Prat gaan op je uiterlijk...
„O nee hè, niet weer zo'n grote puist erbij! Heeft'ie nog ccn spreekbeurt ook, het vierde uur”.
Geert staat foeterend voor dc spiegel.
„Even proberen of er iets aan tc doen valt. Mmm. 't Wordt alleen maar erger. Bah! Dan maar niet”.
Geërgerd draait hij zich om en zoekt z'n schoolspullen bij elkaar.
„Zul je straks dat kind van Struyk naar hem zien staren. Tien tegen ccn dat ze een opmerking maakt".
Met een air van 'wie doet me wat' stapt Geert aan het begin van het vierde lesuur naar voren om zijn spreekbeurt le houden. Van binnen voelt hij zich vreselijk onzeker.
„Zie je wel. daar heb je het al". Dame Struyk kijkt 'm eens goed aan en fluistert iets tegen haar buurvrouw. De docent informeert of ze nu al iels le vragen heeft... „Hou dan je kwetter - Geert, ga je gang”.
Gelukkig valt het reuze mee. Geerl kan z'n gedachten er goed bijhouden cn als hij eenmaal aan 't vertellen is, vergeet hij bijna dat'ie vanmorgen flink baalde. Fijn, goede vragen na afloop en een redelijk cijfer... hij kan tevreden zijn.
Terwijl hij terugloopt naar zijn plaats, hoort hij Carolien net iets te hard mompelen: „Tjonge, die wordt er ook niel knapper op. Ik ben blij dat ik niet zo gespikkeld ben”.
Tot overmaat van ramp heeft de docent dc opmerking opgevangen en gaat er uitgebreid op in!
„Is dat jouw verdienste dame. dat je er uiterli jk gezien best mag zijn? ”
Carolien haalt haar schouders op en zegl uitdagend: „Ik mag loch zeker wel blij zijn dat ik niet zoveel van die rode gevallen op m'n gezicht heb. Of is dat tegenwoordig ook al verboden? ”
Blij zijn mèl iets dat je gekregen hebt, mag altijd. Prat gaan op, pronken met is al eeuwen verboden.
Nu wil ik me niet beperken tot jou. Carolien. We hebben allemaal wel iets waar we prat op gaan. De een wat opvallender dan de ander. Zijn we niet trots op onze gave toet, dan misschien op ons slanke figuur, moderne garderobe van dure merkkleding of trendy kapsel. We kunnen ons zelfs voor laten op onze nette verschijning. Zo van: ik weel tenminste nog hoe het hoort
en kijk diep in mijn hart neer op al die wereldgelijkvormigheid.
Blij zijn mèt mag; prat gaan op is echt al eeuwen verboden.
In de Bijbel kunnen we lezen dat de Heere het trotse verafschuwt. Het hielp Tzebel niets dal ze op haar uiterlijke verschijning vertrouwde - ze stierf een vreselijke dood. God prikt dwars door alle uiterlijk vertoon heen. Hel gaat om het hart. We lezen clat heel duidelijk in 1 Samuël 16:7: Dc mens ziet aan wat voor ogen is, maar de Heere ziet het hart aan". Marion steekt direkt haar vinger op.
„Meneer, dat is nou altijd het eind van het liedje. Als alleen de binnenkant maar belangrijk is, nou ja, dan kun je de rest wel vergeten. Dan zitten we zeker dc helft van de tijd hiervoor niets. Allemaal buitenkant-zaken". Uit de klas komt ccn instemmend gemompel.
„We moeten er natuurlijk zo sjofel mogelijk bijlopen; een soort refo-hippies". „(J bent zeker ook voor schooluniformen”?
We dwalen af, mensen. Nergens verbiedt God dat je aandacht aan je uiterlijk besteedt. Maar het gaat nu over het trots zijn op je uiterlijk. Juist dat prat gaan öp druist regelrecht in tegen Gods Woord. De Heere hanteert andere regels dan reklamemakers en smaakbepalers (van welke stijl dan ook). Het hart is niet het eind van het liedje zoals Marion opmerkte. Integendeel. Daar ligl juist het begin.
Uit die vuile (!) bron komt de trots en laatdunkendheid op, hoe chic, modern of degelijk wc de buitenkant ook tooien. We willen meer lijken dan we zijn!
Wc laten een radicaal andere houding zien dan die dc Heere Jezus bezat. Wat zijn wc daar onvoorstelbaar ver vandaan.
Hij, Die met recht trots kon zijn op Zijn afkomst: Zoon van God. Koning van hemel en aarde, Hij heeft Zich vernederd. Hij werd, zoals Jesaja Hem tekenl. de Man van smarten. Niemand die iets in Hem ziet: „als wij Hem aanzagen. zo was er geen gestalte dat wij Hem zouden begeerd hebben. Hi j was veracht en de onwaardigste onder de mensen".
Waarom? ?
Om trotse, hoogmoedige mensen aan Zijn voeten te brengen. Weer iets van Zijn beeld in hen terug le laten komen. Wanneer de Heere laat zien wat onze hoogmoed eigenlijk gekost heeft, dan heb je toch geen enkele reden om ergens prat op te gaan! Dan gaan we andere vragen stellen. De vraag hoe mensen ons zien, verandert in de vraag hoe God naar ons kijkt. De vraag of dc Man van smarten ook onze welverdiende straf heeft gedragen gaat klemmen. Dan vragen we: „o Zoon, maak ons Uw beeld gelijk".
Als de bel laat horen dat het vierde uur plaatsmaakt voor het vijfde, verlaat dc klas opvallend stil het lokaal...
H. I. Ambacht
M. R. de Braai-Prins
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 25 november 1994
Daniel | 32 Pagina's