Regionale vergaderingen
Zwolle
Op 24 september en op 13 oktober zijn er regionale vergaderingen gehouden te Zwolle Doetinchem.
Op beide vergaderingen heeft de heer niet’.
J. Mastenbroek gesproken over Petrus Immens en zijn boek 'De Godvruchtige Avondmaalganger'.
De titel was 'In deez' woestijn is onze rustplaats niet'.
Op beide mooie herfstavonden waren veel dames uit de regio Noord-Oost en Oost op de uitnodiging voor deze avonden gekomen. We werden hartelijk ontvangen door de dames van de vrouwenvereniging van Zwolle en van Doetinchem.
We willen hen hiervoor nog hartelijk bedanken.
Zwolle
Ds. B. Reinders sprak in Zwolle een kort openingswoord uit Johannes 15. Ik ben de ware Wijnstok en Mijn Vader is de Landman, sprak de Heere Jezus Christus tot zijn elf discipelen. De Vader doet niets buiten de Zoon en de Zoon niets buiten de Vader.
In Johannes 14 staat: Ik en de Vader zijn Een. En die Mij gezien heeft heeft de Vader gezien. Christus zegt: ..Mijn Vader heeft Mij geplant". Geplant in deze chaotische wereld en in het kerkelijk leven en onder de godsdienstige mensen.
Onbegrijpelijk.
..ik ben de ware Wijnstok", zegt de Heere Jezus
Christus. Deze woorden: ..Ik ben", zijn verwant aan de namen die we tegen komen in het Oude Testament, waar Hij zegt: ..Ik zal zijn. Die Ik zijn zal". Hij is de onveranderlijke, dat is de kracht van de kerk.
Als we die heilige God mogen aanroepen en we krijgen daar door genade licht over. dan gaan we Hem kennen als die Onveranderlijke. Bij Hem is geen schaduw van omkeer.
Is dat geen wonder?
Wij zijn mensen die met ons ik voorop staan. Hier worden we bepaald dat ons ik in die grote Ik geen waarde heeft.
Mocht u door genade leren: zonder Mij kunt Gij niets doen?
Alleen het leven dat uit Hem komt heeft waarde voor God.
Hij zegt: ..Alle rank die in Mij geen vrucht draagt, die neemt Hij weg. en die vrucht draagt die reinigt Hij opdat zij meer vrucht dragen. Wij moeten in Christus zijn en het niet buiten Hem zoeken.
Zoekt het niet in uw eigen weiken. /oek het buiten ii/eli in Christus.
Vraag of de Heere Zijn /.ion in u openharen wil. w.mi dat alleen hel leven Wij /ijn van God afgevallen en Zijn beeld kwijl, nu heelt Ciod zijn Zoon gezonden cn zijn Wijnstok geplant, opdat u weer beelddrager Gods kan worden. In en door Hem Opdat wij door Zijn Zoon weer terug gebracht kunnen worden in die heerlijke gemeenschap met God. waarin de kerk Gods stond in de staat der rechtheid.
Alleen door het geloof in die Ene Die de wetsvervuller is. Die de vloek van de wet weggenomen heeft, om u als vloekwaardige te redden en te stellen in Zijn heilige dienst. Al Gods kinderen dragen het ambt aller gelovigen. Hoe dichter we bij de Heere blijven, hoe meer vrucht we zullen dragen. Dan hebben we niets van onszelf en komt onze armoede openbaar. Dan zullen we ook door die ware Wijnstok de eeuwige Vader leren kennen, tegen wie we gezondigd hebben, als een genadig en barmhartig God in de Zoon van zijn eeuwige liefde. Opdat we ons verwonderen zullen. Ik hoop voor de verenigingen dat ze dit ten doel mogen hebben en dit mogen leren door Woord en Geest.
Doetinchem
Ds. A. B. van der Heiden sprak in Doetinchem uit Exodus 12. De grote vraag in ons leven moet deze toch zijn: hebben we reeds het teken van het bloed aan de deurpost van ons levenshuis? Mozes ging in opdracht van God naar Farao en vroeg: ..Laat mijn volk trekken, opdat het Mij dicne".
Dan lezen we hoe Farao zich verhardt en in hoogmoed roept: „Wie is de Heere. dat ik Hem gehoorzaam zou zijn? "
Dan treft de ene ramp na de andere Egypteland. Dan breekt de Heere plaag voor plaag de rijkdommen van Egypte af en nog komt hel niet tot een buigen voor de Heere.
Dan spreekt de Heere tot Mozes dat Hij aan Egypte Zijn goddelijke heerlijkheid en majesteit zal tonen.
Voordat dit gebeurt, krijgt Mozes een opdracht. Hij moet aan hel volk Israël zeggen dal ze een lam moeten uitzoeken.
Het volk Israël moet aan de vooravond van het oordeel het bloed van het lam aan de posten van hun deur strijken.
De HEERE zegt: „Dat zal u een leken zijn. want als ik het bloed zie. zal ik aan u voorbij gaan". Dat was niet omdat Israël beter of uitnemender was. Dat teken van hel bloed was het wonder van Gods genadige verkiezende liefde en Israël het teken van het leven.
Voor Egypte was het bloed het teken van de dood. het oordeel Gods, want alle eerstgeborenen zou de Heere slaan.
Hebben we dat bloed al nodig gekregen? We staan van nature allen aan de verkeerde kant. God gaat onderscheid maken.
Israël moest een lam slachten. In die nacht toen het er opaan kwam. was er maar één ding dat
leven gaf. het bloed van het Lam. Achter het bloed was Israël veilig. Dat bloed van het Lam predikt ons Gods gerechtigheid. Waar de engel het bloed zag. mocht hij niet naar binnen. Daar kon de vloek van de wet geen slachtoffers meer maken. Daar was de dood al in huis geweest. Daar was het Lam gestorven inplaats van degene die achter het bloed mocht schuilen. Het is in de lijd dat het Avondmaal bediend wordt zo vaak de grote strijd: heb ik wel deel aan het bloed van het Lam?
Nu heeft de Heere in Zijn wijsheid een van onze oudvaders zoveel licht gegeven om een boek te schrijven. Daarin worden Bijbelse toetsstenen aangedragen om ons te onderzoeken, of we deel hebben aan dat ware leven dat uit God is. Of we een goddelijk recht hebben om tot de tafel des Heeren le naderen. Dat boek is voor velen tot bijzonder onderwijs en tot zegen geweest. Is dat bloed in ons leven al dierbaar en onmisbaar geworden? Hebben we het al nodig gekregen? Hebben we al beleden dat we de dood verdiend hebben? Alleen achter het bloed van het Lam zijn we veilig.
Petrus Immens
De lezing van de heer J. Mastenbroek bestond uit drie onderdelen.
1. Het geslacht waaruit Petrus Immens is voortgekomen.
2. Het leven van Petrus Immens zelf.
3. Zijn boek: 'De Godvruchtige Avondmaalganger'.
Petrus Immens kwam uit een gezegend geslacht. In dc periode van de nadere reformatie was het meer regel dan uitzondering wanneer het ambt van predikant overging van vader op zoon. Soms telde men wel in zo'n gezin verschillende broers en schoonzoons die zich voorbereidden op het ambt van predikant. Lr werden daarbij verschillende families genoemd.
Petrus Immens werd op 26 oktober 1664 geboren in de pastorie te Oorschot, waar zijn vader predikant was. De moeder van Petrus Immens kwam ook uil een predikantengeslacht. De ouders van Petrus Immens kregen twaalf kinderen. Drie broers waren ook predikant. Toen zijn moeder stierf, zegende ze al haar kinderen. Toen Petrus Immens 16 jaar was, stierf ook zijn vader. Hij studeerde in Utrecht theologie; hij kreeg les van prof. H. Wittius. Voor veel studenten was hij een voorbeeld in zijn levenswandel. Zijn hele studententijd kende maar één doel: zich voorbereiden op de prediking van Gods Woord. Hij was 23 jaar oud toen hij bevestigd werd in zijn eerste gemeente Oorschot. In Middelburg stond hij 22 jaar. In deze periode kwam hij tot ontplooiing, hoewel huiselijk leed hem niet bespaard bleef. Vier kinderen van hem stierven en ook zijn vrouw. Zijn enige zoon Petrus Immens junior zou ook predikant worden. Deze overleed op 17-jarige leeftijd.
In zijn Middelburgse periode heeft Petrus Immens zich doen kennen als een handhaver van de gereformeerde leer. Hij preekte schriftuurlijk cn vermanend. De jeugd had de liefde van zijn hart. Hij was curator van de latijnse school en leerkracht aan de illustre school. Al deze werkzaamheden sloopten zijn leven. In 1720 werd het duidelijk dat zijn levenskracht sterk afnam. Hij hield zijn laatste preek op 3 november 1720 over zondag 7. Een van zijn ambtsbroeders merkte op bij zijn heengaan: Wat zal dat een groot verlies zijn als de Heere je weghaalt. Het antwoord van hem was: ..De Heere heeft mij niet nodig. Ik heb het mijne gedaan en God zal altijd voor Zi jn kerk zorgen".
De Godvruchtige Avondmaalganger
Hij heeft zijn bekendheid te danken aan zijn belangrijkste werk 'De Godvruchtige Avondmaalganger'.
Petrus Immens heeft deze veertien verhandelingen niet zelfgeschreven en het is 33 jaar na zijn dood verschenen. Jonkvrouw Jacoba Petronella Winkelman heeft ze opgetekend tijdens dc kerkdiensten op maandagavond in de week voor het H. Avondmaal.
Dit gebeurde meer. Zo heeft Maria Boot driehonderd preken van Smytegelt opgetekend. Het Avondmaal heeft bij hem een belangrijke plaats in zijn leven ingenomen.
Hij vraagt steeds in zijn boek: ..Hoe is het met u? Is er iets van die verborgen omgang met God? Is ons geloof en betrouwen op de volkomen offerande van Christus? Als dit zo is. kent u iels van die zelfbeproeving? Is er een ernstig voornemen om in liefde met onze naaste te leven? " Het Avondmaal gaat de hele gemeente aan. U zit er nooit vrijblijvend onder, zoals u ook nooit vrijblijvend zit onder de prediking. Hij geeft ook pastorale adviezen. Hij zegt niet om het Avondmaal tc houden, maar om het met vrucht te genieten! Petrus Immens zegt: ..Het hart is als een loden gewicht dat steeds weer naar de aarde zakt. het heeft gedurig nodig naar boven getrokken te worden".
Hierdoor komt ook niet zelden een verwijdering tussen God en de ziel. Immens komt steeds in zijn boek op dat zelfonderzoek terug. Een van de ergste hinderpalen vindt hij uitstel. Als men het sleeds uitstelt, blijft er geen tijd over. Dit is een list van de satan. Hij geeft uit diepe bewogenheid pastorale adviezen.
Geven we de week van voorbereiding een andere bestemming? Beschouw eens God de Vader, hoe Hij van eeuwigheid in liefde en goedertierenheid aan dc zondaar dacht. Hoe de Heere Jezus van eeuwigheid in Borgtocht vrijwillig op zich genomen heeft. Hoe de Heilige Geest het verworven heil toepast aan alle uitverkoren gelovigen.
Het boek handelt onder andere over de natuur van het geloof. Liet onderscheid van het tijdgeloof cn het ware geloof. Over de verachtering in de genade van Gods volk. Hij noemt ook een toetssteen of u recht hebt op het houden van het Avondmaal.
1. Bent u nog nooit met uzelf verlegen en bekommerd geweest over uw welstand? En zo lang geleefd onder de aanbieding van Gods genade?
2. Is Jezus u nog nooit beminnelijk en dierbaar geworden, omdat Hij u alleen in Gods gemeenschap kan brengen?
3. Is het nu uw dagelijks werk. lust en liefde om hongerig en dorstig naar Hem uit te zien?
4. Kan men aan uw wandel zien dat u vernieuwd en veranderd bent?
Als u op deze vragen nee moet zeggen, nader dan niet tot de Verbondsdis. Het is niet voor u. U mag wel naderen als deze vier zaken in mindere of meerdere mate aanwezig zijn. Het boek is een wegwijzer voor de bediening. Maar lees het dan niet alleen. Lees het regelmatig. Alleen de Heilige Geest kan in alle waarheid leiden. De spreker besloot met een gedeelte uit een gedicht uit het boek.
Heb eeuwig dank, o, liefderijke Herder voor 't zoel genot, o Heere leidt om verder III deez' woestijn is onze rustplaats niet. Ons heilgeloof blijjt Of> dat Karniin staren, waar roofgediert geen schaapje zal vervaren. Waar het oog der ziel Li de Verlosser ziet.
Mevr. K. R.-t. N. te Zwolle en mevr. G. H.-B. te Doetinchcm droegen een gedicht uit het boek voor. Het eerste droeg de titel 'Troostlied voor een twijfelmoedige ziel'. Het tweede: 'Lied ter beproeving voor het Avondmaal'.
Na de vragenbeantwoording, dankten de predikanten alle aanwezigen namens de vrouwenbond voor hun aanwezigheid en sloot de heer Mastenbroek met dankgebed. We mogen terugzien op een avond waar levensvragen beantwoord werden bij het Licht van Gods Woord. In Uw Licht zien wc het Licht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 13 november 1992
Daniel | 32 Pagina's