JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

„Alle dingen dan, die gij wilt, dat u de mensen zouden doen, doet gij hun ook alzo ”

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

„Alle dingen dan, die gij wilt, dat u de mensen zouden doen, doet gij hun ook alzo ”

Over de rechten van de mens

8 minuten leestijd

We leven in een gebroken wereld. Dat is geen nieuwe constatering. Sinds de zondeval is er leed, onrecht, onderdrukking en armoede. In onze tijd lijkt het dat, ondanks de hoge idealen die mensen hebben, het onrecht alleen maar toeneemt. Er is dus iets grondig mis. Regelmatig wordt aandacht gevraagd voor de schrijnende tegenstellingen tussen rijk en arm. Zo hebben de Verenigde Naties 1996 uitgeroepen tot 'jaar van de armoede'. Dat is een goede zaak, maar eigenlijk is het een aanklacht dat zoiets nodig is. leder mens heeft immers recht op een bestaansminimum - ook in bijbels licht. Zo kom je terecht bij de wat modieus aandoende 'rechten van de mens', hoewel die rechten met veel meer zaken te maken hebben dan met armoede alleen. Wat zijn dat eigenlijk, die rechten van de mens en wat moeten christenen daar mee?

Op 10 december 1948 werd de 'Universele verklaring van de rechten van de mens' door de Verenigde Naties in New York aangenomen. Voortaan zou aan deze verklaring getoetst worden of in een bepaald land de rechten van de mens geëerbiedigd worden. Natuurlijk kwam deze verklaring niet uit de lucht vallen. Daar was een lange geschiedenis aan voorafgegaan.

De geschiedenis van de mensenrechten

Wortels van de verklaring van de rechten van de mens liggen onder andere in de Amerikaanse onafhankelijkheidsstrijd en de Franse Revolutie aan het eind van de achttiende eeuw. In 1 789 kwamen de Franse revolutionairen met een 'Verklaring van de rechten van de mens en burger'. Deze verklaring is in Frankrijk nog steeds een geldend recht. In ons land werd in 1848 een aantal mensenrechten vastgelegd. Hierin werd onder andere gegarandeerd de vrijheid van godsdienst, van onderwijs en van drukpers. In onze eeuw werden de mensenrechten veel geschonden door communisten, facisten en anderen. De noodzaak van een algemeen geldende verklaring werd door de Amerikaanse president Roosevelt tijdens de Tweede Wereldoorlog aangegeven. Hij stelde samen met de Britse leider Winston Churchill het Atlantisch Handvest op. De vreselijke schendingen van de mensenrechten in de oorlog (denk aan de massamoord op het joodse volk) gaf velen de overtuiging dat er snel een algemeen geldende verklaring moest komen. Dat gebeurde in 1948. Helaas ademen veel onderdelen van de verklaring van de rechten van de mens een revolutionaire en nietchristelijke geest, waar christenen moeilijk mee uit de voeten kunnen.

Mensenrechten en de Bijbel

Zegt de Bijbel iets over mensenrechten? je bent misschien geneigd te zeggen: „Nee, de mens heeft geen rechten meer. Die zijn allemaal verzondigd". Enerzijds heb je gelijk. Als je scherp de rechten van God en die van mensen onderscheidt, dan kan de mens ten opzichte van God geen rechten meer laten gelden. Ten opzichte van de Heere zijn wij volstrekt rechtenloos. Het is een wonder van Gods genade als je dat mag gaan inleven. Maar als het gaat over mensenrechten die mensen tegenover andere mensen hebben, dan wordt het een heel ander verhaal. De mens heeft ten opzichte van de andere mensen zeker rechten. Het is echter van groot belang om steeds de samenhang te blijven zien tussen Gods rechten en de rechten van de mens. Wat houdt dat in? We moeten daarvoor kijken naar Gods wet; die vormt het fundament. In die wet heeft God gezorgd voor Zijn eer en voor het heil van de naaste. Immers: God beveelt in de eerste tafel van Zijn wet Hem te vrezen en te dienen en in de tweede tafel de naaste lief te hebben. Daar moeten we alle mensenrechten op baseren. De wet verplicht goed te doen aan onze naaste. Die naaste mag die zorg en liefde van jou eisen. Ds. A. Vergunst schreef dat in 1980 in een artikel over mensenrechten in Daniël als volgt: /e door Codomschreven plicht ten opzichte van de ander, houdt het recht van die ander ten opzichte van jou in.

Bedenk daarbij steeds dat de eerste tafel van de wet onlosmakelijk met de tweede tafel verbonden is. Wie zich aan Gods wet vergrijpt, berooft God van wat Hem toekomt maar ook de naaste van wat hem toekomt! Ook de tekst uit Mattheüs7-die als kop van dit artikel is afgedrukt - onderstreept dit. In de Bijbel staan veel voorbeelden van dergelijks mensenrechten. In het Oude Testament zien we dat de wetten door God aan Israël gegeven de armen, behoeftigen, zwakkeren en de vreemdelingen in de samenleving beschermden. Bijvoorbeeld in Deuteronomium 1 6:14 „Die het recht van de wees en der weduwen doet; en heeft de vreemdeling lief, dat Hij hem brood en kleding geve". Het zal intussen duidelijk zijn, dat we op een totaal andere golflengte spreken wanneer we vanuit de Bijbel over mensenrechten spreken, dan wanneer we dat op de manier van modern humanistisch denken doen. Daar wordt immers gesproken vanuit de gedachte dat de mens vrij en onafhankelijk is en zelf bepaalt wat hij wel of niet doet...

Mensenrechten anno nu

In de 'Universele verklaring van de rechten van de mens' zijn allerlei grondrechten van de mens vastgelegd. De verklaring werd door veel landen, waaronderNederland, ondertekend. Hoewel we best kritisch mogen en moeten zijn over de achterliggende denkbeelden bij deze mensenrechtenverklaring, wil dat natuurlijk niet zeggen dat wij geen boodschap hebben aan grove schendingen als geloofsvervolging, uitzichtloze armoede en honger, foltering en het 'zomaar' verdwijnen van politieke tegenstanders in bepaalde staten. Ondertussen worden nog dagelijks de rechten van de mens geschonden. Een aantal landen is hiervoor berucht. Daar wordt tegen geprotesteerd. Denk aan een organisatie als Amnesty International. Die protesten lijken vaak wel wat eenzijdig. Veel aandacht is er voor politieke gevangenen. Maar toch zijn er ook protesten tegen het vervolgen van mensen om hun geloof, vooral uit christelijke hoek. Geloofsvervolging is ook in onze tijd nog heel actueel. Lange tijd is onze aandacht gericht geweest op de geloofsvervolgingen in de voormalige U.S.S.R. Nu het daar wat dat betreft een stuk beter is geworden, komt er meer aandacht voor vervolgingen elders in de wereld. Denk aan China, waar nog steeds mensen worden opgepakt om hun geloof. Denk aan Pakistan waar nog steeds christenen ter dood worden veroordeeld die eivan worden beschuldigd de naam van de profeet Mohammed beledigd te hebben. Het is ook onze plicht voor hen op te komen via politieke partijen of organisaties die zich met hulpverlening aan christenen in die landen bezighouden.

je kunt je trouwens afvragen of met zaken als abortus en euthanasie de mensenrechten niet geschonden worden. Artikel 3 van de Universele verklaring van de rechten van de mens luidt immers: „Een ieder heeft recht op leven, vrijheid en onschendbaarheid"...

Christelijke mensenrechten

We hebben al gezien dat bijbels gezien wel degelijk sprake is van rechten van de mens ten opzichte van andere mensen. We moeten het echter niet bij die constatering laten. In GodsWoord worden we op verschillende plaatsen opgeroepen om ons ook metterdaad in te zetten voor onze naaste. Met andere woorden om ons actief in te

zetten om de rechten van onze naasten te eerbiedigen. Een paarvoorbeelden.

* Genoemd zijn al de burgerlijke wetten die de Heere aan Israël gaf. Veel van deze wetten hebben tot doel de mensenrechten van het kwetsbare en zwakke in de samenleving te garanderen. Een mooi voorbeeld daarvan is ook Leviticus 19:13 Gij zult uw naaste niet bedriegelijk verdrukken, noch beroven; des dagloners arbeidsloon zal bij u niet vernachten tot aan den morgen.

* De profeet Amos profeteert vooral tegen de sociale misstanden in Israël. De burgelijke wetten die de Heere gegeven had, worden overtreden. De mensenrechten worden op grote schaal geschonden: Daarom dat gij de arme vertreedt en een last koren van hem neemt (...) Zij benauwen de

rechtvaardige, nemen zoengeld en verstoten de nooddruftigen in de poort (Amos 5:11 en 12). Amos voorzegt de zware straf die de Heere hierop zal geven: k zal het land stellen in rouw, als er is overeen enigen zoon, en deszelfs einde als een bittere dag.

Ook de Heere Jezus roept telkens op tot naastenliefde en het opkomen voor het zwakke en verdrukte. Wie kent niet de gelijkenis van de barmhartige Samaritaan? Ook de woorden uit Mattheüs 7, die als titel voor dit artikel zijn gebruikt, zijn afkomstig van de Heere jezus, uitgesproken tijdens de Bergrede. We moeten daarbij wel bedenken dat de Heere hier spreekt tot Zijn discipelen en zo tot heel Zijn Kerk. Zij, de wedergeborenen, worden opgeroepen om goed te doen, Gods wetten te onderhouden, uit dankbaarheid. De liefde die zij van de Heere ervaren hebben in de vergeving van hun zonden, moet hen uitdrijven om ook goed te doen aan de naaste. De eis van Gods wet komt echter tot een ieder, bekeerd of onbekeerd. Deze tekst (Mattheüs 7:12) eindigt met de woorden: ant dat is de wet en de profeten. Goed doen aan de naaste, zijn rechten respecteren, is geworteld in de wet en de profeten.

* Tenslotte, om niet meer te noemen, komt het belang van het metterdaad opkomen voor de ellendige sterk naar voren in de aangrijpende woorden van de Heere Jezus in Mattheüs 25. Daargaat het vanaf vers 31 over het komende oordeel. Tot degenen die als gezegenden des Vaders aan Zijn rechterhand mogen staan, wordt gezegd: Ik ben hongerig geweest en gij hebt Mij te eten gegeven (...) ik was een vreemdeling en gij hebt Mij geherbergd (vers 35 en verder). Van de vervloekten wordt gezegd dat zij dit juist hebben nagelaten. De Heere zegt zelfs: Voor zoveel gij dit een van deze minsten niet gedaan hebt, zo hebt gij het Mij ook niet gedaan (vers 45).

We leven in een gebroken wereld. En hoe we ons ook inspannen: een ideale samenleving zonder onrecht en schendingen van de mensenrechten is door mensen nooit te bereiken. Die samenleving komt pas als de Heere een nieuwe hemel en een nieuwe aarde zal scheppen. Dat ontslaat ons intussen niet van de dure plicht om er alles aan te doen om de rechten van onze naaste te bewaken. Als het gaat om mensenrechten mogen christenen niet aan de kant blijven staan. Hun directe inzet wordt gevraagd om hiervoor op te komen.

Dat mag niet slechts een 'hobby' van een enkeling zijn maar een leefregel voor ieder die zich christen noemt. Het is een goede zaak oog te hebben voor mensenrechten en je daar op gepaste wijze voor in te zetten! Maar laat ook daarbij, zoals bij alle dingen van het leven, Gods Woord je kompas zijn.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 januari 1996

Daniel | 32 Pagina's

„Alle dingen dan, die gij wilt, dat u de mensen zouden doen, doet gij hun ook alzo ”

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 januari 1996

Daniel | 32 Pagina's