Eenzaam maar niet alleen
Er is zovéél wal ik niel kan, hóe graag ik het zou willen. In levenshonger, niet te stillen, een zwakte dragend met élan.
'k Zie mensen om mij heen bewegen, zij doen hun werk en vaak nog méér. 'k Heb op hun vragen geen verweer, hun onbegrip maakt mij verlegen.
Ik zit gevangen binnen grenzen van zwakte en van eenzaamheid. En niemand weet hoezeer ik lijd, ik ben ongrijpbaar voor de mensen.
Maar God ziet daag'lijks in mijn hart. Hij kent mijn nood, Hij stilt mijn smart!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 maart 1993
Daniel | 32 Pagina's