„Spoken bestaan niet”, maar geestelijke boosheden wel
„Spoken bestaan niet", zei moeder vroeger, als je bang was cn niet kon slapen vanwege 'iets' op zolder, dat jou angst aanjaagde Maar met hetzelfde gemak waarschuwde zij je voor Heintjevaar de bullebak. Zij zouden je pakken, als je te dicht bij de sloot kwam. Zulk spreken sluit wonderwel aan bij het geestengeloof v (cn na) de Middeleeuwen. Want in die tijd scheen achter elke boom en op elk kerkhof - als je dc literatuur wilt geloven - wel een boze geest klaar te staan om je te bespringen. Ten onrechte natuurlijk.
Het ging voorheen niet slechts om bóze geesten. Van ds. B. Smytegelt is immers bekend, dat engelen aan boeven verhinderden hem te doden. Zouden wij, jongeren cn ouderen, het nog geloven, als er anno 1993 zoiets zou gebeuren en verteld worden?
Of zeggen wij: zulke dingen zijn in de twintigste eeuw onmogelijk. En wijten wij dat mogelijk zelfs aan de afnemende ware godsvreze? Ik denk, dat de aandacht voor dc werkelijkheid van het geestelijke, zowel kwaad als goed, in onze maatschappij te ver uit ons gezichtsveld verdwenen is. Is onze samenleving niet te veel gestempeld door de 'verlichting' van het redelijk en verstandig denken? Wij hebben de strijd aangebonden met het Godloochenende kommunisme. Maar zijn wij ongemerkt ook niet onder invloed gekomen van het historisch materialisme. waarbij het stoffelijke, het waarneembare de toon aangeeft? Ik dacht dat wij deze vragen bevestigend moeten beantwoorden.
Meer dan bedrog en verbeelding
Ds. A. B. W. M. Kok schreef in 1939 al over 'verleidende geesten' cn hij rekende daaronder ook het spiritisme. Anno 1993 hebben wij de mond vol over New Age en over okkultisme. Toch doen wij al te gemakkelijk, alsof die dingen ons niet aangaan. In deze zin, dat wij ze beschouwen als bedrog en verbeelding, maar ver van ons bed.
Nee, wij moeten, als het over okkultisme gaat. niet al te lichtgelovig zijn. Maar ook niet tc ongelovig. Alsof het allemaal onzin, bedrog en verbeelding zou zijn. Dc al genoemde ds. Kok schreef: „Al zullen wij alle spiritistische verschijnselen niet als duivelswerk signaleren, toch hebben we onzes inziens bij
vele "openbaringen' aan de inwerking van boze geesten te denken..."
Hij mocht zich daarbij op bijbels terrein weten. De apostel Paulus waarschuwt in Efeze 6 vers 12 immers óók tegen geestelijke boosheden in de lucht. En Gods Woord is gegeven voor alle tijden.
Boze en goede geesten - maar over die goede gaat het niet in dit artikel - hebben nog altijd invloed, ook in de twintigste eeuw. „Wij hebben de strijd niet tegen vlees en bloed", zegt de apostel, „maar tegen de geestelijke boosheden in de lucht."
Boze geesten
Wat zijn dat, de 'geestelijke boosheden in de lucht'? Prof. Anne van der Meiden schrijft in zijn boek 'Welzalig is het volk' - een karikatuur van de gereformeerde gezindte - dat er in 1972 in Staphorst geen televisietoestel op de openbare school mocht komen, omdat er al genoeg 'geestelijke boosheden in de lucht' zijn. Alsof het in die uitdrukking dus speciaal en uitsluitend gaat over radio en televisie. Wie dat denkt, slaat de plank helemaal mis.
Maar wat bedoelt de apostel Paulus dan? Laten wij maar heel eenvoudig de kanttekening van de Statenvertaling opslaan. De 'geestelijke boosheden' heten daar 'geesten die tot alle boosheid zijn genegen en de mensen daartoe ook zoeken te brengen". Die geesten zijn 'in de lucht'. En dan moeten wij even terug naar Efeze 2 vers 2, waar de satan uitdrukkelijk de 'overste van de macht der lucht' genoemd wordt. 'In de lucht', dat is: de geestelijke boosheden, de satanische dreigingen zijn overal om ons heen.
„Die waarachtig tot de Heere bekeerd worden", zegt dr. H. F. Kohlbruggc in een van zijn schriftverklaringen, daarbij mede wijzend op Efeze 6 vers 12, „zullen ervaren, dat de duivel hen hun leven lang op dc hielen zal zitten en hen allerlei in de weg zal werpen, om hun vreugde in de Heere en Zijn genade. Zijn heiligheid en goede gaven, te verstoren en te verbitteren."
Zeer konkreet
Onze gereformeerde vaderen hebben dit zeer konkreet opgevat. Ik denk aan een boekje van de zeventiendeeeuwsc gereformeerde predikant Simon Oomius, met als titel 'Satans vuistslagen'. De duivel, zegt Oomius. is bij machte om onmiddellijk op de fantasie of verbeelding van dc mens. in wakende of slapende toestand in te werken. Hij kan hen ook godslasteringen inwerpen. Zo wil hij de mens tot het kwade verwekken. Niet de strijd voeren tegen vlees en bloed, maar tegen de geestelijke boosheden, betekent volgens Oomius, strijd te moeten voeren 'tegen de geesten, die in vermogen de kracht van vlees en bloed overtreffen'.
Hoe doen die boze geesten dat? Dieren, zegt Oomius, hebben slechts een lichaam.
De mens heeft echter lichaam èn geest. .Aangezien de duivel krachtens schepping een engel of geest is, bezit hij een natuurlijk vermogen om op onze geest in te werken."
En: „Deze zijn macht wordt sterk vermeerderd en haar worden geen geringe mogelijkheden geschonken vanwege de zonden en overblijfselen van de verdorvenheid, die nog bij dc allervroomste gevonden worden."
Ons voorgeslacht, schreef ik. heeft dc strijd tegen de 'geestelijke boosheden" heel konkreet opgevat. De vrome Theodorus a Brakcl schrijft er diverse keren over in zijn bekende boekje 'De trappen des geestelijken levens'. Daar haalt hij aan, dat de duivel Christus nam en Hem op de tinne des tempels en op een zeer hoge berg plaatste. Zo is 't ook mij gebeurd, aldus a Brakel, „dat ik in dc nacht voor mijn God lag om te bidden, zo begon ik gewaar te worden, dat de duivel kwam en mij als aanvatte, alsof hij mij weg wilde voeren..." (tweede deel. derde trap. hoofdstuk 23).
Theodorus' zoon Wilhelmus a Brakel zegt in 'De Redelijke Godsdienst': „Somtijds werkt hij op de vijf zinnen des mensen: "t zij door die te belemmeren, en ondertussen tc werken op de fantasie, waardoor dc mens meent dat hij waarlijk die dingen gezien
heeft: 't zij dat hij door lichamelijke verschijningen van de mens gezien en gehoord wordt. Somtijds werkt hij alleen op de fantasie, 't zij dat de mens waakt of droomt, 't zij in 't licht, 't zij in donker. Somtijds werkt hij door aanspraken op de ziel..."
In het licht van de tijd
Misschien dat je dit lezend wei wat verbaasd zit te kijken.
Zo van: we leven nü toch zeker niet meer in de Middeleeuwen? En dan geef ik direkt toe. dat je de opvatting van dc bovengenoemde theologen moet zien in het licht van de tijd waarin zij leefden. En toch: we moeten niet al te lichtgelovig zijn, maar ook niet ongelovig en klakkeloos alles afwijzen. Hoe machtig de duivel is. zien wij toch ook in de geschiedenis van Job.
Zou de satan nu, met zoveel eeuwen meer ervaring, minder macht hebben? Nee toch! Ook in onze tijd fluistert hij Gods kinderen in het oor: „Maak er maar een eind aan..." De geestelijke boosheden in de lucht beïnvloeden nog altijd onze zinnen, dat wil zeggen onze zintuigen: het oor, het oog, het gevoel enzovoort.
Nee, wij behoeven de machtsuitoefening van de vorst der duisternis niet direkt te zoeken in beïnvloeden door okkultisme of spiritisme.
Natuurlijk, zo kunnen wij meer en meer in de macht komen en willoos werktuig worden van de geestelijke boosheden in dc lucht. De duivel kan ons benaderen via oosterse mystiek en oosterse godsdiensten. Wij kunnen ons storten in cn overgeven aan okkultisme en spiritisme, met alle katastrofale gevolgen vandien.
Maar daartoe beperkt zich de waarschuwing van de apostel Paulus tegen de geestelijke boosheden in de lucht niet. De geestelijke boosheden in de lucht werken nog en veel geraffineerder, juist in een tijd. waarin het geestelijke lijkt uitgerangeerd Zoals de . duivel zich tegenover Adam openbaarde in het optreden van een sprekend lichaam, in: de slang, zo openbaart hij zich nu op vele andere manieren in het stoffelijke.
Door de wetteloosheid aan te wakkeren.
Niet alleen radio en tv
Dan komen wij toch weer terecht bij de verleidende radio en televisie. Dan kom je óók terecht bij onze hele goddeloze kuituur met emancipatie, gelijke behandeling, euthanasie, kremade, abortus en ga zo maar voort. Je weet wel, die dingen, waar wij allemaal - als het goed is - zo tegen zijn.
Maar je komt ook terecht bij je vrienden, je verkering, je vakantie, je vrijetijdsbesteding. Bij al die dingen waarvan je vindt, dat die tot je privédomein behoren. Bij je lektuur en bij jc hobbies. Bij sport en spel. Dingen die allemaal onder het alziend oog van God en onder het listig bereik van de duivel liggen. Dingen die niet tot je privé-domein behoren, omdat God recht heeft op jc héle leven. Vierentwintig uur op een dag.
In al deze dingen zal de duivel alles in het werk stellen, om ons af te trekken van het zoeken van de Heere en Zijn liefdedienst. Als je nooit iets bemerkt, als je nooit bang bent van die duistere machten, dan is het eigenlijk niet best. Dat zou kunnen betekenen, dat je ook nog niet de strijd hebt aangebonden tegen die duistere machten en geestelijke boosheden. Het zou kunnen betekenen, dat je nog
onbekeerd bent en - zoals wij allen van nature - een slaaf van de duivel. willoze
Strijd
Dal hel niet alleen maar gaai om radio en televisie bij de "geestelijke boosheden in de lucht', dat het niet alleen maar gaat om okkultisme en spiritisme, blijkt uit de wapenrusting die Paulus aanwijst voor de strijd tegen dit kwaad: de gordel der waarheid, het borstwapen der gerechtigheid, het schoeisel van de bereidheid van het Evangelie des vredes. het schild des geloofs. de helm der zaligheid en het zwaard des Geestes, hetwelk is Gods Woord. Daarmee duidt dc apostel eigenlijk op een totale levenshouding. christelijke
Een levenshouding die voortdurend bedacht is op gevaar om van God en Christus afgetrokken te worden. het
Kunnen wij ons óók wapenen tegen de geestelijke boosheden in de lucht? Jij en ik? Dat kan! Maar ik heb eerst een andere vraag. Wil jij dat? En als je nu eerlijk bent, zeg je: „Nee." Want van nature, dus zoals wij geboren zijn, voeren wij de verkeerde strijd. Wij staan in oorlog met God. cn de duivel is onze vriend. Dat is de bittere werkelijkheid.
Om die wapenrusting te ontvangen en met recht te dragen, moet je (telkens weer) je eigen wapens leren inleveren. De wapens van vijandschap tegen God. De wapens van onwil om Hem met je hele hart te dienen. De wapens van het wantrouwen jegens God en Zijn genadige bescherming. Voor ons is dat onmogelijk. Maar wat bij de mensen onmogelijk is. is mogelijk bij God.
Gratis wapenuitrusting
Alléén als ik van koning verander, als Vorst Immanuël jouw en mijn Koning wordt. dan ontvangen wij wapens tegen de geestelijke boosheden in dc lucht. En die nieuwe wapenrusting is gratis. Uit genade. Dan krijgen wij het wapentuig van Hem Die. zoals Jesaja het zei: gerechtigheid aantrok als een pantser en de helm des heils op Zijn hoofd zette" (Jes. 59:17). Het zijn ouderwetse woorden, maar ze zijn waar: ij moeten afgesneden worden uit Adam en overgeplant worden in Christus. Alleen wie in Christus is, die is uiteindelijk bestand tegen dc geestelijke boosheden in de lucht. Tegen de duistere cn duivelse machten die de mens van God af proberen tc trekken. Maar dan deert ons ook uiteindelijk niets. Wie in Christus is, is onkwetsbaar.
Of dat nu gaat om okkulte dingen, om spoken of tastbaar gevaar in de uitingen van de moderne, godloze kuituur: Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus? „Want ik ben verzekerd, dat noch dood, noch leven, noch engelen, noch overheden, noch machten, noch tegenwoordige. noch toekomende dingen, noch hoogte, noch diepte, noch enig ander schepsel ons zal kunnen scheiden van de liefde Gods welke is in Christus Jezus onze Heere."
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 mei 1993
Daniel | 32 Pagina's