Michal en Abigaïl
Lezen:1 Sam. 25:23-32 en 2 Sam. 6:20-23 „Ik moet dat toch nog eens tegen haar zeggen dat ze daar niet naar toe moet gaan". Zo proberen we elkaar wel eens van iets a te houden. De één luistert, de ander niet. Het is een groot verschil vanuit welke achtergrond we iemand benaderen. En met welk doel. We kunnen iemand van een bepaalde zonde proberen af te houden. We kunnen ook iemand zoeken af te houden van het bezoeken van een door de weekse kerkdienst. „Je bent toch zondag al twee keer geweest? " We letten deze keer op twee vrouwen en hoe zij op bepaald gedr van hun echtgenoten reageerden. De een doet dat vanuit menselijke ijdelheid; de ander vanuit de tere vreze Gods. De tw geschiedenissen waarover het gaat zijn wel bekend.
Nabal de dwaas
Ter gelegenheid van het scheren van de schapen laat David Nabal groeten met de verwachting dat Davids knechten een geschenk zullen ontvangen. Het hoorde kennelijk bij de feestelijkheden rondom het schapen scheren om een dag der vreugde te hebben, een maaltijd te houden, delen aan elkaar te zenden en gaven aan de armen te geven (zie ook Esther 9:22). Als een herdersvorst inkomsten (vlees en wol) verkreeg, liet hij anderen in de vreugde en in de winst delen. Maar Nabal doet alsof hij David niet kent en voegt diens knechten enige beledigingen toe. Hij stelde wel prijs op de bescherming door Davids soldaten. (Volgens vers 15 en 16 van grote waarde geweest: olgens 1 Samuel 23 bewees David de mensen in dit gebied vaker diensten). Maar hen nu ook op een welgelegen dag in zijn winst doen delen, daar voeit hij niets voor. Hij is gierig en verbergt die zondige aard achter een degelijk klinkende gezagsopvatting. De geest der mededeelzaamheid vriendelijkheid kent hij niet. Hij is zelfzuchtig en hard.
Een verstandige knecht
Abigaïl, de vrouw van Nabal, hoort eerst achteraf van het hele gebeuren. Eén van de knechts komt het haar vertellen. Het is kennelijk onder de knechts besproken hoe onbehoorlijk hun baas heeft gehandeld. Bovendien is het blijkbaar niet voor het eerst. „En hij is een zoon Belials dat men hem niet mag aanspreken" (vers 17). Daar hebben ze ervaring mee opgedaan. Zodra Abigaïl er van hoort, neemt ze haar maatregelen. En zo weerhoudt ze David ervan het huis van Nabal uit te roeien.
Abigaïl de wijze
Ze weet uit ervaring hoe dwaas (dat is ook de betekenis van zijn naam. al is hij dan een afstammeling van Kaleb) en onredelijk haar man kan doen. Ze vermoedt ook dat dit bij David wel eens een scherpe reaktie kan oproepen. En ze gaat David met geschenken tegemoet. Zij handelt wijs ter ^bescherming van haar huis. ; Toch horen we haar dat niet als reden opgeven. In haar pleidooi bij David neemt ze zelfs de schuld van het gebeurde op zich (24). Verder geeft ze er blijk van dat ze de zonde en de besmetting met het kwade wjj voorkomen. Ze wil alles doen om te voorkomen dat de zaak des Heeren schade oploopt en de Naam des Heeren gelasterd wordt. Tevens ligt daarin opgesloten dat ze het goede voor mensen bevordert. Haar huis beschermt ze en David f weerhoudt ze van dingen die later tegen hem zouden gebruikt kunnen worden.
Dubbele waarde
We zien hier welk een groot goed de vreze des Heeren is. Iemand die oprecht de Heere mag vrezen, leert letten op de Naam en de zaak des Heeren. Dat weegt, als het goed is. het zwaarst. Maar tevens wordt het welzijn van mensen bevorderd. Dat is nu kenmerkend voor Gods gebod en een leven naar dat gebod. Gods eer en het wezenlijk welzijn van mensen gaan samen en worden beide bevorderd. Zo'n leven in de vreze des Heeren is geen natuurlijk iets, maar wordt gewerkt door de Heilige Geest. Zo zien we hier enerzijds een vrouw die door de Geest des Heeren geleid wordt. Vrucht van de nieuwe geboorte. En anderzijds een man die door de geest uit de vader der zonde geleid wordt. Beeld van ons aller natuurlijk bestaan.
Korte termijn
Nabal handelde wezenlijk anders. Hij handelde zelfzuchtig en geldgierig. Maar zo doen, is tegen Gods gebod en ook tegen het welzijn van mensen. En dat hij zijn eigen zaken goed behartigde op deze wijze, is ook niet waar. Althans slechts op korte termijn. Want zijn zelfzuchtigheid zou hem, als God het niet verhoed had, een ramp opgeleverd hebben.
Michal de ijdele
De andere geschiedenis vol-
trekt zich in Jeruzalem. David Iaat de ark op feestelijke wijze naar de stad halen. Er worden offers gebracht. David zegt het volk en geeft geschenken. Hij is verblijd met het volk over het feit dat de ark nu een ereplaats krijgt in de stad Davids. En die vreugde laat hij onder het volk op de wijze van die tijd merken. De blijdschap van zijn hart uit hij op oosterse wijze temidden van het volk dat met hem verheugd is en de Heere prijst.
Michal, Sauls dochter die met David getrouwd is, ziet dit gebeuren en veracht David om dit gedrag. Zij vindt het een koning onwaardig. Zij beziet het gebeuren alleen maar menselijk. David heeft zich in haar ogen verlaagd door zo met het volk mee te doen. Zij zag er niet doorheen en merkte niet op de diepere betekenis van het gebeuren. Dat David verblijd was in de Heere en zich verheugde met het volk des Heeren en zich vernederde voor de Heere dat begreep ze niet. Dat zag ze niet in deze gebeurtenissen.
Groot verschil
We vinden hier twee vrouwen die zich bemoeien met hef doen en laten van echtgenoten. Michal veracht haar man vanwege zijn vreugde in God. Abigaïl beschermt en korrigeert haar man vanwege zijn materialistische en zelfzuchtige handelwijze. Ten diepste verraadt het gedrag van allebei hun houding f tegenover de Heere. Abigaïl toont goede manieren en beleefdheid. Wat meer is: zij vertoont een leven in de vreze des Heeren. Zo'n leven wil vermijden de zonde en alles wat God mishaagt. Zo'n leven wil bevorderen wat God behaagt. In het persoonlijke leven, maar ook zo mogelijk in het leven van anderen. We zien dat op passende wijze door Abigaïl in praktijk gebracht worden. Dat zijn goede werken, die naar Gods gebod tot Zijn eer en uit een waar geloof voorkomen.
Gods gemeenschap begeerd
Michal heeft geen oog voor wat wezenlijk is in het leven van haar man. Ze begrijpt helemaal niet dat een ander, zeker niet dat een koning, kinderlijk verblijd kan zijn in de Hccre. En voor David was dat nu juist het belangrijkste van zijn leven geworden: de nabijheid des Heeren te mogen ondervinden. Daarvan had hij gezongen in zovele psalmen. Hoe onmisbaar de nabijheid des Heeren ! is, had hij ondervonden in de moeilijke jaren dat hij voor Saul moest vluchten. En nu in tijden van rast zoekt hij het dienen van de Heere op ordelijke wijze in de openbare eredienst te bevorderen. Want ook in die weg wil de Heere Zijn nabijheid doen ervaren. Daar waar de offers gebracht worden, de dienst der verzoening wordt uitgelegd en de gebeden plaatsvinden, daar ligt zijn leven.
Een diepere vreugde
Als een mens leert dat hij een groot zondaar voor God is en erachter gebracht wordt door het onderwijs van Woord en Geest dat hij zich uit Gods gemeenschap heeft weggezondigd. gaat hij juist de Heere zoeken in de weg van Zijn instellingen. Daar ligt dan, met alle gemis en inleving van eigen zondigheid en onwaardigheid. toch eert grote vreugde in. Een vreugde die de mens der zonde, hoe godsdienstig misschien ook. niet begrijpt. Dat zien we bij Michal. Ze begrijpt het niet. Ze veracht David hierom.
Theokratisch vorst
Toch gaat haar onbegrip nog dieper. David wilde koning zijn in dienst van God. Want de Heere was immers de eigenlijke koning van Israël.
En dat wil David tot uitdrukking laten komen. Daarom wil hij bij deze gelegenheid alle aandacht laten vallen op de ark, en daarmee op de Heere. Daarom trekt hij geen prachtig koninklijk kleed aan. Dat had Michal kennelijk gewild, want dan was de aandacht op haar man David gevallen.
Maar David trok slechts een linnen lijfrok aan; dat was iet kken? en gewone kleding voor een priester. Deze uiting van verootmoediging ergert Michal. In haar godsdienstige bevatting mag de mens. zeker een koning. ook best meetellen. Maar David had het anders geleerd. En bracht het door Gods genade anders in praktijk.
k Capelle aan den IJssel
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 september 1993
Daniel | 32 Pagina's