„Altijd bereid tot verantwoording..!
In gesprek met onze scheidende hoofdredakteur ds. D. Rietdijk over de kernpunten van het gereformeerd belijden
Het laatste interview met ds. D. Rietdijk in de funktie van hoofdredakteur van 'Daniël'. Acht jaar heeft hij leiding gegeven aan ons blad. Een jongerenblad waarin steeds het gereformeerde belijden centraal heeft gestaan en staat. Hoe kunnen we beter afscheid nemen van onze hoofdredakteur dan door een gesprek met hem over de kernpunten van het gereformeerde belijden? Kernpunten die ook in onze tijd erg aktueel zijn: ..7.e zijn al meer dan 400 jaar oud. maar het verdedigen van deze punten wordt ineens aktueel! Denk aan de schepping tegenover evolutie, zondag 10 en het moderne denken rondom leven en dood. de moderne theologie waarin het gaat om het heil op deze aarde", aldus ds. Rietdijk.
Dominee, waar lezen we in de Schrift dat de kerk geroepen wordt tot belijden?
Ik denk dan aan Romeinen 10:10: .Met het hart gelooft men ter rechtvaardigheid en met de mond belijdt men ter zaligheid". Bovendien is de gemeente van de levende God een pilaar en vastigheid van de waarheid (1 Tim. 3:15). Je kunt dus zeggen dat de kerk twee taken heeft. De eerste taak is het Woord bekend te maken in de wereld ('pilaar' komt van het woord 'pijler' dat weer teruggaat op het woord 'aanplakzuil'). De tweede taak van de kerk is het handhaven van de waarheid (het woord 'vastigheid' betekent eigenlijk "fundament").
Welke rol spelen hierin de belijdenisgeschriften? Om te kunnen belijden hebben wij mensen belijdenisgeschriften nodig. In een belijdenisgeschrift is vastgelegd hetgeen de kerk in het verleden, juist in de strijd om dc waarheid, beleden heeft. Belijden is dus naspreken wat de kerk in het verleden op grond van Gods Woord beleden heeft. Belijden is dus gecn p rivé-a a ngcl egen heid. Belijden doet ieder maar niet op eigen houtje. Belijden doe je samen, in de gemeenschap van dc kerk. Met allen die nu van de kerk zijn. maar ook in gemeenschap met de kerk van alle eeuwen. Daarom hebben wij op die belijdenisgeschriften goed acht te geven en er ook zuinig op te zijn. Bewaar het pand u toebetrouwd (1 Tim. 6:20).
Welke belijdenissen hebben we in de kerken van de reformatie in ons land?
Je kunt zeggen dat we twee soorten belijdenissen hebben. In de eerste plaats algemene belijdenissen die heel oud
zijn. zoals de twaalf artikelen, de belijdenis van Nicea en de geloofsvorm van Athanasius. Daarnaast heb je de gereformeerde belijdenissen, die in Nederland de drie formulieren van enigheid genoemd worden: de Heidelbergse Catechismus, de Nederlandse Geloofsbelijdenis en de Dordtse Leerregels.
Waarom noemen we de laatste groep gereformeerde belijdenisgeschriften?
Gereformeerd wil heel specifiek zeggen dat ze afstammen van de reformatie, en wel van dc calvinistische stam. Het is nodig om daarbij het woordje 'calvinistisch' te noemen ter onderscheiding van de lutherse belijdenisgeschriften. Deze worden de Augustana genoemd.
Wat zou u de kernen van het gereformeerde belijden zoals vastgelegd in de gereformeerde belijdenisgeschriften willen noemen?
Er zijn een paar kernen in dat belijden aan te wijzen die altijd als hoge spitsen boven alle andere dingen blijven uittorenen. Het zijn de dingen waarover het in de reformatie met name ging. Bij Luther bijvoorbeeld, en bij Calvijn. Ook vind je ze terug bij mannen als Zwingli. Buccr. Bullinger. Een paar van die spitsen uit ons belijden ken je nog wel van de reformatieherdenkingen die op 31 oktober op veel plaatsen jaarlijks worden gehouden (een goede gewoonte overigens. want we moeten niet een van de weldaden vergeten die de Heere ons bewezen heeft (Psalm 103:1). In zo'n herdenkingsdienst wordt nogal eens de drieslag genoemd: ola scriptura (alleen het Woord), sola gratia (alleen genade), sola f iele (alleen geloof)-Daar heb je al drie kernen van het gereformeerde belijden. Daar komt nog iets bij. namelijk hetgeen ook in de wereld, waarin wij nu leven, kernen van het gereformeerde belijden zijn geworden.
Wat bedoelt u precies met dat laatste?
Daarbij denk ik dan bijvoorbeeld aan de schepping tegenover de evolutie. Denk ook aan de leer van de voorzienigheid. Daar spreekt en denkt men in onze tijd heel anders over. Het liefst zou men zondag 10 uit de Heidelbergse Catechismus schrappen. Dit alles houdt natuurlijk mede verband met de moderne gedachten omtrent leven en dood. of anders gezegd, omtrent euthanasie en abortus. En denk ook eens aan dc Heilige Geest en Zijn werk tegenover het drijven van de Pinkstergroeperingen. Tenslotte belijden we in een hoofdstuk van de geloofsleer (artikel 37 van de Nederlandse Geloofsbelijdenis) de leer van de laatste dingen. Maar voor veel mensen is dat uil het oog verdwenen. Het gaat voor hen immers om het zijn in deze wereld en hoe je hier het beste ervan kunt maken? De dood is immers toch het einde, zo redeneert men?
Een van de kernpunten die u noemt, is hel sola scriptura. alleen het Woord. Kunt u daar wat meer over vertellen?
De reformatie heefl de kerk teruggebracht naar het Woord alleen. Men had in de roomse kerk het Woord nog wel. Luther vertelt zelf dat hij als jong student een Bijbel gehad heeft. Maar naast die Bijbel was er dc leer van de kerk. Die leer moest geloofd worden. Als je dat maar deed. al had het niets met de Bijbel te maken, dan was het goed. Luther heeft de Bijbel ontdaan van alle tradities die hel Woord opzij gedrongen hadden. Het Woord is het openbaringsmiddel van God. Al de Schrift is van God ingegeven (2 Tim. 3:16a). Dal is een geloofsstuk. En dat heeft de reformatie weer opnieuw beleden en ontdekt. De Heere openbaart Zich in Zijn Woord voorzover dat nodig is tot Zijn eer en tot onze zaligheid. Het hele Woord is Gods Woord. Lees de artikelen 2 tot en met 7 maar van de Nederlandse Geloofsbelijdenis. In deze zes artikelen belijdt de kerk wat zij omtrent het Woord gelooft. Dal vond Guido de Brés. de opsteller van deze belijdenis, zo belangrijk dat hij ermee begon. Het is het fundament, de basis van de belijdenis.
Is dat voor de tijd waarin le\'en ook zo belangrijk? wij
Jazeker! Men tornt in onze tijd aan dat Woord. Zowel in schriftkritiek als in de uitleg van het Woord. Het Woord van God is in de Schrift te vinden zo zegt men. Maar het is niet het Woord van God van kaft tot kaft. En als je daarnaar wilt leven en dat Woord dus op de allereerste
plaats zet. vindt men je al gauw ccn fundamentalist. Nu is het niet zo erg wat men vindt, als je dan maar vasthoudt aan dit Woord
U noemde ols kernpunt ook het sola Jide. de rechtvaardiging door het geloof. Wat wordt daarmee bedoeld?
Machtige woorden over dit thema zijn beleden in artikel 22 en 23 van dc Nederlandse Geloofsbelijdenis als het gaat over dc rechtvaardiging van de goddeloze. Evenals trouwens de woorden van zondag 23 van dc Heidel bergse catechismus. Daarin horen we wat ccn rijkdom de levende kerk des Heeren mag bezitten. Dan is daar een mens die altijd heeft gezondigd, nog nooit goed gedaan heeft en nog steeds tot alle boosheid geneigd is. Dat is geen wettisch mens. maar die is door de wet geoordeeld en veroordeeld. Die veroordeelt zichzelf voor God. Hij klaagt zichzelf aan. Maar hij ontdekt ook het wonder dat voor Luther een poort van het paradijs was, namelijk dat God zonder enige verdienste mijnerzijds, alleen om de verdienste van Christus uit louter genade mij de zonde niet toerekent maaide gerechtigheid, genoegdoening en heiligheid van Christus schenkt en toerekent. En die zondaar kan dat alles niet anders dan voor een oprecht geloof aannemen. Zelfs het geloof is een werkstuk van de Geest, zoals artikel 22 belijdt: ..Dat de Heilige Geest in onze harten ontsteekt een oprecht geloof, hetwelk Jezus Christus met al Zijn verdiensten omhelst. Hem eigen maakt, en niets anders meer buiten Hem zoekt".
Dus met deze spits van het gereformeerde belijden komen we weer terecht bij dc vader van de reformatie. Maarten Luther. Hij heeft geworsteld met het wetticisme van zijn dagen. Hij heeft het pad van zijn kerk ten einde toe bewandeld maar vond daarin geen vrede met God. En dat is de kern. Het gaat erom dal we weer met God verzoend zijn. Het gaat om vergeving van zonden en gemeenschap met God. Het gaat tenslolte om het eeuwige leven. Ook nu. Er zijn velen die het thema van de reformatie - rechtvaardiging door het geloof - niet zo belangrijk meer achten.
Zoals...?
Neem bijvoorbeeld prof. dr. H. M. Kuitert. Van hem is de uitdrukking: .Gods heil is aards heil". Men zegt dat God cn Zijn heil door deze wereld een weg trekken. Men ziet het heil niet als iets wat aan dc overzijde van het graf ten volle tot openbaring komt. Men geeft het woord gerechtigheid een andere inhoud. Gerechtigheid is niet meer het woord waar Luther mee worstelde namelijk de wrekende gerechtigheid van God die het goede beloont en het kwade bestraft. Gerechtigheid is ook niet het woord dat Luther ontdekte in Romeinen 1:17. als de geschonken gerechtigheid van Jezus Christus. Geloven krijgt in hun visie de vulling van het rechtvaardig handelen cn gerechtigheid bewerken. Het is niet meer de lege hand die opgehouden wordt en die uit genade ontvangt wat geschonken wordt. De moderne theologie is daarmee weer terug bij 'af. Zij is weer terug bij de wet en het wetticisme. Gerechtigheid wordt zo gebracht in het dwangbuis van vleselijke idealen zoals bevrijding, demokratic. emancipatie. feminisme en vooruitgang. Men is de Schrift anders gaan verstaan, zo zegt men. Men gaat uit van eigentijdse verworven inzichten cn zekerheden. Diezekerheden worden verschaft door de wetenschap, de sociologie, de psychologie, de psychiatrie en - vooral - aan
de politiek. Zo'n uitlegkundige sleutel opent de Schrift niet maar sluit deze dicht. Men zoekt het heil in het hier en nu.
U gaf net aan clat men tegenwoordig heel anders over de leer van de voorzienigheid denkt en spreekt. Wat is er met die leer van de voorzienigheid van God aan de hand?
Wij belijden in Zondag 9 rechtuit dat de eeuwige Vader van onze Heere Jezus Christus. Die hemel en aarde met al wat er in is uit niet geschapen heeft, en Die ook dezelve nog door Zijn eeuwige raad en voorzienigheid onderhoudt en regeert... In zondag 10 wordt daar verder op doorgegaan. God de Vader onderhoudt en regeert als met Zijn hand alle dingen. Daardoor komen alle dingen uit Zijn Vaderlijke hand ons toe. Het gebeurt niet per ongeluk of bij toeval: nee. achter alles zit ccn Iemand. Daar is de hand van de Vader. Nu zullen wc weinig moeite hebben met deze belijdenis zolang het om voorspoed gaat. De pijn komt wanneer het om ziekte, tegenspoed of droogte gaat om het zo met de Catechismus te zeggen. Komt dat nu ook uit die Vaderlijke hand van God?
Voor veel mensen van nu is God niet (meer) betrokken bi j wat er gebeurt. Dc belijdenis, die door het gereformeerd belijden wordt uitgesproken, is vaak ccn ergernis. Moderne schrijvers van gereformeerde huize afkomstig, geven blijk van diepe ergernis in hun boeken. Soms op zeer onbehoorlijke manieren. Het is daarin duidelijk dat zij afscheid hebben genomen van deze troostvolle leer. Zij hebben zich gestoten en zijn gevallen.
Hoe komt het toch dat er zoveel mensen zijn die struikelen over de teer van de voorzienigheid? Er zijn verschillende redenen te noemen. De moderne wetenschap en met name dc natuurwetenschap heeft daar een steentje aan bijgedragen. Deze kennis maakt het kinderlijke (mogelijk bedoelt men het kinderachtige denken) omtrent de onderhouding en regering van alle dingen door Gods Vaderhand overbodig. Men kent immers nu de wetten van de natuur en men beheerst de natuur? Alle onvolkomenheden die er zijn, sporen slechts aan tot nader onderzoek.
Anderen zien dit geloof als een illusie. Het hoorde bij oude tijden, toen veel ziekten en armoede de mens zich afhankelijk en hulpeloos deden gevoelen. Zij hebben zich toen getroost gevoeld bij de idee dat ccn hogere macht wel voor hen zou zorgen. Nu is dal alles zo anders. Wij. nuchtere twintigste eeuwers houden niet van deze gedachtcnspinscls. zo redeneert men dan.
Kun je nog geloven na Ausclnvitz en Hiroshima? Komt dat uit een vaderlijke hand? Is dat niet veel meer een grillig lof? Dat zijn van die bekende vragen. Wat men bij al deze dingen ontkent is dat er een God is Die niet star en onveranderlijk, blind voor pijn Zi jn weg gaat. maar het gebed hoort en verhoort. Hij is de God Die voorziet in al de nooddruft van dc Zijnen. Denk maar aan wat wij zingen in Psalm 72:
„Nooddruftigen zal Hij verschonen, aan armen uit gena. Zijn hulpe ter verlossing tonen. Hij slaat hun zielen ga". Daarmee zijn niet alle vragen opgelost. Asaf en Job zijn beide mensen die moeite gehad hebben met het Godsbestuur. In Psalm 73 en 77 kun je er van lezen. Ze hebben daarmee niet het Godsbestuur weggeschopt, zoals men nu doet. of ontkent. Het bleef niet donker. In Gods nabijheid werd het licht. Zij zijn gaan zien de grootheid en de macht van God. Gelukkig wanneer wij in de nood weten waar wij een toevlucht hebben. En gelukkig wanneer wij weten mogen van een Vaderhand die ook kastijden kan (Hebr. 12:5-11).
De laatste spits van hel gereformeerde belijden die we aan de orde willen stellen, is de belijdenis van God de Heilige Geest. Waarom is dat punt zo belangrijk?
In de reformatie is juist door Calvijn het werk van de Heilige Geest weer naar voren gebracht. Wie de Institutie van Calvijn heeft en ook gelezen heeft - dat zijn twee gescheiden dingen - weet dat hij in bock II over de toccigcning van het heil schrijft. Dus ingaat op de vraag: ..Hoe word ik. mens. dat wat Christus verworven heeft, deelachtig? " In dat deel spreekt hij voluit cn indruk-
wekkend over de Heilige Cïeest en Zijn werk. De Geest werkl het geloof door middel van de prediking van het Evangelie. De Geest is het Die levend maakt. De Geest is de Heiligmaker. Inwendig in de gelovige, uitwendig in de bijecnvcrgadering van de kerk. En daarom is de belijdenis van God de Heilige Geest zo belangrijk!
In de tijd voor de reformatie werd het werk van de Geest wat in het duister gelaten. Het ging toch immers om het werk van de mens? De goede werken van de mens hadden een zeer ruime plaats. Maar het genadewerk van dc Geest was verdonkerd. Calvijn heeft dat met name weer naar voren gebracht. Hij wordt dan ook wel de theoloog van de Heilige Geest genoemd.
De leer van de Heilige Geest is aan allerlei schommelende belangstelling onderhevig geweest. Hoe is dat in onze tijd.'
Er is in deze eeuw een beweging op gang gekomen - de Pinksterbeweging - waar men de aksenten legt op bijzondere gaven en werkingen van de Heilige Geest. Vooral de doop met de Heilige Geest is in die kringen ccn zeer begerenswaardige zaak. In de tweede helft van onze eeuw kwam de charismatische beweging op gang. Het lijkt wat op de Pinksterbeweging en is toch anders. Het gaat daar om geestelijke gaven.
De Pinksterbeweging is ontstaan doordat men zich van de bestaande kerken afkeerde. Men meende veelal dat de Geest van de kerken geweken was. De Pinksterbeweging is veelal van protestants karakter. Bij deze beweging is het niet zozeer te doen om theologische bezinning als veel meer een emotionele beleving. De Pinksterbeweging is gekoncentreerd op geweldige ervaringen en hoogtepunten. De gave van de tongentaai (dat zijn niet verstaanbare klanken die worden uitgestoten) wordt beschouwd als het voornaamste bewijs van het ontvangen van de Heilige Geest.
De charismatische beweging is een andere beweging. Zij stellen innerlijkheid tegenover verstandelijkheid en beleving boven belijden. De charismatische beweging blijft binnen de bestaande kerken en wil dc bestaande kerken vernieuwen cn door de genadegaven van de Heilige Geest aktiveren. De beweging is niet alleen tot de protestantse kerken beperkt, maar omvat ook roomse leden. De charismatische beweging wil in tegenstelling tot de Pinksterbeweging op theologisch vcrantwoorde wijze spreken. Zij binden de ervaring van de Geest niet aan bepaalde momenten of een bepaalde wijze van uitdrukking.
Wat stelt ons gereformeerd belijden hier tegenover?
In onze belijdenis gaat het om het werk van de Heilige Geest zoals deze in de Schrift geleerd en door het geloof ervaren wordt-In artikel 9 van dc Nederlandse Geloofsbelijdenis belijden wc dat de Heilige Geest onze Heiligmaker is door Zijn inwoning in onze harten. Dc Catechismus zegt over die inwoning nog iets meer. want daar staal ..dat Hij ook mij gegeven is. opdat Hij mij door een waar geloof Christus en al Zijn weldaden deelachtig make, mij trooste en bij mij eeuwiglijk blijve". Hij werkt het geloof en door dat geloof worden mensen Christus ingelijfd. Dat geloof wordt door Hem gewerkt en versterkt door middel van het Woord.
Vanzelf ontdekt de Heilige Geest aan zonde en schuld. Hij overtuigt daarvan. Zonder dat werkt Hij niet. Want waaide Geest werkt worden mensen ook werkzaam. Waaide Heilige Geest ontdekt, wordt ook het gebed geboren. Daar zoekt een zondaar verlossing van het verderf. Zo is het ook in de bekering.
Bekering is een werk van de Geest: maar waar de Geest werkt, daar wordt ook de mens werkzaam. Wij kunnen dat lezen in de Dordtse Leerregels, hoofdstuk III/IV. artikel 12. Om deze zcer wezenlijke zaken gaat het. Niet om emotionaliteit, niet om allerlei wonderlijke uitingen, niet om tongentaai. het gaat om het zondaar zijn voor God. in werkelijkheid en tegelijkertijd het uitgaan naar Christus, door hel geloof. Zo zijn we dan toch weer terechtgekomen bij dc grote spits van het gereformeerde belijden: namelijk de rechtvaardiging door het geloof. Zonder de Werkmeester van het geloof, de Heilige Geest. Die ook in alle waarheid leidt, zullen wij nooit zalig kunnen worden. Maar zullen wij ook niet standvastig kunnen blijven bij deze belijdenis. Wil ons door de kracht Uws Heiligen Geestcs alzo hoeden en sterken, opdat wij in deze geestelijke strijd niet onderliggen, maar altijd sterke weerstand doen. totdat wij eindelijk ten enenmale de overhand behouden, zo bidden wij met de catechismus mee (zondag 52).
Veencndaal.
W. C. Polinder
H. I. Ambacht.
B. S. van Groningen
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 20 december 1991
Daniel | 40 Pagina's