Lydia en Orlov
(ons vervolgverhaal deel 3)
De volgende morgen moei Lydia toch weer naar school, hoewel ze eigenlijk helemaal geen zin heeft. Ze hebben aardrijkskunde vandaag. „Stilte". Meteen is het muisstil in de klas. De juf is vreselijk streng.
„Jullie weten wel dat we bezig zijn over het ontstaan van de aarde. Er zijn mensen die zich christen noemen en die denken dat God bestaat en de aarde geschapen heeft. Maar dat geloven wij toch zeker niet. Laten we het nog een keer horen. Ga allemaal staan en zeg duidelijk nietje armen omhoog: „God van de christenen wij geloven niel dat U bestaat"." Alle jongens en meisjes staan op. Met hun handen omhoog zeggen ze het allemaal in een dreun op. Alleen één meisje doet niet mee. Het is Lydia. Ze blijft zitten, want ze voelt duidelijk in haar hart dat dit een leugen is. Het zijn woorden van de duivel. Gisteren dacht ze even: „Bestaat God wel? " Maar 1111 weet ze het weer zeker.
De jongens en meisjes gaan weer zitten.
„Lydia. ik heb gezien dat je niet mee deed. Kom even voor de klas en vertel ons even precies waarom niet." Lydia gaat in haar eentje voor dc klas staan. Dc juf zegt nog een keer: „Jongens en meisjes laten we het nog een keer zeggen." En het zelfde gebeurt weer. Ze gaan staan, de armen omhoog: „God van de christenen. U bestaat niet." Dan wordt het slil in de klas.
„Ga je gang, Lydia", zegt dc juf met haar spitse stem. „Ik zeg maar kort iets", zegt Lydia. Haar hart bonst van angst, want wat er nu gaat gebeuren weet ze ook niet. „Een ding begrijp ik niet van jullie cn ook niet van u, juf. Als je gelooft dat God niet bestaat, waarom moet u dan zo'n drukte maken in dc klas en waarom moet u dan zo hard schreeuwen naar Hem? Iemand die niet bestaat daar hoeven wij toch niet aan tc denken? Tegen iemand die niet bestaat, hoeven wij toch niet te spreken? "
Dan gaat Lydia weer zitten. Het blijft heel stil in de klas. „Jc bent een bijdehante griet", zegt de juf en meer zegt zc niet. Dc rest van de dag wordt er veel naar Lydia gekeken, ook door Orlov. Eigenlijk vindt de hele klas haar een dappere meid.
Als Lydia die middag uit school komt, is er thuis ccn geweldige verrassing, want 00111 Korkof is alweer thuis. „Ik heb het deze keer niet moeilijk gehad", zegt hij. „We hebben gepraat op het politiebureau. Ik heb zelfs ook nog eten en drinken gehad cn ik heb kunnen slapen op een bed vannacht. Alleen één ding moet ik beloven: geen samenkomslcn meer in ons huis houden. Wal wij met elkaar doen, mogen we zelf weten, maar mensen van buiten zijn niet welkom. Dus moeder", zegt oom Korkof tegen tante, „we doen het toch maar een poosje rustig aan."
Er gaan weer wat dagen voorbij. In de klas wordt door sommige kinderen wat vriendelijker gedaan tegen Lydia. Maar Orlov vertrouwt ze nog steeds niet.
Op ccn middag fietst ze weer naar huis. Gelukkig hoeft ze niet uit te kijken of Orlov soms weer achter haar aan komt. Hij was vandaag niet op school. Lydia kan dus rustig naar het huis van oom en tante fietsen. Ze heeft haar jas uitgedaan en over het stuur gehangen. Het is heerlijk weer vandaag, een lekkere zomerse middag. „E11 nu slop je maar eens voor me. Waarom wil je toch niet tegen me praten Lydia? " Gelukkig heeft Lydia nog op tijd haar fiets tot stilstaan gebracht. Voor haar staat Orlov. Ze had helemaal niet aan hem gedacht. Hij was vandaag toch niet op school? „Nou. wat wil jc eigenlijk? ", zegl ze. „Ik merk wel dat je steeds naar me kijkt."
„Luister eens Lydia. Jij denkt iets van mij dat niet waar is.
(wordt vervolgd)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 november 1989
Daniel | 32 Pagina's