JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

„Een kerk moet een ingetogen ruimte zijn, van binnen en van buiten als kerk herkenbaar”

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

„Een kerk moet een ingetogen ruimte zijn, van binnen en van buiten als kerk herkenbaar”

vraaggesprek met architekt J. Valk

20 minuten leestijd

Architekt Johannes Valk werd op 26 april 1929 in Gouda geboren. Zijn vader gaf daar les aan een ambachtsschool en aanvaardde in 1938 een betrekking aan een zelfde school in Amsterdam. Zoon Hans trouwde met de dochter van het vroegere kostersechtpaar Slinger van Lisse en bleef na zijn huwelijk nog lange tijd in Amsterdam wonen. In 1966 verhuisde hij met zijn gezin naar Soest. In 1972 begon hij daar in een kamer op de bovenverdieping van hun huis aan Colenso 121 als architekt een eigen bureau. Kort na die start heeft hij de woning ernaast kunnen kopen en daar is nu zijn bureau gevestigd. Het echtpaar Valk heeft vier kinderen van wie er één getrouwd is. De heer Valk is diaken in onze gemeente Soestdijk. Hij verzorgt ook de kerkbode. Sinds de oprichting in maart 1989 is hij voorzitter van de Stichting die D.V. in september a.s. een reformatorische school in Soest kan openen. Architekt Valk heeft zijn leven lang in de kerkbouw gewerkt. Hij is een boeiend verteller die ons graag een blik gunt achter de schermen en iets wil vertellen over het ontwerpen van kerkgebouwen.

Mijnheer Valk. wilt u eerst iets zeggen over uw opleiding tot architekt?

Als jongen wist ik al dat ik architekt wilde worden: waarom dat zo was. kon ik niet zeggen; ik wilde het gewoon graag. Mijn vader vond het best. maar hij zei wel: „Dan moetje onderaan beginnen, je moet weten hoe je een hamer en een beitel vasthoudt". Zo kwam het dat ik na de mulo op de ambachtsschool terecht kwam als vijftienjarige in een klas met jongens die net van de lagere school kwamen. Vandaar uit moest ik dus die hele lange ladder beklimmen, tot en met de Academie. Aan de raad van mijn vader heb ik veel te danken, ik had een brede basis.

Na dc M.T.S. ben ik gaan werken bij een architektenbureau dat door de oorlog verwoeste kerken weer opbouwde cn restaureerde. Zo heb ik meegeholpen aan de restauratie van onder andere de kerken in Kockengen, Vlijmen cn Heusden. In de avond deed ik toen de H.T.S. in Amsterdam. Toen ik in 1954 werd toegelaten tot de Academie van Bouwkunst in Amsterdam moest ik speciaal voor die opleiding een baan zoeken in de moderne architektuur. De opleiding aan zo'n Academie (behalve in Amsterdam zijn deze er ook in Rotterdam. Tilburg. Arnhem. Groningen cn Maastricht) is

een opleiding vanuit de praktijk. De kolleges werden vooral in de avond gegeven, maar ook 's middags en vaak de hele zaterdag. Verder werkte je in vaste dienst op een architektenbureau en deed daar de praktische ervaring op; dat was een studie van zes jaar. Bij elkaar nam de opleiding wel zoveel tijd in beslag datje vóór je dertigste geen architekt kon zijn. Na de eindstreep H.T.S. moest je eerst nog twee jaar op een architektenbureau hebben gewerkt voor je voor de toelatingskommissie van de Academie mocht verschijnen.

Is de door u gevolgde opleiding de enige manier om architekt te worden?

Nee. je kunt ook aan de Technische Universiteit studeren en je als bouwkundig ingenieur op de architektuur toeleggen. Je hebt dan vooral theoretisch een zeer brede basis (waar bij de start natuur-en wiskunde op VWO-niveau moet zijn) maar dat is wel een volledige dagopleiding. Doordat wij naast onze studie aan de Academie op een architektenbureau werkten, verdienden we de kost! (Beurzen zoals nu waren er voor ons niet).

Was uw opleiding gericht op het houwen van kerken?

Ja. vooral in de praktijk, door de betrekking die ik tijdens mijn studie aan de Academie van Bouwkunst kreeg bij het architektenbureau Meijer en Van der Zee te Bussum. Naast het ontwerpen van onder andere scholen en kantoorgebouwen kreeg dit bureau ook een aantal keren een opdracht voor het bouwen van een kerk. Meteen toen ik er in dienst kwam. werd ik betrokken bij dit onderdeel van het werk. Het trok me en ik had ook al ervaring opgedaan bij de restauratie van kerken.

Na het beëindigen van mijn studie groeide ik naar de funktie van direkteur. Ik heb me er zestien jaar bezig gehouden met onder andere het bouwen van kerken. De opdrachten daarvoor werden echter minder en tenslotte ging men zich volledig toeleggen opde bouw van studio's voor radio en televisie. Daar moest ik toen ook aan meewerken; er bleef van kerkenbouw niets meer over. Zo leidde dit voor mij tot onoverkomenlijke problemen en tenslotte tot mijn uittreden.

In 1972 ben ik toen met mijn eigen bureau gestart.

Kreeg u al gauw opdrachten? Ja. gelukkig wel; een van de eerste werken was het kerkgebouw voor de Gereformeerde Gemeente te Vlissingen. Het ontwerp van een kerkgebouw voor onze eigen gemeente in Soestdijk maakte ik in 1967. Ik was toen dus nog in dienst van het bureau te Bussum (later Hilversum). Het vergaderzaaltje dat als kerk dienst deed. moest worden opgeknapt, maar er kwam uiteindelijk een nieuwe kerk. Dat was mijn eerste kerkgebouw in de Gereformeerde Gemeenten. De beentjes van de poppetjes die ik op de maquette had geplakt, werden tijdens mijn afwezigheid door mijn kollega's op het bureau zwart geverfd... Zo keek men tegen de Gereformeerde Gemeenten aan! Het architektenbureau waar ik zo lang heb gewerkt, bouwde vooral Gereformeerde kerken.

Hoe ziet u een kerkgebouw? Als de plaats waar de gemeente samenkomt om het Woord van God tc horen. De Heere wil er door Woord en Geest Zijn gemeente zegenen en zo wonen en werken onder het volk dat daar samenkomt.

Een kerkgebouw moet dan ook een ingetogen ruimte zijn. van binnen en van buiten als kerk herkenbaar. Er moet de grootste zorg aan worden besteed. We weten hoe nauwkeurig de voorschriften waren voor de bouw van de tabernakel en de tempel. De Heere had Bezaleël en Aholiab door Zijn Geest bijzondere gaven en verstand gegeven ..om te bedenken vernuftige arbeid; te werken in goud. in zilver cn in koper". De materialen voor de bouw van de tempel van Salomo werden soms op wonderbaarlijke wijze verkregen en samengevoegd. Voor

deze tempelbouw is toen bijna de halve wereld in beweging geweest!

Ik vind het altijd weer een bijzondere opdracht een kerk te mogen bouwen.

Welke eisen moeien door een architekt aan een kerkgebouw worden gesteld?

Het gebouw moet echt als kerk kunnen funktioneren en daarbij moet worden voldaan aan dc primaire eisen die ten grondslag liggen aan alle gebouwen waar het gaat om zaalruimte van grotere omvang. Het moet er ruim zijn. het mag er niet benauwd worden, dc akoestiek moet goed zijn. de kerkgangers moeten gemakkelijk en rustig kunnen luisteren. Het gebouw moet ook goed bereikbaar zijn.

Hoe kun je ervoor zorgen dat het niet benauwd wordt in een kerk? Door ruimte te scheppen en in de hoogte te bouwen. Zo hanteer ik vooral de regel dat een zaalruimte ccn inhoud moet hebben die per zitplaats tenminste zes kubieke meter bedraagt. Er kan dan vanuit worden gegaan dat de ruimte, ook wanneer die langere tijd met mensen is bezet, een aangenaam klimaat houdt cn dat dit klimaat dan ook eenvoudiger is te beheersen. De luchtvochtigheid wordt sterk beïnvloed door het aantal aanwezige personen. Hoe hoger de ruimte is, hoe beter, want dan blijft het „leefbaar" in de kerk. Het is duidelijk dat aan dit gegeven in verband met dc beschikbare financiële middelen nogal eens beperkingen moeten worden opgelegd.

Wat betekent een goede akoestiek?

Dat het gesproken woord zonder vervorming overal duidelijk hoorbaar is. Daar is ook ruimte voor nodig, terwijl daar bij eveneens een groot aantal andere zaken aan de orde is. zoals de plaats van dc wanden ten opzichte van elkaar, de keuze van de materialen en de toepassing ervan, de maatverhoudingen van de ruimte, enzovoort.

Verder moet niet alleen het gesproken woord, maar ook dc klank van het orgel goed overkomen. En dat is een moeilijk punt. want voor het spreken moet de „nagalmtijd" van het geluid zo kort mogelijk zijn en voor de orgelmuziek zou die nagalm enkele sekonden mogen bedragen. Dc eisen lopen op dit punt nogal eens uiteen, maar de kwaliteit van het geluid heeft vooral te maken met de beschikbare ruimte.

Hoe ziet u de plaats van het orgel?

Het orgel, veelal een kostbaar instrument, verdient een zorgvuldig gekozen plaats. En dan komt wéér de hoogte aan de orde. Het orgel geeft de plaats waar het zich bevindt in de kerk een belangrijk aanzien. Het mooiste resultaat wordt bereikt wanneer het orgel met het kerkgebouw mee-ontworpen wordt. Dan kunnen de diverse funkties op elkaar worden afgestemd, zodat geen duidelijk overheersend karakter van het orgelfront wordt bevorderd.

Veelal is het programma van eisen mede bepalend voor de plaats. Het orgel boven dc preekstoel spreekt velen aan, omdat daardoor juist het aanzien van het liturgisch gedeelte wordt beïnvloed. Bovendien „kost" het dan geen zitplaatsen, wat wel het geval is als het op een galerij wordt geplaatst.

Over orgels wordt veel geschreven cn gesproken, vooral als het gaat over kerkmuziek en zeker bij het bouwen van een nieuwe kerk.

Muzikale eisen die door de één in alle toonaarden worden opgewaardeerd en aangeprezen. vindt een ander volkomen onbelangrijk cn schuift ze als bijzaak terzijde. Probeer daar als architekt je weg maar in te vinden!

Om terug te komen op de primaire eisen die aan een kerkgebouw moeten worden gesteld: wat houdt het in dat kerkgangers gemakkelijk en rustig moeten kunnen luisteren? Je moet ervoor zorgen dat er geen belemmeringen zijn die de aandacht van de hoorders bij voorbaat al van het horen van Gods Woord kunnen afleiden. Daarom proberen we onder andere dc preekstoel altijd zó te plaatsen dat de (meeste) kerkgangers geen hinder ondervinden van direkt zonlicht. Dat komt er in de praktijk op neer dat de kansel op bet noorden staat, waardoor de mensen zoveel mogelijk dc zon opzij en in de rug hebben. Er moet natuurlijk ook op gelet worden dat de predikant er geen hinder van heeft. Bij voorkeur moeten we kolommen (pilaren) in de kerk zo veel mogelijk vermijden. Dan zijn de banken waarin men moet zitten van groot belang, zeker

nu er zoveel mensen rugklachten hebben. De onderlinge afstand tussen de rijen moet ook ruim genoeg zijn. De afmetingen van de paden en uitgangen zijn meestal aan voorschriften gebonden. Er moet 55 cm breedte-uitgang zijn per 50 zitplaatsen, dat wil zeggen dat het totaal aantal zitplaatsen bepaalt hoeveel uitgangen er zijn en van welke maat! Een kerk van 500 zitplaatsen moet totaal over 5, 5 meter uitgang beschikken dus tenminste vijf deuren van netto 110 cm. rondom in het gebouw.

Wat wordt precies bedoeld met de bereikbaarheid?

De toegankelijkheid ten opzichte van de openbare weg. Auto's moeten, vooral voor ouderen en gehandicapten, gemakkelijk kunnen voorrijden en parkeren. Het mooist is ook dat trouw-en rouwstoeten op eigen terrein kunnen worden opgesteld. Het komt daarbij weer op de ruimte aan! We moeten er ook rekening mee houden dat bij het uitgaan van de kerk ineens een grote koncentratie mensen op de openbare weg komt, wat problemen op kan leveren zowel voor de kerkgangers als voor het verkeer.

De ligging van een kerkgebouw is dus heel belangrijk?

Zeer zeker, want aan de genoemde primaire eisen ligt gelijk ten grondslag de vraag of een terrein geschikt is voor het bouwen van een kerk. Soms kunnen stedebouwkundige eisen van een bestemmingsplan het maken van een optimaal funktioneel ontwerp in de weg staan.

Het maakt ook veel uit of een kerkgebouw in een parkachtige omgeving kan komen of tussen andere bebouwing moet worden gesitueerd. De ligging van het bouwterrein ten opzichte van de omgeving cn de openbare weg zijn voor mij bepalend voor de plaats waaide ingang van de te bouwen kerk moet komen. Daarmee is ook voor een deel de vorm al vastgelegd. Als je daarbij nog rekening wilt houden met de stand van de zon ten opzichte van dc preekstoel, is het duidelijk dat het interieur voor een groot deel bepaald zal worden door faktoren van buitenaf.

We moeten tegenwoordig helaas vooral in de steden ook rekening houden met het vandalisme. Dat vraagt eveneens bepaalde kostbare voorzieningen.

Het komt maar zelden voor dat het programma van eisen met de beschikbare middelen kan worden uitgevoerd. Dan wordt ernaar gezocht om die twee sporen op één lijn te krijgen, waarbij het voor de architekt uiteraard zaak is zijn primaire eisen niet (te veel) prijs te geven en de kwaliteit te blijven bewaken: er wordt van uitgegaan dat we voor generaties bouwen.

Hoe komt nu een ontwerp tot stand?

Als ik een opdracht gekregen heb voor het bouwen van een kerk. ga ik me eerst indenken hoe de gegeven situatie is en welk gebouw er zal moeten verrijzen. Ik zie dan ook de ruimte van binnen al helemaal voor me en vul die in gedachten in, zowel wat de kerkzaal als de vergaderlokaties betreft. Ik begin nooit direkt met tekenen of schetsen. Pas als ik het geheel voor me zie zoals ik denk dat het moet worden en zoals ik denk dat het kan (en daar gaan heel wat uren mee heen...), maak ik de eerste schetsen, perspektieftekeningen en aquarels. Een ontwerp wordt in je hoofd geboren! Als dit eerste ontwerp door de kerkeraad en bouwkommissie is goedgekeurd gaat het naar de schoonheidskommissie; daarna kan de verdere uitwerking beginnen. Ik ervaar zowel in het ontwerpen zelf als in het uitwerken sterk het afhankelijk zijn. Wat zijn talenten eigenlijk? Die heb je niet. die krijg je! Dc Heere geeft dat!

Hoeveel tijd verloopt er over het algemeen tussen het maken van een ontwerp en het begin van de bouw?

Dat is van verschillende faktoren afhankelijk. Het gemaakte plan moet goedgekeurd worden door de kerkelijke gemeente en door dc welstandskommissie van de plaatselijke overheid. Zoals gezegd komt het maar heel zelden voor dat het programma van eisen en de beschikbare middelen elkaar dekken.

Meestal moet er gepraat cn gewijzigd worden. Daarna moet de aanbesteding nog plaatsvinden. Over het algemeen gaat er ongeveer negen maanden mee heen. maar dit is tegenwoordig niet meer zo eenvoudig in tijd uit te drukken omdat alle plannen ..ter visie" moeten worden gelegd en iedereen zo de kans krijgt bezwaar te maken.

Welke kerken hebt u in de Gereformeerde mogen bouwen? Gemeenten

Na Soest volgden Vlissingen. Lelystad. Zoetermeer, Goes. Nijkerk. Dinteloord en Den Haag-Centrum. Momenteel zijn we bezig met de bouw van een nieuwe Christelijke Gereformeerde Kerk in Bunschoten, die D.V. in december a.s. gereed zal zijn.

Een kerkgebouw is voor mij pas echt een kerk als cr dienst in wordt gehouden.

Hebt u in onze gemeente ook kerken verbouwd of vergroot?

Ja. dat zijn Delft. Amsterdam-Centrum en Amsterdam-Noord. Zaandam. Waardenburg. Yerseke. Moerkapelle. Terwolde, Ermelo. Hilversum. Apeldoorn cn Rotterdam-Zuid. Verbouwen is ook een grote liefhebberij, evenals restaureren. Ik heb ook de restauratie verzorgd van de 17e eeuwse gebouwen van het Nederlands Bijbelgenootschap in Amsterdam, waarin het Bijbels Museum is gevestigd.

Wat is de funk tie van een toren op of bij de kerk? Een toren is altijd een herkenningspunt. In vroeger tijden hadden ze ook een sociale funktie door het luiden van de klok bij onheil en gevaar. De klok werd ook zo hoog mogelijk in de toren gehangen om het geluid vér te laten dragen. De meeste torens van oude kerken zijn nog het eigendom van de burgerlijke gemeente.

Torens zijn ook statussymbolen en ze worden nog steeds gebouwd. Vooral bij kerken met een groot aantal zitplaatsen is een toren een dankbaar objekt. omdat het gebouw anders een tc log aanzien krijgt. Een toren geeft een bepaald accent en speelt een grote rol bij het ontwerpen. Je gaat er van uit of je werkt er naar toe. Overigens moet niet de toren maar de vormgeving een gebouw als kerk herkenbaar maken.

Kunt u in 't kort iets over bouwstijlen zeggen? Elk tijdperk heeft een eigen stijlperiode, maar wel heel duidelijk met invloeden van voorafgaande tijden cn van maatschappelijke omstandigheden, zoals rijkdom en armoede of oorlog en vrede. Een bouwstijl komt tot ontwikkeling in tijden van rust. De Romaanse stijl (ongeveer 1000 tot 1250). waar vooral de bouwtechniek is ontwikkeld, volgde op de bouwkunst van de Romeinen. Kenmerkend voor deze stijl zijn de houten kappen in de kerken en kleine lichtopeningen als ramen. Romaanse kerken, van natuursteen gebouwd, zijn vooral nog in het zuiden van ons land le vinden.

Daarna ontwikkelde zich de laat-Romaanse bouwstijl. In verband met allerlei omstandigheden (brand bijvoorbeeld) zocht men naar een meer solide konstruktie en zo onstonden de „gewelven" met daarboven de houten kap. Inmiddels onstaat omstreeks het jaar 1400 de bouwkunst van de verdedigingswerken, zoals de stadspoorten. Heel bekend is hiervan de Koppelpoort in Amersfoort.

Wat de kerkbouw betreft, zien we dan de Gotische

stijl opkomen (1250 tot 1530).

De gesloten Romaanse kerken worden open door de grote glas-in-loodramen. geplaatst tussen steunberen en lichtbogen. Er komen ornamenten en in de kerken zelf plaatst men allerlei kunstwerken. Voorbeelden hiervan zijn de Domkerk in Utrecht en de Sint Jan in Den Bosch. In deze tijd is de geestelijkheid nog toonaangevend en het kerkelijk leven beheerst dc bouwstijl. De prachtige bouwwerken uit deze periode werden met juk en druk voortgebracht; de rijke bouw vormde een zware belasting voor de mensen, maar ze hadden er wel generaties lang werk aan.

Na de Gotiek volgen Renaissance en Barok. In de tijd van het Hollands Classicisme (1630 tot 1700) worden de eerste grote kerken na de Reformatie gebouwd. Ze zijn aanmerkelijk soberder dan vroeger de Roomse kerken. Het zijn echte preekkerken waar het Woord centraal staat. De eerste was dc Nieuwe Kerk aan het Spui in Den Haag (1649). Andere zijn de Marekerk in Leiden en de Zuider-en Westerkerk in Amsterdam. Bekende bouwmeesters uit deze tijd zijn Hendrik de Keijser en Jacob van Campen.

In de 19e eeuw ontwikkelt zich een neo-klassieke stijl naar Grieks voorbeeld naast de Amsterdamse School. Onze eigen eeuw kent de stijl van dc Nieuwe Zakelijkheid.

Hoe is nu uw eigen stiji? Niet klassiek en niet modern, maar wel eigentijds. Je maakt zelf ook een ontwikkeling door. Toen ik vroeger in dienst was bij het architcktcnbureau in Hilversum bouwden we moderne kerken, maar mijn eerdere opleiding en mijn verbondenheid met de Gereformeerde Gemeenten hebben later toch mijn werk beïnvloed.

Het ambachtelijke heb ik in mijn werk laten spreken, maar daarbij zijn vooral sfeer en karakter bepalend voor de vormgeving.

Had de Afscheiding van 1834 ook nog gevolgen voor de kerkbouw?

In die zin dat de mensen die zich van dc Hervormde Kerk afscheidden een andere plaats van samenkomst moesten zoeken. Daar was haast bij. In die nood vonden ze onderdak in een schuur, op de deel van een boerderij of in woonhuizen, die later aangepast werden. Er ontstonden eenvoudige „schuurtjeskerken" van kleine en vaak onbemiddelde groepen mensen. Het geloofsleven is niet verbonden aan de noodzaak van een mooi kerkgebouw! Van lieverlee werden er meer kerkjes gebouwd, laag en krap, maar wel met „echte" kerkramen.

Herkenbare elementen uit vroegere perioden kregen een plaatsje. Het waren kerken van mensen met een sobere leefwijze en een diep afhankelijkheidsgevoel.

Is de Doleantie van 1886 ook merkbaar in de kerkbouw? Dr. Abraham Kuyper en zijn volgelingen die zich in 1892 met de Afgescheidenen verenigden in de Gereformeerde Kerken bouwden al vrij snel kerken in een eigen stijl, geïnspireerd op vroeg-17eeeuwse voorbeelden. De Gereformeerde Gemeente van Leiden heeft in 1988 zo’n

Doleantiekerk in Leiderdorp aangekocht.

Onze gemeenten zijn in 1907 ontstaan, niet door afscheiding of scheuring, maar door samengaan van de Ledeboeriaanse Gemeenten en de Kruisgemeenten. Hoe waren hun kerkgebouwen toen?

Over het algemeen zoals ik ze net aangeduid heb bij de beantwoording van de vraag over de Afscheiding. Enkele hadden al meer het aanzien van een echt kerkgebouw, zoals de kerk aan de Boezemsingcl in Rotterdam. Men bracht voor de kerkbouw herkenbare elementen bijeen maar gelukkig wisten veel architekten uit die tijd met die elementen om te gaan. Het wordt nóg wel eens aan mij gevraagd: graag ..boogramen" en als het kan glas in lood!

Hebben de kerkgebouwen in onze gemeenten een eigen stijl?

Nee. dat kun je niet zeggen. Ze zijn karakteristiek voor de architekt die ze heeft ontworpen. Er zijn weinig ..schuurtjeskerken" meer over.

Door dc groei van de gemeenten heeft de helft na 1950 een nieuwe kerk gebouwd. Door de toenemende welvaart kon meer aandacht aan dc vormgeving en inrichting worden besteed.

Er zijn wel enkele kerken met een eigen bouwstijl. Ze werden in de dertiger jaren gebouwd. „geïnspireerd" door het ontwerp van architekt B. T. Boeyinga van een kerk in Bergen. Noord-Holland. Het zijn kruiskerken met een torentje in het midden cr bovenop. Ze staan in Lisse.

Krabbendijke, Rotterdam-Mijnsherenplein. Gouda (Stationsplein) en Dordrecht. Daar is de Julianakerk in 1977 van de Gereformeerde Kerken gekocht.

Ze dragen duidelijk nog enige invloed van de „Amsterdamse School". Dc keuze van de architekt is eigenlijk al bepalend voor de richting en de „stijl" die een kerkeraad bij het bouwen van een nieuwe kerk voor dc geest staat.

Vindt u dat er tegenwoordig een meer luxueuze bouwstijl bij onze kerken wordt toegepast? De eisen van dc opdrachtgever zijn bepalend voor de eventuele luxe die in een kerkgebouw wordt aangebracht. Maar er wordt ook nogal eens gezegd: „Als we zelf in mooie huizen wonen, moeten we dan voor het huis Gods ook niet het beste zoeken? " Zo dacht David ook toen hij een tempel wilde gaan bouwen.

Hoe ziet u de toepassing van kunst in kerkgebouwen?

Ik ben er wel voor als het op een bescheiden, maar funktionele en niet afleidende wijze een plaats krijgt. De vormgeving van een kerkgebouw op zich is eigenlijk al een kunstuiting, evenals ornamentiek zoals bijvoorbeeld in het orgelfront.

Ervaart u de opdracht voor het bouwen van een kerk anders dan die voor een willekeurig ander werk?

Ja. want een kerk bouw je voor een hele gemeente en het is de plaats waar de Heere tot ons spreken wil. Andere objekten bouw jc altijd maar voor een paar mensen. Overigens ervaar ik elke opdracht als een feest, al is het maar die voor een dakkapel.

Wat wilt u tot slot nog zeggen? Al het werk dat je mag doen. in welk beroep of ambacht ook. kan een roeping zijn als je het in afhankelijkheid mag doen. Als het dan nog door de Heere gezegend wordt is onze arbeid vreugde.

We hebben onze talenten te leen gekregen en moeten er zorgvuldig mee omgaan. De liefde en het gevoel voor je vak heb je gekregen, maar de kennis en informatie moet je zelf verwerven. Dat wil ik vooral voor onze jongeren benadrukken. Ze hebben het veel moeilijker dan wij vroeger.

Wij hadden te kampen met wat er niét was, en zij met wat er wél is.

We hebben gepraat over gebouwen van hout en steen, maar er is een ander Gebouw, dal naar Gods gemaakt bestek in eeuwigheid zal rijzen. De Heere mocht door en in dit werk nog stenen willen toevoegen aan dat Gebouwdoor de verkondiging van Zijn Woord in onze aardse kerken.

Mijnheer Valk. hartelijk dank voor de vriendelijke ontvangst en voor de boeiende manier waarop u ons in de geheimen van de bouwkunst wilde inwijden.

A.T. Crum

D.J. Thijsen

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 augustus 1990

Daniel | 32 Pagina's

„Een kerk moet een ingetogen ruimte zijn, van binnen en van buiten als kerk herkenbaar”

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 3 augustus 1990

Daniel | 32 Pagina's