verlangd en... wij mochten het zien gebeuren. Al was het een Gideonsbende die het werk mocht ontvangen en al werden de hoofden wel eens geschud, of het wel stand zou houden; dit kunnen wij zeggen, niettegenstaande al de schuddingen welke in al die jaren zijn doormaakt: 'Daniël' is er nog! En dat niet omdat wij het gedaan hebben, o neen, maar de Heere is het die ook ons tot hiertoe heeft geholpen".

De Rondkijker

Vanaf de tweede jaargang, 23 april 1947, tot in 1967 vinden we in vrijwel elk nummer een artikel van de 'Rondkijker', schuilnaam voor de heer Th. de Waal te Middelharnis. Hij introduceert zijn rubriek als volgt:

„In deze rubriek willen wij, voorzover de ruimte toelaat, belangrijke varia uit de Kerkelijke Pers van onderscheiden richtingen opnemen. Er is vaak naar gevraagd. Wij hopen erdoor te bevorderen, dat onze jongens en meisjes een weinig kijk krijgen van hetgeen op de kerkelijke erve in het algemeen, zowel in het binnen-als ook wel in het buitenland gaande is".

Het blijkt, dat hij in de loop der jaren ook nog over heel wat andere onderwerpen geschreven heeft. We geven een kleine bloemlezing, die representatief is voor het geheel.

Het overlijden van ds. Kersten; de bevestiging van de candidaten F. j. Dielemanen F. Mallan; het graf van Bunyan; wordt Nederland overbevolkt? ; welsprekendheid; Daniël-dag; het Kerkelijk jaarboekje; de Christelijke Kweekschool te Krabbendijke; de ramp van 1953; tekenen der tijden; jubileum van het Nederlands Bijbelgenoot-schap; verkering en verloving; de vrouw in het ambt; het sterven van prof. G. Wisse; het Koninklijk huis. Het is verleidelijk om nog veel meer te noemen, maar dat laat onze ruimte niet toe.

Toenemende goklust

Dat de stukjes van de Rondkijker ook nu nog actueel zijn, bewijst zijn artikel over toenemende goklust! (15 november 1957). Hij schrijft hierover naar aanleiding van de mogelijkheid om grote prijzen te winnen door het beantwoorden van simpele vragen met het opsturen van extra postzegels. Die puzzels staan in verschillende kranten. Er begint van diverse kanten kritiek op te komen en het Kabinet zal er ook over spreken. De Rondkijker vervolgt dan:

„Intussen is het jammer dat het zover is gekomen. Hetgokkaraktervan deze puzzels is toch duidelijk genoeg en heeft nu zijn duizenden verslagen. In vele gezinnen is ellende gebracht, omdat menige gulden voor postzegels is geplakt die voor nuttige zaken in het huishouden had kunnen worden aangewend. Er waren er die aan vier, vijf kranten tegelijk meededen, maar dat betekende dan ook idem zoveel guldens van het verdiende loon. Het 'geluk' moest eens mee zijn! Dan was men opeens rijk en uit de zorgen. De

mens is van nature een gelukzoeker. En in feite bestaat er geen geluk, er is alleen maar'zegen' en 'vloek'. De Spreukendichter zegt: e zegen des Heeren maakt rijk en Hij voegt er geen smart bij (Spreuken 10:22). Luther vertaalde deze tekst zo: e zegen des Heeren maakt rijk zonder moeite. Dat wil zeggen: r zit niets onaangenaams in. Slechts dat goed waarmee God de Heere de mensen zegent, geeft het ware genot bij het gebruik en/an. Hij voegt er geen smart bij, dat wil zeggen het brengt geen onrust, geen ontevredenheid, hij mag er ten volle van genieten. Hij heeft het, om zo te zeggen, uit de hand Gods ontvangen. Maar dat kan men van gokken, op welke wijze dan ook, niet zeggen. Daar speelt de begeerlijkheid de mens parten, daarwil men graag voor een paar centen een waarde bemachtigen, die wordt uitgedrukt in honderden, als het kan zelfs in duizenden guldens! Bij het puzzelen om geldprijzen wordt op de hebzucht, op de goklust van de mensen gespeculeerd. En wie eraan meedoet, zoekt geluk waar geen geluk is, die wil 'rijk' worden buiten God om. En die zo rijk willen worden, vallen in verzoeking en in de strik".

Behartenswaardige woorden, zeker ook voor onze tijd met z'n tienduizenden gokverslaafden!

Daniël wordt vernieuwd

Dan nog een aanhaling uit Daniël van 3 januari 1964, waar de Rondkijker schrijft over de dag met Daniël-medewerkers, die in de kerstvakantie werd gehouden:

„Het was deze keer wel een zeer belangrijke en ietwat spannende vergadering omdat het besluit van het hoofdbestuur ter tafel werd gebracht, om met ingang van de nieuwe jaargang per 1 juli 1964 'Daniël' in een ander gewaad te laten uitkomen, nl. in brochurevorm, telkens met 24 pagina's tekst. Onze hoofdredacteur ds. H. Rijksen, heeft daarover in het vorig nummer reeds een en ander meegedeeld. Het ligt nl. in de bedoeling nu er door de vergroting van het blad meer ruimte beschikbaar komt nog groter verscheidenheid in de artikelen-series aan te brengen, waarvan sommige met illustraties zullen worden verlucht".

De abonnementsprijs moet daarvoor wel drastisch worden verhoogd: van ƒ 4, 50 naar ƒ 6, 50 per jaar. Een stijging van ongeveer 30%

Een redactieraad

De negentiende jaargang verschijnt dan in een vernieuwde uitgave, waarover in het artikel over 'Troffel en Zwaard' meer wordt verteld.

Al bladerend zijn we gekomen in het derde tiental jaren van Daniël. Daar lezen we in de nummers van 9 en 23 september 1966 over het onverwacht overlijden van de heer H. Hoogendoorn, op de leeftijd van zestig jaar. Hij is 35 jaar secretaris van de Bond van jeugdverenigingen geweest en was twintig jaar lang de stuwende werkkracht achter Daniël:

„De Bond van jeugdverenigingen én ons blad 'Daniël'zullen onze beminde vriend, medewerker en raadgever Hoogendoorn zeer missen. Moge de Heere Zelf voorzien in iemand, die met evenveel liefde en arbeidslustzijn taak kan voortzetten".

Na zijn overlijden besluit het bondsbetuur een redactieraad voor Daniël te vormen.

Daarin krijgen naast de hoofdredacteurzitting: ds. A. Elshout, C. Bregman, Z. de Graaf en mevr. S. T. van Malkenhorst-Visser. Het blad is dan al niet meer alleen gericht op de jeugdverenigingen, maar wordt meer voor het hele gezin. De rubriek 'Van acht tot zestien', vele jaren door de heer C. de Bode verzorgd, gaat over in 'jeugdfontein'. De vrouwenverenigingen krijgen hun 'Vrouwenpraet'.

Men wil in deze jaren ook meer het gesprek met jongeren op gang brengen.

Zo verschijnt drie jaar lang de rubriek 'Wij, jongeren' door C. en A. (Blenk), gevolgd door de serie 'Onder ons gezegd' van de heer en mevrouw Van Malkenhorst.

Toch gaat het met Daniël niet zo goed als de redactie door het aanbrengen van vernieuwingen gehoopt had. In 1968 is het aantal abonnee's gedaald tot een dieptepunt van 3200. Door de benoeming van de eerste jeugdwerk-adviseur, (ds.) M. Golverdingen, krijgt ook ons blad nieuwe impulsen.

Er wordt een grote abonnee-actie gevoerd: 'Trek aan de bel voor Daniël'. Vanaf die tijd zijn (veel) meer mensen ons blad gaan lezen.

Themanummers

In het begin van de jaren zeventig verschijnen verschillende themanummers en ook Daniëls met speciale bijlagen. We citeren uit het themanummer 'Gij zult Mijn getuigen zijn', 22 juni 1974, ds. A. Vergunst:

„Het getuige-zijn moet dus allereerst individueel beoefend worden. Het is een wezenlijk deel van het christelijk leven. Maar onderscheiden van dit meer individuele optreden moet worden het getuigen van de gemeente Gods door de dienst van de ambten, die de Heere in de gemeente instelde. We willen dus denken aan de kerk als 'instituut'. Zij openbaart zich in een plaats door de bijeenkomsten van de gemeente rondom de prediking, door haar barmhartigheidsbeoefening, welke zowel de noden in de gemeente zoekt te lenigen, alsook die buiten de gemeente. Bij het laatste spreken we van diaconaat, tegenwoordig weet men van de wereldwijde dimensies eivan. De kerk predikt dus allereerst het Woord, maar met dat Woord staat zij ook midden in de wereld. Onder de schijnwerpers van het Woord Gods komt de gehele gemeente, maar ook de samenleving van volk en volkeren; de maatschappij met haar in onze tijd demonische ontwikkelingen; de overheid en haar bijzondere opdracht. We spreken dan van de apostolaire opdracht: het apostolaat".

Een bondsdagverslag

De verslagen van jaarvergaderingen uit de beginjaren zijn inmiddels helemaal uit Daniël verdwenen. We moeten bij het doorbladeren van de dertigste jaargang zelfs zoeken naar het verslag van de +16-bondsdag. Het staat onder de rubriek Spectrum en heeft als opschrift 'Worden als een kind'. Dat is het thema van de bondsdag 1976, die werd gehouden in De Doelen te Rotterdam. Dit thema werd uitgewerkt in twee lezingen: Volwassen worden, door ds. j. van Vliet en Kind worden, door ds. C. Harinck. De sprekers werden afgewisseld door een orgelimprovisatie van Bram Beekman, een klankbeeld, een quiz en zang van koren uit Amersfoort en Utrecht. In het verslag, 23 mei 1976, van W. van D. te Rotterdam staat:

„Na een wat (te) snelle aanloop, werd het gehele leven van een kind, van geboorte tot volwassenheid gevolgd. Hierbij werd ingegaan op verschillende zaken, zoals het ouderlijk gezag, onderwijs, vrijetijdsbesteding en het kiezen van een levenspartner. „Er wordt vaak gezegd, wie de jeugd heeft, heeft de toekomst. Toch is dit feitelijk een halve waarheid. Want het is eerder zo, wie de Heere heeft, heeft de toekomst, dan kunnen we ook de toekomst aan".

Volwassen worden blijft moeilijk; bleek

uit de opbrengst van de collecte van die morgen dat iedereen al vrijwel volwassen is, het is toch moeilijk je altijd volwassen te gedragen, voor wie zelf op de Bondsdag was moge dit voldoende zijn..."

Dat was twintig jaar geleden. Tegenwoordig gaat het gelukkig wel beter!

Interviews

Bij de 25e jaargang komen we in het nummer van 11 december 1970 bij de redactie voor het eerst de naam P. Hogendoorn tegen (met één o). Het is de latere redactie-secretaris, de heer G. P. P. Hogendoorn, die zich tot 1988 enthousiast voor Daniël heeft ingezet.

De eerste 25 jaar komen we deze vorm van schrijven nog niet tegen, maar in de tachtiger jaren maken interviews grote opgang. Ze werden en worden graag gelezen.

Nog altijd gaan redactieleden op stap om bekende mensen, meest uit de kring van onze gemeenten, te ondervragen over onderwerpen waarin zij terzake kundig zijn.

Het is bijzonder boeiend de vele vraaggesprekken die in de loop der jaren zijn gehouden nog eens door te lezen! Het is een levendige manier van schrijven om de kennis, levenswijsheid en mildheid van ouderen, die leven uit Gods Woord, aan jongeren over te dragen.

Ten avondmaal gaan

Zo wilde Daniël een wegwijzer zijn voor jongeren die met geestelijke vragen worstelen.

Uit het interview met ds. A. Elshout (8 juli 1983) met hem gehouden door de redactieleden Hogendoorn en Kareis, halen we pastorale adviezen aan:

„Wat raadt u jongeren - en ook ouderen - aan die voor het eerst begeren aan het avondmaal deel te nemen?

In de eerste plaats dat ze zich ernstig onderzoeken voor Gods aangezicht over de vraag waarom ze ten avondmaal willen gaan. Is het ons om Christus en Zijn heil te doen? Gaat het echt om de liefde tot Christus? Is er een echt mishagen aan onszelf en begeren we met Christus verenigd te zijn? De Heilige Schrift biedt ons in de kenmerken daarvan een betrouwbare gids. In 't algemeen vind ik het ook verstandig om een goed boek erover te lezen en met iemand, met wie men voldoende vertrouwelijk is, erover te praten. Blijven deze dingen voor ons een duistere zaak, dan raad ik aan te wachten tot God daarover licht geeft. Kunt u iets vertellen over de geestelijke ervaringen tijdens de viering van het avondmaal?

Soms gebeurt het dat Gods geest krachtig met onze geest - door middel van het Woord - getuigt dat we kinderen Gods zijn, doordat Zijn liefde in ons hart wordt uitgestort. Het gebeurt ook wel dat men - door middel van de uiterlijke tekenen van brood en wijn - niemand ziet dan jezus alleen. Men ziet dan als in een spiegel Christus' offer gebracht voor zo'n onwaardige. Men moet echter niet denken dat dergelijke ervaringen regel zijn. De Heere heeft immers gezegd: Doet dat tot Mijn gedachtenis! Het gedenken staat dus centraal, niet het ontvangen. De Heere heeft niet gezegd: Doet dat tot uw stichting. Hoe meer men gesticht wil worden, hoe minder dat gebeurt; hoe meer men het tot Zijn gedachtenis doet, hoe meer men gesticht wordt".

Een veelbewogen jaar

In het vierde decennium van Daniël ligt ook het veelbewogen jaar 1981. Het bondsbestuur moest helaas een andere hoofdredacteur benoemen. Dat werd ds. J. Driessen, die tot aan zijn vertrek naar Zuid-Afrika in 1985 deze functie vervulde.

We waren in die tijd ook bezig met het boek "k Zal gedenken', dat uitgegeven zou worden ter gelegenheid van het 50-jarig bestaan van de jeugdbond en het 75-jarig bestaan van onze gemeenten. Twee van de medewer-

kers werden in 1981, nog voor het boek verscheen, uit het leven weggenomen: de heer). A. Saarberg en ds. A. Vergunst. De laatste was in januari naar Amerika vertrokken, waar hij op 21 november op de leeftijd van 55 jaar is overleden. In het boek kon nog juist een bewogen 'In memoriam' worden opgenomen. In verband met zijn overlijden werd de jubileumbijeenkomst van de Jeugdbond uitgesteld tot 12 december.

In Daniël van 9 januari 1982 schrijft Piet jansen in het verslag erover:

„Sober en tegelijkertijd stijlvol, zo zou ik de opzet van de herdenkingsbijeenkomst willen typeren.

En wat de inhoud betreft: het draaide niet om mensen. Centraal stond de naam van de Heere, Die trouw houdt tot in eeuwigheid.

Het is dan ook, zoals ds. Elshout in zijn gebed aanhaalde, niet dankzij ons, maar ondanks ons dat we dit jubileum mogen vieren. (...)

Tijdens deze bijeenkomst wordt het jubileumboek gepresenteerd. Dit gebeurt door één van de redaktieleden, de heer D. j. Thijssen.

Spreker memoreert het overlijden van twee medewerkers aan dit boek, te weten ouderling Saarberg uit Utrecht en ds. A. Vergunst. Zij zijn overgegaan van de strijdende in de triumferende Kerk".

De laatste tien jaargangen

De laatste tien jaar van Daniël kenmerken zich door veel veranderingen in de redactie, een frissere opmaak van het blad en verslagen van (grote) jongerenbijeenkomsten. De verslagen zijn weer in uitgebreide vorm terug gekomen. Er staan nu ook veel foto's van jongelui bij en het is toch altijd weer leuk om bekenden in Daniël te zien! Na het vertrek van ds. Driessen kwam ds. D. Rietdijk als hoofdredacteur de redactievergaderingen leiden. Hij deed het werk graag, maar droeg in verband met zijn leeftijd de leiding van Daniël over aan ds. P. Mulder. Niet lang na het afscheid van dominee Rietdijk treffen we al een 'In memoriam' over hem aan, onder de titel: 'Sola Gratia'. Ds. Rietdijk is op 4 november 1993 overleden. Al eerder, op 10 augustus 1991, was ds. Elshout hem voorgegaan. Boven het artikel waarin hij herdacht wordt staat: 'En 't leven tot in eeuwigheid...'

In de laatste tien jaargangen vinden we ook verschillende verslagen van de zittingen van de Generale Synode.

We citeren uit Daniël van 2 oktober 1992 uit het verslag van redactieleden A. Kareis en W. C. Polinder:

„Bij de behandeling van het rapport van het deputaatschap Algemene Diakonale Zaken kwam de telefonische hulpdienst aan de orde: „Hoe komt het dat de mensen met hun problemen niet meer naar de predikant of ouderling gaan? Zitten er te veel predikanten in deputaatschappen, zodat ze aan het pastorale werk niet meer toekomen? ", zo vroeg een afgevaardigde zich af.

Ds. G.). van Aalst, als voorzitter van het deputaatschap ging nader op deze problematiek in:

„Broeders, laten we maar heel eerlijk zijn, de pastorale zorg voor gemeenteleden is aan het wijken. Laten we toch smeken of de werkingen van de Geest, die de kiltes kan verdrijven. Daarnaast heeft het ook te maken met de tijd waarin we leven: anonimiteit en individualisme.

Er is ontstellend veel nood onder de mensen. We moeten daarom proberen daar op een verantwoorde manier mee om te gaan".

Uit dit laatste citaat blijkt, dat de veranderingen die zich in de loop van vijftig jaar in de maatschappij hebben voltrokken, ook het leven binnen de gemeenten beïnvloeden.

Na vijftig jaar

We zijn bijna uitgebladerd. Wat in de laatste Daniëls, sinds januari 1996, opvalt is de spelling.

Was die in de jaren zeventig vrij modern, we zijn nu volgens de nieuwe voorschriften van de 'k' weer terug bij de 'c'! Alleen in de citaten hebben we de'k'nog laten staan.

Na vijftig jaar zijn nu 1250 Daniëls verschenen!

Daaraan is veel tijd, veel werk, veel zorg besteed, de laatste vijftien jaar vooral door onze eind-redacteur J. Leune.

Na het doorbladeren van vijftig jaargangen zeggen we: wat is er veel geschreven, wat is er veel gebeurd, wat is er veel veranderd. Maar de Boodschap en het doel van Daniël zijn hetzelfde gebleven.

In het jubileumnummer bij het 40jarig bestaan vatte ds. Golverdingen het doel in één zin samen: „Het verbinden van generaties op grond van het Woord".

En hij voegde eraan toe: „Daarin ligt het geheim van de unieke plaats, die dit blad nu in kerkelijk Nederland inneemt".

De Heere heeft er Zijn zegen over willen geven.

Daniël mag er nog zijn, niet dankzij ons, maar ondanks ons. Voor al ons werk is verzoening nodig, maar God is de Getrouwe, van geslacht tot geslacht! Dat geeft ons moed voor de jeugd en moed om door te gaan met Daniël.

't Is de HEER ' van alle heren, Sions God, geducht in macht, Van geslachte tot geslacht. Die voor eeuwig zal regeren Sion, zing uw God ter eer! Prijs Zijn grootheid; loofden HEER'

J. H. Mauritz

Z. Crum-Nieuwland

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 juni 1996

Daniel | 40 Pagina's

Bladeren in oude Daniëls

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 juni 1996

Daniel | 40 Pagina's