Wat een catecheet er van vindt...
Hierna had ons redaktielid R. Ruil-van Dodeweerd uit Krimpen aan den I.Jssel een gesprek met de heer W. J. Kareis, die al acht jaar catechisatie geeft. Intussen is hij begonnen aan de studie van onze Th eo Iogisc11 e Sch o o I.
Mijnheer Kareis, moet iedere ambtsdrager in principe kunnen catechiseren of is daar een soort opleiding voor nodig?
Het is beslist overdreven om te stellen dat iedere ouderling in principe zou moeten kunnen catechiseren. De ene ambtsdrager is nu eenmaal de andere niet en ieder heeft z'n eigen mogelijkheden en beperkingen. Hen opleiding is niet noodzakelijk, hoewel het natuurlijk zijn nut kan hebben als iemand enige studie heeft verricht. Veel wezenlijker is het onderwijs des Gecstes en de hulp en de kracht van de Allerhoogste. Wij ontvingen belijdeniscatechisatie van een ouderling die in Rotterdam-Zuid kruidenier was.... Wal een onderwijs was dat! Overigens studeerde deze man zeer nauwgezet en veel. hetgeen te merken was aan zijn lessen.
En zo kunnen soms zeer eenvoudige maar door de Heere geleerde ongeletterde ambtsdragers zo liefdevol, bewogen en zo helder de geloofsleer uiteenzetten, dat menig bestudeerde en opgeleide ambtsdrager er jaloers op zou worden. Overigens blijft studie natuurlijk altijd nuttig en nodig, maar het voornaamste is of we door de Heere onderwezen worden!
Welke methode gebruikt u voor de catechisatie?
Als methode voor het catechiseren is heel bewust gekozen voor het vragenboekje van ds. Hellenbroek. Op onovertroffen wijze geeft deze oudvader dc vaak zo moeilijk te verwoorden geloofszaken en geloofsbevinding op eenvoudige wijze weer. En bovendien grondt ds. Hcllenbroek bijna elk antwoord steeds op Gods Woord. Daarin ligt dan ook dc kracht van dit boekje, dat nu reeds bijna driehonderd jaar in gebruik is.
Over Heüenbroek zijn de jongeren nogal kritisch (verouderd taalgebruik, niet aktueel. teveel over de Rooms-Katholieke kerk. niets over moderne stromingen, enzovoort). Hoe denkt u daarover?
Ja. helaas, er zijn nogal wal jongeren (gelukkig lang niet allemaal), die wat kritisch ingesteld zijn ten opzichte van ds. Hellcnbroeks vragenboekje. Wat deze kritiek betreft, denk ik wel eens: „Zouden ze het nu echt niet begrijpen, of willen ze het niet begrijpen? " Is het nu zo moeilijk om voor een wat verouderde uitdrukking een hedendaags woord te zoeken?
En bovendien, tijdens de catechisatieles kunnen toch vragen gesteld worden en wordt er toch uitgelegd? En als het nu over zulke gewichtige zaken gaat. over onze eeuwigheidsbelangen. mag er dan nog enige moeite en inzet gevraagd worden van onze jongeren? Of is eigenlijk alles al te veel. te onbegrijpelijk! En dal in een tijd dat juist bijna iedereen veel meer opleiding heeft genoten clan bijvoorbeeld vijftig jaar geleden. Velen van onze jongeren leren en studeren (gelukkig en fijn), maar het vragcnbockje van Hcllenbroek. nota bene opgesteld voor 'ecnvoudigen'. blijkt plotsklaps te moeilijk! Hoe kan het dat iets dat een paar honderd jaar z'n nut bewees, nu onbegrijpelijk wordt? Zou dat waar zijn? Zou er niel iets veel wezenlijkers achter zitten? Zouden we met z'n allen (inklusief mijn persoon) niet aan het vervreemden zijn van de oudvaders cn ook van bepaalde dogmatische uildrukkingen of termen? Zou
de oppervlakkige "konsumptiemaatschappij" ook hierin niet al haar greep doen gelden op onze jongeren? Dit is geen pleidooi voor termen zonder meer! Helemaal niet. Want als termen of uitdrukkingen niet ingevuld, uitgelegd. verklaard worden, wat zijn we dan arm en leeg en doods bezig! Maar de zinvolle, inhoudsrijke, geheimnisvolle betekenis van veel geloofszaken en bevindingen moet duidelijk gemaakt worden en dan kan een term plotseling gaan leven cn inhoud gaan krijgen als nooit tevoren. En dan is dat oude boekje van Hellenbroek plotseling treffend aktuécl. Net als de Catechismus. Die veroudert toch ook niet?
En of Hellenbroek teveel over de Roomse Kerk zegt? Vergeet niet dat de geloofsworsteling tegen Spanje en de Roomse Kerk voor onze vaderen nog levend was. Tegen deze achtergrond is het vragenboekje ontstaan. En als wc de macht van het Rooms-Katholicismc wereldwijd bezien, nu nog, dan kon hel wel eens zijn dat we deze macht flink onderschatten.
En wat het ontbreken van een hoofdstuk over moderne stromingen betreft: op bladzijde 80 worden verschillende dwalingen behandeld. Daar zou als 't zou moeten een les ingepast kunnen worden. Maar hebben de meeste leerlingen wat dit onderwerp betreft hier geen godsdienstles over gekregen op het middelbaar onderwijs?
Vindt u dat het catechisatieonderwijs aansluit op het dagelijks leven (jongeren klagen er wel eens over dat ze er in de praktijk zo weinig mee kunnen)?
Ik zei zojuist al: „Ds. Hellenbroek is treffend aktuecl". En dit geldt z'n hele boekje. Als iemand aan kan tonen waarin hij niet aktueel is. dan ben ik benieuwd, waarin dat zou zijn. Daarom sluit zijn catechisatie-onderwijs zeker aan op het dagelijks leven. Alleen, en dat is heel wezenlijk: in welke omstandigheden verkeren wc en hoe is het met onze gemoedsgesteldheid? Als wc in dodelijke gerustheid onbekommerd over onze eeuwige staat voortleven, dan zullen we weinig of niets ervaren van dc kracht en de troost die in de antwoorden van het vragenbockjc staan.
Dan is daar geen plaats voor. Ik hoop van harte dat de catechisatielessen voor hen gebruikt mogen worden in Gods hand tot waarachtige bekering. Jongens en meisjes, lees hoofdstuk twintig eens ('Van des mensen uiterste en van het laatste oordeel'). Is dat geen praktijk? Kunnen wc daar niets mee doen in het dagelijks leven?
En mochten cr jongeren zijn met een uitziend hart. misschien wel met veel vijandschap van binnen cn van buiten, bezet met vragen, raadsels, moedeloos: lees dan eens hoofdstuk zes ('Van de Voorzienigheid'), lees ook de hoofdstukjes van de roeping, van de kerk. van het geloof: ja. lees t hele boekje maar, en je zult zien hoe wijs en eenvoudig al deze wezenlijke zaken weergegeven zijn!
U vindt duidelijk dat Hellenbroek. hoewel het boekje meer dan twee eeuwen geleden geschreven is. ons nog veel te zeggen heeft?
Ja beslist! Het is nu nog net als drie eeuwen geleden, nodig om van Adam overgezet te worden in Christus. En als dat door genade gebeuren mag. gaan we zien dat dit een heilgchcim is. En juist over dit heilgeheim heeft ds. Hellenbroek ons zoveel te zeggen. Wanneer we tot God bekeerd worden, zal het ook in deze oppervlakkige tijd dc liefde van ons hart zijn om ons er in te verdiepen.
Op de Nationale Synode in Dordrecht van 1568 is gesproken over 'het ambt der ouders om hun gezin ernstiglijk en met vlijt tol de vreze Gods en oprechte godzaligheid te vermanen'. daarbij wijzend op de preken en catechisatielessen. Er moest eenheid zijn in het catechetisch onderwijs in huis. school en kerk. Denkt u dat dit nog veel gebeurt in onze gezinnen?
Het is natuurlijk heel moeilijk om daar een antwoord op te geven. Dc Allerhoogste weet. hoe het daaromtrent gesteld is in onze gezinnen. En dan zou vrees ons hart moeten vervullen, dat zeker wel. En dan gaat het er helemaal niet om om somber te zijn. want we mogen af en toe nog waarnemen dat de Heere nog werkt, óók in onze jeugd, misschien wel: juist in onze jeugd, maar dit neemt niet weg dat de huisgodsdienst een bijna volstrekt onbekend begrip is geworden voor veel van onze gezinnen, laat slaan dat deze in praktijk wordt gebracht. Ds. J. van Lodensteyn zegt: „God is een God van de gezinnen!" Als daar godsvreze komt. komt zc ook in de kerk. komt ze ook in dc maatschappij, maar eerst in
het gezin. De Heere ontferme Zich.
Bespreekt u de inleiding in Heüenbroeks vragenboekje ook op de catechisatieles?
In enkele korte trekken komt de inleiding tijdens een eerste catechisatieles aan de orde. of deze wordt besproken in ons plaatselijk Krimpens Sebanieuws. Die inleiding is zeer lezenswaard en nog meer behartcnswaard(ig)!! Het is zeer aan te raden dat alle ouders, waarvan dc kinderen de methode van Hellenbroek hebben, deze inleiding rustig doorlezen en.... bespreken.
Met hun kinderen. Er staat zóveel in. het zou een preek kunnen zijn! Echt. lees die inleiding maar na, en meer nog: handel er naar en volg de adviezen op. Het gewicht van de catechisatieles komt overduidelijk naar voren. Er moeten, als we deze inleiding lezen, wel zeer dringende redenen zijn. om een catechisatieles wettig tc kunnen verzuimen. Het gaat over onze houding, jongens en meisjes, vóór, tijdens en na ( ja ook na!!) de catechisatieles.
Wat zou u hiervan in dil bestek door willen geven aan zowel jongeren als hun ouders?
Mag ik er een zinsnede uitlichten? „Ga alleen of met elkaar naar uw huizen, overleg daar de verhandelde zaken. onderzoek als in de tegenwoordigheid Gods. welk voordeel gij daar behaald hebt. hoehet aan uw ziel geheiligd is. en hoe gij u onder het catechiseren gedragen hebt.
Wees nooit tevreden, dat uw oren alleen gehoord hebben, maar sta ernaar, de zaken in het hart tc ondervinden." Hoe staat het met ons? Schamen we ons of vinden we dit al overdreven en vroom?
Vindt u dat op de catechisatie aktualiteiten aan de orde moeten komen?
Natuurlijk kunnen er aktualiteiten aan dc orde komen. Het is juist fijn als jongens en meisjes met hun vragen komen. Maar de catechisatielessen mogen nooit alleen maar vragenuurtjes worden cn nog minder diskussicuurtjes. Hoe zinvol, hoe belangrijk de vragen die gesteld worden ook kunnen zijn, als heel het catechisatieuur daar altijd in op zou gaan, is dat niet goed! Het gaat er immers in de eerste plaats om dat dc geloofsleer verduidelijkt, uitgelegd, ja ingescherpt wordt! En natuurlijk kunnen naar aanleiding van het behandelde vragen ontstaan. Fijn. want dan is etniet over alle hoofden heen gesproken. Dus: wél ingaan op vragen of aktuclc problemen waar een catechisant mee kan zitten, maar ook de te behandelen stof in de gaten houden. Soms kan een persoonlijk gesprek na afloop of op een ander moment ook heel goed zijn.
Wat is het eigene van het catechisatie-onderwijs?
Het eigene van het catechisatie-onderwijs ligt mijns inziens in het zojuist genoemde uitleggen, verklaren van onze geloofsleer op grond van Gods Woord en de Drie Formulieren van Enigheid. Maar dat niet alléén. Er is méér!! Ook de gewetens van de catechisanten moeten aangesproken, benaderd worden. Dat is het allermoeilijkste van het catechiseren. Misschien ook wel het allergewichtigste. En dat heeft een catecheet nooit in eigen hand.
Daarin is hij zo volstrekt afhankelijk van de Heere. Dal maakt catechiseren onmogelijk! Tot een zware opdracht! En soms ook tot een diepe vreugde. Als de behandelde stof wordt toegepast, toegespitst wordt op de catechisant. Als ze eens wezenlijk aangesproken mogen worden. Als het de Allerhoogste behaagt de mond van de catecheet, ondanks zijn armoe en nietigheid. te openen. Onbegrijpelijk! Dan wordt een zware taak een hartelijk vermaak!! Dan mag. nee moet gewezen worden op onze verlorenheid in Adam. op ons subtiele, huichelachtige, zelfbedoelcnde, goddeloze bestaan (ook van de keurige, nette, toegenegen catechisant, óók verloren!!), maar dan mag ook gewezen worden op de Enige Rotssteen des Heils. Wiens werk volkomen is: niet alleen in de verwerving deizaligheid. maar ook in de toepassing daarvan in arme, lege. onverschillige of vrome jongens-en meisjesharten. Zo hard als steen, zo indrukloos. zo afgesloten, zo verhard, maar:
„Hij was 't voor Wie gereed, de koperen deuren weken. Die ijz'ren grend'len deed in duizend stukken breken." Jongens cn meisjes, smeekt daarom, want de Heere werkt nog. Dat is zeker! Maar 't voornaamste moet worden: werkt de Heere ook in mij? ! De Heere zegenc de catechisatielessen.
Meneer Kareis, heel hartelijk dank voor uw bereidwilligheid en Gods zegen toegewenst in alles, in V bijzonder voor de toekomst!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 4 september 1992
Daniel | 32 Pagina's