Het gaat om Christus in het Heilig Avondmaal
Verslag jongerenkonferentie Eist
1 januari 1843. Roberl Murray MacCheyne heeft voor de laatste maal het Heilig Avondmaal bediend en zendt zijn gemeente naar huis met een drievoudige boodschap. Voor u die Christus zoekt, zegt hij. heb ik deze boodschap: oept Mij aan in de dag der benauwdheid; Ik zal tt er uit helpen, en gij zult mij eren (Psalm 50 : 15). Gods kinderen krijgen de tekst mee: ij moeten door vele verdrukkingen ingaan in hel Koninkrijk Gods (Handelingen 14 ; 22). En degenen die nog buiten Christus zijn. worden gewezen op Romeinen 2 : 4: f veracht gij de rijkdom Zijner goedertierenheid. en verdraagzaamheid en lankmoedigheid, niet wetende dat de goedertierenheid Gods U tot bekering leiclt?
Belijdenis doen
Met deze woorden sluit de heer J. H. Mauritz de konferentie over dc sakramenten in Eist af. Hij vraagt ons persoonlijk tot welk van de drie groepen wij behoren. Iedereen moet zichzelf eerlijk onderzoeken cn de goede tekst op zichzelf toepassen. Het is trouwens niet het enige van deze konferentie dat tot nadenken stemt. Op vrijdagavond heeft ds. Zippro gesproken over de waarde van de Doop.
Zaterdagochtend is er aan de hand van een inleiding over 1 Timotheüs 6 vervolgens in groepen nagedacht over het doen van belijdenis. Paulus dringt er bij Timotheüs op aan om te blijven bij de gezonde leer waarvan hij belijdenis heeft gedaan voor vele getuigen. De heer Mauritz: 'Aan de ene kant kost dat veel strijd. Want zonder strijd is er geen kroon. Maar aan de andere kant staat er in de belijdenisvraag dat je door Gods genade belooft bij die leer te blijven. Dat kun je nooit in eigen kracht.'
Wie van die gezonde leer afwijkt, raakt in allerlei zonden terecht. Rijk willen worden is er een van. Maar wie het Woord verdraait, bedroeft ook de Heilige Geest. Die hanteert namelijk het Woord. Andere gevolgen zijn: twist, kwade nadenkingen en woordenstrijd. Na de pauze houdt ds. C. Harinck voor een zaal van ongeveer 200 jongelui zijn lezing over het Heilig Avondmaal.
De eerste christenen
De eerste christenen sloten in hun avondmaalspraktijk aan bij de Joodse viering van het Pascha. Zij gedachten in het Avondmaal dat zc een nieuw volk van God waren: verlost van de verderfengel door het bloed van het Paaslam. Net zo als onbesnedenen niet mochten deelnemen aan het
Pascha, zo mochten ongelovigen zelfs niet aanwezig zijn bij de bediening van het Avondmaal.
Doop - belijdenis - Avondmaal
In zijn lezing benadrukt ds. Harinck de juiste volgorde van Doop - belijdenis - Avondmaal. Tussen doop en belijdenis staat het onderwijs; tussen belijdenis en
Avondmaal staat de zelfbeproeving. 'In de Doop slaat Gods verbond op de voorgrond; in het Avondmaal gaat hel om het persoonlijk geloof. In hel Doopsformulier staat niet dat we onszelf moeten beproeven; in hel
Avondmaalsformulicr wel. ' Ds. Harinck: 'Slel dat je zonder zelfbeproeving aan het Avondmaal zou gaan en je zou daar zitten, zou jc je dan niel afvragen: waarom zit ik hier eigenlijk? Omdat ik belijdenis gedaan heb? Of omdat de kerkeraad het goed vindt? Of omdat ik me dat aan de Heere verplicht voel? ' Dat zijn geen goede motieven. Vraag 81 van de Heidel berger Catechismus wijst een andere weg. Deze sluit aan bij dat wat in het formulier wordt gezegd over dc zelfbeproeving. Die geldt iedere keer voor iedereen. Die geldt niel alleen voor uiterlijke zonden, maar zeker ook voor misstanden in de verhouding niet de Heere.
Zelfonderzoek
Allereerst moeten we zonden en vervloeking bedenken. De dominee geeft hierbij een duidelijk beeld: 'leder mens heeft een begraafplaats met als opschrift: 'Verboden op te graven' Wij denken liever aan onze goede eigenschappen en rechtzinnigheid clan aan onze vervloeking.' Maar als wc onze zonden niet verstaan, verstaan we ook de rijkdommen van Christus niet. Wc komen niet als vromen, maar als vervloekten aan het Avondmaal.
Daarna is er het onderzoek naar het geloof. Veel jongeren denken, vervolgt ds. Harinck, dat geloof een gevoel is. een soort extase. Geloof is daarentegen een zich verlaten op Gods Woord, als ccn vervloekte. Ellendekcnnis is onmisbaar voor een waardige Avondmaalsgang, dat is waar. Maar dc grond voor het geloof is Gods belofte. Vaak zoeken we die grond ergens anders: of ik mijn zonden wel voldoende voel, of ik voel dat God mij liefheeft; of dat we een bijzondere stem uit de hemel verwachten.
Tenslotte is er zelfonderzoek naar onze gezindheid: zijn we van harte gezind om oprecht tc wandelen? Slechts twee weten alles van ons af: God en ons geweten. Wc moeten eerlijk de vraag stellen: wat beweegt mij ten diepste? Daarbij is strijd een gezond teken van leven.
Bespreking
Onder het genot van een lekkere kop koffie (met koek!) wordt in de pauze doorgepraat over de lezing en andere zaken: die variëren van studie en werk tot Daniëlkampen. Even een wandeling i.s ook een welkome afwisseling van enkele uren zitten en luisteren. Dat iedereen betrokken is bij het onderwerp blijkt wel uit de vragenronde die na dc pauze wordt gehouden. Meermalen wordt de beantwoording van de schriftelijke vragen onderbroken door reakties vanuit de deelnemers.
Belijdenis doen
Met name de verhouding tussen Doop, belijdenis doen en Avondmaal komt vaak ter sprake. Dat hierover veel verwarring bestaat, blijkt wel heel duidelijk. Ds. Harinck haalt de kerkvader Cyprianus aan, die kinderen vergeleek met doofstommen. 'Deze kunnen zelf geen belijdenis doen. In plaats van hen doen zogenaamde 'sponsors' (Latijn voor 'belovers') voor hen belijdenis, wanneer zij te kennen hebben gegeven dat zij christen willen worden. Nu kun je pasgeboren kinderen ook vergelijken met doofstommen: ze kunnen nog niet praten. Daarom zijn ouders hun 'sponsors'. Later moeten zij echter, na het volgen van onderwijs, een keuze maken: of zij doen belijdenis, of zi j zweren het geloof van hun ouders af. Daarbij moet je altijd bedenken: je bent als gedoopte niet meer vrij. Je kunt niet vrijblijvend een keuze maken. Nu vraagt dc Heere geloof en oprechtheid in deze keuze. Een historisch geloof belijden is niet voldoende. Tussen belijdenis doen en Avondmaal staat de zelfbeproeving.'
Vanuit dc zaal kwam hierop de vraag: maar is er voor de belijdenis clan geen zelfbeproeving? Voor het belijdenis doen staat allereerst de catechisatie. Dus het kennen van de gezonde leer is belangrijk. Dat staat bij belijdenis doen voorop. Maar daarbij vraagt de Heere ons hele hart. Wanneer je zo. met waar geloof, belijdenis doet. dan kun je ook naar het Heilig Avondmaal. Calvijn noemt het Avondmaal een 'herhaalde belijdenis.'
Het begint niet met het Avondmaal
Ds. Harinck waarschuwde in ccn van zijn antwoorden voor het al te veel gericht zijn op het Avondmaal. 'Het lijkt soms wel of het daarmee begint. Dat is niet zo. De vraag die in het begin van het nieuwe leven geboren wordt, is: wat moet ik doen om zalig te worden? Die vraag moet jc allereerst bezig houden. Je moet pas aan het Heilig
Avondmaal deelnemen, als je bloed van Christus nodig hebt.'
Een vraag die sommigen bezig houdt is: hoe kan ik weten of ik uil de ware gezindheid leef. of dat ik slechts bezig ben met een opknapbeurt? De dominee noemde twee verschillen tussen zelfbegonnen werk en werk van God.
'Het werk van God is blijvend. Ook al zijn er soms tijden van verachtering en inzinking, toch is de liefde in het hart uitgestort. En die blijft. Verder is hel motief anders. Maakt je geweten hel je alleen lastig, of is het je werkelijk om God te doen? "
Hierop ging hij bij ccn van de volgende vragen nog wat dieper in. 'Ik heb nog geen belijdenis gedaan. Ik vind de belijdenisvragen moeilijk. Is het genoeg om iets van Christus in het Avondmaal gezien te hebben? ' Ds. Harinck is blij dat het Avondmaal deze vraagsteller nog iets doet.
'Maar bega niet de vergissing.dat je denkt: ik voel liefde. die boodschap trekt me wel, ik ga naar het iieiiig Avondmaal. Als je zo gaat. is het Avondmaal een grote teleurstelling. In het
Avondmaal gaat het om de Heere Jezus; als je Hem niet zoekt, zal hel jou geen troost geven. Vraag dc Heere om je zonden en vervloeking te zien.'
Niet in een opwelling
Soms zijn er mensen, vaak jongeren, die in een opwelling aan het Avondmaal gaan. Daarna kunnen ze sterk aangevallen worden met de beschuldiging dal ze zich een oordeel hebben gegeten. Een vraag van een deelnemer luidt: 'Kun je nog bekeerd worden als je onterecht aan het Avondmaal bent gegaan? ' Ds. Harinck: "Ja. ik kan me voorstellen, datje denkt: ik heb me ccn oordeel gegeten. Maar let cr wel op dat er staat: een oordeel, niet hel oordeel. Het is een leugen van de duivel dat bekering dan onmogelijk is. Wal wel erg is, is als jc volhardt in een verkeerde avondmaalsgang. Ik kan begrijpen dat zeker ccn jongere innerlijk bewogen wordt, zich door zijn emoties laat leiden en aan het Avondmaal gaat. Maar het is niet goed. Het is in het algemeen verkeerd om pas vijf minuten voor het Avondmaal een besluit te nemen.'
Geloofszekerheid
Een aantal vragen gaan over Avondmaal en geloofszekerheid. 'Hoe kun je zeker welen dat de beloften van het Avondmaal ook voor mij geleien? ' Het is van groot belang om de vraag in hei formulier goed te lezen. 'Er wordt niel gesproken over hel 'gewis geloven', maar over het geloven van de 'gewisse belofte Gods'. De zekerheid ligt in de belofte. De vraag die ieder kind van God stelt is: is die belofte ook waar voor mij? Hoe kom je aan die wetenschap? Dat is het werk van de Heilige Geesl. De Heilige Geest laat het dc zondaar, die zichzelf er buiten sluit en zich die belofte niet kan toeëige
nen, horen: Hij roept U! Hij wordt cr dan bi j ingesloten door God Zelf. Op zo'n moment moet alle twijfel vlieden. Dan is er volkomen zekerheid. Zekerheid is cr in iedere geloofsoefcning. Dan word jc boven dc twijfels uitgetild. Die zekerheid is gegrond op Gods beloften.'
Strijd
Aan de andere kant kan er ook een onechte zekerheid zijn. Ds. Harinck: 'Als er nooit twijfel is of God in je werkt, heb je dan nog wel geestelijke honger? Je wordt dan 'bekeerd" in jezelf, je hebt genoeg aan jezelf.' Uit de zaal vraagt een deelnemer: 'Is het voor de Heere geen verdriet, dat we zo weinig op Hem vertrouwen? ' 'Ik heb in mijn lezing strijd een gezond teken genoemd. Vrede met zonde, wereld en duivel is een slecht teken. Gezonde vis worstelt tegen de stroom in. Dus strijd tegen de zonde en onze eigen ik moet er het hele leven zi jn. Maar wat de Heere wel verdriet doet. is dat we in eigen kracht willen strijden. Dat bedroeft de Hccrc.'
Aan het slot wordt aan de predikant een persoonlijke vraag gesteld. 'Hoe wordt U per soonlijk in het Avondmaal versterkt? ' Tot zijn schaamte moet hij zeggen dat niet iedere bediening zegen brengt. 'Toch zijn cr wel verschillen tussen dc troost in de begintijd en later. In het begin hebben de gevoelens een grote plaats en staat onze schuld tegenover dc grote rijkdom van Christus. De Heere heeft mi j zelf voor de eerste maal naar het Avondmaal geleid met de woorden: 'De Meester is daar en Hij roept u'. Toen was er geen twi jfel meer of de Heere mij bedoelde. Dat was volkomen zeker.
Later worden de emoties gematigder, soms minder, maar dan kan het Avondmaal wel een grotere of langduriger zegen geven. Je leert om niet naar jezelf le kijken, maar op te zien naar Christus. Dit brengt wel de grootste zegen, wanneer je door het gebroken brood en de vergoten wijn opgeleid wordt tol Jezus' verzoenend sterven. Ik voor U, daar gij anders de eeuwige dood had moeten sterven. Het gevolg is dan altijd zekerheid, gemengd met diepe ootmoed.'
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 maart 1994
Daniel | 32 Pagina's