JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

In dienst van de koning

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

In dienst van de koning

4 minuten leestijd

deel 3

Toen de knechten van de koning dat hoorden, begrepen ze dat ze heel dom bezig waren geweest.

Natuurlijk ging het om de koning en niet om wie zij waren. Het belangrijkste was, dat ze veel goede dingen over de koning zouden gaan vertellen. En ze mochten elkaar zeker niet uitschelden; ze moesten allemaal even hard werken, of ze nu heel knap waren of beter met hun handen konden werken.

Na deze avond gingen alle knechten terug naar de plaats waar ze voor de inval van de vijand werkten. Ze probeerden ieder op hun eigen manier vol liefde en overtuiging over hun goede koning te praten.

Door het werk van de knechten van de koning waren er steeds meer mensen die met heimwee terug dachten aan de fijne tijd van vroeger. Bij de geheime bijeenkomsten samen met de koning waren er elke keer weer nieuwe mensen bij, die er aan mee wilden gaan werken om de vijand uit het land te verjagen. Toen het er genoeg waren, bedachten de koning en zijn knechten een plan om de vijand te overrompelen. Ze praatten er verschillende weken over. Pas toen alles heel goed besproken was, trok iedereen er op uit. Het plan lukte. De vijand moest het land verlaten en na enkele dagen kon de koning weer terug naar zijn paleis. Bij zijn toespraak tot het volk bedankte de koning iedereen die meegeholpen had. Alle knechten had hij nodig gehad: de professoren, de tuinlieden, de winkeliers en de boeren. Als niet iedereen op zijn eigen plaats had geholpen, was er niets van het hele plan terecht gekomen. 'Laten we daar aan blijven denken', waarschuwde de koning.

‘Laten we weer in vrede leven en blij zijn met het werk dat we mogen doen. Alle knechten, hartelijk dank.' Het volk had maar één antwoord op de toespraak van hun vorst: 'Lang leve de koning!'

De bedoeling van het verhaal

De hele klas is onder de indruk van het wonderlijke verhaal. Sommige kinderen zuchten ervan. Die middag gaat de klas minder luidruchtig naar huis dan op andere dagen. Ze voelen dat de meester iets bedoelt met dit verhaal.

Martin begint er gelijk met Tim over te praten als hij buiten komt. Ook Toos en haar vriendin Marga hebben het er met elkaar over. Bij het hek nemen ze geen afscheid zoals anders. Marga loopt nu een stukje met Toos mee om samen met haar het antwoord op de vraag van de meester te bedenken.

Harm loopt nadenkend het schoolplein af. Hij voelt zich zomaar heel blij om het verhaal van de meester. Hoe het komt, kan hij niet precies zeggen.

’s Maandagsmorgens erna zijn verschillende kinderen vergeten dat ze deze dag door zullen praten over het verhaal dat de meester vertelde.

Voor hen komt het als een verrassing dat hij na het morgengebed niet begint met het overhoren van de geleerde psalm. Ze zien hoe de meester op de punt van zijn bureau gaat zitten en vragend de klas inkijkt. 'Wie heeft er nog over het verhaal nagedacht? '

Er gaan allerlei vingers de lucht in. 'Nu, wie vertelt mij wat het verhaal betekent? Wat is de bedoeling ervan? '

Marjan en Tanja kijken elkaar eens aan. Hoe moet je dat nu onder woorden brengen? Tim probeert een begin te maken.

‘In het verhaal vindt de koning elke knecht even belangrijk.'

‘Vind je dat niet vreemd, dat voor de koning een professor even belangrijk is als een boer of een tuinman? '

Martin en Toos beginnen hard te knikken. Maar Tim laat merken dat hij het verhaal goed begrepen heeft. 'Ze deden wel allemaal ander werk, maar iedereen kon over de koning vertellen. Daarom kon de koning iedereen even goed gebruiken.' 'Goed Tim, dat was eigenlijk het belangrijkste uit het verhaal. Maar wat betekent dat nu voor ons? Wat kunnen wij daarvan leren? '

Als niemand iets durft of weet te zeggen, vraagt de meester: 'Op wie lijkt die koning? Marga? ' 'Op de Heere.'

‘Hoe dan? Harry? ' 'De Heere wil ook dat wij Zijn knecht zijn.'

‘Ja, daarin lijkt de koning op de Heere. En wij lijken op de knechten van de koning.

wordt vervolgd

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 april 1995

Daniel | 40 Pagina's

In dienst van de koning

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 april 1995

Daniel | 40 Pagina's