JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Christelijke beroepskode: bittere noodzaak!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Christelijke beroepskode: bittere noodzaak!

7 minuten leestijd

Iedere beroepswerker in de Nederlandse Gezondheidszorg krijgt te maken met een nieuwe wet. Dit is de wet Beroepen Individuele Gczondsheidszorg, de zogenaamde B.I.G.-wet, die inmiddels in werking is getreden. Voor allerlei beroepsgroepen (zoals artsen en verpleegkundigen) zijn hierin voorwaarden uitgewerkt voor het wettelijk erkend uitoefenen van het beroep. Het doel van deze wel is afbakening van het beroepsmatig handelen wat betreft bekwaamheden cn bevoegdheden.

Voor verpleegkundigen heeft deze B.I.G.-wet tot gevolg dat er onder andere een tuchtrecht zal komen (dit funklionccrt reeds lange tijd voor artsen). Hierbij kunnen fouten en nalatigheden. maar ook ethische kwesties aan de orde komen.

Het is bijvoorbeeld denkbaar, dat een verpleegkundige voor de tuchtrechter gedaagd wordt door de familie van een patiënt wegens een vermeende nalatigheid. Het niet willen doorgeven van een verzoek om euthanasie zou zo'n nalatigheid kunnen zijn. De verpleegkundige moet dan kunnen verdedigen waarom zc zo gehandeld heeft. Hierbij zou ze zich kunnen beroepen op een verpleegkundige beroepskode.

Beroepskode

In een beroepskode worden richtlijnen gegeven hoe een verpleegkundige of verzorgende geacht wordl le handelen in bepaalde situaties, of hoe hij/zij zich behoort op te stellen ten opzichte van de patiënt. Het geeft weer, welke de algemeen geldende normen en waarden zijn binnen de beroepsgroep. Er zijn in de loop van de tijd verschillende berocpskodes ontwikkeld, waarvan de zogeheten NU'91-kode de meest recente is. Deze is afkomstig van een progressieve beroepsorganisatie cn ademt duidelijk de huidige tijdgeest, waarin hel vrijheidsdenken, zelfverwerkelijking en de menselijke autonomie centraal staat. Een artikel uit deze kode: „De verpleegkundige schept een situatie waarin de patiënt zich overeenkomstig zijn levensbeschouwing en gewoonten, waarden en normen kan gedragen".

In de laatste nummers van 'Verpleegkundig nieuws' is in ruime mate aandacht geschonken aan de ontwikkeling van een beroepskode. Zo werd er een 'schaduw verpleegkundig

tuchtkollege' (om zich voor te bereiden op het tuchtrecht) samengesteld, dat een uitspraak deed over een zaak waarin een verpleegkundige weigerde een 86-jarige vrouw te reanimeren. De patiënte moest volgens de verpleegkundige de kans krijgen rustig te overlijden, terwijl de arts-assistent op grond van zijn gereformeerde levensovertuiging vond dat alles moest worden geprobeerd om het leven van de vrouw te rekken. De verpleegkundige legde dit medische beleid naast zich neer, greep bij een hartritmestoornis niet in en de vrouw overleed.

Het kollege vond dat de verpleegkundige tekort was geschoten in de zorgverlening, maar dat zc moreel geli jk had ("de arts had een berisping moeten krijgen"). Formeel mocht zc het echter niet zo oplossen; ze had 'eigendunkelijk' gehandeld.

Dit leidde voor de verpleegkundige tot een berisping. Hel tijdschrift meldt dat in een omgekeerde situatie, als de verpleegkundige morele bezwaren zou hebben tegen het verkorten van het leven van de patiënte, bijvoorbeeld bij euthanasie, deze morele bezwaren veel eerder geaccepteerd zouden worden.

De uitspraken van het schaduw verpleegkundig tuchtkollege kunnen zorgen voor diskussics binnen de beroepsgroep en een basis vormen voor de normen waaraan verpleegkundig handelen zal worden getoetst. De regelgeving moet nog voor een belangrijk deel worden ontwikkeld. Hen beroepsorganisatie (zoals AbvaKabo, NU'91 of CFO) zou hierin het voortouw moeten nemen. Dc huidige beroepskode (NU'91) wordt niet onderschreven door alle beroepsorganisaties, hoewel de bestaande bcroepskodes erg op elkaar lijken.

De procedure tot het komen van een uitspraak in het tuchtrecht is ongeveer als volgt: - de kollegeleden bepalen of de klacht gegrond is (nalatigheid, falende observatie, foutieve verpleegkundige handeling, niet uitvoeren van medisch beleid, enz.); - dan wordt er nagegaan of er een maatregel moet getroffen cn zoja, welke en waarom die.

De maatregel kan bestaan uit zes vonnen:

1. waarschuwing (korrigerende of voorlichtende strekking)

2. berisping (verwijtende en oordelende strekking)

3. geldboete (lot maximaal tienduizend gulden)

4. schorsing (van ten hoogste ccn jaar)

5. ontzegging van bevoegdheid om beroep uit te oefenen 6. doorhaling van inschrijving in register (definitief, zodat men het beroep nooit meer uit kan oefenen).

Wanneer is een klacht gegrond? Als cr bijvoorbeeld tegen het medische beleid in gehandeld wordt (dit kan gebeuren doordat boven dit beleid het eigen beleid en geweten gesteld wordt), in het algemeen dient een verpleegkundige het door dc arts opgestelde beleid uit te voeren, voor zover nodig als verlengde arm van de arts. Daarbij staat de plicht lot bescherming van het menselijk leven bovenaan.

Geweten

Een diskussiepunt is of een verpleegkundige altijd het beleid van de arts uit moet voeren. Welke rol speelt het geweten van dc verpleegkundige hierin? Formeel gezien zijn cr slechts twee redenen om een bepaald medisch beleid niet uit te voeren: als de verpleegkundige niet bevoegd is een handeling uil te voeren, en vanwege gewetensbezwaren. In de Ziekenhuis cao is ccn regeling voor werkers met gewetensbezwaren. Morele bezwaren hebben daarentegen geen geldingsrecht. In de verpleegkundige beroepskode staal dat de verpleegkundige de belangen van de patiënt op de eerste plaats moet stellen. Daarbij kan het zorgbelang in tegenspraak zijn met het medische belang. Toch moet een verpleegkundige meewerken aan dc uitvoering van het medisch beleid, tenzij het evident fout is. Dat is niet altijd duidelijk, zeker als de patiënt niet aangegeven heeft wat hij wil.

Autonomie

Hierbij komen we tol een relevante ontwikkeling in dc huidige medische ethiek: akseptatie van de autonomie van de patiënt.

Binnen de kring van artsen is inmiddels geaksepteerd, dat rekening gehouden wordt met de schriftelijke wilsbeschikking van de patiënt, het zogenaamde levenstestament. Zo'n

levenstestament wordt door de rechter, zij het onder bepaalde voorwaarden, als geldig erkend.

Stel je de volgende situatie eens voor: een patiënt is verminderd aanspreekbaar door een hersenbloeding. Hij heeft voordat hij ziek werd een levenstestament opgesteld, waarin staat dat hij niet meer behandeld wil worden als hij in een dergelijke situatie komt te verkeren zoals nu. Hij wenst dan dat de behandelend arts euthanasie zal toepassen. De familie overhandigt jou deze wilsbeschikking. Gezien het bovenstaande artikel in dc beroepskode wordt van jou verwacht datje meewerkt, uit respekt voor de wensen van de patiënt...

Het moge duidelijk zijn dat een christen niet achter deze beroepskode kan slaan. In de NU'91-kode is zo dwingend van het zelfbeschikkingsrecht uitgegaan, dal de christelijke visie niet meer inpasbaar is. Bovendien stelt de NU'91 dat haar kode geldt voor alle verpleegkundigen en verzorgenden.

Het is dc hoogste tijd dat wij deze (en andere) kode(s) kritisch toetsen en een eigen kode onlwerpen! Hier ligt een stuk werk voor christelijke verpleegkundigen en verzorgenden. Een eigen beroepskode is onontbeerlijk! Want een rechter zal in geval van tuchtrechtspraak kijken naar wat de heersende mening i.s binnen de betreffende beroepsgroep, en ook naar wat er op papier staat als heersende richtlijnen ten behoeve van het beroepsmatig handelen.

Christen-verpleegkundigen en verzorgenden moeten zich bewust worden van dc nonnen en waarden waardoor zij zich laten leiden in hun werk. Het is niet voldoende om te stellen dat we de Bijbel als uitgangspunt hebben. Een beroepskode moet eenduidig en helder zijn. Daarom is het nodig dat er nagedacht en gesproken wordt over wat we onder bepaalde begrippen verstaan. Deze begrippen moeten zó helder verwoord worden, dat ook nietchristenen begrijpen wat we bedoelen en voor welke zaak we staan.

Mevrouw mr. E. P. van Dijk, juriste bij het Juridisch Adviesburo voor Gezondheidszorg, heeft het initiatief genomen om deze zaken bij verpleegkundigen bespreekbaar te maken om zo te komen tot het opstellen van een christelijke beroepskode. Het is voor allen, die in de gezondheidszorg werkzaam zijn van belang om na te denken over de eigen beroepshouding en de voortgaande ontwikkelingen hierin; om erover le spreken op de afdeling waar je werkt en binnen de bestaande gesprekskringen voor dc gezondheidszorg.

Binnen Het Richtsnoer, de RMU en de Verzorgende Beroepen van de Gereformeerde Gemeenten zal men zich nader gaan bezinnen over de totstandkoming van een verantwoorde beroepskode. Wc moeten immers laten zién wat we belijden en geloven.

Mondigheid

Deze geloofsmondigheid is van groot belang in ons werk. Het in staat zijn tot hel zelfstandig verrichten van handelingen, het nemen van beslissingen in hel werk, is professionele mondigheid. Beide vormen van mondigheid heeft een christen nodig als werker in de gezondheidszorg.

Hart, hoofd en handen

Daar horen drie zaken bij: hart, hoofd en handen. Alledrie zijn ze nodig in ons dagelijks werk, maar ook in de bezinning op dat werk: ora et labora (bid en werk).

We moeten bi j al onze werkzaamheden nooit vergeten dat het moet zijn naar Gods Woord. En als we van Hem onze hulp verwachten, zullen we nooit beschaamd uitkomen!

Krimpen a/d IJssel R. Ruit-van Dodeweerd

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 mei 1994

Daniel | 32 Pagina's

Christelijke beroepskode: bittere noodzaak!

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 mei 1994

Daniel | 32 Pagina's