Bondsdag +16 - 12 juni 1993
Om kwart voor tien heerst bij aankomst a) een gezellige bedrijvigheid in de hal van de RAI. Handen worden opgestoken. herkenningskreten worden geslaakt als deze of gene binnenkomt, groepjes staan pratend bijeen en anderen staan naar de ingang te turen om degene met wie ze voor die dag afgesproken hebben te zien arriveren. In de aangrenzende hal wordt de laatste hand gelegd aan stands van diverse organisaties.
Het is weer zover: de +16 bondsdag is aangebroken.
Dekor
Het podium zit al vol koorleden (300). en wordt opgeluisterd door fleurige gele gerbera's en begonia's, geflankeerd door groene planten. Prachtig staat dat tegen de diepblauwe achtergrond van de gordijnen!
Ook het dekor valt op door de sprekende kleuren. Het is ook deze keer (de veertiende) weer gemaakt door Wim Klop. die me desgevraagd een uitleg geeft bij de afbeeldingen. Ze zijn allen ontleend aan de foto's uit het verschenen aktie-boek 'Een wereld in nood'.
Het thema (Die alleen wonderen doet) op zich was moeilijk uit te beelden, wonderen zijn immers niet uit te beelden? Daarom heeft hij twee thema's weergegeven: links de nood in de wereld (een moskee, de man met de Koran, dc enkeling op straat), hier moet de zending naartoe; in het midden de deelgebieden voor de aktie en rechts de uiting van zending (een auto voor straatevangelisatie, zendeling Commelin aan het werk, de Bijbelvertalingen en het kerkje in Mareetsane).
Over de helikopter wilde Wim geen nadere uitleg geven („Daar zit een verhaal achter"), evenmin op de vraag hoe lang hij eraan had gewerkt („Dat maakt niet uit"). In ieder geval heeft hij er met plezier aan gewerkt, evenals aan het andere aktiemateriaaJ.
Opening
We gaan zingen: Psalm 67 vers 1 en 2. Een zegenbede over deze dag en over anderen, die Gods Woord nog niet kennen. Na schriftlezing en gebed richt de voorzitter van de sektie +16, dominee R. Kattenberg, een bijzonder welkomstwoord tot de sprekers van deze dag: ds. H. Hofman uit Amerika, ds. P. Unruh uit Brazilië en ds. D. Rietdijk, die als enige maar gewoon uit Nederland komt! Voor het openingswoord is als thema gekozen vers 4 uit de voorgelezen Psalm 87: „Ik zal Rahab en Babel vermelden, onder degenen, die mij kennen". Een wonder van genade als God gaat spreken over Rahab (dat zeemonster betekent) en Babel (waarmee dc tiran, de onderdrukker bedoeld wordt): niet om ze buiten te sluiten, maar om ze binnen te halen in Sion, de stad van Gods verkiezing.
Vandaag klinkt deze boodschap voor ons, want God werkt door de Heilige Geest in het krachtenveld van de zonde.
„Ik zal": dat betekent dat er geen roem is in de mens: God alleen doet wonderen!
Traditiegetrouw wordt hierna een telegram aan Koningin Beatrix verzonden. Deze keer wordt echter een tweede telegram verstuurd aan de leden van de Eerste Kamer, afgestemd op de omstandigheden rond de nieuwe wetgeving inzake gelijke behandeling en euthanasie.
„Wij hopen dat Gods Woord richting mag geven aan uw besluitvorming en wij spreken onze zorg uit over het feit dat er onvoldoende rekening met kerken en organisaties wordt gehouden in deze nieuw aan te nemen wet. Ook wijzen wij euthanasie ten alle tijde af'.
Hierna worden staande de twee bekende coupletten uit het Wilhelmus gezongen.
Klankbord
Inmiddels hebben de deel-
nemers aan de muzikale introduktie op het podium plaats genomen. Afwisselend laten spreek-en zangstem zich horen, omlijst door piano, orgel, dwars-en panfluit. Een prachtige weergave van de roep om een wonder; de strijd en de hoop in de ziel. Eerst is alles donker: bidden en zoeken lijkt tevergeefs. We horen de spreekstem de nood uitklagen voor dc Heere. Tot Hem spreken is zo moeilijk, het hart is dor cn treurig. Ik zou willen vluchten, maar waarheen? Gevoelvol zingt de sopraan Jantine van Voorden het lied 'Kom, kom. zet uw harte'. De spreekstem vervolgt dat er alleen maar in de doorboorde handen van Christus schuilplaats is. 'Genadig God. Die mijn harte leest', wordt hierop gezongen. Daarop draagt de spreekstem een gedicht voor, waarin om hulp van de Heere Jezus gesmeekt wordt. Tenslotte eindigt het klankbord in een lied van aanbidding: 'U bid ik aan, o macht der liefde...', waarvan het laatste couplet door allen meegezongen wordt. Voor de solisten van dit muzikale gedeelte zit het erop. Geen spoor van spanning was merkbaar tijdens de vertolking. Waren ze nou echt zo ontspannen? Even gevraagd in de pauze.
Jantine: „Natuurlijk was ik zenuwachtig of alles wel goed zou gaan. Maar vooral bij het zingen van 'Genadig God. Die mijn harte leest' viel de spanning weg. Het is zo goed dat te mogen zingen cn doorgeven, want niet mijn zingen is belangrijk, maar wat de Heere erdoor te zeggen heeft".
Annemieke: „We hebben alleen vanmorgen maar samen geoefend, dus ik was best gespannen, maar terwijl je fluit, wordt het minder. Ik vond de stukken zelf erg mooi".
Ellen: „Ik speel nog maar sinds een jaar panfluit en ben gevraagd omdat iemand anders niet kon. Als je fluit, merk je al gauw of je gespannen bent, want dan blaas je wat bibberend en klinkt het enigszins vibrerend. Toch vond ik het fijn om te doen".
Een wonder van genade
Het volgende programmapunt is aangebroken.
Ds. H. Hofman, oud-bondsvoorzitter, staat al achter de katheder. Hij spreekt over 'Een wonder van genade', naar aanleiding van Handelingen 3. Er is een wereld in nood, maar God gebruikt Zijn dienaars om genade te betonen aan hen die in nood zijn. De bedelaar vroeg iets zonder te verwachten.
Hoe is het met jouw bidden, kerkgaan. bijbellezen? Johannes en Petrus hadden deze bedelaar iets wezenlijks aan te bieden.
Er is reden om iets groots te verwachten. Genade is groot; het is een wonder! Deze verwachting moet onze levenshouding zijn. Of loop jij met je hoofd naar beneden? Hier beneden is het niet; 't ware leven, lieven, loven, is maar waar men Jezus ziet! In de naam van Jezus mag Petrus dc man zeggen: „Sta op". Doe jij dat ook, bidden in Zijn Naam? In deze Naam wordt het wonder van genade gepredikt: het Evangelie!
Wat doe jij ermee? Aansluitend wordt wel zeer toepasselijk gezongen: „Wie is aan onze God gelijk, die armen opricht uit het slijk..."
Nood in Brazilië
Het Bondsdagkoor, deze keer niet alleen bestaande uit jongeren, brengt enige bekende en minder bekende liederen ten gehore, opgeluisterd door het trompetgeschal van de heren Drost.
Dan komt ds. Unruh aan het woord. Hij begint met te zeggen dat hij graag had gewild dat heel Brazilië hier had kunnen zijn om de boodschap en de zang te kunnen horen. Hij leest ons uit Jesaja 55, vers 6 en 7, waarin een volk in nood aangespoord wordt God te zoeken en zich te bekeren. In Brazilië is veel nood:600.000 gezinnen zonder huis en voldoende voedsel, en alleen al in Sao Paulo vier miljoen mensen die te weinig eten hebben.
In Psalm 144 staat: „Welgelukzalig is het volk, wiens God de Heere is". Is God dan geen Heere in Brazilië? Het is een religieus land, met meer dan vierduizend verschillende godsdiensten. Maar het gaat er zoals in de geschiedenis van Jona in het schip: als men zich in nood bevindt, roept ieder tot zijn eigen God. Tussen haakjes: ds. Unruh spreekt Duits en wordt vertaald door de heer Nieuwenhuis, maar als deze verzuimt 'hundertdreizigtausend' te vertalen, blijkt dat ds. Unruh ook wel wat hollands verstaat: geduldig herhaalt hij: hundertdreizigtausend. Hij noemt dit getal met betrekking tot het aantal mensen dat op nieuwjaarsdag een gift aan de zee gegeven heeft, aan de afgod Jemanrah. Ook worden in een spiritistisch centrum in de hoofdstad vaak kinderen onder de vier jaar gebracht, waarover de komst van geesten in hun hart afgebeden wordt. Ds. Unruh stelt, dat de geestelijke nood zelfs groter is dan de materiële. Wanneer moet een volk de Heere zoeken? Als het de Heere niet heeft. Zo is de toestand in Brazilië. Nood! Men moet de ware God aanbidden. Jesaja roept op tot drie dingen: de Heere zoeken, de boze wegen verlaten, en zich tot de Heere bekeren.
Toch gebeuren er ook in Brazilië wonderen. Korte tijd geleden begon ds. Unruh met kerkdiensten in Curitiba. Eén vrouw kwam trouw, maar haar man wilde er niets van weten.
Het leven van de vrouw veranderde, waarop de man besloot ook maar eens mee te gaan, dan zou hij daarna aan kunnen tonen dat men er gewoon bedrogen werd. Hij kwam echter onder de indruk van de onderlinge liefde die er heerste. Toch hield hij vol dat het geloof niets dan bedriegerij was. De tweede keer kwam hij onder de indruk van Gods Woord: 'Laat u met God verzoenen'. Hij weigerde evenwel een christen te worden. De derde keer zei hij niets meer. Enkele nachten sliep hij niet, tot hij het niet meer uithield en midden in de nacht naar de predikant ging. omdat hij niet wist hoe hij met God verzoend kon worden. Die nacht kreeg hij vrede met God. De vierde keer dat hij de dienst bezocht, vroeg hij of hij getuigenis mocht geven. Hij zei: „Ik was dood. maar nu ben ik levend".
Bid voor Brazilië, dat de boodschap op een heldere
wijze gepredikt mag worden, en dat de Heilige Geest de mensen tot God voert en ze vrede mogen vinden.
Heb jij al vrede met God gevonden? In Hebreen 3 vers 7 en 8 staat: „Heden zo gij Zijn stem hoort, verhard u niet..." Als God tot je hart heeft gesproken, dan verhardt je je hart niet. maar laat je je leiden. Moge de Heere ons zegenen! Onder leiding van Dick van Luttikhuizen laat het koor nog enkele liederen horen. Het programma is wat uitgelopen, dat betekent dat de eetpauze iets korter wordt. Ds. Kattenberg kondigt nog aan dat de koilekte al ƒ 19.000heeft opgebracht, dus dat we al aardig op weg zijn naar het benodigde bedrag wat twee keer zo hoog moet zijn...
Ds. G. J. van Aalst sluit de ochtendbijeenkomst en vraagt een zegen voor de maaltijd.
In gesprek met zendingswerkers
Buiten is het vandaag niet erg warm. dus de meeste bezoekers blijven binnen. Er is genoeg te zien en te doen. De diverse stands hebben niet over belangstelling te klagen. Ik ben benieuwd hoe het toegaat bij de stand van de zending, waarin voor het eerst een aparte ruimte is aangebracht met zitjes, waar jongeren aan zendingswerkers hun vragen kunnen stellen die eventueel leven met het oog op werk in de zending. Het is er druk.
De heer C. Janse heeft wel even tijd voor een praatje. „Zijn er veel jongeren met vragen gekomen? "
„Het valt ons alles mee. Er is veel belangstelling". „Wat voor soort vragen kreeg u zoal? "
„Vooral veel vragen over de roeping, zoals 'hoe weet je of de Heere je roept voor zulk werk? ' We hebben veel goede gesprekken gevoerd. Voor de voorlichting hebben we een indeling gemaakt voor de verschillende terreinen: onderwijs, theologisch, landbouwkundig en medisch werk. Eén van ons is een beetje voor de ingang gaan staan, we zagen namelijk vaak wat mensen aarzelen en dralen, die hebben we genodigd 'binnen" te komen".
„En als er iemand belangstelling heeft voor het zendingswerk? Houden jullie daar kontakt mee? "
Janse: „We spreken nog een keer af voor telefonisch kontakt en geven adviezen voor opleiding en dergelijke... Sorry, er zit nog iemand op me te wachten, dus als je het niet erg vindt..."
De pauze is inmiddels al om en iedereen haast zich naar zijn plaats.
Een wonder van liefde
Ds. Zippro dankt na de samenzang voor het eten en vraagt Gods zegen voor de middag. Dan is de beurt aan de Hollandse predikant: ds. Rietdijk. Een wonder van liefde in een wereld in nood. Waar begint die? In Bosnie-Hercegovina. in Somalië of Brazilië? Doe eens een stap dichterbij! Ook in je hart is een wereld in nood. Toch is er bij God 'innerlijke ontferming'. En dit Woord moet verder! Een wonder van liefde... Straks worden die milde handen voorgoed ervaren bij Zijn kinderen. En straks zal alle tong op de nieuwe aarde Hem loven in eeuwigheid! Dat mogen we hier al leren met de woorden van de samenzang uit Psalm 8: Mijn
God. wat is de mens op deze aarde, dat Gij aan hem in zoveel gunst gedenkt".
Afronding aktie
En dan nu een spannend moment: hoeveel heeft de aktie opgebracht? Ed van Heil heeft die vraag al vele malen gehoord. Toch zou er ook een andere vraag gesteld kunnen worden: ..En, hoeveel zendingswerkers heeft de aktie opgeleverd? Hoeveel gaan er weg? " Ed roept een viertal verenigingsleden naar voren, die plaats nemen achter een tafel. Achter dc andere tafel nemen een aantal zendingswerkers plaats: Barry, Teunis. Carla cn koorlid Klaas. Een achttal borden (met in cijfers het streefbedrag) worden op het podium geplaatst. De bedoeling is natuurlijk dat deze borden omgedraaid moeten worden om het uiteindelijke bedrag te kunnen tonen. Maar dat gaat zo maar niet! De twee groepen moeten er wel iets voor doen! Voor elk bord dat omgedraaid wordt, moet een cryptogram worden opgelost. Het woord wat eruit komt. heeft uiteraard iets te maken met de aktie. De middelste zes borden worden omgedraaid, al dan niet met behulp van Ed. want cryptogrammen oplossen was duidelijk niet de sterkste kant van de groepen.
Nu het eerste bord nog (zou dat de één zijn van 1 miljoen? ) dat gelijk met het laatste omgedraaid moet worden. Het bedrag wordt zichtbaar: ƒ1.028.979, 30!! Een sckonde is het stil. dan is er ineens trompetgeklank cn orgelspel: 'Dankt, dankt nu allen God..." Iedereen is stil. Wat kan er beter gespeeld worden dan dat? Niet onz' o Heer, maar Uwe Naam alleen zij deer...
Toch is het laatste woord over de aktie nog niet gesproken. Johan de Jong vraagt de aandacht voor een ander nt. aspekt van de aktie: de bezinning. Er vindt een panelgesprek plaats tussen ds. J. J. van Eckeveld. ds. Unruh. G. Nieuwenhuis, Ed van Heil en verenigingslid Jaco van de Merbel.
Johan: ..Er is veel geld opgehaald. Welke nood neemt u waar in uw land? " Ds. Unruh: ..Het grote probleem onder de christenen in Brazilië is het okkultisme. het gericht zijn op het materiële en de gezondheid. Het Evangelie blijft op de derde plaats".
Ds. Van Eckeveld: „Is er nog wel een biddende gemeente. waardoor de Heilige Geest mensen afzondert? Het is zoals in de gelijkenis van de wijze en dwaze maagden: de kerk slaapt ook! Er wordt zo weinig geworsteld. De wind van Gods Geest moet door de kerk waaien: dan komen er ook arbeiders!"
Ook over vasten en offers brengen wordt gesproken. De heer Nieuwenhuis is van mening dat er door het binnengedrongen materialisme moeilijk offers (let wel: geen financiële) gebracht worden. Op zendingsreizen ontmoet hij vaak mensen van andere kerken waar wc dogmatisch wel vragen bij hebben, maar die bereid zijn grote offers te brengen. Bewustmaken van dc nood kan een weg zijn waarin dc Heere kan en wil werken. Johan: „Wat ziet u als taak om de nood te lenigen? "
Ds. Unruh: „De prediking van het Evangelie heeft de prioriteit! Als mensen tot geloof komen, verandert ook hun financiële positie door hun houding, ze stoppen bijvoorbeeld met roken! Het Woord moet het doen!" Johan: „Er is veel aan bezinning gedaan tijdens de aktie. Zijn daar ook resultaten van te verwachten? "
De heer Nieuwenhuis: „We worden nog steeds niet overstroomd door reakties op bestaande vakatures. Mensen die wel eens informeerden, zien we vaak niet terug". Ds. Van Eckeveld voegt eraan toe: „Dat onderstreept de nood. Daarom waren we als deputaatschap blij met het stuk bezinning om de nood".
Ed: „Wat dat betreft is de aktie nog niet voorbij".
Ds. Van Eckeveld: „Ondanks alle sombere geluiden is er géén zaak die er beter voor staat als de zaak van het Koninkrijk Gods, want dat ligt vast in de handen van een Drieënig God".
Ds. Unruh: „Veel mensen zijn moedeloos. Daarom wil ik besluiten met Gods Woord aan de gemeente van Filadelfia, daar wordt gesproken van een geopende deur die niemand sluiten kan. zolang ze getrouw • zijn aan dat Woord. Jongelui, als jullie daar trouw aan zijn. zal deze deur ook voor jullie geopend blijven!"
De dag is bijna om. De heer Mauritz spreekt een slotwoord uit: „We hebben gehoord van een God die wonderen doet. Misschien zit jij wel helemaal op de bovenste rij. en zie je daar niets van in je leven. Je wilt misschien wel niet eens. Toch is God machtig om ook jou te verlossen. Daarom hebben we vandaag gehoord: ...en hij bekere zich tot de Heere. zijn God. Je hebt ook de vraag gehoord: heb jij al vrede met God? Hoop op Hem. Als je dat wonder van liefde ondervindt, mag je (misschien wel stilletjes) zeggen: God heb ik lief!
Dominee Kattenberg gaat voor in dankgebed, waarna we staande nog zingen: "k Zal met mijn ganse hart Uw eer vermelden Heer. U dank bewijzen...'
Dominee Unruh hoopt over enkele dagen weer terug te gaan naar Brazilië. Na afloop van de Bondsdag heb ik hem nog enige vragen gesteld. „Hoe heeft u deze dag ervaren, temidden van zoveel jongeren? "
„Het was een verrassing voor me dat er zoveel werk verzet is, maar ook dat deze dag met grote orde en stille verlopen is.
Dat zie je niet vaak bij jongerenbijeenkomsten. Van de zang en muziek heb ik genoten. De boodschappen heb ik goed kunnen volgen. Er zaten diepe gedachten in die zeer veelzeggend waren voor de jeugd". „U hebt gehoord dat er wel veel geld is bijeengebracht, maar dat de nood wat de arbeiders betreft groot is. Hoe kijkt u daar tegenaan? "
Aarzelend: Dat vind ik moeilijk. Weet u. ik vraag me af wat daar de oorzaak van is. In Efeze 4:11-15 zie je dat voor de leiding van de gemeente de éérste opgave is: en moet de héle gemeente voor de dienst toebereiden. Misschien is dit een zwak punt in jullie gemeenten, en worden deze taken te weinig voor de gehele gemeente gezien. Als men zich hiervoor inzet, dan is de ervaring dat God verder roept.
Misschien is dit een oorzaak. Ik wil het niet verabsoluteren". „Welke bestemming heeft u voor het aktiegeld? "
„Eén plan met drie punten: - een geïllustreerde bijbelkursus laten dnikken voor evangelisatie:
- onze woning uitbouwen zodat er zondagsschool en onderwijs aan volwassenen gegeven kan worden:
- zodra de autoriteiten toestemming geven grond aankopen voor een kerk.
Tenslotte wil ik jullie allen nog hartelijk dank zeggen voor de mogelijkheid die geboden is om hier te kunnen zijn en voor het bijeengebrachte geld. De Heere vergelde het jullie!"
Krimpen a/d IJssel R. Ruit-van Dodeweerd
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 2 juli 1993
Daniel | 32 Pagina's