Dit gedicht schreef
Dit gedicht schreef Ida Gerhardt in de oorlogswinter van 1941. Het is een gedicht, dat trefzeker de sfeer aangeeft van de eerste oorlogsjaren. De dichteres heeft het echter niet opgenomen in haar Verzamelde Gedichten van 1980. Het is wel gepubliceerd in haar tweede bundel Het veerhuis, dat in 1945 verscheen, en daardoor is het een eigen leven gaan leiden. Het is een gedicht dat ook duidelijk geaccepteerd is door een generatie die de Tweede Wereldoorlog aan den lijve heeft ervaren. Het is in vele bloemlezingen opgenomen en talloze malen geciteerd! In 1941 zijn de klokken nog niet door de Duitsers weggeroofd om ze tot kanonnen te gieten. Ze kunnen nog funktioneren en hun spel laten horen. Oude vertrouwde klanken. Mensen herkennen de melodie en reageren met een stille vreugde. Het blijkt een lied van Valerius te zijn.
Hij was een dichter die rond 1 620 zijn liederen schreef ter ondersteuning van een geschiedenisboek voor de jeugd uit die tijd, de Nederlandsche Cedenkclanck. Dit boek geeft de geschiedenis van de Tachtigjarige Oorlog weer tot aan de eigen tijd van de dichter. Dat was een moeilijke tijd, waarin het Nederlandse volk streed voor zijn vrijheid. Een strijd om zich als volk en natie onder het juk van Spanje vandaan te worstelen. Een strijd ook om de Heere te kunnen dienen zoals Hij naar Zijn Woord gediend wil worden. Valerius was er van overtuigd, dat zonder de hulp van God die strijd vergeefs zou zijn. Hij bezag de geschiedenis echter vanuit hoger perspektief. Alleen door God kan het volk der Nederlanden zijn vrijheid herkrijgen.
Deze gedachte neemt de dichteres als het ware over. Ze past de inhoud van het lied toe op de situatie van nu, winter 1941. Ze weet zich daarbij verbonden met vele anderen, die evenals zij dit lied van vertrouwen op de Heere beluisteren.
Wij lezen dit gedicht vanuit onze eigen tijd. Wat ons door de Duitsers afgenomen werd, hebben we vijftig jaar geleden door Gods genadige hand weer teruggekregen. Maar hoe hebben we al die jaren als volk van Nederland de vrijheid gebruikt? Moeten we zeggen, dat wat ons toen werd ontnomen - de geestelijke vrijheid - nu door ons wordt verkwanseld in een stijl van leven waarin voor hogere waarden, laat staan voor de waarheid Gods, geen plaats meer is? Ik ben bang dat we opnieuw moeten spreken van een geschonden land!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 14 april 1995
Daniel | 41 Pagina's