„Eer de lamp Gods uitgedaan werd”
Openingstoespraak bondsdag
(1 Sam. 3:3m)
Het was bepaald een donkere tijd. toen de Heere Samuël riep tot Zijn dienst. Dit schriftgedeelte zegt ons. dat het woord des Heeren dierbaar was in die dagen, dat wil zeggen schaars. Er waren weinig profeten in Isracl. Als cr al een man Gods kwam. was dat een zeldzaamheid. God openbaarde zich nauwelijks, zodat gezichten niet talrijk waren. Jc zou die tijd kunnen noemen een tijd van Godsverduistering.
Wat een vreselijke toestanden deden zich niet voor bij de tabernakel, de plaats waar God in het bijzonder wilde wonen. Eli, de oude Godsman. kwam nauwelijks meer aan bod. Bovendien schoot hij schromelijk tekort in de hem opgedragen taak. Anderen maakten de dienst uit: zijn zonen Hofni cn Pinchas. Bogen zij de dienst des Heeren niet om tot hun eigen voordeel? Haalden ze hel beste van dc offers voor de Heere niet uit de teilen cn de ketels voor zichzelf? Weetje hoe dc Heilige Geest hen noemt? Kinderen Belials, dienaren van satan, de vorst der duisternis. Daarom een donkere tijd in de kerk en de wereld.
Maar let op: temidden van die donkerheid en duisternis is er niettemin ccn lichtpunt, letterlijk en figuurlijk. Want wanneer roept God Samuël? Wel, zo lezen wc, eer de lamp Gods werd uitgedaan in de tempel des Heeren. waar dc ark Gods was.
Wat betekent dat? Allereerst dit: t was nog nacht. Als het donker begon te worden werd de lamp aangestoken en als het licht kwam werd ze uitgedaan. Wie moest daarvoor zorgen? De hogepriester. Dc Heere had tot Mozes gezegd, dat Aaron en zijn zonen die lamp van de gouden kandelaar moesten toerichten van de avond tot de morgen voor het aangezicht des Heeren. „Dit zal ccn eeuwige inzetting zijn voor hun geslachten" (Ex. 27:21: ev. 24:3). Dc Godslamp brandt nog. dat is: t is nog geen dag. Maar ook symbolisch heeft 't z'n betekenis. Dc Godslamp brandt, dat betekent ook: od is er: ijn trouw is niet verdwenen; Zijn dienst gaat door. Hij heeft geen opdracht gegeven om hel heiligdom te sluiten of om de lamp tc doven. Nee, in die donkere, duistere wereld is die brandende Godslamp het teken van Zijn tegenwoordigheid. Dwars door de Godsverduistering heen laat God het horen: k ben er! Ondanks alle afval en verval: ijn werk gaat door. Zie maar: e lamp brandt!
Dat woord mogen we elkaar vanmorgen meegeven. Is cr ook nu geen donkerheid en duisternis rondom? Wat een verschrikkingen tijdens dc Golfoorlog. Wat een zorg als we spreken over kerkverlating. Wat een ombuigen van het Woord van God aan alle kanten. Misschien benauwt het je en roep je: waak op. waarom zoudt Gij slapen, Heere? Weet het. ook vandaag. God is er. Hij is de HHF.RF, dc Ik zal zijn, die Ik zijn zal. de God van het Verbond. En Zijn Woord licht op, ook nu, in een wereld van bloed cn vuur en rookdamp, zoals Petrus het liet horen op de eerst Pinksterdag: Ik zal uitstorten van Mijn Geest (zegt God) op alle vlees cn uw zonen en uw dochters zullen profeteren en uw jongelingen zullen gezichten
zien. Dwars door alles heen is er ook vandaag de prediking van Hem, Die zei: Ik ben het Licht der wereld. Dat is Jezus, de Zoon van God. Maria's Zoon. Zeker, die naam wordt tegengestaan. Moesten Petrus en Johannes het al niet horen, dat ze ganselijk niet zouden spreken noch leren in de naam van Jezus? Maar ze konden het niet laten, ze wilden het ook niet, want die naam is de enige naam tot zaligheid. Nee, die naam zegt niet: stil maar en wacht maar en alles komt wel goed; want wie Jezus zegt, die zegt zonde. Zo heeft God het Zelf gezegd: Gij zult Zijn naam heten Jezus, want Hij zal Zijn volk zalig maken van hun zonden. Wie licht zegt. zegt duisternis. Wie leven zegt, zegt dood. Onthullend is die Godslamp, want het licht maakt de duisternis openbaar. Ben jij cr al over verwonderd en bij door de knieën gegaan, dat God in Christus met duisterlingen te doen wil hebben? Dan trekt heel de duisternis zich samen in jc eigen hart. Het land is vol van duistere moordspelonken, maar jc hart niet minder. Daar is dc belijdenis: de wereld? O God. de wereld dat ben ik. Waar zullen we ons bergen in het licht van de heilige en rechtvaardige God? Maar hoe vertroostend is dan ook de Godslamp, als ze zegt: God is er, ook in Zijn genade, waar het licht valt op Hem, Die de duisternis van Golgotha heeft doorworsteld. Daar geen brandende Godslamp als teken van Gods tegenwoordigheid. Nee, daar is 't: Mijn God, Mijn God, waarom hebt Gij Mij verlaten? Zo heeft de Zoon van God het licht cn het leven aangebracht. Het licht schijnt in een donkere wereld. Het wil schijnen in donkere zondaarsharten tot eer van God. Het licht is voor de rechtvaardige gezaaid en vrolijkheid voor de oprechten van hart.
In een donkere wereld, nochtans het licht des levens. Alzo zegt de Heere: Zoek Mij en leef. In een wereld van Godsverduistering wordt het gehoord:
Gij zijt mij Heer, ter schuilplaats in gevaren; Gij zult mij voor benauwdheid trouw bewaren; G' omringt me, daar Gij mij in ruimte stelt, Met blij gezang, dat mijn verlossing meldt. Mijn leer zal u. o mens, naar 't recht doen hand'len. En wijzen u de weg. die gij zult wand'len; Ik zal u trouw verzeilen met mijn raad, Terwijl mijn oog op u gevestigd staat. (Ps. 32:4)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 28 juni 1991
Daniel | 32 Pagina's