JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Toen vastten en baden zij

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Toen vastten en baden zij

3 minuten leestijd

Toen vastten en baden zij, en hun de handen opgelegd hebbende, lieten zij hen gaan. Handelingen 13:3

De gemeente van Antiochië is tot zendingsgemeente geworden. De Heilige Geest heeft daartoe de opdracht gegeven. Het staat er duidelijk in Handelingen 13. Lees maar het tweede vers van dat hoofdstuk. Toch moet je het goed lezen en niet maar een 'stukje er uit nemen. Er staat toch in vers 2: „En als zij de Heere dienden en vastten, zeide de Heilige Geest: Zondert Mij af beiden Barnabas en Saulus tot waartoe Ik hen geroepen heb."

Wat lezen wij dan allemaal in deze tekst?

Ten eerste, dat de gemeente de Heere diende. Het was een levende gemeente. Men kende daar de dienst des Heeren. Die dienst is een zoete en zalige dienst. Dé dienst der zonde is bitter. Dat blijkt ook in het einde ervan.

Maar in de dienst des Heeren is geen egoïsme. Dit voorrecht gunt men ook een ander. Paulus zegt, dat hij wenste, dat alle mensen waren, zoals hij, niet omdat hij zo met zichzelf ingenomen was, maar omdat hij een ieder het voorrecht van de genade Gods gunde. Nu, zo was het in Antiochië. Men diende de Heere door de liefde en die liefde is niet afgunstig.

Maar er staat vervolgens ook, dat zij baden.

Wat zou wel de inhoud van hun gebed geweest zijn? Wij geloven zeker, dat ook dit in hun gebed een krachtig artikel geweest is: Uw koninkrijk kome. Zij hebben ernaar uitgezien, dat het Koninkrijk des Heeren wijd uitgebreid zou worden over de hele wereld.

Dan volgt in deze tekst de mededeling, dat de Heilige Geest opdroeg om Paulus en Barnabas af te zonderen tot het werk der zending.

Je zult zeggen, dat het dan wel duidelijk en klaar was. Het was wel duidelijk, maar klaar niet, want de Schrift gaan weer verder en bericht, dat zij vastten en baden. Zij hebben in het gebed de Heere aangeroepen voor die beide mannen. Het was maarzo niet klaar. Zij zeiden niet: „De Heere heeft deze mensen geroepen en nu komt het wel in orde". Nee, zij baden met ernst. Zij wisten, dat Paulus en Barnabas de bekrachtiging des Heeren wel zeer bijzonder nodig hadden.

Wij zouden ons wel eens aan dat woord mogen spiegelen. Wij zijn doorgaans goed gereformeerd in onze belijdenis. De Heere moet roepen, moet bekwaam maken en Hij staat voor Zijn werk in. Dat is alles waar en voor geen tegenspraak vatbaar. Maar de Heere wijst ook de weg des gebeds aan. Die weg moet van te voren bewandeld worden, maar ook daarna.

Er is beweging in onze gemeenten ten aanzien van het werk der zending. Ik geloof, dat er hier en daar nog geweest zijn, die die zaken op het hart gedragen hebben en voor wie het nood geweest is, opdat de Heere zelf mensen aanwijze en afzondere tot dit werk. Nu, God heeft opening gegeven. Er zijn mensen uitgezonden in dienst van de zending om het Woord des Heeren uitte dragen.

Zij kunnen echter in die arbeid niet missen, dat de gemeente mede draagt.

O, de Heere Zelf gave dat en make Zelf bekwaam om tot Hem met ernst te roepen. Hij make het dan ook het gebed der gemeente:

Och, Heere, geef thans Uw zegeningen, Och Heere geef heil op deze dag, Och, dat men op deez'eerstelingen Een rijke oogst van voorspoed zag.

wijlen ds. A. Vergunst

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 mei 1996

Daniel | 34 Pagina's

Toen vastten en baden zij

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 mei 1996

Daniel | 34 Pagina's