Buitenshuis werken
Vraaggesprek met werkende moeders
Hoewel we in onze gemeenten ervan overtuigd zijn dat de moeder voor de kinderen en het huishouden zorgt, zijn er bij ons ook moeders die betaald werk buitenshuis doen. Nu gebeurt dat vrijwillig, maar wanneer de voorstellen van onze regering door zullen gaan, dan zullen getrouwde vrouwen in bepaalde gevallen verplicht worden om te solliciteren en te gaan werken.
Een interessante vraag is: hoe ervaren vrijwillig werkende moeders dit en hebben zij suggesties voor diegenen die in de toekomst vrijwillig of onvrijwillig werkende moeders zullen zijn. In dit vraaggesprek komen vier werkende moeders aan het woord, die ik graag aan jullie voor wil stellen.
*Mevrouw Joke van den Heuvel-Vrijer, consultatiebureau-arts. 51 jaar. 3 kinderen. 18, 21 en 23 jaar.
*Mevrouw Rita Spaan-Nijland, orthopedagoge. 24 jaar. 1 kind van 1 jaar.
*Mevrouw Ans Sterk-ten Bolscher, onderwijzeres. 44 jaar. 5 kinderen van 6, 8, 10, 11 en 13 jaar.
*Mevrouw Lia Vergunst-Verlare, verpleegkundige. 35 jaar, 3 kinderen van 20 maanden, 7 en 9 jaar.
Kunnen jullie iets vertellen over het aantal dagdelen dat jullie werken, en hoe lang jullie dat al doen?
Rita: Na mijn studie heb ik eerst vier dagen in de week gewerkt. Nadat onze zoon geboren is ben ik aanvankelijk zes uur in de week gaan werken, waarvan drie uur buitenshuis, later is dat een hele dag geworden. Onze zoon is nu net 1 jaar. Ik vind een dag in de week genoeg. Ik zou niet meer dan een dag willen. Voor jezelf heb je een idee van wat je in een week in het huishouden gedaan wilt hebben. Als dat niet lukt heb je een onbevredigd gevoel.
Ans: Dat vind ik ook, met één kind kun je nog wel een dag in de week vast werken, maar nu wij vijf kinderen hebben, doe ik dat liever niet meer. Je hebt je bezigheden in huis en de kinderen moet je helpen. Voordat onze oudste geboren is heb ik zeven jaar full-time gewerkt. Daarna heb ik ook nog twee jaar op een school voor speciaal onderwijs gewerkt. Ik zou de buo-cursus gaan doen, maar toen kwam Marlies. Na haar geboorte heb ik nog een dag in de week voor de klas gestaan. Ik val nu alleen in bij ziekte, of bij gebrek aan leerkrachten op de school waar onze kinderen ook zitten, maximaal twee dagen per week.
Joke: Na mijn studie heb ik een opleidingsplaats tot kinderarts gekregen, maar in die tijd leerde ik mijn man kennen. In eerste instantie heb ik samen met hem voor het gezin gekozen, en heb ik die opleiding niet afgemaakt. Dat was niet te combineren met een normaal gezinsleven, zelfs niet zonder kinderen. En al voor dat we getrouwd waren, is mij gevraagd of ik consultatiebureaus voor zuigelingen en kleuters wilde komen doen omdat er gebrek was aan personeel. De eerste tien à vijftien jaar dat de kinderen klein waren, werkte ik 1 of 2 dagdelen per week. Nu iets meer, 35%. Als ik wat meer ging werken, heb ik dat ook altijd wel in het gezin besproken, of ze daar achter stonden. Al met al zit ik zo'n vijfentwintig jaar in het vak.
Lia: Met begon eigenlijk vijf jaar geleden toen ik als oproepkracht 's avonds ben gaan werken in een serviceflat-bejaardenhuis van onze eigen richting. Ze hadden problemen met het vinden van personeel, zodat ik me geroepen voelde te gaan helpen. Dat was erg gemakkelijk, want je was nooit iets verplicht, maar als het kon, dan hielp ik inderdaad. Een paar jaar later toen de tweede naar de kleuterschool ging, was ik alleen thuis en heb ik de bijscholing voor verpleegkundigen die een aantal jaren uit het vak geweest waren, gedaan. Via een docente en mijn man heb ik gesolliciteerd in het ziekenhuis voor vijf avonden per week. en dat éénmaal in de vier weken. Ik heb dat werk ook gekregen en dat doe ik nu nog. Het begint pas 's avonds om zeven uur, zodat ik bij het spitsuur in het gezin nog thuis ben. Daarnaast ben ik dan ook oproepkracht voor de zaterdag- en zondagmorgen voor de wijkverpleging voor maximaal een keer per maand, en voor de serviceflat 's avonds.
Hoe combineren jullie het werken met de zorg voor de kinderen en het doen van jullie eigen huishouding?
Lia: Ik werk altijd 's avonds of in het weekend, en in principe is mijn man dan thuis. Ik zou niet graag overdag werken want als dan bijvoorbeeld een van de kinderen ziek is dan zit je. Ik zou dan niet gemakkelijk weggaan.
Joke: Als je een vertrouwde oppas hebt dan valt dat eigenlijk wel mee. Ze groeit mee met je gezin en dan ga je toch met een gerust hart van huis omdat je weet dat je kind in goede handen is. Toen onze dochter geboren werd moesten we een oppas gaan zoeken. Die hadden we vrij gauw gevonden. Een oudere dame die boven ons woonde, wilde het doen en die was ontzettend lief. Nadat we verhuisd zijn hebben we een oudere dame van de kerk gevonden. Dat is ook altijd heel goed gegaan. Ik probeerde wel altijd alles opgeruimd te hebben en zorgde ervoor dat alles klaar stond voor het eten. Het is wel druk want je moet je huishouden goed indelen. Je moet steeds vooruit denken. Op zichzelf is dat voor de kinderen niet zo erg, want die leren dat dan ook. De oppas was er dus ook altijd als de kinderen uit school kwamen toen ze groter waren. Op een gegeven moment vonden de kinderen zelf het niet meer nodig dat er een oppas in huis was.
Rita: In het begin had ik net als Joke een vrouw van de kerk die op onze zoon paste, toen ik drie uur buitenshuis werkte. Op het moment dat het een hele dag werd is mijn moeder gaan oppassen. Volgens mij is de kwaliteit van de aandacht die je aan kinderen geeft belangrijker dat de kwantiteit. Je kunt er best hele dagen zijn, terwijl je een kind toch niet de aandacht geeft die het behoeft.
Ans: In het begin was het voor mij makkelijk. Ik was bij mijn broer op school en Marlies bracht ik bij mijn schoonzus, of mijn moeder kwam oppassen. Dat ging prima zo een dag in de week. Nu heb ik geen kleine kinderen meer thuis, de oudste gaat naar de middelbare school, en de andere neem ik dan zelf mee naar de basisschool.
Rita: Het lijkt me wel moeilijk om te gaan werken als je meerdere jongere kinderen hebt.
Joke: Nou ja,. daar groei je toch in. Een poosje heb ik wel eens iets samen gedaan met een moeder die toen net zulke oude kinderen had als ik. Zij was een middag weg en ik ook. De twee kinderen van haar en van ons wisselden we dan uit. Maar dat is onrustiger. Iemand in huis vind ik verreweg het beste.
Wal is je motivatie om te werken?
Ans: Ik doe het echt om te helpen. Vaak zitten ze op school erg omhoog vanwege ziekte bijvoorbeeld. Dan zijn ze erg blij wanneer je kunt komen helpen. Dat doe ik dan ook graag. Het is niet zo dat ik nu echt op een telefoontje zit te wachten of ik komen wil. Dat komt ook wel een beetje denk ik doordat je geen band met de klas kunt opbouwen zoals ik dat natuurlijk gewend geweest ben. Echt zelf weer een klas hebben lijkt me heel leuk, maar dat gaat niet.
Rita: Ja, ik merk ook wel duidelijk verschil met nu en toen ik nog vier dagen per week werkte. Wanneer je de collega's iedere dag ziet, dan heb je er toch een andere band mee. Nu is dat allemaal een beetje losser geworden. Dat vind ik soms best wel jammer. Daarom zou ik die ene dag ook niet graag missen. Op een gegeven moment had ik een vakantie van drie weken en toen miste ik het werk en de contacten. Ik vond het alleen thuis een beetje sleur worden, het was zo stil. Alleen het werk op de school voor speciaal onderwijs ben ik blijven doen. Dat is voor beide zijden prettig geweest. Ik kende hen, de leerkrachten kenden mij en de kinderen kenden mij. Het is voor hen ook vervelend wanneer er steeds wisselingen van personeel zijn. Eigenlijk vind ik het ook heel fijn om eens een keertje per week een dag eruit te zijn. Als ik dan thuis kom, heb ik weer veel meer energie om van alles aan te pakken.
Lia: Dat herken ik heel goed. Ik beschouw het werken als een soort hobby. Iemand anders zit een avond in de week op naailes of op een koor, en ik vind het heerlijk om een avond in het ziekenhuis te werken. In die week dat ik dan 's avonds werk ben ik overdag ook heel actief. Ik zorg eerst dat het thuis lekker glad is, en dan ga ik weg. Verder heeft het tot voordeel dat je je vak bijhoudt, alles verandert zo snel. En als je dan thuis komt, dan waardeer je het thuisfront ook weer des te meer.
Joke: Kijk, die studie heb ik gedaan, heb ik mogen doen en ik heb bewust gekozen voor mijn gezin toen dat aan de orde was. Maar ik geloof niet dat dat betekent dat je dan altijd thuis moet blijven zitten met de gaven die je gekregen hebt. Daarmee wil ik niet zeggen dat een studie niet meer waardevol is als je thuis voor de kinderen zorgt, natuurlijk heeft dat altijd zijn waarde. Maar waar mogelijk mag je het ook buiten je huis gebruiken denk ik. Ik vond het ook wel leuk toen ik voor die bureaus gevraagd werd. Ik was altijd gewend om keihard te werken op kindergeneeskunde, daarom kon ik het er gemakkelijk bij doen. Het is wel ander werk dan in het ziekenhuis, maar tot nu toe blijf ik mijn werk ook heel boeiend vinden.
Wat vinden je man en je kinderen ervan?
Lia: Mijn man vindt het prima. Hij heeft mij eigenlijk zelf gestimuleerd om het te gaan doen. Hij merkt ook dat het mij veel voldoening geeft. Voor de kinderen hoort het er gewoon bij. Zij weten eigenlijk niet anders. Papa gaat ook elke dag werken, en mama gaat soms helpen in het ziekenhuis of bij zieke mensen thuis. En in principe is mijn man dan natuurlijk altijd thuis. Het komt niet vaak voor dat we een oppas nodig hebben. En dat vinden ze ook goed. Dat is hetzelfde als wanneer je eens samen ergens heen moet.
Ans: Mijn man vindt het wel goed dat ik help op school. Een nadeel vindt hij het onrustige van 's morgens op tijd weg moeten. Onze oudste dochter die op de middelbare school zit vindt het niet zo leuk, want het komt wel eens voor dat zij een uur later moet beginnen, of dat ze eerder thuis is dan ikzelf, en dat vindt ze niet prettig. De andere kinderen die vinden het natuurlijk wel prachtig dat mama mee gaat naar school. En je hebt er natuurlijk haast altijd wel één in de klas. En als je dan toch oppas moet hebben, is het heel belangrijk dat de kinderen in vertrouwde handen zijn. Er zijn best vrouwen in de gemeente die dat graag doen en die daarmee functioneel bezig zijn.
Joke: Om nou te zeggen dat de kinderen het vreselijk vonden als ik wegging: nee, want ze vonden het ook wel weer leuk als die andere mevrouw kwam. Dat was dan net een soort oma. Je ging wel met een gerust hart weg. De kinderen leren daar ook wel wat van. Als ze klein zijn en er is oppas in huis en die mevrouw kan iets niet vinden, dan weten de kleine kinderen alles te staan. Ze kennen ook precies de gewoontes in huis, en weten wat mag, en wat niet mag. Nu die jongens groot zijn vinden ze het niet erg om alleen thuis te komen. Veel jongeren van die leeftijd wonen op kamers als ze studeren. Dan zijn ze ook alleen. Het eten zet ik altijd wel klaar. Zij zetten het vaak al op en als ik dan thuis kom leg ik de laatste hand eraan. Het koken hebben ze bij mij spelenderwijs geleerd, en ze vinden het nog leuk ook. Ze leren er wel van als je niet thuis bent. Als ze klein zijn is het wel fijn dat ze er zo weinig mogelijk van merken.
Rita: Zo ligt dat dus voor ons zoontje, hij merkt er nog bijna niets van dat ik er niet ben. Ik kan het hem ook niet vragen wat hij er van vindt. Mijn man vindt het erg leuk voor mij dat ik het kan doen. Hij heeft mij eigenlijk gestimuleerd om het te blijven doen, toen ik van drie uur een hele dag ben gaan werken. Zelf zat ik wel een beetje te twijfelen, maar hij gaf de doorslag. Hij is 's avonds ook vaak weg en dat is niet zo gezellig, maar dan kan ik die tijd goed gebruiken om mijn onderzoeksverslagen uit te typen.
Vinden jullie dat vanuit de Bijbel mogelijkheden open zijn voor de vrouw om buitenshuis te werken?
Allen: Het gezin hoort vooraan te staan. Als je overdag buitenshuis werkt, en je gezin lijdt eronder, dan ben je verkeerd bezig. Maar als je in staat bent om het een en het ander te combineren, dan kan daar weinig tegenin gebracht worden. Het is natuurlijk ook wel afhankelijk van je persoonlijkheid en je omstandigheden, maar als vrouw mag je ook je gekregen gaven buiten je huis voor anderen gebruiken. Verder is het ook heel belangrijk uit welk oogpunt je het doet. Het dienen van de naaste is je roeping volgens de Bijbel. Het is niet goed wanneer je het alleen doet om meer geld te verdienen en dat te gebruiken voor allerlei luxe artikelen.
Rita: Ik vraag me ook af in hoeverre het een verschijnsel van onze cultuur en welvaart is dat de vrouwen thuis blijven. In de Bijbel lees je toch ook van verschillende vrouwen die buitenshuis van alles deden. Lees maar Spreuken 31. En dat wordt daar positief gewaardeerd. In onze kring zijn er ook veel boeren, winkeliers en schippers bij wie het normaal is dat de vrouw meehelpt. Hun voordeel is wel dal ze de oppas bij de hand hebben.
Wat vinden jullie ervan als de man bijvoorbeeld drie dagen zou werken, en de vrouw twee, en dat je op die manier de zorg voor de kinderen en het werken van man en vrouw kunt combineren?
Ans: Ik denk dat wij krachtens onze opvoeding en onze principes, dat niet zullen doen. Op zichzelf genomen zou ik het best wel leuk vinden, maar ik zou me wel bezwaard voelen. Ik zou het niet doen.
Rita: Is het ook niet Bijbels dat een vrouw iets meer binnen het gezin blijft? Als je het huwelijksformulier leest, staat heel duidelijk bij de taak van de man omschreven dat hij voor zijn gezin zorgt.
Ans: Dat doet hij natuurlijk ook als hij voor de kinderen zorgt.
Rita: Ik bedoel dat de man zijn gezin kan onderhouden, dat hij voor wat de financiële kant betreft voor het gezin zorgt. Dat wil niet zeggen dat hij daardoor verder helemaal los van het gezin staat. Hij heeft natuurlijk ook taken binnen het gezin. Nee, ik kan me niet zo in genoemde vraag vinden. Daarom zou ik ook niet willen dat mijn man een full-time baan zou opgeven, en maar drie dagen zou gaan werken, ten gunste van mij, zodat ik dan twee dagen zou kunnen werken.
Lia: Ik denk dat je dan heel gemakkelijk een rolverwisseling krijgt. De Bijbel maakt heel duidelijk onderscheid tussen de taken van man en vrouw, bijvoorbeeld al omdat ze anders van lichaam zijn.
Joke: Ja, de vrouw is toch meer op de kinderen gericht dan de man. Hoewel ik ook wel eens heb meegemaakt dat de man geen werk kon vinden, en de vrouw heel makkelijk. Zij is toen gaan werken en hij werd huisman. En dat ging eigenlijk heel goed. Echt ideaal vonden ze het niet, maar het was in de nood een goede oplossing. Zelf vind ik niet dat je zulke situaties zou moeten gaan bevorderen.
Wat vinden jullie van de ontwikkelingen in onze maatschappij, als je bijvoorbeeld denkt aan de brochure "Een slimme meid is op haar toekomst voorbereid"? In de toekomst kan het financieel noodzakelijk worden dat ook de moeder gaat werken.
Ans: Daaraan kun je heel goed zien vanuit welke wortel dat komt. Het is duidelijk dat dat niet geënt is op de Bijbel. De overheid gaat uit van individualisering. In die folder wordt heel vaak gezegd dat meisjes zichzelf moeten verwerkelijken, maar over zelfverloochening of liefde voor je gezin hoor je niets.
Rita: Het afhankelijk zijn van het inkomen van je man is dan uit den boze. Als vrouw moet je helemaal voor jezelf kunnen zorgen. Dat vind ik een verkeerd principe.
Joke: Ik vind wel dat je, wanneer je als meisje van school komt, je moet proberen iets te gaan doen dat je leuk vindt. Zodat je er ook wat aan hebt als je niet zou trouwen. Zo moet je wel kiezen vind ik.
Ans: Je moet er niet bijvoorbaat vanuit gaan "ik ga trouwen, ik krijg een gezin en ik ben klaar". Dat weet je niet van tevoren. En je weet ook niet wat er in je huwelijk nog kan gebeuren en of je voor situaties komt te staan dat je als vrouw moet gaan werken.
Lia: Het kwalijke van dergelijke voorstellen van de regering vind ik dat het iets is waartoe je verplicht wordt. Als je beneden een minimum inkomen komt, ben je verplicht te solliciteren. Op die manier kun je niet meer leven zoals je dat volgens de Bijbel zou moeten.
Hebben jullie nog een slotopmerking?
Lia: Ik vind het heel belangrijk dat je ook als meisje je capaciteiten ontwikkelt. Je mag jezelf wel ontplooien, maar niet om daarmee met de man te wedijveren, of zijn rol te willen overnemen.
Joke: Ja, zowel jongens als meisjes moeten hun talenten gebruiken, maar beiden met als belangrijkste taak het gezin, dat geldt zowel voor mannen als voor vrouwen. Hoe je dat samen invult, ja, dat zul je in overleg moeten doen.
Ans: Een meisje moet zoveel mogelijk toch voor zichzelf kunnen zorgen. Dat is ook belangrijk voor later. Meisjes weten niet of ze trouwen. Ook als ze trouwen, heeft iedere opleiding of studie zijn waarde, het kan altijd van pas komen.
Joke: iedere opleiding heeft zijn waarde ook als het niks met het huishouden te maken heeft. Of je het in een huwelijk nog kunt gebruiken buitenshuis dat hangt erg van de omstandigheden af, en dat mag je ook best aan de Heere voorleggen of je dat mag doen of niet.
Ans: Je moet je afvragen of je op de juiste weg bent. dat je niet alleen je eigen genoegen op het oog hebt en dat je ook dienstbaar kunt zijn zowel voor je gezin als daarbuiten.
Barendrecht
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 19 januari 1990
Daniel | 32 Pagina's