Wendelmoet Claesdochter, een martelares
Gode alleen zij alle eer
Martelaren zijn mensen die voor de zuivering van de telkens onzuiver geworden waarheid hun goed en bloed gegeven hebben en zich voor de waarheid Christi door hun beulen hebben laten kwellen.
Augustinus zegt: „Een martelaar is niet iemand die om een overtuiging, maar die om de ware overtuiging schade, schande en smart lijdt". Een gevaar waarop we bedacht moeten zijn is dat we van martelaren of vervolgden geen heiligen moeten maken, en zc ook niet mogen vereren.
Het zijn mensen die net als wij last hebben van hun inwonend verderf, ongelovige overleggingen en zij worstelden evenzo met de aanvallen van de zonde, de wereld en duivel. Het enige verschil is dat ze leefden in andere tijden en hun geloof bezielder was. Als zc gehaald werden door hun beulen, dan waren ook zij „geknakte rietjes", maar in die bijzondere ogenblikken stortte de Heere hen dan een buitengewone, bijzondere genade in zodat zc kracht ontvingen het lijden te dragen. De gelovige martelaar zelf vermag niets, maar het is een wonder wat de Heere volbracht heeft in weerwil van hun zeer onvrome ongelovigheid. Laten we toch vasthouden dat de Heere alleen alle eer toekomt. Géén martelaar of vervolgde is voor onze zonden gestorven.
Christus' bloed is een genezend bloed. Door Zijn striemen is ons genezing geworden. Géén martelaar heeft door zijn bloed zijn eigen ziel kunnen genezen, noch die van anderen. Al de godeverheerlijkende getuigenissen komen er altijd weer op neer dat Jezus alleen groot is. wiens bloed alleen ontzondigt.
Ook veel vrouwen zijn om des geloofs wil vreselijk gepijnigd en vervolgd. We lezen er al van in het jaar 179 hoe een zekere Felicitas met haar zonen omgebracht werd. In de Nederlanden heeft het bloed der martelaren overvloedig gevloeid en zijn er veel vrouwen om des geloofs wil om het leven gekomen.
Keizer Karei V regeerde
Zo'n in het geloof bijzonder gesterkte vrouw was Wendelmoet Claesdochter, een weduwvrouw uit
Monnickendam. Zij leefde in de tijd dat Karei V ons land regeerde. Deze. nog maar vijftien jaar oud zijnde, erfde in 1515 de Nederlanden als een deel van zijn gebied. Tijdens zijn regering, in 1517. werden de vijfennegentig stellingen van Luther tegen het roomse geloof gepubliceerd. Vele vlugschriften en de door Luther vertaalde Bijbel vonden hun weg in ons land. De reformatie verbreidde zich snel in ons land en geen land werd door de vervolgers met meer wreedheid behandeld dan de Nederlanden. Er ontstond grote instemming onder het volk. een krachtige instorting van de Heilige Geest en een sterke beweging om de gereformeerde leer te aanvaarden. In heel ons land openbaarden zich de vruchten van deze nieuwe leer in levensverandering, liefde tot de broeders in het geloof, gastvrijheid en vriendelijkheid. Maar in plaats van bewondering voor zijn volk. nam de jonge keizer de strengste maatregelen om deze nieuwe leer uit tc roeien. In 1521 vervaardigde hij
een reeks plakkaten uit ter afkondiging in verschillende steden. Hij stelde straffen in voor hen die lutherse boeken, de Bijbel, of andere ketterse geschriften bezaten, samenkomsten bezochten, de gereformeerde leer predikten of zulke predikers onderdak verleenden. Honderden mensen werden in de gevangenis geworpen, onthoofd, verbrand of verdronken.
Wendelmoet, een martelares
Wendelmoet Claesdochter kreeg door middel van een marskramer de geschriften van Maarten Luther in handen. Hieronder waren enkele bijbelboeken en ook een geschrift over het heilig avondmaal en de aflaathandel. Door Gods genade werden haar ogen geopend voor het dodelijk gevaar van de Roomse Kerk. Zij zag nu duidelijk dat alleen de Heere door Zijn lijden en sterven uit vrije genade de zonden vergeven kan. Deze geschriften gaven antwoord op de vele vragen die in haar hart leefden. Zij was door Gods Woord tot de overtuiging gekomen dat de Roomse Kerk op vele punten dwaalde en nam niet meer deel aan de mis en de biecht. Dit bleef in haar omgeving niet onopgemerkt. Zij wist heel goed dat zij een groot gevaar liep vervolgd te worden en beval zich zelf aan in Gods genadige bescherming. Soms werd zij bevangen door de angst, dat zij geen geloof genoeg bezitten zou als de vervolgers haar zouden komen halen. Deze kwamen sneller dan zij verwacht had.
Gevangen om het geloof
Op 18 april 1526 werd Wendelmoet van Monnickendam gevangen genomen. Zij moest voor de zaak van de Heere Jezus smaadheid lijden. Toen werd voor haar bewaarheid wat er staat in Joh. 15:20: .Indien zij Mij vervolgd hebben, zij zullen ook u vervolgen". Wat heeft dc Zaligmaker moeten lijden om onzentwil. Vervolgd door dc schriftgeleerden en dc farizeeërs heeft Hij veel benauwdheden en gevaren verdragen. Zijn hele leven is één lijden geweest, opdat Hij door Zijn lijden ons zou heiligen. Hij heeft de pers alleen getreden, de toorn Gods en de gramschap der hel gesmaakt, zoals geen martelaar dit kon dragen noch lijden. Wendelmoet werd in 's Gravenhage gevangen gezet en verhoord. Dit onderzoek viel niet uit in haar voordeel. Omdat men toch medelijden met haar had en haar tot inkeer wilde brengen, werd zij in een kasteel te Woerden opgesloten. Het duurde tot begin november toen de heren in Den Haag lieten onderzoeken of Wendelmoet tot andere gedachten was gekomen. Zij werden zeer teleurgesteld. Wendelmoet was nog precies dezelfde gebleven, in één opzicht was zij wel veranderd: ij was veel standvastiger geworden en dus was het er ver vandaan dat zij haar geloof zou verloochenen - indien de Heere haar sterken wilde!
Op 15 november 1527 werd Wendelmoet Claesdochter weer gevangen gezet in de Gevangenpoort te Den Haag. Het ontbrak haar in de Gevangenpoort niet aan bezoek. Allerlei personen probeerden haar tot andere gedachten te brengen. Zelfs de laatste nacht voor haar terechtstelling kwamen cr twee monniken haar cel binnen, die aandrongen op het herroepen van haar geloof. Toen rees uit haar hart de bede omhoog: ..Heere houdt Gij mij staande, laat deze mensen niet toe dat zij mij afvallig maken van mijn geloof'. Zij hield met alle blijmoedigheid vast aan haar overtuiging. De beproeving zou niet lang meer duren.
Door de Heere staande gehouden
Op 18 november 1527 werd zij voor de stadhouder cn dc gehele Raad van Holland gebracht, waar zij de waarheid blijmoedig in het openbaar beleed. Zij onderwierpen haar aan een scherp verhoor. Toen men haar had gezegd, dat haar. als zij haar dwalingen niet herriep, een verschrikkelijke dood tc wachten stond, antwoordde zij: „wanneer u de macht van boven gegeven is. ben ik bereid om te lijden". „Gij zijt niet bang voor de dood omdat gij die nog nooit gesmaakt hebt", zeiden zij. Wendelmoet antwoordde hierop: ..Ik zal die ook niet smaken want Christus heeft gezegd: zo iemand mijn Woord bewaard zal hebben, die zal de dood niet smaken in der eeuwigheid". Vervolgens ging men haar ondervragen omtrent de leerstellingen van de kerk. Met betrekking tot de mis antwoordde zij: ..Ik houd uw sakrament voor brood en meel cn wilt gij het voor uw God houden dan zeg ik u dat het uw duivel is". Aangaande de heiligen zei zij. dat ze geen andere middelaar of voorspraak kende dan alleen Jezus Christus. Die aan de rechterhand des Vaders zit en voor ons bidt. Toen men haar omdat zij hardnekkig haar mening vasthield zei. dat zij sterven moest en dat het goed zou zijn om vooral oprecht te biechten, antwoordde zij: „Ik heb bij de Heere al mijn zonden beleden, en Hij heeft ze weggenomen, maar wanneer ik iemand vertoornd heb. zo vraag ik om vergeving". „Hoe komt u aan dit gevoelen? ", vroeg dc rechter. En zij antwoordde: ..Dat heeft God mij geleerd. Hij heeft mi j geroepen en onderwezen. Hem alleen wil ik dienen, ik ben één van Zijn schapen en daarom hoor ik Zijn stem". „Bent u dan maar alleen geroepen? " was de volgende vraag. „Geenszins. Dc Heere roept allen, die vermoeid en belast zijn tot Zich".
De rechters kwamen zo niet verder en de president verklaarde dat het verhoor was afgelopen. Zij werd weer naar haar sombere cel teruggeleid. Maar zodra zij daar was aangekomen, dankte zij de Heere dat zij haar geloof niet verloochend had en dat Hij Zijn belofte aan haar had vervuld: „Het zal u in die ure gegeven worden dat gij spreken zult".
In de Heere ontslapen
In deze dagen voor haar terechtstelling kwam er een adelijke vrouw haar cel binnen die haar dringend probeerde te bewegen om wel over al deze ketterijen te dénken maar er niet over te spreken. Ze hoefde dan immers niet te sterven.
„Waarom", zo sprak zij. „zoudt u sterven? " ..Ach", antwoordde Wendelmoet, ..cr staat geschreven: met het hart gelooft men ter rechtvaardigheid en met de mond belijdt men ter zaligheid. Ik mag niet zwijgen!" Op zondagmorgen 20 november 1527 werd zij opnieuw voor de Raad geleid waar haar aangeraden werd om te herroepen. Maar zij antwoordde zeer vrijmoedig: ..Ik blijf bij mijn Heere en mijn God. en ik zal van Hem niet afwijken in leven noch in sterven". Vervolgens werd zij veroordeeld tot de brandstapel en haar bezittingen werden in beslag genomen en verbeurd verklaard.
De weg naar het schavot was zeer moeilijk voor deze veel geplaagde vrouw, want nóg lieten enkele monniken niet af haar lastig te vallen met het kruisbeeld. Onophoudelijk werd haar dit beeld voorgehouden om het te kunnen kussen of vereren. Totdat Wendelmoet uitriep: „Laat af. waarom vervolgt en verzoekt u mij? Mijn Heere cn Mijn God is boven!”
Op het schavot gekomen, werd zij door de beul gewurgd en daarna verbrand.
De dood van Wendelmoet maakte op velen een geweldige indruk. Het verhaal van haar gevangenschap, verhoor en marteldood, werd in gebrekkige dichtvorm uitgegeven. Zoals de marskramer de geschriften van Luther had verbreid, zo verspreidde hij nu het lied waarin de marteldood van Wendelmoet werd bezongen.
Een coupletje halen we hierbij aan.
Dus lieffelijck ontslapen. Is Wendelmoet itt den Heer'; Maer monnicken en papen. Die naer ehristenbloed gapen. Versaet worden si' nimmermeer.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 7 december 1990
Daniel | 32 Pagina's