Het tweede gebod geen beelden
Zullen we dit gebod maar overslaan...? Wij hebben toch geen beelden om God daardoor te aanbidden?
Wij hebben toch geen beelden zoals in de kerk? Roomse
Nee, en toch....
Het eerste gebod zegt ons dat we geen andere goden zullen dienen dan God alleen. De God van de Bijbel, de waarachtige God. Naast Hem mag er niets zijn waarop we ons vertrouwen zetten. Het tweede gebod verbiedt ons iets héél anders namelijk het verbiedt ons om God te dienen op onze eigen manier. Hij wil gediend worden in geest en in waarheid. Niet op een vleselijke, menselijke manier.
Dat hadden de opstellers van onze catechismus goed begrepen. Heel scherp stellen ze de vraag: „Mag men dan helemaal geen beelden maken? " En het antwoord is al even helder: „God kun je niet afbeelden." Een schepsel wel... maar daar mag je geen beeld van maken om God er door te dienen.
Ja maar....
Dat hadden de opstellers begrepen... (Ze waren zelf ook mensen, cn ze leefden temidden van mensen.) Je kunt toch in de kerk beelden gebruiken om de mensen te onderwijzen in dc dingen van het geloof? Je weet wel: een beeld van de Heere Jezus aan het kruis... dan kan iedereen veel beter begrijpen waarover het gaal... En dan is het antwoord: Nee. ook dal niet. God wil het niet. Hij wil dat Zijn christenen door het levende Woord van God onderwezen zullen worden...
Bij ons zelf....
Ja. met deze paar woorden kom ik heel dicht bij ons zelf tcrccht... Bij ons die met de Bijbel zijn opgevoed. Wat kan cr veel scheef zitten in ons leven als het gaat over het beeld dat wij van God hebben!
Ik zal er een voorbeeld bij nemen uit het Woord van God: Lukas 18 vers 9-14. Neem het cr eens even bij. Lees en overdenk dit stukje eens.... En overdenk eens of je er in je eigen leven iets van herkent!
Het ene beeld....
Eerst het beeld dat de farizeeër van God heeft. Hij denkt aan een goddelijk Wezen dat blij is met iemand die zichzelf staat te roemen om alles wat hij gedaan heeft. Hij vergeet daarbij dat alle kracht die hij had, van God gekregen was. Dat zelfs het leven dat hij ontving alleen goedheid van God was...
Hij heeft een beeld van God gemaakt in zijn gedachten:
„Als ik het maar goed doe, dan is God tevreden en alles komt goed als ik sterf." Hel bijbels beeld van God kent hij niet, of wil hij niet kennen: God die ccn toornend rechter is buiten Christus!
Het andere beeld....
Nu het beeld dat die tollenaar van God had. Hij wist het voor zichzelf: hij deugde van geen kanten, 't Was alles zonde bij hem.
Voor God durfde hij niet te verschijnen... en toch ging hij! Waarom? Wie weet. God mocht hem genadig zijn. Hoe klein en wankel zijn geloof ook was. het gaf hem een goed beeld van God:
GENADIG. Genadig voor een arme zondaar om Christus' wil!
Is dat al jouw beeld van God? Het beeld dat jij in je gedachten hebt van God? Dat maakt ons klein, bedelend, rechteloos.... maar hopende, uitziende, verwachtende mensen... Wat een wonder als Gods Geest dat in ons leven werkt!
Alles anders....
Ja!
Als we dit beeld van God in onze gedachten hebben, cr diep van doordrongen zijn, dan komen we niet meer voor Gods aangezicht met onze zelfbedachte godsdienst... Dan zoeken we naar God. Die genadig is. Die naar zondaren omziet... Die vergeving kan schenken. Dan wordt ons gebed: „Heer" ai maak mij Uwe wegen Door Uw Woord en Geest bekend..." Dan wordt Zijn Beeld in ons vernieuwd....
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 10 november 1989
Daniel | 32 Pagina's