Ondanks verschil van kultuur voel je toch een band met elkaar
Vraaggesprek met Helena Voth
In 7993 zijn we met een groep jongeren naar de voormalige Sovjet-Unie geweest. In Moskou hebben we een konferentie gehad met enkele leden van de Broederraad. Verder bezochten we de jeugdleiders en de jongeren van de gemeenten Novosibirsk, Irkoetsk en St. Petersburg. Onze gids en tolk was Helena Voth (die door ons 'tante Lena'genoemd werd). Vol indrukken kwamen we thuis. Indrukken die we hebben geprobeerd weer te geven op een aantal verenigingen. In december 7 994 kwam Lena enkele weken naar Nederland. Ze kwam hier om vrienden te bezoeken en... om te werken. Nu zijn wij benieuwd wat haar indrukken zijn. In gesprek met Lena, onze tolk in Rusland en vertaalster van het nieuwe Jeugdbondspel 'Wie-weet-wat' in het Russisch.
Wie is Lena Voth?
Ik ben geboren in Siberië. Het is daar een goede omgeving, vooral in de winter. Mijn ouders zijn christenen en hebben vijf kinderen. Op dit moment ben ik werkzaam voor Friedensstimme in Moskou. Ik vertaal de korrespondentie die binnenkomt en zorg ervoor dat er bericht teruggestuurd wordt. Verder vertaal ik regelmatig buitenlanders die via Friedensstimme ons land bezoeken.
Lena, in jouw kinder-en jeugdjaren was er sprake van verdrukking van de christelijke gemeenten. Kun je daar iets over vertellen?
Tijdens mijn kinderjaren was er inderdaad de vervolging. Dat was een moeilijke periode. Ook mijn schooljaren waren moeilijk, omdat ik uit een christelijke familie kom. Mijn herinneringen aan school zijn niet mijn beste herinneringen. Doordat het op school moeilijk was, waren we veel thuis met de familie.
Toen ik ongeveer twaalf jaar oud was, bezocht ik geen kerkdiensten meer. De situatie was toen heel gevaarlijk. De kerkelijke gemeente heeft toen besloten dat de kinderen beter de kerkdiensten niet meer konden bezoeken. Het gevaar voor de kinderen en voor de overige gemeenteleden was te groot. Zelf had ik er ook niet zoveel behoefte meer aan. Op mijn zestiende ben ik tot verandering gekomen. Ik zat toen in de negende klas (een school telt tien klassen). Na de tiende klas was het onmogelijk voor mij om verder te studeren, omdat ik een christen ben.
Na mijn schooltijd ben ik gaan werken in het dorp. Ik heb twaalf jaar koeien gemolken. Dat was heel zwaar werk. Niemand wilde dit werk doen, maar voor mij gaf het toch wel voordelen. Ik had veel vrije tijd en die kon ik besteden in dienst van de gemeente.
Je woont in Moskou en bent werkzaam als vertaalster en gids voor bezoekers uit het buitenland. Wat is nu precies jouw taak en hoe ben je hiertoe gekomen?
De Heere heeft me hiertoe geroepen. Men zocht een vertaler. Door de kinderarbeid die ik deed, was mijn naam bekend bij de Broederraad. Ze hebben mij toen gevraagd om vertaalster te worden. Ik ben nu dus werkzaam bij Friedensstimme in Moskou. Er komt veel korrespondentie uit het buitenland (brieven, faxen). Die moet vertaald en beantwoord worden.
Verder komen er regelmatig buitenlanders (vooral Nederlanders) via Friedensstimme op bezoek. Die vertaal en gids ik dan. Wat ik vooral fijn vind, is als er een groep jongeren uit Nederland komt...
Je zei dat de Heere je geroepen heeft tot dit werk. Kun je daar iets meer over vertellen?
Ik ben gevraagd door Peter Peters van de Broederraad. Hij vroeg of ik mee wilde gaan naar Moskou om het vertaalwerk te doen. Het liefst wilde hij gelijk een antwoord van mij hebben, zodat ik de volgende dag mee kon gaan naar Moskou, Dat heb ik niet gedaan. Op dat moment wilde ik niet eens dat werk gaan doen. Ik vond dat ik daar een roeping voor moest hebben en die had ik op dat moment niet. Mijn familie en de gemeente wilde ook niet dat ik weg zou gaan. Het was te gevaarlijk en ik zou in het geheim moeten werken, zodat niemand van de familie en de gemeente mij zou kunnen bereiken. Op dat moment heb ik zelfs gezegd dat ik liever wilde sterven dan dit gevaarlijke werk te doen. Toch liet het mij niet los en ik heb veel aan de Heere gevraagd wat nu mijn weg was. Een duidelijk antwoord heb ik niet gekregen. Maar anderhalf jaar later voelde ik steeds meer de overtuiging in mijn hart dat dit de weg was die ik moest gaan. Maar ik wilde wel toestemming van mijn ouders hebben. Op het moment dat ik weg zou gaan, heb ik die gelukkig gekregen.
Met heel wat mensen uit Nederland heb je door de jaren heen kennis gemaakt. Veel heb je over Nederland en de Nederlanders gehoord. Toch wilde je nooit direkt naar Nederland. Wat weerhield je daarvan?
Ik vind het een groot voorrecht van God dat ik dit werk mag doen. Dat ik vriendschap heb met mensen uit Nederland. Ondanks het verschil van kuituur, voel je toch een band met elkaar.
Voor mij was het praktisch bijna onmogelijk om naar Nederland te gaan. Er zijn in het verleden veel problemen geweest om een visum te krijgen. Nu is dat nog steeds een probleem. Ik heb wel een visum voor Duitsland, om mijn familie te bezoeken. Dat is makkelijker te krijgen. Voor Nederland is me dat niet gelukt, vandaar dat ik nu zonder visum in Nederland ben...
Nu ben je voor het eerst in ons land. Hoe vind je het om in Nederland te zijn 7 Wat zijn jouw eerste indrukken en komen die overeen met jouw voorstelling?
Ik vind het erg fijn om in Nederland te zijn. Het is precies zoals ik het me heb voorgesteld. Ik heb zoveel gehoord en gelezen over Nederland. Ook heb ik veel foto's gezien. Alleen is het hier zo koud! Als het in Siberië dertig graden vriest, is dat een lekkere temperatuur. Maar als het hier in Nederland een paar graden vriest, dan is het al zo koud. Toen ik voor het eerst in Holland kwam, had ik niet de indruk dat ik in het buitenland was. Ik kon alles lezen. Maar toen we bij een tankstation kwamen, toen wist ik niet wat ik zag... Een tankstation in Nederland is gewoon een winkel waar je behalve benzine, van alles kunt kopen: eten, drinken...
Je bent ruim twee weken in ons land. Wat is het doel van jouw bezoek en wat is globaal jouw programma?
Het doel van mijn bezoek is het ont
moeten van mijn vrienden. Ik heb 78 vrienden in Nederland en die wil ik graag allemaal ontmoeten. Daarnaast heb ik een bezoek gebracht aan de stichting Friedensstimme, de Jeugdbond en de Zending. Ook heb ik een christelijke school bezocht, een ziekenhuis en een drukkerij.
Op zondag heb je de kerkdiensten meegemaakt. Hoe heb je dat ervaren?
Een kerkdienst in Nederland is heel anders dan in Rusland. Ik had er al veel van gehoord. De preken zijn hier heel diepgaand en bijbels gegrond. Ik vind ze zeer leerzaam. Het meezingen is ook niet zo moeilijk voor mij.
Alles verloopt bij jullie met orde. Wat ik vooral bijzonder vind, is dat als de kerkdienst afgelopen is, het orgel gaat spelen en de mensen dan de kerk verlaten.
Toen ik de eerste keer bij jullie in de kerk was, viel me op dat toen de dominee wilde beginnen met zijn preek, iedereen onrustig werd. Ik dacht: 'Wat gebeurt er nu? ' Het bleek dat iedereen tegelijk een snoepje nam. Dat zijn wij helemaal niet gewend in Rusland.
Ik heb ook een doopdienst meegemaakt. Dat is natuurlijk heel anders dan in Rusland. Daar kennen wij de kinderdoop niet, alleen de volwassendoop.
Toen wij in Rusland onze eerste kerkdienst meemaakten, viel ons op dat alle gemeenteleden betrokken zijn bij de kerkdienst. Hoe ervaar je dat bij ons?
Inderdaad, bij ons is iedereen betrokken bij een kerkdienst. Er wordt gezamenlijk gebeden, er is koor-en samenzang en diverse voorgangers houden een preek... In Nederland zijn de gemeenteleden tijdens de dienst alleen toehoorders. Er wordt van hen verder geen inbreng verwacht. Je kunt bij ons in Rusland minder vrijblijvend in de kerk zitten.
Vorig jaar zijn we met een groep naar Rusland geweest, onder andere voor een konferentie in Moskou met betrekking tot het werk onder de jongeren. Veel hebben we toen verteld en laten zien. je bent nu zelf op het Bondscentrum geweest en hebt één en ander kunnen zien van het werk voor onze jongeren. Wat vind je van dit alles?
Ik heb niet alles kunnen zien van het werk voor de jongeren. Daarvoor was de tijd te kort. Maar wat ik gezien heb, vond ik heel mooi. Ik heb zelf ook een ochtend vertaalwerk bij de Jeugdbond gedaan (Lena vertaalde het aktiespel 'Wie-weetwat' in het Russisch).
Ik vind dat jullie veel mogelijkheden hebben om iets te doen of te maken. Ik ben bijvoorbeeld in Bodegraven bij een kerstbijeenkomst voor kinderen geweest, ledereen had daar een eigen programmaboekje. Dat is in Rusland niet mogelijk. Vroeger werd alles met de hand overgeschreven. Dat is veel werk.
Wat een voorrecht hebben jullie dat het werk binnen jullie gemeenten in een Centraal Bureau plaatsvindt. In Rusland zijn we verdeeld in verschillende gebieden. Het is dan veel moeilijker om bij elkaar te komen.
Inderdaad, dat is ook een groot voorrecht. Ik denk dat wij het enige land in de wereld zijn waar dit mogelijk is. Lena, wat zou je als slot tegen de jongeren van onze gemeenten willen zeggen?
Het is belangrijk voor een jongere om vroeg de Heere te zoeken en Hem te kennen. Het leven in Holland zou ook makkelijk zijn zonder God. jullie hebben alles. Maar toch kun je ook hier in Nederland niet gelukkig zijn zonder God. Ook al heb je al de rijkdom van de wereld, zonder God ben je arm, dan heb je niets.
Lena, bedankt voor dit interview. Volgende week hoop je naar Duitsland te gaan en daarna weer terug naar Rusland. We wensen je nog een goede tijd toe in Nederland en van harte Gods zegen over het werk dat je straks in Moskou weer wacht.
Woerden Gerrie Bleumink/Joke Zwerus
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 januari 1995
Daniel | 32 Pagina's