Niet vergeten
deel 1
„Opa, vertel nog eens over vroeger? " Vragende ogen kijken opa aan. ]os, Marian en Laurens zitten naast opa op de bank. „Opa, doet u het? Ja? " Opa kucht eens. Oma knikt naar opa. „Ja, vertel nog maar eens over je belevenissen", zegt ze. Vroeger is al lang geleden. Opa is al 77 jaar. Jos, Marian en Laurens zijn 12, 10 en 7 jaar. Ze vinden het prachtig ais opa uit zijn jeugd vertelt.
„Nou, vooruit dan", zegt opa.
, , 'k Zal verschillende dingen vertellen/'
„Hoi, hoi!", roepen de kinderen. En oma pakt lachend haar haakwerk. „Even denken", zegt opa. „O ja, luister. Op een keer moest ik een rit maken met paard en wagen. Het paard stapte rustig voort. En ik zat op de bok. Opeens schrok het paard. Wat gebeurde? Het paarde steigerde, nam een paar grote sprongen en rende... rende..."
„Op hol", zegt Marian.
„Ja", zegt opa, „het paard was op hol. Mijn roepen hielp niet. De wagen slingerde over de weg. Ik kon niet meer op de bok blijven zitten, 'k Heb me plat op de wagen laten vallen, 'k Dacht: hier moet ik af, anders kost het mijn leven. Op een gegeven moment zag ik kans om er af te rollen. Waar kwam ik terecht? Plons... in een sloot. Vlakbij een bruggetje. Ik kon nog net de rand te pakken krijgen. Zo bleef ik hangen. Er flitste opeens een vreselijke gedachte door mijn hoofd. Even verderop was een speelplaats voor kinderen. Als het hollende paard daar terecht zou komen! O, die arme kinderen. Hij zou ze vertrappen. Heere, zei ik hardop, spaar de kinderen. Help. Dan zijn de gebeden niet lang. Met m'n druipnatte kleren rende ik in de richting van de speelplaats. In de verte zag ik paard en wagen. Nog steeds slingerend, 'k Stond even stil. Watzag ik? Niet één kind op de speelplaats. Wat een wonder. Dank U, Heere, zei ik zacht. Toevallig? Nee. De kinderen waren deze keer op een andere speelplaats. Dat was een besturing van de Heere. Wat gebeurde er met het paard? Met een geweldige sprong botste het tegen de schuurdeur, 'k Zag het gebeuren. De deuren kraakten kapot. De wagen slingerde tegen de muur.
Toen ik erbij kwam, stond het paard te beven op de benen, 't Schuim nog op de mond. En in de schuur ben ik met m'n natte kleren op m'n knieën gevallen, 'k Heb de Heere bedankt voor Zijn bewaring. Dat is toch om stil van te worden. Niet vergeten jongens!"
„Nee, dat vergeten we niet", zegt Jos.
„Weet u nog meer wat we niet moeten vergeten? "
„Jawel", zegt opa. „Als je eenmaal begint komen er zoveel herinneringen in de gedachten. De Heere komt er ook nog wel eens op terug in je leven, kinderen. Als je 's nachts wakker ligt bijvoorbeeld. Dan gebeurt het nog wel eens dat de Heere je aan gebeurtenissen van vroeger laat denken, 't Is of de Heere dan tegen je zegt: toen en toen heb Ik werk aan je besteed. Werk, om je tot Mij te bekeren. Zulke dingen kunnen het middel zijn, hoor kinderen. Als er met jullie iets gebeurt moet je altijd vragen: Heere, wat bedoelt u er mee? Luisteren! Niet vergeten!"
Jos, Marian en Laurens kijken eens naar elkaar, 't Is spannend en gelijk krijgen ze een lesje van opa. Op deze manier is het niet vervelend. Marian kijkt opa aan. „Opa? " „Ja kind."
„Opa, vertelt u nog iets? "
„Mag het oma? ", vraagt opa. „Natuurlijk", zegt oma. Ze vindt het fijn zo bij elkaar te zijn. 't Is goed voor de kinderen dat ze deze dingen van vroeger horen. Ze hoopt dat Diezelfde Cod in haar kleinkinderen zal werken. De Heere kan zelfs een eenvoudig gesprek als middel tot bekering gebruiken. Daarom zegt oma: „Ja, vertel nog eens iets uit de oorlog."
„Oorlog? ", vraagt Laurens verwonderd.
wordt vervolgd
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 mei 1996
Daniel | 32 Pagina's