Indrukken van een bezoek aan Irian Jaya
Was ik een paar jaar geleden in Nigeria om een bezoek te brengen aan onze oudste dochter Caroline, die daar werkt als onderwijzeres, in het najaar van 7 994 was onze dochter Edith aan de beurt voor een bezoek. Zij is getrouwd metAad van Kranenburg, die als docent theologie in Irian Jaya werkt. In 7 990 zijn zij daarheen vertrokken.
De reis
Dinsdag 6 september was het zover. Samen met Marry van Moolenbroek, die naar irian jaya terugging na haar verlof, ben ik erheen gereisd. Het is heel fijn om mee te kunnen gaan met iemand die reiservaring heeft. Na een echt lange reis kwamen we donderdagmorgen om zeven uur plaatselijke tijd aan in Sentani, aan de noordkust van Irian jaya. Aad en Edith waren aan de kust vanwege visumperikelen, zodat ik tegelijk het hele gezin kon begroeten. Ook Cees van der Maas was daar een aantal weken om dezelfde reden.
In Sentani logeerden ook dominee en mevrouw Kuijt en het echtpaar Kooyman uitChilliwack. Zij bezochten diverse posten. Wat waren de mensen in Pass Valle'' blij hen weer te zien. 's Zondags is ds. Kuijt daar - op zijn 'oude' plek - tweemaal voorgegaan.
Is de reis naar Indonesië een belevenis, de vlucht van Sentani naar Pass Valley - voor de eerste keer in zo'n 'klein' vliegtuig - is bijna een sensatie, al ben ik gelukkig niet bang geweest. Ik ging met Edith en drie kinderen in de plane; Aad zou met de twee anderen in een ander vliegtuig volgen.
(Helaas werd het snel ander weer, waardoor de piloot van het tweede vliegtuig niet verder kon komen dan Wamena. Hoe Aad met twee zoontjes tenslotte thuiskwam is weer een verhaal apart).
Edith vroeg de piloot of hij mij zo mogelijk onderweg iets wilde aanwijzen. Dat deed hij tweemaal. Eén keer betrof het Hubliki en een andere keer Landikma. Dat was echter aan zijn kant, zodat ik het niet kon zien. Geen nood, hij hield het vliegtuig gewoon wat schuiner!
Familiebezoek
Ik heb genoten van dit familiebezoek. Zij hebben veel boekjes om voor te lezen en die hebben de kleinkinderen me echt wel laten zien! Aad en Edith wonen in een mooi ruim huis, geheel van hout, dat vorig jaar pas is gebouwd. Het huis staat vlak naast de strip. Heel apart, een vliegtuigje te zien landen voor de deur. De temperatuur in Pass Valley is aangenaam. 's Avonds wordt het kouder en dan wordt de kachel aangemaakt; een ingemetselde drum, pijp door de muur en stoken maar. Op de post zelf was het wat betreft de Nederlanders tamelijk stil. De familie Van der Maas was op verlof, jette Flipse was tijdelijk in Nipsan voor het onderwijs aan de kinderen Stok, de internaatsouders waren nog niet aangekomen. Wat het werk betreft heb ik dus alleen kennis gemaakt met het lesgeven van Aad. Heel jammer is het dat een bezoeker, ik althans, niet met de mensen kan praten. Met Nederlands begin je niets en met Engels evenmin. Op een avond kwamen de kollega's van Aad op bezoek. Maar geen
woord kon ik met ze wisselen, behalve de groet 'selamat'. Wel zag ik, dat één van hen zijn Bijbel, op zich een exemplaar met vrij grote letters, op afstand hield. Bij een latere ontmoeting heb ik hem eens door mijn leesbril laten kijken. Hij vond het prachtig. Ik heb een leesbril en ook nog een halve en u begrijpt het al, mijn leesbril is toen in andere handen overgegaan. Hij was er zo blij mee.
Bezoek aan Marry van Moolenbroek in Bomela
Gedurende mijn verblijf van vier weken ben ik vijf dagen op bezoek geweest bij Marry van Moolenbroek in Bomela. De week tevoren moet dan een vlucht heen en een vlucht terug worden aangevraagd via de radio. Op een vaste tijd wordt het vliegplan bekendgemaakt en dan is het spannend of de gast van Van Kranenburg een vlucht krijgt. Gelukkig wel. En dat heb ik zó leuk gevonden.
Maandagmorgen vroeg ging ik weg. Tegelijk reisde mantri Yunus naar Sumtamon vooreen bepaalde kursusweek.
Het is tachtig minuten vliegen van Pass Valley naar Bomela. Er werd twee keer gestopt. De eerste maal in Nipsan, onder andere om Alie Buyert te laten instappen; zij moest voor onderwijs naar Sumtamon. In Nipsan was de familie Stok aan de strip en jette Flipse, en uiteraard ds. Sabonwarek Wandik. De tweede stop in Sumtamon was heel kort; de piloot wilde zo snel mogelijk weer opstijgen. Daar kwam ds. Wabdaron even naar de plane. (Ds. Wabdaron was eerder in Nederland geweest, hij hoopt samen met ds. Sabonwarek dit jaar de Synode te bezoeken).
Programma
Het was die dag tamelijk druk met de vluchten voor GJPI en Yakpesmi.
Want behalve de gezondheidskursus in Sumtamon werd er in Bomela toerusting gegeven aan ouderlingen en evangelisten. Ds. Malhus Nekwek was daarvoor vanuit Sentani naar Bomela gevlogen, en bpk. Ompe vanuit Sumtamon eveneens naar Bomela.
's Middags werd die toerustingsweek geopend in de kerk. Marry en ik waren daarbij aanwezig. Ds. Nekwek, ds. Onggawarlok en bpk. Ompe spraken daar en Marry vertaalde voor mij. Ik ga nu voorbij aan wat daar gezegd werd, ook aan wat de ambtsdragers en de evangelisten - met bijna allemaal bijbelse namen als Micha, Nathanaël, Samuël, jozua - zelf inbrachten; zij mochten namelijk door hen gewenste onderwerpen opgeven waarover zij toerusting wilden ontvangen.
Naamgeving
's Avonds was er een naamgevings-'ceremonie'. De mantri in Awinbon had per radio gemeld, dat hij problemen verwachtte bij de geboorte van zijn kind, de eersteling van zijn nog jonge vrouw. Na overleg met zuster Marry was om de helikopter
gevraagd (in Awinbon is nog geen strip) en zijn vrouw was naar Bomela gebracht. Inderdaad was het medisch gezien maar goed dat de baby daar geboren werd; de deskundige hulp van zuster Van Moolenbroek was werkelijk nodig.
De baby moest natuurlijk een naam hebben. Per radio had de vader gevraagd om dat dan maar in Bomela te regelen. Marry had gevraagd dit enkele dagen uit te stellen zodat ik erbij kon zijn. Een heel leuk gebeuren. De bijeenkomst was maandagavond in het huis van ds. Onggawarlok. De'notabelen'waren aanwezig, te weten degenen die de toerusting verzorgden, de kerkeraad van Bomela, enkele onderwijzers van dezesklassige basisschool. Allemaal mannen. De vrouwen blijven in de keuken, bereiden daar het eten, komen alleen naar binnen bij de opening. Ds. Onggawarlokareg opende de avond met bijbellezen en gebed, sprak een kort welkomstwoord en vroeg bpk. Ompe om de naamgeving te doen. Ook deze hield een soort toespraak.
Omdat het een vreemd kindje was, uit een vreemd dorp, noemde hij het Zippora. De moeder was tegelijk met de andere vrouwen binnengekomen en met haar kindje op de grond gaan zitten, een beetje in het midden. En op haar gezicht was geen enkele emotie te onderscheiden, althans in mijn waarneming, bij hetgeen gezegd werd noch bij het noemen van de naam. Graag had ik haar gevraagd of zij de naam mooi vond, en nog meer. Het enige was dat we een foto van haar maakten. (U hebt Zippora, intussen wat groter, kunnen zien op de foto die afgedrukt was bij het artikel over het jubileum van Marry van Moolenbroek in Paulus). Na de naamgeving ging de moeder naar de andere vrouwen in de keuken en vervolgens werd er een maaltijd gereedgezet. Om me niette vergissen heb ik daarbij maar precies gedaan wat Marry deed.
Van vervelen is geen sprake
Tussen de opening in de kerk en de naamgeving 's avonds was Marry nog bezig geweest op de poli; de peuters waren aan de beurt.
Dinsdagmorgen was er weer poli. Nu was het de beurt voor moeders met zuigelingen om hun kindje te laten wegen. Bij vertrek krijgen de moeders wat pinda's als bijvoeding. Bezoeken zij de poli regelmatig, dan krijgen zij na drie keer een handdoek. Ook waren later die morgen de eerste en zesde klas van de basisschool aan de beurt voor een soort schoolonderzoekje. De tweede mantri was intussen met zijn vrouw (baby mee in net) al lopend naar een kampong in de bergen geweest om daar 'buitenpoli' te houden. Om vijf uur 's morgens weg, anderhalf uur klimmen, poli houden, en rond elf uur weer thuis!
Intussen ging Marry min of meer op zoek naar de door haar opgeleide
vrouwen die de vrouwenkursus verzorgen. Er is een klein lokaaltje waar dit moet gebeuren. Eén van de drie vrouwen was ziek, een ander had een ziek kind en de derde had gezegd pas weer te komen als zuster terug was van verlof. Marry was hierover teleurgesteld. Ze had zo gehoopt dat een en ander zou doorgaan ook tijdens haar afwezigheid, 's Middags kwamen er enkele jongens uit Langda aanlopen! Er was een boodschap en ze moesten iets halen of brengen, zes uur heen, krijgen wat eten en drinken, en weer zes uur terug!
Er kwamen wat mannen uit het dorp die een en ander met Marry te bespreken hadden. Ook daarvoor gebruikt ze het lokaaltje. Het is dicht bij huis, ik kon de mannen horen zingen bij - ook dan - opening met Schriftlezen en gebed.
Intussen zorgt Marry dat het personeel werkt, kinderen (zure) sinaasappels plukken om mee te geven voor de verkoop in Sentani; de strip wordt onderhouden; de radio moet worden beantwoord, er komt iemand met een ziek kind. Er waren wat problemen over het eten voor degenen die de toerusting volgden; in Nipsan was er vanwege het gewicht in het vliegtuig een zak rijst achtergebleven, en die werd in Bomela pijnlijk gemist.
Woensdagmorgen was er dan echt de vrouwenkursus. Eerst wordt een Psalm aangeleerd, woord voor woord, regel voor regel voorgezegd. Er wordt uit de Bijbel verteld, en teruggevraagd. Woensdagmiddag is er kerkdienst in het Indonesisch. De mensen in Bomela zitten op de grond. Zij ervaren dat zelf als heel natuurlijk. (In Pass Valley bijvoorbeeld zijn er wel banken, maar tijdens de dienst zakken er diverse - meest oudere - mensen op de grond omdat dit nu eenmaal gemakkelijker zit). Bij het uitgaan van de kerk heb ik heel goed kunnen zien hoe snel het weer kan veranderen. De kerkgangers praatten even na, we stonden lekker in de zon (ook in Bomela is het een aangename temperatuur, wel is de lucht er veel ijler) maar er kwamen wolken aanschuiven en binnen tien minuten stonden we in de mist. Heel merkwaardig zo'n snelle omslag.
Donderdagmorgen was er in Bomela een soort groentenmarktje en aansluitend een uur verkoop vanuit een toko naast de strip. Op dat marktje leggen de vrouwen hun groenten in hoeveelheden passend bij een bepaalde prijs. Zij staan in een kring om het grasveldje heen. Koopt iemand de groente, dan legt die ook het geld op die plaats neer. Als de koper wegloopt grist de eigenaar snel het geld weg.
Donderdag hebben we ook nog een wandeling gemaakt over de post, alle klassen van de basisschool bezocht, enkele guru-vrouwen, even gekeken bij degenen die koken voor de kursisten, in enkele hutten geweest. Donderdagavond is er een dienst in het Yali bij toerbeurt bij iemand thuis, dit keer de mantri. Hoeveel mensen dan in een zeer kleine ruimte kunnen is werkelijk onbegrijpelijk.
Weer terug
En vrijdag was de dag van vertrek alweer aangebroken. Samen met Marry vlogen we naar Wamena, waar zij moest zijn om werk te doen in het asrama. Ik werd vandaar doorgevlogen naar Pass Valley om nog een paar dagen bij de kinderen te zijn. De volgende maandag was er een vliegtuig naar Sentani en die week vloog ik weer naar huis. Het is fijn om te gaan, heerlijk om er te zijn, maar ik was ook heel blij toen ik na een reis van 36 uur op Schiphol mijn man weerzag staan. De Heere had bewaard, niet alleen op die lange reis, maar ook hier mijn man en kinderen. En hoe boeiend ook om het zendingswerk van zo dichtbij te zien en met de kinderen daar te hebben bijgepraat, er gaat niets boven thuis.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 9 juni 1995
Daniel | 32 Pagina's