JBGG cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van JBGG te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van JBGG.

Bekijk het origineel

Of God wel bestaat: een onbehoorlijke vraag?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Of God wel bestaat: een onbehoorlijke vraag?

in gesprek met dr. Chr. Fahner over de twijfel aan het bestaan van God

11 minuten leestijd

Vragen over het bestaan van God. Wie is er nooit mee in aanraking gekomen? Misschien van buitenaf. Misschien ook wel vanuit je eigen hart. Wat kan het soms ook van binnen noodweer worden als de twijfelstorm opsteekt. Zou een kind van God daar ook weieens last van hebben? Over deze vragen hebben we een avond gesproken met dr. Chr. Fahner in Otterlo. We kwamen er al gauw achter, dat een avond en een interview veel te kort zijn voor een onderwerp als dit. Diverse vragen moesten we dan ook laten schieten. We hopen echter dat wat wél aan de orde geweest is. voldoende is om je te helpen bij het vinden van je weg in deze God-loze tijd, waarin bijna alles wat zekerheid bieden kan, wankelt. En dat.... terwijl er soms ook in je eigen hart een bron van twijfel ontspringt. Meneer Fahner. we vallen maar met de deur in huis. Kunt u zich voorstellen dal er jongeren zijn die zich afvragen of de Heere God wel beslaat?

in gesprek met dr. Chr. Fahner over de twijfel aan het bestaan van God

Dat kan ik me wel voorstellen en ik weet ook dat ze er zijn. We moeten echter wel direkt iets terug vragen: uit welke bron komt die vraag op? Uit een soort verstandelijke redenering, waarin iemand die vraag wil oplossen alsof het een soort wiskundig vraagstuk is? In bijbelse zin is het eigelijk een onbehoorlijke vraag. Een hoogmoedige vraag ook. Ik begrijp de twijfel wel die mensen kunnen hebben, maar eigenlijk gaat het dan om een twijfel die. bijbels gesproken, nauwelijks bestaan mag. Het gaat hier immers om de vraag of onze Schepper bestaat. Denk aan dc Psalmen 10 en 14. Zo'n vraag wordt vaak gesteld op een verstandelijk niveau. Dan weet je niet of het de vragensteller wezenlijk raakt. Ik ontken echter niet dat het mensen soms heel ingrijpend kan bezighouden. Het gaat daarbij om een ernstige zaak. Want als mensen die vragen serieus menen, stellen ze vragen omtrent de grondslag van hun bestaan. Dan is cr in feite sprake van een (identitcitsjkrisis. Wat ik heel belangrijk vind. is de bron waaruit deze vragen voortkomen.

Anderen vragen zich af of hel veel uitmaakt of je in God, die Zich in de Bijbel openbaart, gelooft of in wat bijvoorbeeld in de Koran

gezegd wordt. Herkent u zulke vragen ook?

Ja, ik weet dat die vragen gesteld worden. Er zijn mensen die zeggen: als de één dit gelooft en de ander dat. kun je daaruit logischerwijs afleiden, dat er in dat opzicht geen vaststaande waarheid is. Die gedachte is echter niet logisch. Net zomin als je uit het feit dat er verschillende interpretaties van de Bijbel bestaan, kunt afleiden dat er niet één juiste interpretatie zou zijn. We moeten ook hier te rade gaan bij wal de bijbelse boodschap zelf zegt. In het Oude Testament wordt aan hel volk Israël gevraagd: kiest dan heden wie gij dienen zult. Dc vraag was of het volk zou kiezen voor de Schepper, die tot hen sprak, of zou kiezen voor de goden van de omringende volken.

Zouden dan vroeger? deze vragen méér leven

Zoals ik al zei. komen we ze ook in de Bijbel tegen. Vroeger leefden ze dus ook. Maar dan ging het om de vraag: God dienen of (afjgoden dienen. Wat enige tijd lang in het bijzonder gehoord wordt, is vooral de vraag; God, die Zich in de Bijbel openbaart, gehoorzamen of helemaal niet. De zuigkracht van werelds denken is veel sterker dan in het verleden. Tot ongeveer de 16e eeuw gingen de Europeanen er in het algemeen van uit, dat deze wereld schepping van God is. Langzamerhand is daar twijfel over gezaaid. Jongeren van nu komen in een wereld terecht waar mensen in de meest letterlijke zin van het woord atheïst zijn. Ze vertellen dat openlijk en dagen daarmee christenen uit. Als jongeren dat serieus nemen, is het geen wonder, dat ze daardoor zelf in twijfel kunnen komen.

Ik wil er nog wel wat aan toevoegen. Als ik hel wel heb. was dit een jaar of 10. 20 geleden meer het geval dat op deze manier jongeren werden uitgedaagd, dan nu. Ik heb de indruk dat de uitdaging nu niet alleen het werelds denken is. maar ook het nieuwe religieuze denken. Er worden andere godheden verkondigd cn aangeboden. Denk bijvoorbeeld aan allerlei New Age-bewegingen. Dal vraagt opnieuw antwoord.

Denkt u dat jongelui die verder studeren meer met deze vragen zitten dan andere jongeren?

Bij allerlei jongeren heb ik die vragen wel gehoord. Alleen, bij jongeren die verder studeren wordt de vraag naar bijvoorbeeld het Godsbestaan ook op een wetenschappelijke of een quasi-welenschappelijke grondslag heel nadrukkelijk aan de orde gesteld. De wetenschappen bewegen zich in het algemeen in een wereld die door de mens god-loos is gemaakt. Dat is een geweldige uitdaging voor het denken en voor het verstand.

Veel jongeren hebben ook te maken met de kwestie van de praktische god-loosheid van het westerse leven. Daarmee bedoel ik dat veel mensen in dc praktijk van hun leven in het geheel geen rekening houden met de bijbelse openbaring en normen.

We lazen in de ., Redelijke Godsdienst" van W. d Brakel. dat ook gelovigen geweldig bestreden kunnen worden. Soms door plotseling opkomende gedachten als , js er wel een God " of „is er wel een hemel of hel? ". Bij anderen kan - volgens ó Brakel - zulk ongeloof jaren achtereen de overhand hebben. Kunt u daar iets over zeggen?

Het gaat hier dus over gelovigen. Dit gaat veel verder dan rationele bestrijdingen, die gelovigen overigens ook wel kunnen hebben. Het gaat hier over geloofstwijfel in de volle zin van het woord. Ook de gelovige is een mens. in dié zin. dat de oude mens daarin bestaat. Dit soort gedachtengangen komen daar uit. Satan kan die gebruiken om zeer ernstige twijfel te zaaien. Eén van de eerste dingen die satan deed. was twijfel zaaien, zo lezen we in Genesis 3. Hij stelde vragen ten aanzien van de zekerheid van het Godswoord dat aan Adam en Eva gegeven was. Brakel heeft dat herkend en dat ook beschreven. Ik zou zeggen - en dat klinkt misschien een beetje vreemd - in zekere zin tot troost. Het „troostrijke" daarin is dat je mag weten dat het niet alleen bij jou voorkomt, al is hel daarmee niet goed. Er zijn anderen die dat ook gehad hebben of nog hebben. Als iemand dat weet. zal hij wellicht eerder geneigd zijn om ook met anderen daar in alle openheid en eerlijkheid over te spreken.

Er zijn ook kinderen van God die dergelijke twijfels niet kennen. Zij hebben in hun leven nog nooit aan het bestaan van God, aan de

hemel en de hel getwijfeld. Waarom zou het bij de één zo anders zijn dan bij de ander?

Dat hangt met allerlei dingen samen. Zo zijn bijvoorbeeld de omstandigheden van belang waarin iemand leeft. De ene levensomstandigheid is in dat opzicht veel uitdagender en aantastender dan de andere. In het verleden was het mogelijk dat mensen in een betrekkelijke afzondering hun gelovig leven konden leiden. Ze konden daar met anderen over spreken, zonder dat twijfel gezaaid werd. De wereld van vandaag is echter vol van twijfel. Vandaag aan de dag hebben mensen een heel verschillende opvoeding. Sommigen een rustige, niet al te onstuimige, betrekkelijk éénvormige opvoeding. Menselijkerwijs gesproken is dat een goede voorwaarde voor een rustig leven in dit opzicht, dat wellicht minder gekenmerkt wordt door twijfel. Anderen

krijgen in huu vroege jeu gil al twijlcl ingc/aaid door bijvooibeeUl literatuur Ook liet karakter speelt ccn rol. vaak al sterk gevormd m de vroege jeugd Bij dit alles moeten wij ook niet Gods leiding met mensen uit het oog verliezen. God heefl /.ijn bedoeling met de levens van mensen Sommige mensen hebben veel meer beproeving tc ondergaan dan anderen en dat kan leiden tot geestelijke rijpheid. Sommigen kunnen wellicht ook, als zij zich hun eigen vroegere twijfels herinneren, een ander de helpende hand bieden.

Is het te bewijzen dat de God van de Bijbel bestaat en dat Hij de enige waarachtige God is?

Hebreën 11:1 spreekt over het geloof dat de vaste grond is deidingen die men hoopt en een bewijs van de zaken die men niet ziet. Dat is duidelijke taal. Het gaat hier over het geloof. Anders wordl het als een bewijs in de verstandelijke zin van het woord wordt bedoeld. Wie dal echt zou willen, wordt een beetje overmoedig. Want dan gaan mensen met hun nietige verstand zich wagen aan dingen die in feite hun verstand te boven gaan. Dal bergt risiko's in zich. Met het verstand bewijzen dat God bestaat is niet zo eenvoudig. De verstandelijke verdediging van het bijbels geloof overtuigt gewoonlijk wel mensen die toch al enigszins geneigd zijn daarin te geloven. Het zal echter op mensen „van buiten" niet zoveel indruk maken. Dat verstandelijk redeneren over Gods bestaan kan ook het risiko inhouden, dat iemand terecht komt bij, laat ik zeggen, de god van de filosofen. Dat is niet de God van de Bijbel. Want de God die wij zouden kunnen bewijzen, zou weieens een konstruktie van onszelf kunnen zijn. De Bijbel doorbreekt dat. Het is in de Bijbel niet de mens die gaat onderzoeken of God er wel is en hoe Hij is. Maar het is God. die Zich wendt tot de mens.

Het is wel goed dat christenen op hel niveau van het verstandelijk nadenken zich afvragen of er argumenten te noemen zijn die aangeven dat het navolgen van de bijbelse openbaring een plausibele zaak is. Dat dat niet zo dom is of zelfs achterlijk als sommige mensen beweren. Er zijn schrijvers die veel aandacht hieraan hebben geschonken. Ik noem bijvoorbeeld een man als C.S. Lewis (1898-1963). Hij heeft verscheidene boeken geschreven, waaronder ook literatuur, waarvan ik me afvraag of het zo'n goed idee is om die le lezen. Maar hij heeft ook een aantal boeken geschreven, waarin hij heel nadrukkelijk probeert apologetische inzichten over te dragen. Apologetische inzichten zijn bedoeld om mensen te helpen in het geven van verstandelijke rekenschap van hun volgen van Gods openbaring. Eén van die boeken heet „De sleutel tot het geheim". Die werken van Lewis kunnen jongeren toerusten. Ik denk ook aan het bock „Met reden geloven", met als ondertitel „C.S. Lewis over denken cn geloof'. Het handelt over de methode waarop Lewis apologetiek in de praktijk beoefende.

Jongeren komen weieens met de vraag of het niet keihard is om te stellen dat alleen christenen zalig kunnen worden. Doen we dan niet aan Gods barmhartigheid tekort? Hij heeft toch de wereld liefgehad (Joh. 3:16).

De bijbelse openbaring spreekt over de ene weg tot behoud. Als we het dan hebben over „tekort doen aan Gods barmhartigheid", gaan we in menselijke termen spreken. We lezen dat God barmhartig is. dat Hij liefde is. ook dal Hij rechtvaardig is. Dat moeten we aanvaarden. Misschien kunnen wij sommige dingen verstandelijk niet bij elkaar brengen, maar de Bijbel is daar duidelijk genoeg over. Het moet de kerk aansporen om de naam van Christus wereldwijd bekend te maken. In het vervolg van de tekst die je in

de vraag noemde wordt Gods liefde in het bijzonder openbaar. ..Opdat een ieder die in Hem gelooft niet verderve, maar het eeuwige leven hebbe". De bijbelse boodschap spreekt elke hoorder aan. God wendt Zich in het Evangelie tot Zijn discipelen; dat is een teken van Zijn liefde.

Nog een heel konkrete vraag. War moet je doen als je in je eigen leven die enorme twijfels aan het bestaan van God. het eeuwige leven en dergelijke kent? Om te beginnen is het van belang dat je daarin eerlijk bent. Je moet de vragen niet verdringen, want dan komen ze terug. Als iemand die twijfel konstateert bij zichzelf en het daar moeilijk mee heeft, dan is in de eerste plaats het gebed belangrijk. Misschien zegt iemand: hoe kan dat nu? Het gaat immers juist om twijfel aan het bestaan van God. Toch moeten we zeggen dat het gebed een belangrijke weg is. Veel beter dan wijzelf, kent God de mens. Onze twijfels en moeiten mogen we tegen Hem uitspreken. Dal geeft vaak al rust. We mogen vragen om antwoorden en om zekerheid.

Ook van belang is het gesprek met anderen. En dan bedoel ik met name christenen, die uit hun eigen levenspraktijk die twijfels kennen, maar die door Gods genade de zekerheid, de vastheid van hun behoud hebben leren kennen, zodat zij door het getuigenis van de Heilige Geest kunnen zeggen: „Abba, Vader”.

Erover praten is dus belangrijk? Het te verzwijgen is niet goed Het feit alleen al dal iemand m gesprek gaat mei een ander en niel legen een muur van verwijt aanloopt, maar een luisterend : oor vindt en een stuk herkenning, is heel belangrijk ' De vragen en twijfels die die jongeren uiten moeten heel serieus genomen worden. Een gelovige ontvangt Godskennis en mensenkennis. Als je die kennis hebt. zul je niet verbaasd opkijken van dingen die rondgaan in het menselijk hart en de zonde daarin. Daardoor kun je „doorvoelen" aan welke worstelingen de ander onderhevig kan zijn.

Zou u tenslotte in het kort kunnen aangeven wat het unieke van het christelijk geloof is?

De Bijbel spreekt over Gods liefde en Zijn verzoenende bemoeienis met zondaren. Dat is in de wereld van de religies uniek. Zeker als er staat, dat die liefde voortvloeit uit God. In een aantal religies lijken goden een soort uitvergrote mensen. In de Bijbel wordt daarentegen heel duidelijk gemaakt dat God Zich vanuit Zijn liefde met Zijn schepping inlaat en daarin Zichzelf verheerlijkt.

Barneveld/Nijverdal

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 november 1989

Daniel | 32 Pagina's

Of God wel bestaat: een onbehoorlijke vraag?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 24 november 1989

Daniel | 32 Pagina's