Christelijke feestdagen weggeven?
Onlangs zijn er stemmen opgegaan om een aantal christelijke feestdagen te laten vervallen en ze te 'geven' aan andere godsdienstige groeperingen in ons land. Het betreft de tweede kerst-, paas-en pinksterdag in ons land en ook de hemelvaartsdag. Als argument voert men aan dat Nederland immers een multikulturele samenleving is. waarin iedere groepering recht heeft op een eigen specifieke invulling daarvan. Moeten deze geluiden worden gezien als algemene tendens om het christendom nog verder uit de samenleving lerug te dringen?
Bij het nadenken hierover moet voorop gesteld worden dat in de tijd van de Reformatie al een diskussie gevoerd is over het al dan niet vieren van de feestdagen, die destijds door dc overheid ingesteld waren. In artikel 67 van dc Dordtse Kerkorde staat dat 'de gemeenten naast de zondag ook de kerstdag, pasen cn pinksteren en de daarop volgende dag zullen onderhouden', maar in de toelichting hierop blijkt dat diverse reformatoren (zoals Calvijn, Bucer. Farel en John Knox) gekant waren tegen hel vieren van de feestdagen. Zij voerden hiervoor de volgende argumenten aan: e feestdagen waren in tegenstelling tot de zondag niet door God ingesteld, de zondag zou erdoor verdrongen kunnen worden en de feestdagen zouden aanleiding kunnen geven tot losbandigheid en heidense feestelijkheden. Volgens deze reformatoren kon er op de gewone zondagen over de heilsfeiten gepreekt worden. Dat de kerkelijke synodes uiteindelijk toch bepalingen hebben gemaakt over hel houden van feestdagen, komt omdat men konsessies wilde doen aan de overheid, die mei kracht vast hield aan de feestdagen als vakantiedagen voor het volk. Om de 'onnutte en schadelijke lediggang' te veranderen. heeft men toen de prediking op die dagen ingesteld. Er bleef echter vanuit de kerk verzet bestaan tegen deze instelling. Ook Koelman, vertegenwoordiger van dc Nadere Reformatie, was er sterk op tegen. In de Schots Presbyteriaanse kerk beriep men zich in deze kwestie op Romeinen 14:5 en 6 (het achten van de ene dag boven de andere) en Kolossenzen 2:16 (het elkaar beoordelen over zaken als spijs en drank, of in het stuk des feestdags of der nieuwe maan of der sabbatten) om aan te tonen dat er in het Nieuwe Testament geen bevel was tot het vieren van dc feestdagen.
Toch heeft de eventuele afschaffing van de tweede christelijke feestdag ons in deze tijd wel iets te zeggen: zij vindt immers plaats in ccn steeds verdergaand sekularisatieproces. Nu is er in het openbare leven nog een zekere heenwijzing naar het Evangelie. Ook is er nog sprake van een voorbeeldfunktie: men ziet immers dat christenen deze dag een religieuze invulling geven. Je zou je af kunnen vragen of het voortbestaan van de christelijke feestdagen nu van wezenlijk belang is voor de beleving van de heilsfeiten. Eigenli jk heeft het officiële bestaan daarvan alleen een traditionele, en geen principiële betekenis. Het komt er immers voor een christen op aan hoe de persoonlijke beleving van de heilsfeiten is. In dc prediking komen deze zaken voortdurend aan de orde en in dc schenking en toccigcning van het heil is de Heere niet aan een lijd of dag gebonden. In dit licht gezien is een diskussie over het wegvallen van de tweede feestdagen niet zo relevant en zou men het kunnen onderbrengen bij de middelmatige dingen. Dat neemt evenwel niet weg dat wc het bestaan van de
tweede feestdagen zeker ook als een zegen mogen zien: er mag op die dagen in de kerk nog een nalezing van de oogst gegeven worden. Ook zijn deze dagen bij uitstek geschikt voor kerkelijke konferenties en bezinnende (jongerenbijeenkomsten. Een meer getuigende funktie hebben dc bid-cn dankdagen. Dat zijn immers geen publieke vri je dagen. Christenen maken hierin een duidelijke keuze door een vrije dag te nemen om zich met de gemeente af te zonderen en voor God le verootmoedigen.
Hoewel het verdwijnen van de tweede feestdag dus geen direkte konsekwenties zou hebben voor het persoonlijk leven, zillen er ook andere kanten aan de zaak. De christelijke begrippen krijgen steeds minder betekenis voor de publieke samenleving. De kans is groot dat binnen afzienbare tijd deze herdenkingsdagen alleen nog maar vermeld zullen staan in de agenda's, op één lijn met Valentijndag, Maria Hemelvaart, Driekoningen en Sint-Nikolaas. Er blijft dan niets anders over dan een symbolische betekenis. En dat betekent een verder verval en terugdringing van christelijke elementen uit de samenleving, waarbi j dc waarde van goede vormen steeds minder wordt. Als dc kerken hierin zonder protest zouden kapituleren, zou al gauw de volgende diskussie voor de deur staan: het verdwijnen van het Wilhelmus, van de kerstboodschap door de koningin, kortom, alles wat herinnert aan wat Nederland eens was: een christelijke natie!
De bedoeling van degenen die het voorstel deden om de tweede christelijke feestdagen tc laten vervallen lijkt heel legitiem: men vindt dat in onze 'multi-kulturele' samenleving iedere groepering rcchl heeft op officiële vierdagen. Mogen wij daar als christen iets op tegen hebben? Dat is niel zo gemakkelijk. In ccn land met vrijheid van godsdienst mag de ene groep dc andere immers geen beperkingen opleggen. Toch is op dat voorstel wel wat af tc dingen.
'Multi-kultureel' is ccn moderne, maar misleidende uitdrukking. Beter zou zijn om in dit verband te spreken van een gesekulariseerdc samenleving.
Een samenleving die steeds meer er van blijk geeft zich niet ie willen richten naar Gods Woord.
Hel is trouwens zeer dc vraag of er bij de overtuigde moslims (3% van onze bevolking) behoefte bestaat aan aparte feestdagen. Er is door deze groep nog nooit officieel om gevraagd. Ook dc Joden hebben binnen onze samenleving nooit om een officiële feestdag gevraagd.
Het is een signaal van deze tijd dat cr minder tolerantie li jkt tc bestaan ten aanzien van hel christendom dan voor andere religies.
Krimpen aan den IJssel R. Ruit-van Dodeweerd
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 juni 1994
Daniel | 32 Pagina's