Een getroost volk
De Bergrede
„Zalig zijn die treuren; want zij zuilen vertroost worden". Daarom zijn zij zalig. Niet omdat zij treurig zijn, maar omdat voor hen de belofte geldt: „want zij zullen vertroost worden". De vraag is nu: hoe en waarmee troost de Heere de treurenden?
Christus Zelf is de inhoud van de troost
Het antwoord kan hier kort zijn. De Heere troost met Christus en Zijn heil. Wij zagen, dat de beloften van het Oude Testament daarheen wezen: Troost, troost Mijn volk, zal ulieder God zeggen. Spreekt naar het hart van Jeruzalem en roept haar toe, dat haar strijd vervuld is, dat haar ongerechtigheid verzoend is, dat zij van de hand des Heeren dubbel ontvangen heeft voor al haar zonden" (jesaja 40:1, 2).
De lijdende, opgestane, opgevaren, verhoogde en verheerlijke Zaligmaker is de troost van de treurenden. Hij Zelf is 'de Vertroosting Israëls'.
De Heilige Geest is de Trooster. Wat een betekenisvolle naam is hiermee door Jezus aan de Heilige Geest gegeven. Het is Zijn ambt om de treurenden Sions te troosten. Hij troost in verschillende wegen en omstandigheden in overeenstemming met de natuur van de smart. Hij weet altijd een gepaste troost voor de treurenden te vinden. Maar Hij troost niet met iets buiten Jezus. Christus heeft ons geleerd hoe de Heilige Geest Zijn ambt als Trooster zal uitvoeren. Jezus leerde: Hij zal het uit het Mijne nemen en zal het u verkondigen" (Johannes 16:14).
In de geestelijke droefheid over de zonde, troost Hij de verslagene van hart door Jezus aan die mens te openbaren. De openbaring van Christus aan het verslagen hart is de grote bron van de troost. Buiten de Heere Jezus en Zijn heil is er geen troost voor het verslagen gemoed. Er is buiten Hem geen zaligheid te zoeken en te vinden (Heidelbergse Catechismus vraag 30). En wat zouden wij meer kunnen wensen dan de Heere Jezus? In de geloofskennis van Jezus Christus is genoeg tot genezing van iedere wond, tot verzachting van alle leed, tot verlichting van alle kruis en verdrijving van alle donkerheid. Wanneer Gods kinderen over troost spreken, die zij ontvangen hebben, staat daarbij de Heere Jezus altijd in het middelpunt. Er is geen balsem, dan de balsem in Gilead en de Heelmeester aldaar. Hij geneest de schrijnendste wonden door de aanraking van Zijn hand. Hij stilt de sterkste storm door het spreken van een woord. Hij verdrijft de dikste duisternis door een liefelijke verschijning van Zichzelf in onze harten. Hij verlost van schuld en oordeel door de boodschap van Zijn bloed.
Het is de toepassing van Christus en Zijn goederen door het geloof aan ons hart waardoor de Heilige Geest troost.
Het middel
Om met Christus en alles wat Christus is en verworven heeft te troosten, gebruikt de Heilige Geest het Woord Gods. Het goede woord van het Evangelie reikt Hij ons als een troostbekeraan. Door de verkondiging van het Evangelie drupt de Heilige Geest de balsem van Gilead in de wonden van onze ziel.
Hij troost ons met Christus in alle nood en omstandigheden. En als wij Jezus hebben, wat zou een gelovige dan nog meer wensen? Het allerbeste houden we dan altijd over. Wat de smart van een gelovige ook is, Jezus is de balsem Gileads. Heeft de dood geliefden weggenomen? Is je vader, moeder, broer, zus of vriendin je ontvallen? Bedenk allereerst dat de Heere het gedaan heeft. Jezus heeft het gedaan. De dood was Zijn bode. Maar wat heeft Hij weggenomen? Zichzelf heeft Hij niet van je weggenomen. En is Jezus niet vele malen beter dan man, vrouw, kinderen, vrienden en bezittingen?
Al zijn onze stromen van de aardse vreugde opgedroogd, onze aardse vaten in stukken geslagen, de Heere Jezus is beter dan tien mannen, vrouwen, kinderen en aardse goederen. Tot de ware gelovigen mag gezegd worden: Jezus heeft Zichzelf niet van je weggenomen en zal dit nimmer doen". Zo mag de geslagen en kruisdragende christen vertroost worden in alle verdriet. Zij mogen hun bloedende hart tot Hem brengen en ondervinden: Hij geneest de gebrokenen van hart en Hij verbindt hen in hun smarten" (Psalm 147:3). Het is met de tedere sympathie van een Zaligmaker, Die in alles verzocht is geweest gelijk als wij, doch zonder zonde, opdat Hij ons in alles te hulp zou kunnen komen, waarmee de Heilige Geest vertroost in kruis en smart. En niemand kan Christus zo dichtbij ons brengen en ons zo Zijn medelijden laten gevoelen dan God de Heilige Geest. Hij brengt ons Jezus veel dichterbij dan Hij ooit bij de treurenden was tijdens Zijn omwandeling op aarde. Zoals Christus aanwezig was bij de jongelingen in de vurige oven, zo is Hij aanwezig in de smarten van Zijn
volk. Hij is een Liefhebber, Die meer aankleeft dan een vriend (Spreuken 18:24).
Onze natuur heeft hij aangenomen.
Onze krankheden op Zich genomen.
Onze smarten gepeild.
Onze kruisen gedragen.
Onze zonden verzoend.
Hij heeft dit pad voor de Zijnen betreden en is geworden de Overste Leidsman en de Voleinder van het geloof. Hij staat aan het einde van de loopbaan op de Zijnen te wachten en roept hen toe: „Hebt goede moed, Ik heb de wereld overwonnen".
Deze Zaligmaker is de troost van Gods volk in alle kruis en smart. Wanneer de vijand aanvalt, de storm raast en het schip van zijn anker losslaat en dreigt te vergaan, zal de Heere een Banier geven om die op te heffen tegen de vijand (Psalm 60:6). En wat is de Banier, Die de Heilige Geest opheft om de vloed te keren? Het is een stervende, opgestane, opgevaren en verhoogde Zaligmaker. Het is Jezus Christus, de profeet, priester en koning, de Vertroosting van Israël.
Een troost in leven en sterven
Bij de belofte: „Want zij zullen vertroost worden", denken wij onwillekeurig aan de eerste vraag en het antwoord van onze Heidelbergse Catechismus. Troost is daar een goed, dat opweegt tegen al het verdriet en de ellende van het leven en de verschrikkelijkheid van het sterven. En wat is het goed, dat daar tegen opweegt? Het is met lichaam en ziel het eigendomvan Christus te zijn.
Wat is de wereld dan arm! In de wereld kun je verdoving vinden, maar geen troost in leven en sterven. Wanneer de verdoving is uitgewerkt voel je de pijn des temeer, je kunt jezelf met van alles troosten. Met geld, roem, muziek, sport en genot, maar in het eind loopt het als water tussendoor je vingers weg. Er is geen verzadiging in de dingen buiten God. Reeds in het leven, maar vooral in ons sterven laat het ons allemaal in de steek.
Buiten Christus is er geen troost in leven en sterven. Alle dingen buiten Hem zijn gebroken bakken, die geen water kunnen houden. Maar Hij is de Vertroosting Israëls.
„Hij heelt gebrokenen van harte en Hij verbindt ze in hun smarten, die in hun zonden en ellenden, tot Hem Zich ter genezing wenden".
Zorg daar ook bij te behoren. Hoe bemoedigend is het dan om te lezen: En zovelen als Hem aanraakten, werden gezonden" (Mattheus 14:36).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 29 september 1995
Daniel | 32 Pagina's