JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Christelijke barmhartigheid

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Christelijke barmhartigheid

De bergrede

7 minuten leestijd

De ondervinding van Gods barmhartigheid maakt ook ons barmhartig. Gods barmhartigheid zet een stempel op een mens en vernieuwt onze innerlijke houding ten opzichte van de naaste. Het is onmogelijk, dat een zondaar die Gods liefde en barmhartigheid in Christus heeft leren kennen, niet ook zelf gaat liefhebben en een bewogen mens wordt. Vooral over de zielen van de onbekeerden en onwetenden.

Zeker, wij struikelen dagelijks in velen. Ons zondige vlees blijft ikgericht. Maar de Geest van Christus wint het in die strijd, hoeveel wij ook moeten onderliggen. Door de invloed en werking van de Heilige Geest mogen de wedergeborenen als uitverkorenen Gods, heiligen en beminden aandoen 'de innerlijke bewegingen der barmhartigheid, goedertierenheid, ootmoedigheid, lankmoedigheid, verdragende elkander en vergevende de een de ander, zo iemand tegen iemand enige klacht heeft' (Kolossenzen 2:12, 1 3). Dit is het geheim achter het mededogen van de christen. Hel maakt de barmhartigheid christelijke barmhartigheid. Zij wordt dan om Christus' wil bewezen. Wanneer de ellendige of verdrukte aan de christen vraagt: Waarom doe je dit voor mij? ", is het antwoord van de christen: Denk niet, dat ik zo'n goed mens ben, maar Christus heeft mij anders gemaakt. In Zijn naam help en verzorg ik u”.

Algemene barmhartigheid

Daarom verschilt de christelijke barmhartigheid van de algemene en verzakelijkte barmhartigheid. Barmhartigheid per giro of op een afstand is toch anders dan de barmhartigheid van de barmhartige Samaritaan. Hij moest er zijn reis voor onderbreken, bij de beroofde en gewonde man neerknielen en hem op zijn ezel naar een herberg brengen.

De algemene menselijke barmhartigheid is maar een dun laagje beschaving. Als het er op aankomt, tijdens oorlogsgeweld of rampen, zoekt ieder eerst zichzelf te redden. Om over je vijand maar niet te spreken, want die bewijs je geen barmhartigheid. Daarom gebeuren er zulke onbarmhartige dingen in onze wereld. Denk maar eens aan de zieke bij het badwater te Bethesda. Die man lag er al 38 jaar ziek en niemand liet hem eens een keer voorgaan als het water beroerd werd en genezende kracht had voor de eerste persoon, die er in afdaalde, leder dacht aan zichzelf. De man moest tot jezus zeggen: „Ik heb niemand”.

Gelukkig zijn er veel instellingen van barmhartigheid, waar gebrekkigen en zieken worden verzorgd. Er is onder de mensen ook nog wel de bereidheid om de portemonnee open te doen bij rampen en grote ellenden. Daar hoeven wij niet op af te dingen. Dat is een zegen van Gods algemene genade. Maar deze barmhartigheid mist toch hetfundament van Gods barmhartigheid. Het ik-gerichte en zelf-zuchtige overheerst daarin. Zodra de ellendige een mening ventileert, die ons niet aanstaat of ons niet dankbaar genoeg is, eindigt onze barmhartigheid.

De barmhartige Hogepriester

De barmhartigheid, die Christus tentoonspreidde was ware barmhartigheid.

Hij wordt daarom 'een barmhartig Hogepriester' genoemd (Hebreën 2:1 7). En in Hebreën 4:15 zegt de apostel: Want wij hebben geen Hogepriester, die niet kan medelijden hebben met onze zwakheden, maar Die in alle dingen, gelijk als wij, is verzocht geweest, doch zonder zonde". In Christus wordt barmhartigheid, mee-lijden en mede-ondergaan. God is in Christus in al onze benauwdheden benauwd geweest (jesaja 63:9). De Zoon van God wilde Zich de tranen en de pijn onderwerpen, die de zonde over het menselijk geslacht hebben gebracht. In alles is Hij mede verzocht geweest, alleen zonder zonde. Ja, Hij wilde niet alleen met Zijn volk lijden, maar vooral voor hen lijden en sterven. In de donkere nacht van Golgotha schijnt dan ook het licht van Gods barmhartigheid het helderst. Paulus schrijft in verwondering: Maar God, Die rijk is in barmhartigheid doorZijn grote liefde, waarmede Hij ons heeft liefgehad" (Efeze 2:4).

Het is de geloofskennis van deze barmhartige God, Die Zich in Christus ontfermt over ellendige, doemwaardige zondaren, die ons de ware barmhartigheid leert betrachten. Barmhartig zijn kun je en mag je dan ook niet losmaken van de andere zaligsprekingen. Het zijn allemaal kanten van hetzelfde leven met God. De barmhartigen over wie het hier gaat, zijn dezelfden als de armen van geest, de treurenden over de zonde en de hongerenden naar de gerechtigheid. Wie Gods barmhartigheid in Christus heeft leren kennen, wordt daardoor innerlijk veranderd en zal in de wrede en koude wereld barmhartigheid betonen.

Hun zal barmhartigheid geschieden

jezus spreekt de barmhartigen zalig. En waarom zijn zij zo bevoorrecht? Jezus zegt: „Want hun zal barmhartigheid geschieden”.

Het gaat in deze belofte over de toekomst. Barmhartigheid verkrijgen in

de grote Dag van het eindoordeel, wordt in de Schrift een groot goed genoemd. Wanneer de apostel Paulus zijn vriend en medewerker Onesiforus, die hem tijdens zijn gevangenschap dikwijls bezocht en barmhartigheid bewezen heeft, voor zijn liefde en barmhartigheid wil belonen, zegt hij: De Heere geve hem, dat hij barmhartigheid vinde bij den Heere in dien dag" (2 Timotheiis 1:18).

Wanneer wij allen geopenbaard zullen worden voor de rechterstoel van Christus om weg te dragen wat in het lichaam geschied is, hetzij goed hetzij kwaad, zal niets ons kunnen redden dan loutere barmhartigheid. Zullen wij dan kunnen zeggen: „Ik ben toch een bekeerde man of vrouw. Ik heb over mijn zonden berouw gehad en heb op Christus en Zijn bloed gehoopt. Ik heb toch voor U geleefd. Ik heb U toch gediend in mijn leven en mij ingezet voor Uw Koninkrijk"? Zouden wij daardoor voor God kunnen bestaan op die grote Dag? Kun je daarmee voor God verschijnen en behouden worden? Kan zelfs een bekeerd mens het redden zonder barmhartigheid?

Nee, op die manier redden wij het niet op die grote Dag. Er is maar één ding, dat op die Dag waarop God alle daden van de mensen in het gericht zal brengen, redding kan brengen. Dat is Gods onverdiende barmhartigheid!

Daarom zegt Judas, dat Gods kinderen voor de toekomstige dag 'de barmhartigheid van onze Heere jezus Christus verwachten ten eeuwigen leven' (vers 21).

Al onze beste werken zijn met zonde bevlekt. Wij hebben niets dat geheel rein is om God aan te bieden op de Dag van het eindoordeel. Ook de waar gelovigen blijven afhankelijk van Gods barmhartigheid. Naar Gods rechtvaardigheid verdienen ook hun zonden de eeuwige dood. Daarom is de belofte, die jezus uitspreekt, zo vol betekenis. „Want hun zal barmhartigheid geschieden”.

Gods kinderen hopen op de grote Dag in Christus barmhartigheid te verkrijgen. Zij verwachten niet aangenomen te worden vanwege hun goede werken, maar dat God hen in en om Christus' wil barmhartig zal zijn.

Genadeloon

En toch staat het er als een soort beloning voor hun barmhartigheid. Jezus zegt immers: „Zalig zijn de barmhartigen, want hun zal barmhartigheid geschieden”.

Er is dus verband tussen ons barmhartig-zijn en de barmhartigheid, die God op de jongste Dag Zijn kinderen zal bewijzen.

Dat dit inderdaad zo is, kunnen wij in de Schrift terugvinden. Jakobus schrijft er het duidelijkst over. De rijken, die geen barmhartigheid betrachten jegens de armen, moeten er op rekenen dat er straks een onbarmhartig oordeel over hen zal gaan. „Want een onbarmhartig oordeel zal gaan over dengene, die geen barmhartigheid gedaan heeft" (Jakobus 2:1 3).

God zal de goede werken van Zijn volk belonen. Maar, zo zegt onze Catechismus: „Deze beloning geschiedt niet uit verdienste, maar uit genade" (vraag 63). Wanneer wij het weinige goede dat Gods kinderen gedaan hebben naast de rijke beloning van het eeuwige leven leggen, moeten wij zeggen dat de beloning de verdienste verre overtreft. Er is dus bij deze beloning van verdienste geen sprake. De gelovigen zullen wanneer God hen op de oordeelsdag hun verdiensten aanspreekt zeggen: „Waar hebben wij u hongerig gezien en te eten gegeven? Waar U in de gevangenis gezien en bezocht? ". Gods barmhartigheid roemt tegen het oordeel.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 mei 1996

Daniel | 32 Pagina's

Christelijke barmhartigheid

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 mei 1996

Daniel | 32 Pagina's