JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Ben jij bereid?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ben jij bereid?

Winterconferentie Elst

11 minuten leestijd

Verwacht jij de wederkomst van Christus? Ben je er klaar voor? Leeft er verlangen? Of zie je de dag van Christus met angst tegemoet? Wat zegt de Bijbel over de 'laatste dingen'? 480 jongeren kwamen op de winterconferenties bijeen om over deze vragen met elkaar na te denken rond het thema 'Ben jij bereid? '. Naast de conferentie in Eist op 16 en 77 februari, waren er een week later bijeenkomsten in Dongen en Haamstede. In deze 'Daniël' staat het verslag van de conferentie in Eist. In de volgende komt het verslag van Dongen en de lezingen die in Haamstede gehouden zijn.

'Zie de Heere komt spoedig terug; en bereid je erop voor om God te ontmoeten'. Deze spreuk stond zomaar op een huis, toen ik met een zomerkamp een wandeltocht maakte in de omgeving van Adelboden. De mensen die dit huis gebouwd hebben, leefden blijkbaar in het besef dat ze hier geen blijvende stad hebben en gasten en vreemdelingen op deze aarde zijn. Hoe is dat met jou?

Met deze openingswoorden zette de heerj. H. Mauritz de toon voor de conferentie. Hij sprak naar aanleiding van Johannes 14:1 - 19. Hier lezen we een troostwoord van de Heere tot Zijn discipelen. De Heere zegt dat in het huis van Zijn Vader vele woningen zijn en dat Hij heengaat om plaats te-bereiden voor de Zijnen. De discipelen vragen dan verder hoe dat zal zijn. Hoe kunnen wij de weg weten? En Filippus zei tot Hem: Heere, toon ons de Vader". Wat een onkunde bij de discipelen. Ze zijn drie jaar met de Heere Jezus opgetrokken en weten ze dan nog de weg niet? Wat een wonder dat de Heere de Zijnen niet loslaat. Ken jij deze Zaligmaker? Straks zal het klinken:

Maranatha! Jezus komt! Wat een wonder en wat een vreugde als Gods kind straks met Hem verenigd mag zijn. Ken jij hier al iets van? Met dit appèl besloot de heer Mauritz zijn openingswoord.

Verlangen naar wederkomst normaal

Hierna kreeg ds. C. G. Vreugdenhil gelegenheid zijn lezing te houden. Hij sprak over 'Het begin der laatste dingen'. Hij begon zijn lezing met het voorbeeld van Nathalie, een - naar onze maatstaven genomen - gelukkig meisje. Toch is er in haar hart een onbestemde angst voor dat wat komen gaat. Waarom kan ze niet met verlangen uitzien? Dat moet toch? (vgl. NGB 37).

Hoe moeten we eigenlijk met de toekomst omgaan? Je kunt het vergelijken met een verloofd stel: als ze zeggen, dat ze eerst nog willen genieten van hun jeugd en niet over trouwen denken, is dat verkeerd. Maar ook als ze over niets anders meer kunnen spreken dan over de trouwjurk en trouwdag is het ook niet goed. Als het goed is verlangen ze hartelijk naar de trouwdag, maar doen ze toch ook gewoon hun werk. Waar gaat het om bij de tekenen der tijden? Niet om de tekenen zelf, maar om de Koning. De tekenen zijn wel belangrijk: de Heere Jezus gaat er Zelf in Mattheüs 24 op in. De bedoeling is niet om onze nieuwsgierigheid te bevredigen, maar de tekenen zijn bedoeld tegen de verleiding en om het verlangen en uitzien te versterken. We moeten niet berekenen, maar erop en ermee rekenen. Het zal zijn een tijd van onheil, afval van de kerk, de antichrist en verkilling van de liefde. Alles zal uitlopen op de grote verdrukking. Toch is er ook perspectief. Er komt nog een tijd, waarin velen tot bekering komen, wat samengaat met de bekering van de Joden. Het zal ook een tijd zijn van vrede (vergelijk Jesaja 11). De kerk gaat niet onder omdat Jezus leeft! Hoe moet je verwachten en je erop voorbereiden? In de eerste plaats is daarvoor bekering nodig, maar ook volharding, levensheiliging en waakzaamheid. Het waken is niet gemakkelijk, maar daarom is er het wapen van het gebed.

Hierna zongen we het lied: 'Als Koning jezus morgen komt, dan heb je nog een dag.' Er volgde een pauze, waarin volop gelegenheid was om bekenden te ontmoeten en te begroeten. Na de pauze zongen we het Gebed des

Heeren:3, 9 en 10. Hierna werd door ds. Vreugdenhil ingegaan op allerlei vragen die in de pauze waren binnengekomen. Een greep.

In het laatste der tijden is veel verschrikking. Is dat het werk van de duivel? Of een werk van God?

De verkilling is voorzegd. Pilatus' daden waren ook voorzegd, maar hij bleef wel verantwoordelijk. De duivel heeft veel te maken met het kwaad: hij verleidt tot zonde. Maar wij laten ons verleiden. De voorzegging van de verdrukking is een oproep: „Haast u om uws levens wil". Allerlei rampen en oorlogen zijn de voetstappen van de naderende Christus.

De wederkomst zegt me weinig. Wat kan ik doen?

Er is er Eén die harde harten kan verbreken. Hij is dood geweest en leeft en doorzijn opstanding kan Hij tot leven wekken. Deze Heelmeester roept: Kom tot Mij! Er is daarop tweeëlei reactie: verharding en verbreking.

Eerst komt volgens u het vrederijk en bekering der Joden, dan verdrukking voor een korte tijd en daarna de wederkomst. Mag je daarom zeggen: morgen dus niet?

Ik wil geen schema geven. Hoe en wanneer het vrederijk komt, weet ik niet. Wel meen ik in Jesaja 11 en Openbaring 20 te lezen dat het vrederijk komt. Ook weet ik dat er een grote verdrukking komt. God heeft bovendien nog onvervulde beloften, bijvoorbeeld Romeinen 11 (bekering Joden). Objectief gezien heeft de vraagsteller gelijk. God kan wel heel snel iets doen. Wie had in 1989 de 'Wende' voorzien? Wie had de omkeer verwacht in Zuid-Afrika? De Heere kan dus wel spoedig wederkomen. Als je sterft, sta je ook voor Gods rechterstoel. Dus je moet altijd bereid zijn.

Als gezegd wordt, dat er nog een vrederijk komt, ga je dan niet voorbij aan de bloeitijden, die er geweest zijn in de kerk?

Het gaat er niet zozeer om te kiezen tussen Augustinus (vrederijk na wederkomst) en Brakel (verwachting voor kerk nog vöör wederkomst). Maar lees nauwkeurig de Bijbel. Dan lees je dat er nog onvervulde beloften zijn. Als ik Jesaja 11 lees en exegetiseer, dan geloof ik dat dit ook betrekking heeft op de tijd voor de wederkomst. Uiteindelijk gaat het er niet om elkaar te verketteren, maar om de Heere Jezus, de komende Koning, te verwachten. Discussie geeft hete hoofden en dat grijpt de duivel dankbaar aan, opdat wij daarmee bezig zijn, zodat we niet verwachtend uitzien.

Kun je bang zijn en toch verlangen ?

Ja dat kan. Als er liefde is tot God, als het volkomen vlak ligt tussen je ziel en de Heere dan is ook het verlangen en uitzien sterk. Op andere momenten is dit niet zo, dan overheerst misschien de vrees. Dan leeft ook het verlangen niet zo. Het hangt samen met de toestand van het geloof.

Voor welke oogst rijp jij?

Na de lezing bedankt de heer j. H. Mauritz ds. Vreugdenhil, die dan de dag besluit. We zingen Psalm 98:4. Daarna leest hij Openbaring 14:14-20 over de koren-en wijnoogst. Hij benadrukt dat er tweeëlei rijping is: oren en druiven. Het koren (graan) wordt vast, kleiner, en verdort. Dit duidt op een stervensproces. Toch is het Christus Zelf die maait. Christus maait het door genade gerijpte en ontkiemde koren, dat gebeden en verlangd heeft. De druiven worden voller en voller en worden uiteindelijk vertreden, zodat het bloed zich over de hele aarde uitstrekt. Er komt een eeltlaag op de ziel na elke afwijzing van Hem. Bij deze oogst staat Christus op afstand: en engel oogst met een scherpe sikkel. De druiven worden vertreden in Gods toorn. Deze vertreding is overal, er is geen ontkoming aan. Voor welke oogst rijp jij? Aandachtig luisterden de 230 jongeren op de late avond nog toen ds. Vreugdenhil deze korte avondsluiting hield. Diep onder de indruk verlieten we de zaal. Voor we naar bed gingen, maakten we nog een boswandeling om een frisse neus te halen. Een groepje was achtergebleven om nog wat met elkaar te zingen. Later sloot een aantal wandelaars zich bij hen aan.

Bijbelstudie

De volgende morgen opende j. H. Mauritz de bijeenkomst. We lazen het gedeelte dat in de bijbelstudie besproken zou worden: ukas 6:17-23. Hij leid-

de kort de bijbelstudie over de zaligsprekingen in. In zo'n dertig groepen werd veivolgens nagedacht over enkele kernwoorden uit het gelezen gedeelte en enkele gespreksvragen. Wat wil 'zaligmaken' zeggen? Wie zijn inwoners van het Koninkrijk Gods? Wat betekenen honger en dorst als het gaat over de wereldse mens, de kerkmens en de ware gelovige? Welke smaadheid ondergaan de gelovigen? Wat is 'droefheid naar God'? Wat is echte blijdschap?

De dag van Christus’ komst

Wat is de dag des Heeren? Ds. Van der Heiden benadrukte dat daarmee niet alleen de wederkomst bedoeld wordt, maar bijvoorbeeld ook de dag van Zijn komst in het vlees. De dag des Heeren is ook elke dag, omdat elke dag genadetijd is. De dag van de wederkomst wordt in het bijzonder de dag van Christus genoemd, omdat deze dag bijzonder heerlijk is, omdat Hij verhoogd zal worden, en omdat allen, rechtvaardigen en goddelozen, zullen erkennen dat Hij Heere en rechtvaardig is. Verder ging ds. Van der Heiden in op schriftgegevens over hoe Hij zal wederkomen, hoe de nieuwe aarde eruit ziet, de plaats van hemel en hel, de vraag of er herkenning zal zijn in de hemel, over de taal in de hemel, enzovoort. Bij al deze dingen benadrukte de dominee ook dat het er niet om gaat alles 'curieuselijk' te onderzoeken, maar dat dé vraag is: 'Ben jij bereid? ’.

In de vragenbespreking ging ds. Van der Heiden ondermeer in op de vraag of het algemeen aanbod van genade niet in strijd is met het alleen zalig worden van de uitverkorenen. Ds. Van der Heiden: „Er is een algemeen aanbod van genade. Er is een wenende Christus: 'Mijn zoon geef Mij uw hart!' Als er geen verkiezing zou zijn, dan kon niemand zalig worden. Hij verhardt die Hij wil, maar sluit bij de nodiging niemand uit. De verharding is eigen verantwoordelijkheid. Omdat er verkiezing is, is er genade, uitstel en lankmoedigheid. Anderen zullen tot de diepe erkentenis komen, dat ze de genade voorbij lieten gaan.”

Heeft Jesaja 17 betrekking op de periode voor of na de wederkomst?

Naar mijn mening heeft Jesaja 11 betrekking op de periode na de wederkomst, omdat de vrede die daar wordt beschreven, een beeld is van de vrede die er eenmaal zal zijn in de hemel.

Kan het dat God Zijn kinderen hun hele leven in onzekerheid laat?

Een kind in de wieg weet ook niet wie vader of moeder is, maar is wel kind. Soms kan er ook herkenning zijn, maar hij is zich niet bewust van zijn kind-zijn. God is soeverein wie Hij tot geloofszekerheid laat komen. Groei in het geestelijke leven kan worden tegengehouden door oppervlakkig leven, het niet jagen om de roeping en verkiezing vast te maken. De brieven van Paulus wijzen ook op een toename in het geloof. Bij de discipelen is dit ook goed te zien. Zij hebben drie jaar rondgewandeld met Christus, maar begrepen eerst niets van Zijn borgwerk. De aard van het geloof is echter het staan naar de zekerheid. Ook moeten we onderscheid maken tussen zekerheid en verzekering.

Bij het laatste oordeel zullen de goddelozen zien dat zij rechtvaardig verworpen worden vanwege hun goddeloosheid. De kerkmens zal veroordeeld worden omdat hij/zij het bloed van Christus onrein heeft geacht. Nu leven we nog. Hoe kunnen we het bloed van Christus wel rein achten? Een aangrijpende vraag. McCheyne heeft eens gezegd tegen iemand die vroeg hoe hij bekeerd kon worden: „Op de knieën, o zondaar". En Rutherford schrijft in één van zijn brieven: „Zo lang u leeft kan het nog, want Christus leeft ook nog. En zolang er twee leven kunt u nog zalig worden". Jongelui: je ligt verloren, maar je behoeft niet verloren te gaan. Er is genade. Smeek de Heere om ontferming. Als dat praktijk mag zijn in je leven acht je Zijn bloed niet onrein. Dat is genade! Dan zul je straks zonder verschrikken voor Hem kunnen verschijnen.

De heer Mauritz sluit met het slotwoord dat McCheyne eens in een oudejaarspreek sprak: Geliefden, de gekruisigde Zaligmaker is dit jaar voor u geschilderd. Hij is met innerlijke ontferming bewogen geweest, maar wilt ge nog steeds niets van Hem weten? Dit jaar zal dan tegen u getuigen. Gij zult dan vragen: aarom hebt ge niet meer aan onze deuren geklopt? Wees nu niet onverstandig. Stel dat in het komende jaar er 50, 40, 30, 20, 10 worden weggenomen, of zelfs 1. Mogelijk bent u onder die 10 of bent u die ene. Wat verschrikkelijk als Christus dan zal zeggen: Ik was lange tijd met u, maar gij hebt Mij niet gehoord.' De heer Mauritz voegt eraan toe met Psalm 95:4: Verhardt uw harten niet, maar laat u leiden.' Nadat we dit gezongen hadden, eindigde ds. Van der Heiden met gebed en keerden we naar huis terug met de ernstvolle vraag: Ben ik bereid? ’

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 maart 1996

Daniel | 32 Pagina's

Ben jij bereid?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 maart 1996

Daniel | 32 Pagina's